Geldnerd.nl

Bloggen over persoonlijke financiën

Category: Beleggen (page 1 of 7)

Mijn investeringsblunders

Prachtig blogje afgelopen week bij Cheesy Finance over beleggingsblunders. Het deed me denken aan de serie blogs die een tijdje geleden verschenen is over de lessen die we geleerd hebben als huiseigenaar. Leren van elkaars fouten, en ze delen zodat anderen ze niet hoeven te maken. Alhoewel ik ook besef dat mensen van nature eigenwijs zijn, en vooral denken ‘dat overkomt mij niet’….

Zelf heb ik in mijn leven ook het nodige leergeld betaald. Niet alleen met mijn hypotheken, maar ook met een woekerpolis. En met investeringen, ook al heb ik me nog nooit beziggehouden met sprinters, turbo’s en opties… In navolging van Cheesy Finance in deze blogpost dus mijn belangrijkste / duurste blunders op een rijtje.

Ik was er al vroeg bij met beleggen. Vanaf ongeveer mijn 12e werd er al af en toe spaargeld in een aandeel gestoken. Van ETFs en index trackers had toen nog niemand gehoord. Geen Binck, geen De Giro. Beleggen deed je bij je bank, en de orders gaf je telefonisch op, of mondeling in het bankkantoor tijdens openingstijden. Voordat jullie denken dat Opa Geldnerd sentimenteel wordt, dat mis ik allemaal niet. Ik ben erg gelukkig met de mogelijkheden die we anno nu hebben.

Op die leeftijd was duizend gulden (€ 450) veel geld, maar dat waren ongeveer wat ik in zo’n aandeeltje stak. Soms ging dat goed, bijvoorbeeld met DocData, een bedrijf dat machines maakte om CD’s te persen. En soms ging het gruwelijk mis. Zoals met TextLite, een bedrijf dat zaktelexen en lichtkranten zou produceren. Ze gingen in 1984 naar de beurs. En in 1990 spectaculair failliet. In de onderzoeken daarna kwam van alles aan het licht. Sjoemelende directeuren, onoplettende accountants, slapende commissarissen. Maar ik was mijn inleg kwijt. Hoeveel het was, weet ik niet meer precies. Ongeveer € 450, denk ik. Terugkijkend ook niet bepaald een breed gespreide portefeuille en zo. Dat was geen beleggen, maar speculeren.

Na mijn studie heb ik een tijdje te maken gehad met ‘insider trading’ bepalingen, in verband met het werk dat ik toen deed. Dat beperkte mijn mogelijkheden om te beleggen nogal, dus mijn activiteiten hebben toen even op een laag pitje gestaan. Ik werd pas weer meer actief aan het einde van de jaren negentig. Mooi op tijd om leergeld te betalen in de dotcom-crisis… Vanaf dat moment hield ik alles ook keurig bij in spreadsheets. Nog niet zo geavanceerd als de huidige, maar ik kan alles mooi terugvinden.

Zoals ik al schreef, ik heb me nog nooit beziggehouden met sprinters, turbo’s en opties. Gewoon aandelen en later beleggingsfondsen. Maar ook daar kun je mooie blunders mee maken.

Zo ben ik in 2000 bij de beursgang enthousiast ingestapt in NewConomy, de bijdrage van Maurice de Hond aan de internetbubbel in Nederland. Het internet was in opkomst en alles zou anders worden. Dus gekocht op € 10,50, en later nog bijgekocht op € 15,00. Een jaartje later uitgestapt op € 1,77. Gelukkig maar 100 aandelen, maar dat leverde toch een verlies van € 1.100 op.

Medio 2000 ben ik ook ingestapt in het Robeco Medical Biotech fonds. Want biotechnologie zou het helemaal gaan maken, en Robeco was natuurlijk een goede manier om daarvan mee te profiteren. Van kostenratio’s had ik nog nooit gehoord, ik weet ook niet of ze in de documentatie stonden. Ik weet eigenlijk niet eens of ik die documentatie gelezen heb. Tussendoor ook nog een paar keer bijgekocht, totale investering zo’n € 3.250. En uiteindelijk in 2004 de positie afgesloten met een verlies van zo’n € 1.150. Later heb ik overigens alsnog goed meegeprofiteerd van de biotech, met het Franklin Templeton Biotechnology Discovery Fund. Die meer dan verdubbelde in een paar jaar tijd.

Verder dacht ik in 2006 dat de crisis in Japan wel tot het verleden zou behoren. Dus heb ik voor € 1.750 Merril Lynch Japan Opportunities Fund gekocht. En dat begin 2008 weer verkocht, met een verlies van € 1.000.

Laten we verder ook mijn avonturen met SNS Reaal niet vergeten. Zat in de problemen, zou helemaal goed komen. In 2008 heb ik 200 stuks gekocht voor iets meer dan € 8 per stuk, en daar kreeg ik op 3 januari 2011 nog € 3,20 per stuk voor terug. Ook een verlies van € 1.000 op deze positie.

Uiteindelijk heb ik hiermee langzaam geleerd dat de aandelenmarkt niet rationeel is, en dat ik zeker niet slimmer ben dan de markt. Integendeel… Dus de markt volgen is voor mij de beste strategie. Af en toe kijk ik nog terug naar mijn oude spreadsheet met deze blunders. Om mij eraan te herinneren dat ik beter niet aan individuele aandelen en specifieke fondsen kan beginnen. Om over ingewikkelder en meer riskante mogelijkheden nog maar te zwijgen. Gewoon mijn eigen, saaie indextrackers. Dat geeft op de langere termijn de beste kans op succes.

Welke dure lessen heb jij geleerd in beleggingen?

Geachte AFM… (3) – de brief

Vorige week heb ik jullie mee laten lezen met mijn nieuwe concept-brief aan de AFM. Dat leverde nog enkele nuttige tekstsuggesties op, die ik dankbaar heb overgenomen. En dit weekend heb ik de brief verstuurd, per papieren post aan de AFM en aan de minister van Financiën. Vandaag gaat de brief ook nog per e-mail aan enkele leden van de Tweede Kamer.

Zoals toegezegd is de brief hierbij ook beschikbaar om te downloaden.

Download hier in Microsoft Word format.

Download hier in Open Document format.

Voor elk wat wils!

Voel je vrij om deze brief naar hartenlust aan te passen en zelf ook te versturen. Hoe meer mensen laten blijken dat we niet blij zijn met de effecten van de MIFID-II regelgeving, hoe groter de kans dat er iets gaat veranderen.

Wordt (hopelijk) vervolgd…

Geachte AFM… (2)

Mijn blog met het eerste concept van een brief aan de AFM heeft de nodige reacties opgeleverd. Mooie input om de brief beter te maken. Dank aan alle bijdragers en meelezers!

Zelf heb ik ook nog even lopen kauwen op de brief. Ik overweeg om een kopie te sturen aan diverse kamerleden, zoals Roald van der Linde (VVD), die eerder de kamervragen stelde, en Pieter Omtzigt (CDA), van wie bekend is dat hij zich ook behoorlijk bezig houdt met beleggen en financiën (met dank aan Adine voor de tip). Ook wil ik een kopie sturen aan de minister van Financiën, Wopke Hoekstra. Daarom had ik ook even wat minder haast om de brief op te sturen, want op dit moment is (bijna) heel Den Haag met reces….

Onderstaand dus de aangevulde tekst. Mochten er mensen nog aanvullingen en ideeën hebben, laat ze dan vooral achter in de comments bij deze blogpost, of stuur een bericht. Ik ga de brief eind deze week, of begin volgende week, versturen. De definitieve versie zal ik dan ook hier publiceren, zodat anderen deze ook naar hartenlust kunnen aanpassen en versturen.

Autoriteit Financiële Markten
T.a.v. de voorzitter van het bestuur
mevr. M.W.L. van Vroonhoven

Postbus 11723
1001 GS AMSTERDAM

Kopie aan:
mr. W.B. Hoekstra, minister van Financiën
mr. drs. R.E. van der Linde, lid van de Tweede Kamer der Staten Generaal namens de VVD
dr. P.H. Omtzigt, lid van de Tweede Kamer der Staten Generaal namens het CDA

Betreft: Negatieve effecten van MIFID-II voor Nederlandse particuliere beleggers

Geachte mevrouw Van Vroonhoven,

Sinds 3 januari 2018 is de Europese Richtlijn 2014/65/EU (beter bekend als ‘MIFID-II’) van kracht. Deze regelgeving, en dan vooral ook de manier waarop toezichthouders zoals de AFM hiermee omgaan, heeft grote negatieve impact voor particuliere beleggers zoals ikzelf. Ik beleg met een doel, namelijk mijn financiële onafhankelijkheid vergroten. Dit om te compenseren voor de terugtredende overheid en de hervormingen van het Nederlandse pensioenstelsel. Hierin word ik, en met mij alle Nederlandse particuliere beleggers, sterk beperkt door de handelwijze van de AFM.

Voor het managen van mijn beleggingen maak ik gebruik van de dienstverlening van BinckBank NV. Deze dienstverlener heeft tot op heden meer dan 1.000 beleggingsproducten, met name ook Exchange Traded Funds, uit haar aanbod moeten verwijderen. Dit omdat de buitenlandse aanbieders de documentatie niet in de Nederlandse taal beschikbaar stellen. Navraag bij een aantal aanbieders (onder andere iShares en Vanguard) leert mij dat dit komt door de relatief kleine omvang van de Nederlandse markt. En van bevriende beleggers weet ik dat ook andere aanbieders dezelfde stap gezet hebben. Als gevolg hiervan hebben Nederlandse beleggers toegang tot een veel kleiner spectrum aan beleggingsproducten, waarbij de gemiddelde kosten hoger zijn (zie hiervoor ook het bericht ‘Particuliere belegger blijft afgesloten van Amerikaanse indextrackers‘ in het Financieele Dagblad van 11 juni 2018).

Op 14 mei 2018 heeft het Tweede-Kamerlid Van der Linde (VVD) over deze problematiek vragen gesteld aan minister Hoekstra van Financiën. Op 12 juni 2018 heeft de minister in zijn antwoorden aangegeven dat het de AFM is die (1) aangegeven heeft welke fondsen als verpakte beleggingsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) moeten worden aangemerkt, en (2) ook bepaald heeft dat alleen Essentiële Informatiedocumenten (EID) in de Nederlandse taal geaccepteerd worden.

Uit deze antwoorden, en uit de contacten met mijn tussenpersoon en de aanbieders van diverse beleggingsproducten in mijn portefeuille, concludeer ik dat het vooral de AFM is die met haar visie op de MIFID-II regelgeving de huidige situatie veroorzaakt en in stand houdt. Ik wil de AFM dringend verzoeken om dit standpunt te herzien, en draag daarvoor een aantal argumenten aan.

Vergrijzing en de financiële crisis maken dat de overheid enerzijds de pensioenleeftijd verhoogt, en anderzijds van burgers verwacht dat zij zelf maatregelen treffen om voor een groter deel voor hun oudedagsvoorziening te zorgen. Dit staat of valt met de beschikbaarheid van betaalbare en effectieve mogelijkheden om te sparen en beleggen. Juist de categorie beleggingsfondsen die nu geraakt wordt door de AFM-opstelling inzake MIFID-II leverde hier een belangrijke bijdrage aan. Dit staat haaks op de constateringen van diezelfde AFM in 2015 (‘Neem drempels weg opdat Nederlanders in actie komen voor hun pensioen’, AFM, oktober 2015, Amsterdam). Kan de AFM aangeven hoe de conclusies uit deze publicatie, en het standpunt van de AFM inzake MIFID-II, zich tot elkaar verhouden?

Daarnaast denk ik dat de opstelling van de AFM zich slecht verhoudt met de gedachte van één Europese markt. Overweging (3) van de Europese Richtlijn 2014/65/EC stelt dat, om de doelstelling van de richtlijn te bereiken, een zodanige harmonisatie moet worden bewerkstelligd dat beleggers een hoog niveau van bescherming wordt geboden en dat beleggingsondernemingen in staat zijn overal in de Unie, die een interne markt vormt, diensten te verlenen, op basis van toezicht door de lidstaat van herkomst. Door in Nederland alleen documentatie in de Nederlandse taal toe te staan, legt de AFM een onaanvaardbare beperking op aan deze beleggingsondernemingen in het aanbieden van hun producten en diensten aan Nederlandse beleggers. En daarmee ook aan de Nederlandse beleggers. Hiermee ontstaan ook grote verschillen in het speelveld in de verschillende lidstaten van de Europese Unie, iets dat haaks staat op de letter en geest van de Europese regelgeving. Graag verneem ik de overwegingen van de AFM om de bescherming van beleggers zwaarder te laten wegen dan de andere, even belangrijke, doelstellingen?

Door de wijze waarop momenteel invulling wordt gegeven aan MIFID-II, worden de keuzemogelijkheden voor Nederlandse beleggers beperkt, en worden wij geconfronteerd met hogere kosten voor vergelijkbare producten. Dit gaat rechtstreeks ten koste van het rendement dat een Nederlandse belegger kan maken. Enkele voorbeelden:

  1. De tracker van iShares op de index MSCI World: de Amerikaanse versie rekent beleggers een fee van 25 basispunten (0,25%), terwijl Europese beleggers 50 basispunten (0,5%) moeten betalen (Financieel Dagblad, 3 augustus 2018).
  2. Tot 1 januari 2018 maakte ik gebruik van een mandje met daarin de fondsen Vanguard Total International Stock ETF (VXUS) en Vanguard Total Stock Market ETF (VTI). Deze fondsen kan ik niet meer aankopen. Het alternatief van Vanguard dat het dichtst in de buurt komt van de VTI/VXUS combinatie is het fonds Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL), met jaarlijkse kosten van 0.25%. Voor de combi VTI/VXUS zijn deze kosten 0.08% (gemiddelde van VTI 0.04% en VXUS 0.11%). VWRL is dus 0.17% duurder per jaar dan VTI/VXUS. Daarnaast presteert VWRL gemiddeld 0.50% slechter per jaar over de afgelopen 5 jaar dan de combi VTI/VXUS. Dit scheelt dus bijna 0,7% rendement per jaar.
  3. In de week van 1 augustus 2018 heeft Fidelity twee beleggingsfondsen (FZROX en FZILX) geïntroduceerd die geen lopende kosten rekenen. Ook deze fondsen zullen, door de nu geldende regelgeving en de interpretatie daarvan door de AFM, niet voor Nederlandse beleggers beschikbaar komen.

Kan de AFM aangeven of de beperking van de markttoegang voor particuliere beleggers, de hogere kosten en het lagere rendement meegewogen zijn in de keuze voor het uitvoeringsbeleid rond MIFID-II? Zo ja, op welke wijze en met welke afwegingen? Zo nee, waarom niet?

Het beleid van de AFM in deze is ook niet consistent. Zeker voor indextrackers is het niet terecht om deze als PRIIP te classificeren, en daarmee een Essentieel Informatie Document (EID) te verplichten. Het staat mij, als belegger, namelijk wel volledig vrij om een grote portefeuille op te bouwen uit individuele aandelen, en daarmee een willekeurige index te ‘imiteren’. Maar zodra dit ‘verpakt is in een indextracker, juist ook met als enig doel deze index te kopiëren, dan wordt mij daartoe de toegang ontzegd. En dat alleen omdat de documentatie van deze ETF niet in de Nederlandse taal beschikbaar is. Dit is niet consequent. Als de AFM hierin consequent zou zijn, dan zou het beleggen op buitenlandse beurzen helemaal verboden moeten worden. Iets dat onder Europese regelgeving overigens ook niet mogelijk is.

Bovendien, anno 2018 worden in Nederland volledige opleidingen in het Engels gegeven, en is er bijvoorbeeld ook tweetalig middelbaar onderwijs. Bij iedere vorm van beleggen dien je als klant tegenwoordig bovendien eerst een aantal vragen te beantwoorden waarmee getoetst wordt of je wel voldoende basiskennis van beleggen bezit. Dit maakt het wel heel ongeloofwaardig dat beleggers in relatief simpele producten als ETFs niet in staat zouden zijn om een Engelstalige brochure te kunnen begrijpen. Veel beleggingsproducten die ik niet meer kan gebruiken, zijn daarnaast wel beschikbaar voor natuurlijke – en rechtspersonen die zich als professionele belegger hebben aangemeld. Ook ik zou mij als professionele belegger kunnen registreren, maar dit zadelt mij met veel extra bureaucratie op. En zelf gebruik maken van de diensten van een vermogensbeheerder levert hoge kosten op, die rechtstreeks ten laste van mijn rendement komen. Veel vermogensbeheerders hanteren bovendien een hoge minimale inleg, hun diensten zijn dus voor veel mensen niet toegankelijk.

Graag ontvang ik een nadere uitleg van het beleid van de AFM in deze. Een kopie van deze brief wordt gestuurd aan de minister van Financiën, en aan diverse leden van de Tweede Kamer der Staten Generaal.

Hoogachtend,

€ 100 extra dividend per jaar

Geldnerd is soms een beetje lui. Of in elk geval gemakzuchtig. Sinds een aantal jaren maak ik naar tevredenheid gebruik van de diensten van Alex Zelf Beleggen. Eerst had ik er alleen een Vermogensbeheer rekening, en deed ik mijn beleggingen via de Rabobank (tsja, ik ben er niet trots op…). Maar de afgelopen jaren is mijn beleggingsprofiel veranderd, en ik had het idee dat ik kon besparen op mijn maandelijkse kosten. Dat weet ik eigenlijk wel zeker, door een van de klassieke blogposts van Mr. FOB waarin hij de tarieven van de verschillende brokers vergelijkt. Dus onlangs ben ik eens even in de tariefstructuur van mijn broker gedoken.

Mijn profiel

Ik leg maandelijks € 1.000 in op mijn beleggingsrekening. Dit investeer ik in mijn portefeuille van 6 ETF’s en beleggingsfondsen. Gemiddeld doe ik 1 transactie per maand, voor € 1.000 dus. Dat kost mij bij Alex gemiddeld € 9,- per maand. Daarnaast ontvang ik per kwartaal 8 – 10 dividendbetalingen. Hiervoor brengt Alex € 3,- per transactie in rekening, kwam ik achter. Tenslotte betaal ik 0,05% bewaarloon per kwartaal. Met mijn huidige portefeuillesamenstelling en -omvang kost het gebruik van Alex Zelf Beleggen mij dus omstreeks € 18,- + bewaarloon per maand. Dit bedrag zal naar verwachting verder stijgen als ik (wat mijn voornemen is) de komende jaren maandelijks blijf inleggen.

Afweging

Ik ga niet automatisch voor het goedkoopste. ‘Goedkoopste’ is sowieso lastig te bepalen, dat heeft Mr. FOB ook heel duidelijk laten zien. Het hangt er gewoon vanaf wat je doet. Ik heb een ‘kernportefeuille’, maar daarnaast ook nog wat ‘speelfondsen’ in de portefeuille. Op zich ben ik tevreden over Alex (onderdeel van Binck, trouwens), op hun ‘misser’ in de communicatie over MIFID-2 na dan. Het abonnement biedt me alle opties en de flexibiliteit die ik nodig heb.

Met mijn beleggingsprofiel, het gebruik van de afgelopen jaren en mijn wensen, ontlopen de kosten van Alex/Binck en De Giro elkaar niet veel. De Giro is zeker goedkoper zolang je alleen in fondsen handelt die in hun kernselectie voorkomen. Ga je daarbuiten (en dat doe ik vrij vaak) dan maakt het eigenlijk niet uit. Maar ik kon nog wel besparen door over te stappen van Alex Zelf Beleggen naar Binck Green. Het levert me zelfs drie besparingen op:

  1. De transactiekosten zijn € 1 – 3 per transactie lager dan bij Alex, afhankelijk van wat ik aanschaf.
  2. De maandelijkse service fee zou voor mijn huidige portefeuilleomvang (€ 3 + 0,01%) lager liggen dan het bewaarloon bij Alex. Binck rekent naast de service fee geen apart bewaarloon. En dat verschil wordt alleen maar groter (in het voordeel van Binck) als mijn portefeuille verder groeit.
  3. Maar de grootste ‘winst’ zit in de cash dividenden. Met 30 – 40 dividend-ontvangsten per jaar levert dit mij minimaal € 100 per jaar op. Alex rekent € 3 per dividendtransactie, dat heb ik mij nooit eerder gerealiseerd. Dat is bij Binck gratis (behalve bij ADR/GDR aandelen, en die heb ik niet).

Even controleren…

Uiteraard heb ik mij eerst goed laten informeren. Ik heb een uitgebreide mail gestuurd om te checken dat er inderdaad geen apart bewaarloon gerekend wordt, en dat er geen fee wordt ingehouden op dividendtransacties. Ook heb ik gecheckt dat het fondsenaanbod van Binck en Alex identiek zijn. Verder wil ik ook de niet meer aan te kopen fondsen (door MIFID-2) mee kunnen nemen, ik heb geen zin om een portefeuille aan te houden bij twee brokers. En tenslotte ben ik uiteraard nagegaan of ik ook bij Binck de portefeuille- en transactie-overzichten kan downloaden om mijn altijd hongerige beleggingsspreadsheet te vullen.

Op al die vragen kreeg ik snel en adequaat antwoord. Dus vorige week heb ik een rekening aangemaakt bij Binck, en na de bevestiging heb ik meteen het formulier gemaild om mijn portefeuille over te laten zetten van Alex naar Binck. Dat gebeurde vervolgens ook binnen een dag. En wat ik mij realiseerde na het inloggen: de interface van Binck en Alex is exact hetzelfde, alleen het logo en de kleurstelling zijn anders. Wat eigenlijk ook wel erg voor de hand ligt.

Dus. Een overstap. Zeker € 100 per jaar bespaard, extra dividendrendement. En een blogje daarover, zomaar zonder affiliate links en reclame!

Hoe is het met jouw broker?

Geachte AFM…

Onze toegang tot de meeste Amerikaanse fondsen zijn we kwijt, en de minister verschuilt zich achter de AFM. Dan wordt het tijd voor actie. Protest. Nou is Opa Geldnerd daar redelijk ‘old school’ in. Ik ben geen millenial van de social media generatie. Maar ook weer niet zó old school dat ik met een spandoek ga staan protesteren voor het kantoor van de AFM… Opa Geldnerd is van de brieven.

Dat is ook een stukje beroepsdeformatie. Het schrijven van mooie ambtelijke epistels is jarenlang een belangrijk onderdeel van mijn werk geweest. En soms gun ik het mijzelf om er nog weer eens eentje te schrijven. Dat heeft er ook mee te maken dat ik weet dat ambtenaren en aanverwante clubs (zoals de AFM) meestal gevoeliger zijn voor een goed doorwrocht epistel dan voor een stapel tweets en Facebook comments. Argumenten willen we horen, liefst goed gestructureerd.

Ik ben dus begonnen met het schrijven van een brief aan de AFM. Met wat ik beschouw als feiten en logische argumenten. De opzet deel ik graag met jullie, vooral ook om ideeën en extra input te verzamelen. Als de brief af is en ik ‘m verstuur, zal ik die ook delen. Ik hoop dan natuurlijk dat andere mensen hetzelfde doen, en dat we samen de AFM op andere gedachten kunnen brengen. Ambtelijke molens malen meestal traag, maar ze malen wel gestaag…

Sinds 3 januari 2018 is de Europese Richtlijn 2014/65/EU (beter bekend als ‘MIFID-II’) van kracht. Deze regelgeving, en dan vooral ook de manier waarop toezichthouders zoals de AFM hiermee omgaan, heeft grote negatieve impact voor particuliere beleggers zoals ikzelf. Ik beleg met een doel, namelijk mijn financiële onafhankelijkheid vergroten. Dit om te compenseren voor de terugtredende overheid en de hervormingen van het Nederlandse pensioenstelsel. Hierin word ik sterk beperkt door de handelwijze van de AFM.

Voor het managen van mijn beleggingen maak ik gebruik van de dienstverlening van Alex, onderdeel van BinckBank NV. Deze dienstverlener heeft tot op heden meer dan 1.000 beleggingsproducten, met name ook Exchange Traded Funds, uit haar aanbod moeten verwijderen. Dit omdat de buitenlandse aanbieders de documentatie niet in de Nederlandse taal beschikbaar stellen. Navraag bij een aantal aanbieders (onder andere iShares en Vanguard) leert mij dat dit komt door de relatief kleine omvang van de Nederlandse markt. En van bevriende beleggers weet ik dat ook andere aanbieders dezelfde stap gezet hebben. Als gevolg hiervan hebben Nederlandse beleggers toegang tot een veel kleiner spectrum aan beleggingsproducten, waarbij de gemiddelde kosten hoger zijn (zie hiervoor ook het bericht ‘Particuliere belegger blijft afgesloten van Amerikaanse indextrackers‘ in het Financieele Dagblad van 11 juni 2018).

Op 14 mei 2018 heeft het Tweede-Kamerlid Van der Linde (VVD) over deze problematiek vragen gesteld aan minister Hoekstra van Financiën. Op 12 juni 2018 heeft de minister in zijn antwoorden aangegeven dat het de AFM is die (1) aangegeven heeft welke fondsen als verpakte beleggingsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) moeten worden aangemerkt, en (2) ook bepaald heeft dat alleen Essentiële Informatiedocumenten (EID) in de Nederlandse taal geaccepteerd worden.

Uit deze antwoorden, en uit de contacten met mijn tussenpersoon en de aanbieders van diverse beleggingsproducten in mijn portefeuille, concludeer ik dat het vooral de AFM is die met haar visie op de MIFID-II regelgeving de huidige situatie veroorzaakt en in stand houdt. Ik wil de AFM dringend verzoeken om dit standpunt te herzien, en draag daarvoor een aantal argumenten aan.

Vergrijzing en de financiële crisis maken dat de overheid enerzijds de pensioenleeftijd verhoogt, en anderzijds van burgers verwacht dat zij zelf maatregelen treffen om voor een groter deel voor hun oudedagsvoorziening te zorgen. Dit staat of valt met de beschikbaarheid van betaalbare en effectieve mogelijkheden om te sparen en beleggen. Juist de categorie beleggingsfondsen die nu geraakt wordt door de AFM-opstelling inzake MIFID-II leverde hier een belangrijke bijdrage aan. Dit staat haaks op de constateringen van diezelfde AFM in 2015 (‘Neem drempels weg opdat Nederlanders in actie komen voor hun pensioen’, AFM, oktober 2015, Amsterdam). Kan de AFM aangeven hoe de conclusies uit deze publicatie, en het standpunt van de AFM inzake MIFID-II, zich tot elkaar verhouden?

Daarnaast denk ik dat de opstelling van de AFM zich slecht verhoudt met de gedachte van één Europese markt. Overweging (3) van de Europese Richtlijn 2014/65/EC stelt dat, om de doelstelling van de richtlijn te bereiken, een zodanige harmonisatie moet worden bewerkstelligd dat beleggers een hoog niveau van bescherming wordt geboden en dat beleggingsondernemingen in staat zijn overal in de Unie, die een interne markt vormt, diensten te verlenen, op basis van toezicht door de lidstaat van herkomst. Door in Nederland alleen documentatie in de Nederlandse taal toe te staan, legt de AFM een onaanvaardbare beperking op aan deze beleggingsondernemingen in het aanbieden van hun producten en diensten aan Nederlandse beleggers. Hiermee ontstaan ook grote verschillen in het speelveld in de verschillende lidstaten van de Europese Unie, iets dat haaks staat op de letter en geest van de Europese regelgeving. Graag verneem ik de overwegingen van de AFM om de bescherming van beleggers zwaarder te laten wegen dan de andere, even belangrijke, doelstellingen?

Het beleid van de AFM in deze is ook niet consistent. Zeker voor indextrackers is het niet terecht om deze als PRIIP te classificeren, en daarmee een Essentieel Informatie Document (EID) te verplichten. Het staat mij, als belegger, namelijk wel volledig vrij om een grote portefeuille op te bouwen uit individuele aandelen, en daarmee een willekeurige index te ‘imiteren’. Maar zodra dit ‘verpakt is in een indextracker, juist ook met als enig doel deze index te kopiëren, dan wordt mij daartoe de toegang ontzegd. En dat alleen omdat de documentatie van deze ETF niet in de Nederlandse taal beschikbaar is. Dit is inconsequent, en ook een belediging voor de zelfstandigheid en de intelligentie van de Nederlandse belegger. Als de AFM hierin consequent zou zijn, dan zou het beleggen op buitenlandse beurzen helemaal verboden moeten worden.

Welke argumenten zou jij nog toe willen voegen aan mijn betoog?

Mijn nieuwe beleggingsportefeuille – deel 2

Vorige week schreef ik over mijn voorgenomen nieuwe beleggingsportefeuille. Er ontspon zich in de comments een leuke discussie, en er kwamen een aantal tips en alternatieven langs. Afgelopen weekend heb ik die geanalyseerd, en op basis daarvan heb ik mijn concept-portefeuille nog op een paar punten aangepast. Daarbij heb ik ook gecheckt of ik de betreffende fondsen kan verhandelen via mijn broker.

Aandelen

Het percentage aandelenfondsen is aangepast van 55% naar 40%. 40% was het ook in mijn oude portefeuille. Ik heb de verdeling Large Cap / Small Cap aangepast van 60 / 40 naar 70 / 30. En voor Small Cap ga ik, in plaats van de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF USD (WSML), nu gebruik maken van de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF EUR (IUSN). Zoals GB in de comments terecht opmerkte, is dit hetzelfde onderliggende fonds, maar met notering in Euro’s. Dat scheelt wisselkosten.

Dividend

Het percentage dividendfondsen heb ik verhoogd van 25% naar 40%, net zoals het in mijn oude portefeuille was. Op basis van de tip van SAN in de comments heb ik de Think Morningstar High Dividend UCITS ETF (TDIV) toegevoegd, naast de iShares Euro Dividend UCITS ETF EUR (IDVY) die ik al wilde gaan gebruiken. Voorlopig zet ik deze twee fondsen in een 50/50 verhouding.

Samenvattend

Hoe ziet dat er dan alles bij elkaar uit? Zoals in onderstaand schema!

Wordt dit mijn nieuwe beleggingsportefeuille?

Het verhaal is inmiddels wel bekend. Ten gevolge van de PRIIPS regelgeving waren mijn favoriete ETFs niet meer verhandelbaar. Tijdens mijn vakantie en in de weken daarna heb ik de alternatieven op een rijtje gezet, om te komen tot een nieuwe goede portefeuille-opbouw. Maar voordat je verder leest herinner ik je graag even aan mijn disclaimer!

Even recapitulerend, in onderstaand overzicht zie je de gewenste opbouw van mijn portefeuille zoals ik die in het afgelopen jaar gehanteerd heb. De fondsen met een rood kruisje kan ik op dit moment niet meer aankopen via mijn broker.

Mijn uitgangspunten blijven ongeveer hetzelfde. Ik wil 80% van mijn vrije vermogen (het deel dat niet in ons huis zit) zo gespreid mogelijk beleggen over de hele wereld. De overige 20% beleg ik in Obligaties, zowel van bedrijven als overheden, en zit in spaargeld. Bij de beleggingen wil ik een goede mix van Large Cap en Small Cap aandelen. Na enig nadenken heb ik besloten om geen extra nadruk te leggen op Emerging Markets. Dat blijft mij teveel speculeren.

Dan houd je nog best wat keuze over. Helaas wel minder dan in het Amerikaanse spectrum. Bij de selectie kijk ik naar een aantal factoren:

  1. De Total Expense Ratio, oftewel de kosten voor het gebruik van de ETF. Liever een lage dan een hoge, dat moge duidelijk zijn.
  2. Omvang en verhandelbaarheid van de ETF. Bigger is usually better.
  3. Een zo klein mogelijke ‘tracking difference’. Oftewel, ik wil graag dat mijn ETFs zo nauwkeurig mogelijk de index volgen.
  4. Eventuele valutarisico’s
  5. En (uiteraard), ik moet de fondsen kunnen kopen en verkopen via mijn broker.

Voor mijn onderzoek heb ik vooral gebruik gemaakt van JustETF en van Morningstar. Op beide websites vind je een schat aan informatie.

Large Cap

Net als vele anderen kom ik voor deze categorie uit bij de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL). Daar ga ik niet meer al te veel over schrijven, dat heeft ondermeer Mr. FOB al uitgebreid gedaan. Maar ik onderschrijf wel de conclusie dat dit een verslechtering is ten opzichte van de VTI / VXUS constructie.

Small Cap

Dan de small caps. Een categorie die mensen vaak lijken te vergeten. Terwijl ik met mijn Russell 2000 ETF hele goede resultaten boek, die doet het zelfs beter dan de S&P500. In deze categorie kom ik uit bij de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF (WSML). Ook hier niet ideaal, maar as good as it gets.

Dividend

Dit vond ik (helaas) veruit de moeilijkste categorie. Ik ben inmiddels dol op dividend en zou er juist meer van in mijn portefeuille willen hebben. En ik had een paar mooie Amerikaanse dividendfondsen, die ik helaas niet meer kan bijkopen.

In het Europese fondsenspectrum is er bar weinig concurrentie op dit terrein, en er zijn dan ook heel weinig breed gespreide fondsen te vinden die zich specifiek op dividendrendement richten. Ik kom uiteindelijk uit bij de iShares Euro Dividend UCITS ETF EUR (IDVY), die zag ik ook bij FinanceMonkey langskomen. Lopende Kostenfactor is 0,4%, het dividendrendement in de laatste 12 maanden was 4,19%.

Ik heb ook gekeken naar de iShares STOXX Global Select Dividend 100 UCITS ETF (ISPA). Lopende Kostenfactor 0,46%, het dividendrendement in de laatste 12 maanden was 3,51%. ISPA wordt door Morningstar omschreven als een niet heel aantrekkelijke optie en krijgt de rating Neutral. En de rest is nog erger, lijkt het. Op dit terrein is er wat mij betreft (te) weinig concurrentie. Hier ga ik mijn ‘oude’ dividendfondsen wel missen.

Obligaties

Voor obligaties hoef ik gelukkig niets te veranderen, de beide fondsen die ik hiervoor gebruik kan ik nog gewoon verhandelen. Het gaat om de iShares Core Euro Corporate Bond ETF (IEAC) en de iShares Core Euro Government Bond ETF (IEGA).

Samenvattend

Alles bij elkaar levert dat de onderstaande verdeling op, die ik in wil stellen in mijn Balanceer-tool in de beleggingsspreadsheet. Ik moet nog wel even kijken hoe ik mijn reeds bestaande ‘oude’ portefeuille daarin meeweeg. Als ik die buiten beeld laat, dan wordt mijn weging in aandelen te zwaar, en mijn weging in obligaties veel te laag.

Ergens houd ik hier toch wel een beetje frustratie aan over. Ik heb niet helemaal het gevoel dat deze portefeuille dezelfde spreiding en kwaliteit heeft als mijn voorgaande versie, met dank aan de Europese Unie (waar ik normaliter een groot fan van ben). Maar vooralsnog zal ik het ermee moeten doen. Want de minister van Financien (of eigenlijk de AFM) is niet genegen om Engelstalige documentatie toe te laten, dus de oude fondsen zijn we voorlopig echt wel kwijt.

Hoe pas jij jouw portefeuille aan?

Wanneer start je met beleggen?

Er wordt veel geschreven over HOE te starten met beleggen. Veel minder over WANNEER te starten met beleggen. Toch drong die vraag zich weer eens bij mij op toen ik reageerde op de reactie van Tineke bij mijn blog van 31 mei (‘In de stenen?’).

Over het HOE heb ik zelf ook al het nodige geschreven. En ook bij collega-bloggers is veel te vinden. Mr. FOB heeft uitgebreid verteld over zijn portefeuille en strategie, die je ook prima kunt volgen zonder veel te weten over beleggen. Mijn eigen strategie lijkt sterk op die van Mr. FOB. Lekker Leven met Minder heeft er zelfs een e-book over geschreven. En ook bij Stoppen Voor Mijn Vijftigste kun je veel nuttige informatie vinden. En dan doe ik nog heel veel collega-bloggers tekort…

Maar WANNEER begin je dan? Dat weet je niet. Je koopt op maandag, en op dinsdag doet Trump weer een rare uitspraak en dondert de koers naar beneden. Wellicht investeer je vandaag je maandbedrag, en is dat eind van de week verdampt (dat gebeurde bij mij in januari). En de aandelenmarkten stijgen al vrijwel onafgebroken sinds voorjaar 2009 en staan op recordhoogte. Dat kan allemaal gebeuren.

En als het dus nooit een goed moment is om te beginnen, dan is het altijd een goed moment. Gewoon doen dus.

Je kunt daarbij nog wel allerlei keuzes maken. Ik zou zelf op dit moment niet in één keer een heel groot bedrag in aandelen stoppen, omdat de markt al zo lang stijgt. Maar ik zou wel gewoon beginnen met kleinere bedragen, consequent elke maand. € 50, € 100, € 1.000, net wat je kunt of wilt missen. Als de beurs weer eens stevig corrigeert, kun je grotere bedragen inzetten. Dat ben ik bijvoorbeeld van plan met het geld dat vrijkomt doordat ik mijn cash buffer verlaagd heb. Beleggen is toch een zaak van lange adem. Het gaat erom wat je over de jaren opbouwt. Niet om dagen of maanden. Dat merk ik zelf ook. Gewoon iedere maand bijstorten en bijkopen.

En uiteraard start je alleen met geld dat je voor langere tijd kunt missen!

Wanneer ben jij begonnen met beleggen?

Waarom HappyFinancial volgens mij ongelijk heeft over cryptovaluta

Afgelopen week schreef Happy Financial een blog over cryptovaluta, met de pakkende titel ‘Drie redenen waarom jouw bedrijf na gaat denken over cryptovaluta’. Interessant stuk, maar ik ben het absoluut niet met haar eens. Helaas kun je bij haar blog geen reacties achterlaten. Maar gelukkig heb ik zelf een blog! En hier kan ik gewoon schrijven hoe ik erover denk. Bij deze dus.

HappyFinancial noemt drie redenen voor haar crypto-optimisme:
1. Je wilt flexibeler zijn dan de concurrentie
2. Het is de markt van de toekomst
3. Potentiële winst zonder actief beleggen

We gaan ze stuk voor stuk eens bekijken.

Nummer 1: je wilt flexibeler zijn dan de concurrentie

Hip en dynamisch zijn, dat zal best belangrijk zijn als ondernemer. Daar heeft Geldnerd als suffe ambtenaar van middelbare leeftijd echt geen verstand van. Maar als je betalingen in cryptovaluta wilt accepteren voor jouw producten en diensten, dan neem je wel een behoorlijk groot risico.

Ten eerste loop je behoorlijk koersrisico. Als jij vandaag factureert in crypto-valuta, en jouw klant betaalt volgende week, dan kan de koers van jouw valuta behoorlijk gewijzigd zijn. In jouw voordeel, maar ook in jouw nadeel. Dat is belangrijk, want je zult jouw crypto-valuta om moeten wisselen in Euro’s om iets te kunnen kopen in de supermarkt, of om jouw hypotheek of huur van te betalen. En ik verwacht zelf niet dat cryptovaluta heel snel een echt wettig betaalmiddel zullen worden. De overheid houdt namelijk niet van dit soort vrije dingen, waar geen centrale bank en andere mechanismen achter zitten om het te controleren. Dus om jouw koersrisico te verminderen zullen de koersen van cryptovaluta een stuk minder volatiel moeten worden. Of veel meer bedrijven zullen crypto-valuta moeten gaan accepteren.

Nummer 2: het is de markt van de toekomst

Eigenlijk is dit hetzelfde argument als het eerste. En het moge duidelijk zijn, ik zie de crypto-valuta nog niet zo snel ‘heel groot’ worden. Ik zie wel een aantal beperkingen. Technisch, zoals de harde limiet op het aantal bitcoins en het feit dat het stroomgebruik voor crypto-valuta inmiddels het stroomgebruik van diverse landen ingehaald heeft. Politiek en economisch, omdat vertrouwen in een systeem langzaam opgebouwd moet worden en overheden hier voorzichtig in zullen zijn.

Nummer 3: potentiële winst zonder actief beleggen

Ik heb een keer eerder geschreven hoe ik over crypto-valuta denk. Sindsdien heeft de koers van onder andere de bitcoin behoorlijk turbulente tijden doorgemaakt. Als je in de laatste maanden van 2017 bent ingestapt, dan is de kans groot dat jouw ‘investeringen’ in crypto-valuta nog in het rood staan. Investeringen zet ik daar bewust tussen aanhalingstekens. Er ligt immers niet iets van waarde onder de crypto-valuta, zoals een aandeel in een bedrijf. En investeren in iets met als enige doel (hoop) om duurder te verkopen, dat noemen we ook wel speculeren.

Bron: finance.yahoo.com

Vooralsnog hebben crypto-valuta een marginaal aandeel in de internationale kapitaalmarkt. Wil je vooraan lopen en houd je van een gokje, doe dan vooral mee. Maar noem het alsjeblieft geen investering… Een paar crypto-munten zullen wellicht meer waard worden. Maar inmiddels zijn er zoveel, er zullen er vrijwel zeker ook een heleboel niet overleven. En dan is het geld weg dat je erin gestoken hebt. Dat kan altijd gebeuren, ook met een investering. Maar bij speculatie-objecten is het risico wel iets groter. Denk maar terug aan de tulpenbollen-manie. Toen die voorbij was, hield je tenminste nog iets over om in de tuin te planten…

Dan zijn er ook nog mensen die erop wijzen dat grote bedrijven gebruik gaan maken van de blockchain-technologie. Dat klopt ook wel. Binnen mijn organisatie experimenteren we er ook mee, als manier om ketentransacties te certificeren. Maar dat doen we met een eigen implementatie, gebaseerd op open-source blockchain-technologie. Dus daar gaat de koers van al die crypto-valuta helemaal niets van merken.

Hoe kijk jij tegenwoordig naar crypto-valuta?

Help mee de politiek bestoken!

Wij willen VXUS en VTI terug!

Zoals jullie wel weten zijn onze mogelijkheden om te beleggen in Amerikaanse ETFs fors ingeperkt door de Europese PRIIPS en MIFID-II regelgeving. Ik schreef er de afgelopen weken diverse keren over.

Collega Mr. FOB is een actie gestart die ik jullie hierbij van harte aanbeveel. Zelf heb ik zojuist ook meegedaan. Via een link in dit artikel op zijn site kun je heel makkelijk een Twitterbericht sturen aan onze minister van Financiën en een van de leden van de Tweede Kamer, die hem wil overtuigen om ook documentatie in andere talen dan Nederlands toe te staan. Het zal zeker helpen als zoveel mogelijk mensen laten weten dat ze dit graag willen.

Doe dus vooral mee! En zegt het voort!

Older posts

© 2018 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑