n = 1 : Geldnerd en de wereldeconomie

Nog nooit eerder in de historie is het economisch klimaat zo snel omgeslagen. Binnen enkele maanden donderde de economische activiteit in elkaar. De definitie van recessie is ‘een periode van twee of meer opeenvolgende kwartalen waarin de groei van het bruto nationaal product negatief is’. Formeel zal dat dus pas na het einde van het tweede kwartaal het geval zijn. Maar we zitten er al in, daar twijfelt eigenlijk niemand meer aan.

Gedragseconomie

Geldnerd is een aanhanger van de theorie van gedragseconomie. Economie is wat wij met z’n allen samen doen, een mix van economische theorie en psychologie. Een crisis is pas echt een crisis als wij met z’n allen geloven dat het een crisis is. Dat heb ik ook gezien in de crisis van 2008 / 2009. Mede onder invloed van overheidsbezuinigingen durfden we niet meer. We stellen aankopen uit. Op mijn persoonlijke dashboard begon er dus onlangs een rood lampje te knipperen door de snelste daling ooit van het consumentenvertrouwen in Nederland.

De regering lijkt in elk geval geleerd te hebben van de vorige crisis, toen ze (naar mijn mening) de economie kapotbezuinigd hebben. We hebben zeker 90 miljard te besteden om de economie draaiend te houden, riep onze minister-president in maart. Eind april was dat geld ook daadwerkelijk toegezegd en/of besteed, en stonden de overheidsfinanciën diep in het rood met een verwacht begrotingstekort van 11,8% van het bruto binnenlands product (BBP), zo’n € 92 miljard euro. De staatsschuld loopt daarmee op tot ruim 65 procent van het BBP. Hiermee staan we er overigens nog steeds beter voor dan de meeste landen.

Wat betekent het voor mij?

Maar ik ben niet ‘de economie’. Ik ben Geldnerd. Voor mij persoonlijk telt natuurlijk alleen de impact van al deze economische ellende op mijn eigen financiële omstandigheden. n = 1 noemen we dat in de wetenschap, een steekproefgrootte van 1 persoon. De conclusies en wetmatigheden zijn ontdekt door de situatie van één persoon te onderzoeken. Zulke uitkomsten lijken onwetenschappelijk, maar zijn soms toch waardevol. In elk geval voor mijn eigen gemoedsrust. Het is anders voor jou. Als je in de horeca werkt en nu zonder inkomen zit, bijvoorbeeld. Of als je ZZP’er bent en je klus bent kwijtgeraakt.

Mijn inkomen is veiliger dan de meeste. Als loonslaaf in overheidsdienst krijg ik keurig elke maand mijn salaris overgemaakt, met elke maand ook een deel van het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering. Daar doe ik de dingen mee die ik altijd doe. We lossen het huis af, doen boodschappen, ik vul mijn potjes en leg in op mijn beleggingsrekening. Maar we geven minder uit dan normaal. Geen vakanties, geen uitjes. Niet omdat we dat niet willen, maar omdat die dingen even niet kunnen. We hebben wel extra uitgaven gedaan voor de inrichting van ons huis. Om beter thuis te kunnen werken en omdat we er meer tijd doorbrengen. Deels verschuiving, deels gedwongen minder uitgeven dus.

Wat wel kan is, dat er later dan verwacht een nieuwe ambtenaren-CAO wordt afgesloten. De onderhandelingen zijn in elk geval uitgesteld vanwege de corona-crisis. En dat die CAO iets kariger wordt ‘omdat het nou eenmaal economisch slecht gaat’. Dan krijg ik minder of geen salarisverhogingen. En gaat mijn koopkracht achteruit. Want de inflatie eet ook mee.

Het zou natuurlijk kunnen dat de overheidsfinanciën zo achteruit gaan dat er gekort gaat worden op het salaris van ambtenaren. In ons eigen koninkrijk gebeurt dat al, op Aruba (wat een zelfstandig land is, dit staat dus los van de situatie in Nederland). Maar dat zou ongekend zijn als het ook in Nederland zou gebeuren. Al is het ooit wel gebeurd, in de crisis van begin jaren 80. En met mijn spaarpercentage van ruim 45% moeten ze een heel eind korten voordat ik echt in de problemen kom. Het zou alleen maar betekenen dat ik minder kan sparen.

Mijn beleggingen zijn behoorlijk gedaald vanaf de piek. En ook alweer een beetje bijgetrokken. Ik verwacht dat het nog wel even onrustig zal blijven op de beurs. We overzien de economische impact van deze crisis nog niet. Dus zullen er nog wel wat schokken komen. Misschien daalt de beurs nog wel verder, procentje of 50, zou zomaar kunnen.. Dat betekent vooral dat ik goedkoper bijkoop en steeds meer aandeeltjes bezit. De wereld zal niet volledig in elkaar storten, verwacht ik. En dus trekt het wel weer een keertje bij.

De afgelopen maanden waren wel desastreus voor de dekkingsgraad van mijn pensioenfonds. En dan wordt er ook nog onderhandeld over de invulling van het pensioenakkoord, al loopt dat niet zo soepel en zijn er twijfels over de juridische haalbaarheid. Nu hebben ze nog een jaar of twintig voordat ze mij moeten gaan betalen. Dat is voldoende tijd om te herstellen, en in de tussentijd zullen er echt nog wel één of twee crises overheen gaan. En ik heb al niet zulke hoge verwachtingen van mijn pensioen. Dat is één van de redenen dat ik ooit heel hard met mijn eigen financiën aan de slag ben gegaan, juist om minder afhankelijk te worden van wat het pensioenfonds mij hopelijk ooit gaat betalen.

De laatste grote component in ons vermogen is ons huis. En er zijn zenuwen over de huizenmarkt. De stijgingen van de afgelopen jaren zijn ook bijzonder. Geldnerd en Vriendin kochten eind 2016 hun huidige appartement, en op basis van WOZ hebben we inmiddels een overwaarde van 16%. Dus we kunnen een stootje hebben als het gaat dalen. En bovendien: het wordt pas belangrijk op het moment dat je gaat verkopen. En dat zijn wij voorlopig niet van plan.

Overpeinzend

De situatie moet nog heel veel slechter worden voordat ik persoonlijk nadelen ga ondervinden van deze crisis. Risico’s zijn er wel. Voor de ontwikkeling van mijn salaris. De inflatie. De huizenmarkt. En voor de hele lange termijn de pensioenen. Maar die risico’s zijn er altijd. De voorspoedige economische ontwikkeling van de afgelopen 10 jaar heeft ons misschien een beetje in slaap gesust? De onzekerheid is nu even iets groter dan ‘ie in lange tijd geweest is. Maar als individu kun je alleen maar afwachten. Je hebt nauwelijks invloed op al die grote ontwikkelingen. Ook dat is n = 1. Gelukkig zijn mijn persoonlijke financiën op orde. En hoef ik er dus niet acuut van wakker te liggen. Dat is goud waard.

Denk jij ook na over de impact van de economie op jouw persoonlijke omstandigheden?

Je kunt mijn blog volgen via Bloglovin

Mijn favoriete beleggingsgrafiek

Mijn beleggingsspreadsheet is de meest uitgebreide van mijn stelsel van spreadsheets. Er wordt van alles bijgehouden er zitten allerlei rapportages en grafieken in.

Maar één grafiek springt er wel uit. Vreemd genoeg is het niet een grafiek die ik vanaf het prille begin gebruik, maar eentje die ik pas begin 2019 gebouwd heb: de waarde van mijn portefeuille versus mijn totale inleg. Hij duikt voor het eerst op in mijn rapportage over het eerste kwartaal van 2019, en sindsdien is ‘ie er elke keer bij.

Toen ik de grafiek Inleg versus waarde introduceerde schreef ik er dit over:

Wat ik zelf een erg leuke toevoeging vind, is de Grafiek ‘Inflow vs Value’. Hierin laat ik voor een zelf te kiezen periode de waarde van mijn portefeuille zien, maar ook het bedrag dat ik tot op heden heb ingelegd. Als de actuele waarde hoger is dan de totale inleg, is het verschil een groen vlak (want dan heb ik ‘op papier’ winst gemaakt). Is de actuele waarde lager dan de totale inleg, dan is het verschil een rood vlak (want dan heb ik ‘op papier’ verlies gemaakt). Dat laatste heb ik gelukkig de afgelopen 5 jaar niet meer meegemaakt. Deze grafiek zorgt ervoor dat ik niet meteen nerveus wordt als de koersen eens een paar weken dalen. Het groene vlak wordt dan weliswaar kleiner, maar ik heb nog steeds ‘papieren winst’.

In een reactie op mijn blogpost over het eerste kwartaal van 2020 vroeg lezer B. om eens uit te leggen hoe ik die grafiek maak. De programmacode zit overigens ook in de beleggingsspreadsheet die je gratis kunt downloaden (je hoeft zelfs geen e-mail adres achter te laten).

Het geheim van deze grafiek? Denken in lagen die je over elkaar heen legt. Ik gebruik hiervoor de ‘xlArea’ grafiek in Excel. Op mijn grafieken pagina kan ik de grafiek kiezen uit een menu, en ook heb ik de keuze uit een aantal periodes. Meestal kies ik voor de periode tot twee jaar terug, maar ik kan ook langer of korter terug.

De eerste laag is (uiteraard) de actuele waarde van mijn portefeuille. Die wordt elke week automatisch berekend als ik mijn rapportage importeer in de beleggingsspreadsheet, en opgeslagen op een werkblad met weekstatistieken. Deze geef ik als groen vlak weer in een grafiek.

De tweede is de totale inleg. Ook die wordt elke week berekend als ik mijn rapportage importeer in de beleggingsspreadsheet, en opgeslagen op een werkblad met weekstatistieken. Mijn beleggingsspreadsheet bevat, naast mijn beleggingstransacties, ook de transacties op de bijbehorende bankrekeningen. Daar kun je zien hoeveel geld ik van mijn tegenrekening naar de beleggingsrekening heb gestort. Het gaat hier om netto inleg, dus als ik geld van mijn beleggingsrekening over zou maken naar mijn tegenrekening dan wordt dat er van afgetrokken. Maar tussen mijn tegenrekening en mijn beleggingsrekening is er al jaren sprake van eenrichtingsverkeer.

De inleg wordt als een rood vlak over het groene vlak heen gelegd. Dan ziet het er uit zoals hieronder.

Het geheim is de derde laag. Elke week, bij het importeren van mijn rapportage, kijkt mijn spreadsheet ook welke van de twee waardes de laagste is: inleg of actuele waarde. De laagste van de twee slaat ‘ie op voor het derde lijntje, de laagste van de twee. En als je die dan als een wit vlak over de andere twee vlakken heen legt krijg je het gewenste effect. Als de actuele waarde hoger is dan de inleg zie je een groen vlak om het verschil weer te geven. Maar als de actuele waarde lager is dan de inleg, dan zie je een rood vlak. Zoals hieronder.

Ik heb voor deze blogpost de gegevens van de laatste weken overigens een beetje gedramatiseerd. Zodat er een rood vlak zichtbaar wordt. In de realiteit heeft mijn portefeuille, sinds het begin op 1 januari 2013, nog nooit een rood vlak laten zien. Ik hoop dat dat zo blijft, maar je weet natuurlijk maar nooit. We zijn er nog lang niet met dat virus.

Denk jij wel eens in laagjes?

Dagboek van een quarantaine

  • Berichtcategorie:The HOT Life

Op vrijdag 13 maart 2020 gingen Geldnerd en Vriendin in zelf-quarantaine. Alle afspraken werden afgezegd, en we realiseerden ons dat we het een poosje met elkaar en in ons huis zouden moeten redden. Inmiddels zijn we vijfeneenhalve week verder, dat is langer dan we destijds hoopten dat het zou duren. We verwachten dat we nog wel even onder de huidige omstandigheden zullen leven en werken. Het is dus tijd om een tussenbalans op te maken: hoe gaat het in Geldnerd HQ tijdens de corona-quarantaine?

Werken

Sinds die bewuste vrijdag werken Geldnerd en Vriendin allebei volledig thuis. Dat kan gelukkig in ons werk. Mijn dagen bestaan, net als op kantoor, voornamelijk uit overleggen. Maar in plaats van samen met collega’s in een vergaderzaaltje te kruipen, gebeurt het nu via telefoon en video. Dat vind ik wel intensiever dan traditioneel vergaderen. Het betekent ook dat ik doordeweeks de hele dag achter mijn laptop zit. Op kantoor doe ik dat niet, daar zwerf ik met mijn tablet van vergadering naar vergadering. ‘s Avonds en in het weekend heb ik duidelijk minder zin om achter het scherm te kruipen. Dat zou nog wel eens een bedreiging kunnen worden voor het bloggen. Ik merk wel dat ik me gedurende de dag af en toe bewust van het beeldscherm moet losrukken. Even een rondje lopen of iets anders doen. Als ik niet oppas, zit ik de hele dag op mijn stoel aan het scherm gelijmd, dat is redelijk slopend.

In ons huis hadden we, vanaf de dag dat we er wonen, één gezamenlijke werkkamer. Twee bureaus, elk een kast, je kent het wel. Goede verstelbare stoelen en ook de bureaus in hoogte verstelbaar. We zijn nu erg blij dat we die investeringen destijds gedaan hebben. Maar op de eerste gezamenlijke werkdag thuis realiseerden we ons wel dat dit geen succes ging worden. Als je allebei de hele dag naast elkaar zit te bellen en te video-conferencen dan word je helemaal gek.

in eerste instantie verhuisde een van ons dus elke dag naar de woonkamer, om aan de eettafel te werken. Maar ook dat was niet ideaal. Geen verstelbare stoel en tafel, en je zat toch elke avond tegen een werkplek aan te kijken. Na enkele weken hebben we dus een tweede werkkamer ingericht. Daarmee werd de woonkamer weer gewoon woonkamer. We beseffen dat we een enorme luxe hebben, met twee werkkamers. Het huis was eigenlijk een slag te groot voor ons toen we het kochten, maar we wilden hier heel graag wonen. En die extra ruimte komt nu wel goed van pas.

Stilletjes gaan we er inmiddels van uit dat we nog minimaal een jaar voor een groot deel thuis zullen werken, dus ik denk ook na over de uitbreiding van mijn eigen werkplek thuis. Een groter beeldscherm met een goed toetsenbord en een goede muis. En snellere WIFI, zodat er geen problemen ontstaan als we allebei tegelijkertijd aan het streamen zijn. Dat soort dingen. Maar daar neem ik even rustig de tijd voor. Grote aankopen moet je niet overhaasten.

We merken wel dat we ons werk bewuster afsluiten aan het einde van de werkdag. Bureau opruimen, actielijstje bijwerken, apparatuur uit, en de deur van de werkkamer dicht. Ik kijk ook ’s avonds niet meer op mijn werktelefoon of laptop, dat was vroeger nog wel eens een valkuil. Maar als ik dat nu nog zou doen is er helemaal geen onderscheid meer tussen werk en privé.

En oh ja: de koffie is thuis véél beter dan op kantoor…

Regelmaat

We doen erg ons best om onze regelmaat en gewoontes te handhaven. Dat geeft houvast in deze vreemde tijden, en zorgt voor rust. Rust in huis en in ons hoofd. We staan op de normale tijd op. Ik doe na het ontbijt een opruimrondje. We gaan allebei naar ons werk(kamertje). Idealiter lunchen we samen. Hondje brengt ook regelmaat. ’s Ochtends vroeg, eind van de middag en laat in de avond laten we hem uit. Aan het einde middag doen we dat nu vaak samen als afsluiting van onze werkdag, en iets uitgebreider om even af te kicken van het werk en een frisse neus te halen. Verder gaat Hondje gewoon elke werkdag met de uitlaatservice mee. Dat scheelt ons werktijd, hij krijgt lekker z’n beweging met z’n vriendjes, en het zorgt ervoor dat de uitlaatservice de crisis ook overleeft.

Wat we wel merken: het is makkelijker om de was bij te houden, en andere kleine huishoudelijke taken. Want we zijn vaker thuis en hebben minder reistijd (al was die voor ons allebei al ruimschoots minder dan een uur per dag).

Naar Buiten

Behalve voor het uitlaten van Hondje kwamen we de eerste weken alleen maar buiten om naar de supermarkt te gaan. Bezorgtijdstippen bij de online supermarkten zijn in Geldnerd City niet meer te krijgen, dan moet je ’s nachts wakker blijven en tussen 00.00 en 00.05 uur je slag slaan. De eerste weken was boodschappen doen een stressvolle ervaring. Blijkbaar brengt zo’n crisis in sommige mensen toch het slechtste naar boven. Na enkele weken werd dat rustiger en inmiddels is het weer vrijwel genormaliseerd. Het is door de dosering van klanten zelfs rustiger in de winkels dan we voorheen gewend waren. En sinds twee weken zitten we ook weer op het normale ritme van één keer per week boodschappen doen. We geven wel iets meer uit, maar dat is niet zo vreemd omdat we nu ook zeven dagen per week thuis lunchen, en niet meer buiten de deur eten.

Door de verplichte sluiting van de sportscholen kon Healthnerd een aantal weken niet met zijn personal trainer aan de slag. Na een week of 3, en met de hulp van het prettige voorjaarsweer, was er gelukkig een oplossing. We sporten buiten in een park. De sessie is één-op-één en we houden zorgvuldig afstand. Mijn trainer heeft allerlei alternatieve oefeningen bedacht die we in die omgeving met weinig hulpmiddelen kunnen doen. Ik merk dat ik dat toch erg gemist had in de eerste weken quarantaine, het heeft een hele goede invloed op mijn geestelijke en fysieke gesteldheid. Ik kan me niet meer voorstellen dat ik twintig jaar niets aan lichaamsbeweging heb gedaan.

Het was ook wel nodig, dat sporten. Door het vele thuiszitten en de stress en onzekerheid van de eerste weken gingen we iets meer snoepen. Troostvoedsel. We hebben ons er enigszins mee verzoend, je mag jezelf ook wel een beetje verwennen in deze tijd. Gelukkig ben ik, met hulp van het sporten, wel redelijk goed op gewicht gebleven.

Herontdekking Van Het Tosti-apparaat

Er wordt niet alleen maar gesnoept in Huize Geldnerd. De ontbijtroutines zijn ongewijzigd. Bij de lunch zorgen we wel vaak voor een extraatje, bijvoorbeeld een kopje soep. En deze periode is voor ons ook de herontdekking van het tosti-apparaat. Regelmatig wordt de lunch opgeleukt met een nieuwe creatie, en bij de wekelijkse boodschappen kopen we extra lekker beleg.

De meeste avonden wordt er in Huize Geldnerd gewoon gekookt. In 99 van de 100 gevallen gebeurt dat door Vriendin. Iets waarvoor ik haar eeuwig dankbaar ben, want ze is er veel handiger en beter in dan Geldnerd. Overigens bak ik wel meesterlijke pannenkoeken! En minimaal eens per week doen we een uitgebreide bestelling die we thuis laten bezorgen. Afgelopen week was dat bijvoorbeeld een heerlijke rijsttafel. Nu we niet buiten de deur kunnen eten proberen we onszelf op deze manier toch een beetje te verwennen.

In mijn kwartaalrapportage zagen we in maart al een enorme stijging van het aantal No Spend Days (NSDs), dagen waarop ik geen geld uitgeef. Het zal je niet verbazen dat dit beeld in april niet gewijzigd is. Mijn regelmatige transacties in het bedrijfsrestaurant en in diverse koffietentjes in de omgeving van kantoor zijn volledig tot stilstand gekomen. Het zorgt ervoor dat ik in maart en april wat extra geld aan mijn buffer kan toevoegen.

Menselijk Contact

In deze periode heb ik vaker en langer telefonisch contact met familie en vrienden, merk ik. En af en toe zijn er afspraken via videobellen. Maar dat is toch anders dan elkaar in het echt zien, en één van de moeilijkste aspecten van de quarantaine. Mensen zijn sociale wezens, contact met andere mensen is net zo noodzakelijk voor ons welbevinden als voedsel en water. Ik ben heel erg benieuwd hoe we als samenleving reageren als we hier langere tijd van verstoken blijven.

Verwachting

Ik schreef het al, wij gaan er van uit dat we nog minimaal een jaar voor een groot deel thuis zullen werken. Geldnerd en Vriendin werken in grote kantoorpanden met veel etages, liften en kantoortuinen. Allemaal dingen die moeilijk passen in de anderhalvemetersamenleving. Op deze manier is het hier nog wel even vol te houden. We merken wel dat alleenstaande collega’s en gezinnen met (jonge) kinderen het een stuk zwaarder hebben dan wij. Voor onszelf, en voor alle andere mensen, hopen we vooral dat we de komende periode stapsgewijs wat kunnen gaan ‘normaliseren’. We kijken dan ook erg uit naar de besluiten die de regering morgen gaat nemen. We hopen dat we binnenkort weer eens op bezoek kunnen bij onze naaste familie, maar pas als dat geen risico meer is voor kwetsbare groepen.

Verder gaan we er van uit dat we dit jaar niet naar het buitenland op vakantie kunnen gaan. Verre vakanties naar landen met een zwakkere gezondheidszorg (zoals de Verenigde Staten….) lijken ons helemaal niet aan te raden. Maar ook traditionele vakantielanden als Frankrijk, Duitsland en Spanje hebben op dit moment veel strengere regels dan wij in Nederland. Ik heb niet het idee dat ze van plan zijn om deze zomer al weer honderdduizenden Nederlandse vakantiegangers te ontvangen. Vanuit de gedachte dat we ons zo min mogelijk moeten verplaatsen hebben we zelf ook nog geen vakantie in eigen land geboekt. We gaan vooralsnog maar even uit van vakanties in Rundumhause en Hintergarten. Waar het overigens zeer goed toeven is.

Hoe gaat het met jou in deze vreemde periode?

Rekenen aan je pensioen met de A-factor?

  • Berichtcategorie:Pensioen

Laat ik nou altijd gedacht hebben dat de A-factor iets te maken had met het beleggingsresultaat van het ABP… Maar dat is niet zo. Zelfs na 4,5 jaar bloggen en 17 jaar mijzelf verdiepen in mijn persoonlijke financiën, valt er nog steeds van alles te leren.

Jaren geleden heb ik al eens geschreven over de A-factor. A staat voor Aangroei, en het geeft aan hoeveel pensioen je in een bepaald jaar hebt opgebouwd. In artikel 15 lid 1 van het Uitvoeringsbesluit Inkomstenbelasting 2001 staat dat je ieder jaar door je pensioenverzekeraar geïnformeerd moet worden over de ‘aan het kalenderjaar toe te rekenen aangroei van het bedrag van de jaarlijkse uitkeringen van de aan hem toekomende aanspraken die recht geven op een levenslange inkomensvoorziening bij ouderdom, voor zover deze aangroei het gevolg is van de toeneming van de diensttijd in dat voorafgaande kalenderjaar’. Oftewel, hoeveel pensioen heb je in dat kalenderjaar opgebouwd?

De A-factor is nodig om de fiscale jaarruimte te berekenen voor de aftrek van betaalde lijfrentepremies. Maar is het ook een recht? Geeft het mij vanaf mijn pensioendatum ook daadwerkelijk recht op een pensioen ter waarde van dat bedrag voor de rest van mijn leven? Is mijn beschikbare bruto pensioen dat ik ‘straks’ jaarlijks ontvang gelijk aan de som van die pensioenaangroei per jaar, van de som van die A-factoren? Dat heb ik nergens expliciet kunnen vinden, terwijl ik toch de pensioenwet en het pensioenreglement van het ABP doorgeplozen heb. Het lijkt er wel op, maar onder het voorbehoud dat slechte beleggingsresultaten of lange periodes met lage rentes (zoals de afgelopen jaren) er niet voor zorgen dat het pensioen gekort moet worden. Of, stel je voor dat dat ooit weer gaat gebeuren, dat goede resultaten er voor zorgen dat je pensioen weer eens geïndexeerd wordt voor inflatie.

Ik heb het nergens expliciet kunnen vinden, maar het lijkt erop dat mijn toekomstig pensioen gelijk is aan de som van mijn A-factoren minus kortingen plus indexeringen. De opgebouwde rechten zijn onvoorwaardelijke verplichtingen van het fonds aan de deelnemers, lees ik op pagina 96 van het meest recente jaarverslag van het ABP Ik ga toch nog eens uitzoeken of dat ook echt zo is. En ik erger me steeds vaker aan het totale gebrek aan transparantie in ons pensioenstelsel, aan die mist die overal overheen ligt en die voorkomt dat duidelijk wordt waar je nou eigenlijk wel of niet recht op hebt. Alleen al uitzoeken hoe het in elkaar zit kost een hele berg tijd.

Bereken je eigen A-factor

Tijdens mijn recente onderzoekje naar het pensioengevend salaris heb ik eindelijk ontdekt hoe die A-factor tot stand komt. Die is dus helemaal niet afhankelijk van welk beleggingsresultaat dan ook. Het is gewoon afhankelijk van je salaris en wat wet- en regelgeving. De formule is zelfs redelijk simpel:

A-factor = ( Pensioengevend Salaris -/- Franchise ) * Opbouwpercentage * Deeltijdpercentage

Wat het Pensioengevend Salaris is en hoe het berekend wordt, daar heb ik onlangs uitgebreid over geschreven.

Bij pensioenverzekeringen is de Franchise het deel van het salaris waarover geen pensioen wordt opgebouwd en daarom ook geen pensioenpremie wordt betaald. Het van oorsprong Franse woord franchise (vrijdom) is via het Engels in het Nederlands terechtgekomen, en is afgeleid van franc (vrij). Het pensioen wordt gezien als een aanvulling op de AOW-uitkering (ik zie het eerder andersom). De aanname is dan dat het pensioen niet eerder ingaat dan bij het bereiken van de AOW-leeftijd. Door een Franchise van het salaris af te trekken voorkom je een dubbeling, anders zou het zo zijn dat je AIOW-premie betaalt en daarnaast over hetzelfde (deel van het) salaris ook nog eens pensioenpremie. De vakterm hiervoor is ‘AOW-inbouw’.

Het Opbouwpercentage is voor deelnemers van het ABP hier te bekijken. Het is de afgelopen jaren enkele keren gewijzigd. Het huidige fiscaal maximale opbouwpercentage van 1,875% zorgt ervoor dat je in veertig jaar een ouderdomspensioen opgebouwd van ongeveer 75% van je gemiddelde pensioengevend salaris gedurende je loopbaan. Hoe dat maximum tot stand gekomen is was even graven, maar het is onderdeel van het Witteveenkader. Ik had er nog nooit van gehoord. Dat opbouwpercentage vind je dan weer in Artikel 18a van de Wet op de loonbelasting 1964. Lid 1 zegt dat een op een eindloonstelsel gebaseerd ouderdomspensioen per dienstjaar niet meer dan 1,657 percent van het pensioengevend loon bedraagt. En lid 2 leert mij dat een op een middelloonstelsel gebaseerd ouderdomspensioen per dienstjaar niet meer dan 1,875 percent van het pensioengevend loon bedraagt.

Het Deeltijdpercentage is van belang als je parttime werkt. Ik heb een 36-uurs contract, dat noemen we bij de overheid voltijds. Mijn deeltijdpercentage is dus 100%.

Narekenen

Kijk, met dit soort gegevens kun je aan de slag. Uiteraard is Geldnerd begonnen met het narekenen van de jaarlijkse A-factor die hij van het ABP krijgt. Ik heb die gegevens sinds 2006. Voor de meeste jaren komt er keurig hetzelfde bedrag uit, waarbij ik er de laatste jaren wel rekening mee moet houden dat mijn pensioengevend salaris boven het maximum ligt waarover pensioen opgebouwd mag worden. Maar er waren twee jaren waar ik zelf, met de formule, uitkwam op een hoger bedrag dan wat ik volgens het Uniform Pensioen Overzicht recht op had: 2013 en 2014. In mijn archief vond ik geen correspondentie van het ABP of van mijn werkgever op basis waarvan ik dat verschil kon verklaren.

Dus heb ik maar eens een keurige brief geschreven aan het ABP. Liever had ik ze gemaild, maar dat kan niet. Je mag bellen of een brief sturen. In de brief de gegevens waarover ik beschikte en de verschillende uitkomsten, met de vraag of zij mij kunnen verklaren wat de reden is van het verschil tussen mijn berekeningen en de gerapporteerde A-factor voor deze twee jaren. Ik kreeg netjes binnen twee weken antwoord. Dat kwam dan wel weer per e-mail.

Vanaf 1 januari 2014 bleken de fiscale regels voor pensioenopbouw en lijfrenteaftrek gewijzigd. Daar stond een zinnetje over in mijn Uniform Pensioenoverzicht uit 2014, diep weggestopt in de bijlage. Om te voorkomen dat de factor A de fiscale ruimte voor lijfrentes in 2014 beperkt, is de berekening iets gewijzigd: de pensioenaangroei over 2013 is vermenigvuldigd met de factor 35/37. Vanaf 1 januari 2015 zijn de fiscale regels voor pensioenopbouw en lijfrenteaftrek nogmaals gewijzigd, ook dat was diep weggestopt in de bijlage. De pensioenaangroei over 2014 is vermenigvuldigd met de factor 37/40. Als ik die correcties toepas, dan kloppen de A-factoren voor die twee jaren. Hoe deze factoren berekend zijn? Daar zal ik wel nooit achter komen… De betreffende bekendmakingen vind je hier en hier. Wie in Nederland heeft er nou geen abonnement op de Staatscourant? Hier in Huize Geldnerd lezen we ‘m elke dag van voor naar achter en weer terug (Not!).

Voorspellen

Ja, en dit biedt toch wel mogelijkheden. Want Geldnerd is natuurlijk stilletjes van plan om eerder te stoppen met werken dan op z’n officiële pensioendatum. En bij het ABP kun je geen indicatie krijgen hoe hoog je pensioen is als je bijvoorbeeld op je 50e of 55e stopt met inleggen. En als je niet weet hoe hoog je pensioenuitkering is , dan weet je ook niet hoe hoog je vermogen moet zijn om dat onbekende pensioen aan te vullen. Het is een van de dingen waar ik tegenaan liep tijdens het ontwikkelen van mijn FIRE Calculator.

Toch heb ik het daar niet zo slecht gedaan, ik laat de A-factor in mijn rekenmodel meestijgen met hetzelfde percentage als je gemiddelde verwachte salarisstijging. En in mijn model geef je aan in welk jaar je wilt stoppen met werken. Dan stopt de pensioenopbouw. Dat geeft dus een benadering van je te verwachten bruto pensioen, behoudens indexatie, kortingen, en de ontwikkeling van de franchise.

Kijk jij ook wel eens naar jouw pensioen?

Is mijn financiële strategie wel OK?

Niet dat ik ‘m ooit bewust zo bedacht heb of zo, maar als ik nu kijk naar mijn persoonlijke financiële strategie dan zie ik vier ‘pijlers’ waar die op rust: Een gezonde financiële buffer met contant geld, potjes waarin ik elke maand spaar voor de grotere uitgaven gedurende het jaar, versneld aflossen van onze hypotheek, en zo lui en eenvoudig mogelijk beleggen om vermogen op te bouwen en passief inkomen te genereren. Dat rust op een fundament van mijn reguliere inkomen waarvan ik een substantieel deel spaar, mijn doelstelling spaarpercentage is niet voor niets 45,0% dit jaar. Als ik managementconsultant was dan zou ik er een wervend plaatje van maken om te gebruiken in een presentatie voor de directie… Nu moeten jullie het hiermee doen:

Gezonde Buffer

Ik weet door het bijhouden van mijn administratie behoorlijk goed hoeveel geld ik per maand uitgeef. Mijn buffer meet ik in maanden, het doel van de buffer is dat ik een X aantal maanden gewoon door kan leven als ik om een of andere reden zonder inkomen kom te zitten. Een gezonde financiële buffer heb ik al zolang als ik mij kan heugen. Heel lang is die veel te groot geweest, genoeg geld om jaren en jaren vooruit te kunnen. Daarna ben ik overgestapt naar een buffer van 6 maanden. ik heb even geëxperimenteerd met een buffer van 2 à 3 maanden, maar dat was iets te strak. Daar werd ik onrustig van. En het is nou juist niet de bedoeling dat je onrustig wordt van je financiële situatie. Op dit moment bestaat mijn buffer uit voldoende geld om 4 maanden probleemloos van te leven. Dat is voor mijn gemoedsrust ruim voldoende.

De buffer staat op een vrij opneembare spaarrekening. Niet bij de bank waar ik mijn lopende rekening aanhoud. Er moet een drempel in zitten om te voorkomen dat ik het ‘even snel’ gebruik, maar het moet wel binnen één werkdag op mijn lopende rekening kunnen staan. Het geld is bedoeld voor ongeplande onvermijdelijke uitgaven en voor het opvangen van inkomensverlies.

Potjes

Het potjes-systeem heb ik pas sinds 1 januari 2020 echt in gebruik, maar het bevalt me nu al uitstekend. Ik schreef er toen een uitgebreide blogpost over. Elke maand als mijn salaris binnenkomt stort ik een aantal bedragen in de verschillende potjes. Het geld gaat gewoon naar de spaarrekening waar ook mijn buffer staat. Mijn administratiespreadsheet houdt voor mij bij hoeveel geld er in welk potje zit, en verwerkt het ook automatisch als ik een uitgave doe die uit een potje gedekt moet worden. Want administratie bijhouden moet natuurlijk niet teveel tijd gaan kosten.

Ik heb momenteel verschillende potjes. Voor mijn Zorgverzekering, waar ik aan het eind van elk jaar in één keer de premie voor het daaropvolgende jaar betaal. Voor mijn Gadgets. Ook reserveer ik maandelijks voor mijn Vakantiebudget, nu ik niet meer eens per jaar vakantiegeld krijg maar maandelijks een deel van mijn Individueel Keuze Budget krijg uitbetaald. Ook reserveer ik geld voor mijn Kledingbudget (waar ik twee keer per jaar grotere uitgaven voor doe), en voor mijn abonnement bij de personal trainer.

Tenslotte heb ik nog een potje dat er al een aantal jaren staat. Het is voor het tweede deel van de operatie aan mijn gebit, die naar verwachting na de zomer plaats gaat vinden. Als dat klaar is wordt dit potje opgeheven, het wordt ook niet meer bijgevuld.

Het potjessysteem zorgt dat ik voldoende geld apart zet voor grote geplande uitgaven gedurende het jaar. En het zorgt voor minder stress. Vroeger wilde ik helemaal niet aan mijn bufferspaarrekening komen. Nu mag het als het geld uit de potjes is.

Versneld Aflossen

Hypotheek is schuld. En het is voor de meeste mensen een substantieel onderdeel van hun maandelijkse uitgaven. ook hier in Huize Geldnerd. We hebben een lineaire hypotheek, dus de maandlast wordt iedere maand een stukje kleiner. Maar ook hier was de rente en aflossing oorspronkelijk de helft van de maandelijkse huishouduitgaven.

Versneld aflossen begon in het eerste jaar na aankoop van Geldnerd HQ met twee grote bedragen. Het doel daarvan was om zo snel mogelijk onder een loan-to-value ratio van 65% te komen. Daar ging de risico-opslag van onze hypotheek af. Nadat mijn buffer vol was gebruikte ik het bedrag dat ik maandelijks spaarde voor een extra aflossing, en begon ik een ‘sneeuwbal‘. We zijn hier actief lid van Team Lage Lasten. Als er iets zou gebeuren met onze inkomens, dan kunnen we door te stoppen met de extra aflossing onze hypotheeklasten in één klap halveren en tóch voldoen aan onze verplichtingen richting de hypotheekverstrekker. Die gedachte geeft heel veel rust.

De extra aflossing zorgt ook voor spreiding. Niet al mijn vermogen staat op de beurs, een deel zit ook in het huis. Nadeel is natuurlijk dat het geld in de stenen zit, het is niet liquide, niet snel te gebruiken. Maar dat vinden we niet erg.

Lui en Eenvoudig Beleggen

Maandelijks wordt er ingelegd in mijn beleggingen, en maandelijks wordt er bijgekocht wat er volgens mijn beleggingsspreadsheet nodig is om dichter bij de gewenste portefeuilleverhoudingen te komen. Wereldwijde gespreide aandelen via de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL), en wereldwijd gespreide staatsobligaties via de Xtrackers II Global Government Bond UCITS ETF (DBZB). Twee ETFs, wereldwijde spreiding, lage kosten. En daarnaast nog een paar dividend-ETFs die elk kwartaal of elk half jaar dividend uitkeren. Het dividend wordt ook meteen opnieuw belegd.

Elke maand inleggen. Kopen en vasthouden. Niet verkopen, ook niet als de beurzen naar beneden duikelen. Gewoon vasthouden, we zitten er in voor de langere termijn.. Inmiddels heb ik mijn maandelijkse inleg, waarmee ik in 2017 gestart ben, ook aangepast aan de inflatie. Het is een kwestie van gewoon doorgaan en er niet te vaak naar kijken. Lui en eenvoudig, maar het werkt als je beleggingshorizon maar lang genoeg is. Ik hoef me niet druk te maken over aandelen-analyses, alternatieve ‘beleggingen’ als cryptomunten en P2P-leningen. Onvolwassen markten waarvan de risico’s nog lang niet in beeld zijn. Zelfs certificaten van gerenommeerde bedrijven keren soms niet meer uit en blijken niet liquide.

Hoe voelt dat?

Als ik het zo opschrijf, ziet het er ineens heel compleet en doordacht uit. Dat is schone schijn, het is ook maar zo gegroeid en nu door mij in een modelletje gerationaliseerd. Maar dat is een goede weergave van mijn situatie terwijl er een wereldwijde pandemie woedt en een recessie voor de deur staat.

De afgelopen jaren heb ik echt wel last gehad van voortdurende twijfel. Is mijn buffer hoog genoeg? Moet ik niet (nog) meer beleggen, en minder aflossen? Want ‘iedereen’ zegt immers dat extra aflossen niets oplevert. Moet ik nou meer of minder obligaties in mijn portefeuille nemen, of is een afgelost huis vergelijkbaar met obligaties? Moet ik nou niet meer focus op dividend leggen en extra passief inkomen genereren? Kijk die Bitcoin eens gaan en dat rendement op P2P-leningen, ik snap niet helemaal wat er gebeurt en overzie de risico’s niet maar misschien moet ik toch instappen? Allemaal vragen die ik mijzelf gesteld heb. Heel menselijk ook.

En nu? Ik vind het allemaal heel OK. Ik sta er financieel goed voor. Mijn strategie loopt gewoon door terwijl de crisis woedt. Het is afgestemd op mijn situatie. Op mijn gemoedsrust. Ik heb geen seconde wakker gelegen terwijl mijn aandelenportefeuille een kwart van z’n waarde verloor. Nog geen moment overwogen om van richting te veranderen. Ik hoef me geen zorgen te maken of we al op de bodem zitten. Ik hoef de markt niet te timen. Me druk te maken over het geld dat ik kwijt ben, want dat is niet aan de orde als ik niet verkoop. Ik hoef alleen maar mijn blik op de horizon te houden. Even was ik ongerust over mijn eigen financiële situatie. Maar ik besefte al snel dat mijn, in mijn eigen ogen minimalistische, contant geld buffer nog altijd een stuk groter is dan de spaarrekening van de gemiddelde Nederlander. Dus waar maak ik me druk om?

Twijfel jij ook voortdurend over jouw strategie?

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden