Geldnerd.nl

Bloggen over persoonlijke financiën

Category: Denken over Financiën (page 1 of 13)

Een bril is geen gadget

Mijn blog is er eerst en vooral ook mijn eigen gedachten te ordenen. Dat betekent soms ook dat er gedachten verschijnen die nog niet helemaal ‘rijp’ zijn. Daar werd ik weer eens mee geconfronteerd toen ik onlangs schreef over mijn jaar (bijna) zonder gadgets. In deze blog liepen twee dingen door elkaar: mijn gadgets en mijn grotere uitgaven. Dus in deze blog mijn vervolggedachten.

Ik geef toe, er is de nodige overlap… Dat komt ook omdat ik, naast mijn kledingbudget (waar eerder al veel over te doen was), niet zo heel veel uitgeef. Ik ga wel eens met iemand naar de kroeg of een hapje eten. En ik heb een budget voor uitstapjes en vakanties. Maar dan heb je de grote uitgaven wel gehad. Behalve dus die andere categorie grote uitgaven die periodiek terugkomen: mijn gadgets en mijn bril…

En ik geef ook toe, ik heb een dure smaak. ‘Duur fruit’, zoals Chris van The Pursuit of Hot opmerkte. Als ik iets koop, dan koop ik ook iets met specificaties waardoor het lang(er) mee kan. Ik koop echt niet elke nieuwe telefoon die uitgebracht wordt, maar ben van de iPhone 5S naar de iPhone 8 gegaan. En dan alleen nog omdat de 5S er technisch mee ophield (maar gelukkig nog goed genoeg was om de inruilkorting te krijgen). En waar ik vroeger elke twee jaar een nieuwe laptop kocht (ik houd mijn uitgaven bij sinds 2003, dus dat was makkelijk na te zoeken…), gaat de machine waar ik dit stukje op zit te tikken nu alweer bijna 4 jaar mee. Langzaamaan veranderen er dus wel dingen in mijn consumentengedrag. Maar ook voor die laptop geldt: als er een nieuwe komt, dan wordt het een model met stevige specificaties en een dito prijskaartje. Omdat ‘ie dan langer meegaat, en geen belemmering is voor de hobby’s en experimenten die ik ermee uitvoer.

Mijn budget voor gadgets is mijn ‘pretgeld’. Mijn ‘quality of life’ geld. Omdat ik gewoon geen zin heb om supersober te leven. Maar ook nu wil genieten van de mooie dingen van het leven. Daarin maakt iedereen z’n eigen keuzes.

In dat licht las ik laatst een interessant stukje bij Budgets Are Sexy. iPhone gebruikers zijn sowieso geneigd om meer uit te geven dan Android gebruikers. Al denk ik zelf eerder dat het omgekeerd is. Je bent geneigd om meer uit te geven, dus ben je bereid meer te betalen voor een smartphone. Alhoewel het prijsverschil tussen de topmodellen van Samsung en Apple natuurlijk heel beperkt is, die twee houden elkaar overduidelijk goed in de gaten. Maar in het Android-kamp heb je ook (veel) goedkopere modellen, dus dan is meer spreiding in de antwoorden ook waarschijnlijker. Het artikel meldde overigens ook dat iPhone-gebruikers 27% meer kans hadden om ‘erg gelukkig’ te zijn met hun leven, en meer geneigd waren gelukkig te zijn in een relatie. Maar goed, ik heb hier geen zin om in te gaan op het verschil tussen ‘correlatie’ en ‘causaal verband’, dat kan Mariimma veel beter dan ik.

En die bril? Tsja… Daar spelen twee overwegingen een rol. De eerste is dat mijn ogen gewoon niet best zijn. Zware afwijking, cilinder, en vanwege de leeftijd ook varifocus. Als je dan niet jampotjes wilt lopen, zijn de glazen duurder dan gemiddeld (extra dun, krasbestendig, dat soort dingen). Kunnen ze goedkoper dan ik nu heb? Vast en zeker! En dat geldt ook voor mijn montuur. Maar daar speelt ook een beetje ijdelheid een rol. Mijn omgeving, en vooral ook Vriendin en Hondje, moeten er elke dag tegenaan kijken. Zelf hoef ik er alleen maar doorheen te kijken. Dan vind ik wel dat die bril er, ook na 21/2 jaar dagelijks gebruik, nog goed uit moet zien. In het verleden heb ik hier wel eens op bezuinigd, maar daar ben ik van teruggekomen. Mijn ogen zijn belangrijk, ze maken het mij mogelijk om naar deze wereld te kijken. Daar heb ik dat geld graag voor over.

De bril is voor mij dus een ‘must’. De gadgets zijn ‘wants’. Maar wat ze gemeenschappelijk hebben is dat ik er bewust voor kies om hieraan het geld uit geven dat ik doe. Daar mag iedereen verschillend over denken, ik ben erg blij dat ik me daar niets van aan hoef te trekken.

Denk jij bewust na over jouw uitgaven?

Duurder dan een huwelijk

201610-echtscheidingHet rommelt in de huwelijken in FIRE-land, lijkt het. Echtscheidingen. Afgelopen jaar zie ik achtereenvolgens Lineaire Hypotheek Versneld Naar Nul, Amber Tree Leaves en Geld Is Tijd deze stap doorgaan. En het gebeurde ook mij een aantal jaren geleden.

Een bruiloft is voor de meeste mensen een duur iets. Jurk, pak, locatie, feestje, bijzondere auto, huwelijksreis, noem de uitgaven maar op. Maar er is een ding aan het huwelijk mogelijk nog duurder: een echtscheiding. Iedereen, ook ik, begint aan het huwelijk met de gedachte ‘dat gebeurt ons niet’. Maar in de praktijk eindigt inmiddels zo’n 40% van de huwelijken in een echtscheiding.

De beslissing om te gaan scheiden was voor ons heel emotioneel. En emoties zijn meestal niet echt een goede basis voor financiële beslissingen. Het duurde dan ook even voordat we samen bij een mediator zaten. Dat was overigens een goed besluit dat ik iedereen in een vergelijkbare situatie kan aanbevelen. Als het even kan, gebruik een mediator. Twee advocaten zijn duur en hebben soms ook het belang om hun urenmetertje te laten lopen.

Ex en ik waren getrouwd in gemeenschap van goederen. Daar hadden we niet echt over nagedacht, dat deden we gewoon. Het was destijds ook niet echt iets waar we over wilden discussiëren. Dat was niet romantisch. Een ding weet ik zeker: in gemeenschap van goederen trouw ik nooit meer, ook niet als de tegenpartij miljonair is.

Gelukkig hadden wij financieel alles op orde en helder in beeld. Dat maakte het gesprek over de verdeling gemakkelijker. En onze pensioenopbouw was ook vrijwel identiek, dus we konden afzien van verevening. We worden dus niet na onze pensionering nog een keer met onze echtscheiding geconfronteerd.

Ons huis stond niet onder water, dat hielp ook. En we hadden het gekocht en gefinancierd op één inkomen. Dat betekende dat mijn ex er kon blijven wonen. Zij werkte in onze woonplaats. Ik werkte elders in Nederland en ben dus verhuisd om dichter bij mijn werk te gaan wonen.

Terugkijkend hebben we een relatief eenvoudige echtscheiding gehad. Geen vervelende alimentatieverplichtingen. Geen financiële problemen. Maar niet iets om nog een keer over te doen.

Hoe is jouw echtscheiding verlopen?

Het jaar zonder gadgets?

Naar aanleiding van mijn blog over mijn krappe liquiditeit heb ik nog eens teruggekeken op en nagedacht over mijn grote uitgaven. Want ik realiseer me dat ik in mijn financiële planning voor 2018 heel optimistisch twee grote uitgaven gestapeld heb, namelijk mijn bril en een nieuwe laptop. Dat is, in één jaar, misschien wat teveel van het goede.

Terugkijkend in mijn administratie zie ik een aantal terugkerende grote uitgaven. Dat zijn eigenlijk vooral mijn gadgets, of liever gezegd: <mezelf voor de gek houden AAN>de technologie die het leven een stuk aangenamer maakt, die gewoon noodzakelijk is anno 2018, waar ik echt niet zonder kan<mezelf voor de gek houden UIT>.

Gadget 2014 2015 2016 2017 2018
Laptop 1.750
Server 1.500
Smartphone 800 1.000
Tablet 750
Bril 1.750 1.750

Cashflowtechnisch gaat dat dus niet helemaal goed, als ik mijn twee grootste periodieke uitgaven ‘laptop’ en ‘bril’ in hetzelfde jaar laat vallen. Ik heb al mijn gadgets begin 2014 in één keer vervangen, toen we naar het Verre Warme Land vertrokken. Dat betekent dat zowel mijn laptop als mijn tablet in januari 2019 al 5 jaar meegaan. De telefoon is in 2017 vervangen wegens overlijden, en de huidige server is er in 2016 al gekomen. Mijn bril is gewoonweg elke 3 jaar noodzakelijk.

In dit overzicht tel ik onze SONOS-apparaten niet mee, realiseer ik me nu. Ook de printer/scanner, de switch, en de WIFI-punten zijn niet meegeteld. Die heb ik eind 2016 allemaal aangeschaft, toen we verhuisden naar Geldnerd HQ. Daarnaast is de recent aangeschafte router niet meegenomen. Dan wordt het toch best nog wel een lange lijst. Maar eigenlijk gebruik ik tegenwoordig al deze apparaten tot ze het echt niet meer doen. Alleen mijn bril, die heeft een vast ritme. Dus ik kan heel moeilijk gaan doen en alles gaan plannen, of het er ook gewoon een beetje op aan laten komen. Gewoon jaarlijks een bedrag opnemen in mijn begroting, en kijken wat er gebeurt.

Dus: zou het lukken? 2018 als eerste jaar zonder aanschaf van gadgets? Geen nieuwe laptop kopen, zoals ik nog van plan was? Hij is niet meer supersnel, maar ik heb ‘m goed opgeschoond en het kan best nog wel even. En heel eerlijk, behalve voor de blog en voor de spreadsheets wordt de laptop niet zo heel veel meer gebruikt. Ja, op mijn thuiswerkdag…

Van de laptop, tablet en smartphone wordt regelmatig een back-up gemaakt. Dus echt bang voor dataverlies hoef ik niet te zijn. Ik zit hooguit een paar dagen zonder apparaat als er eens eentje kapot gaat. En dan komt die laptop in 2019 wel ergens.

En de AirPods dan, zei Vriendin toen ze mijn conceptblog zag? Ja, daar heeft ze een punt. Die heb ik mijzelf eerder dit jaar cadeau gedaan. Dus helemaal gadgetvrij was het jaar bij nader inzien toch niet…..

Heb jij wel eens een jaar waarin je geen gadgets aanschaft?

Rekenmodel FIRE met pensioen voor loonslaven

De meeste modellen voor FIRE die ik op internet tegenkom, zijn gebaseerd op de Amerikaanse situatie. Een belangrijk verschil tussen de Verenigde Staten en Nederland is de pensioenvoorziening. De Amerikanen bouwen (vrijwillig) persoonlijke pensioenpotten op via bijvoorbeeld de systematiek van 401(k). Dat is een van de redenen waarom je op veel Amerikaanse blogs van die enorm hoge eigen vermogens langs ziet komen, want de waarde van die potjes tel je natuurlijk gewoon mee.

In Nederland hebben we (nog) geen persoonlijke pensioenpotten. Die zijn in de huidige discussie over de pensioenhervorming ook erg omstreden. We vinden in Nederland de collectiviteit, het samen delen van de risico’s zodat iedereen een min of meer gelijke kans heeft op een redelijk pensioen, erg belangrijk. En wij loonslaven (voor ondernemers is het meestal anders) hebben meestal niet een vaststaande pot met geld voor ons pensioen, maar wel de zekerheid van een uitkering van onze pensioendatum tot aan de dood. De hoogte van deze uitkering (en of deze al dan niet geïndexeerd wordt voor inflatie) is dan weer onzeker.

Dat maakt de financiële kant van de FIRE-discussie dan weer wat ingewikkelder voor ons, de loonslaven. Daar heb ik eerder over geschreven, en ook onderstaande grafiek gemaakt. Uitgaande van een bepaalde (onzekere) AOW en pensioenuitkering vanaf een onzekere pensioendatum, heb je vanaf dat moment je vermogen alleen nog nodig als je met AOW en pensioen tekort komt om in je levensonderhoud te voorzien. De rest van je vermogen kun je inzetten om het gat tussen de officiële pensioendatum van jouw pensioenfonds(en), en de datum waarop je stopt met werken, te overbruggen.

Ik ben al een tijdje aan het ‘klooien’ om hier een rekenmodel voor te ontwikkelen. Dat valt nog niet mee, omdat er veel aannames en onzekerheden in zitten. Onlangs had ik hier een interessante mailwisseling over met lezer Sam. En hierbij dus mijn eerste poging. Ik reken op een storm van kritiek, opmerkingen en aanvullingen, zodat ik dit model verder kan verbeteren. Voordat je verder leest even een waarschuwing: hier deel ik weer een nerdy spreadsheet (zoals The Transoceanic Teller  zo mooi omschreef in zijn blogroll).

Vooraf: het is een eenvoudig model. Het houdt bijvoorbeeld nog geen rekening met partners, het is een individueel model. Ook houdt het geen rekening met derde-pijler pensioenen. De uitdaging voor mij zat ondermeer in het programmeren van de grafiek. Die heeft meerdere series, en combineert meerdere types (lijnen en kolommen) in één grafiek. Dat gaat me goed van pas komen als ik binnenkort verder werk aan mijn Dashboard.

Het model redeneert vanuit een huidig jaar, en wil uiteraard ook weten wat je huidige vermogen is. Andere relevante factoren in het model zijn ondermeer de verwachte gemiddelde jaarlijkse inflatie. De afgelopen 25 jaar was dat ongeveer 2,2% per jaar. Verder het verwachte gemiddelde rendement op je vermogen, daar ga ik uit van 6,0% per jaar. En het AOW-bedrag dat je jaarlijks verwacht te ontvangen. Daar gaat mijn model uit van het standaardbedrag, anders wordt het wel erg ingewikkeld. Ook geef je de datum in waarop je pensioen en AOW uitbetaald gaan worden. Uiteraard kun je al die variabelen zelf naar hartenlust aanpassen.

Apart instelbaar is de verwachte jaarlijkse indexering van de AOW en het pensioen. Op basis van de ervaringen van de afgelopen 10 jaar ga ik in mijn model maar niet uit van een indexering met hetzelfde percentage als de gemiddelde inflatie. Ik ga maar even uit van een kwart, maar uiteraard is ook dat in te stellen.

Ook gebruikt het model je huidige netto jaarinkomen, en ook moet je een verwacht gemiddeld spaarpercentage opgeven. Want zolang je nog werkt kan het vermogen harder groeien dan alleen door het rendement… Heel optimistisch kun je ook een percentage ingeven voor de verwachte jaarlijkse stijging van je salaris, voor zolang je nog werkt.

Daarna wordt het al iets ingewikkelder. Ieder Uniform Pensioen Overzicht (UPO) geeft aan hoeveel pensioen je al hebt opgebouwd als je nu zou stoppen met werken. Dat is een belangrijk getal. Dat kun je ingeven, met het specifieke jaar dat dat bereikt is. En ook heeft het model jouw meest recente A-factor nodig. Ook die staan ieder jaar in jouw UPO. Daarmee kan het rekenmodel een gooi doen naar het pensioen dat je nog op gaat bouwen totdat je stopt met werken.

Veel variabelen en veel aannames. Dat betekent veel onzekerheden. Een model is altijd een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. De uitkomst is dus een indicatie. Geen zekerheid, geen garantie.

Je moet ook ingeven in welk jaar je wenst te stoppen met werken. En hoeveel geld je jaarlijks nodig denkt te hebben nadat je stopt met werken. Dat doe je in Euro’s van vandaag. Met behulp van de inflatie rekent het model zelf uit hoeveel Euro je dan jaarlijks nodig hebt vanaf het jaar dat je daadwerkelijk stopt. En tenslotte werk ik met een levensverwachting.

Levensfasen

Het model kent eigenlijk drie fasen in jouw financiële leven:

  1. De opbouwfase. Dit is de fase waarin je werkt, en inkomen hebt, en een deel daarvan overhoudt en toevoegt aan je vermogen. Ook bouw je in deze periode pensioen op.
  2. De op-eet fase. Dit is de fase waarin je gestopt bent met werken, maar nog geen AOW en pensioen ontvangt. Je leeft dus volledig van je opgebouwde vermogen.
  3. De pensioenfase. Die start in het jaar dat AOW en pensioen voor het eerst uitbetaald worden. Vanaf dat moment leef je van pensioen en AOW, aangevuld met de rest van je vermogen.

Het model gaat er van uit dat je niet de behoefte hebt om vermogen over te houden. Slecht nieuws dus voor je potentiële erfgenamen. En het model gaat er ook van uit dat je blijft beleggen.

Opbouwfase

Het ligt voor de hand, in deze periode kijkt het model vooral naar je vermogensopbouw. Wat blijft er over als spaarpercentage, en hoe rendeert dat. Daarbij wordt de salarisstijging meegenomen. Het model gaat er hierbij van uit dat de inflatie al meegenomen is in het verwachte jaarlijkse rendement.

Op-eet Fase

Je hebt geen inkomen meer, want je bent gestopt met werken. Je pensioenopbouw is gestopt, die groeit dus alleen nog maar met de verwachte jaarlijkse indexering. Je leeft dus van je vermogen. Op basis van het bedrag dat je nu denkt jaarlijks nodig te hebben, aangepast met de jaarlijkse inflatie. Ieder jaar heb je dus een beetje meer nodig om van te leven.

Je vermogen blijf je wel actief inzetten, op het deel dat je elk jaar overhoudt maak je dus nog steeds je jaarlijkse rendement.

Pensioenfase

Je inkomenssituatie verandert op het moment dat je AOW en pensioen uitbetaald gaan worden. Beide zijn in het model gegroeid met de verwachte jaarlijkse indexering. Ze kunnen overigens verschillende startdatum hebben.

Het bedrag dat je jaarlijks nodig denkt te hebben blijft hetzelfde als in de Op-eet Fase, en groeit jaarlijks met de inflatie. Waarschijnlijk worden deze deels gedekt met AOW en Pensioen. Het restant moet je ook weer aanvullen met vermogen. Je vermogen blijf je actief inzetten, op het deel dat je elk jaar overhoudt maak je dus nog steeds je jaarlijkse rendement.

Hoe werkt het?

Op het werkblad Dashboard vul je jouw gegevens en aannames in. Daarna klik je op de knop FIRE Calculator, en het systeem voert de berekeningen uit. Je krijgt een melding als die berekening klaar is. Dan is er ook een grafiek verschenen op het Dashboard.

Met de knop Clean Up wordt het werkblad Data leeggemaakt, en de grafiek weer verwijderd. Het is aan te raden dat steeds te doen na het aanpassen van één of meer parameters, voordat je opnieuw op FIRE Calculator drukt.

Op het werkblad Data staan de uitkomsten van de berekeningen, per jaar. De kolomtitels spreken grotendeels voor zichzelf. Pillar 1 is de AOW, Pillar 2 je opgebouwde pensioen. Met Pillar 3 wordt (nog) geen rekening gehouden, en Pillar 4 is de aanvulling die je uit je vermogen haalt. De kolom Withdrawal is het bedrag dat je jaarlijks nodig hebt om van te leven, aangepast voor de inflatie. Aan de rechterkant kun je zien wanneer de verschillende fasen beginnen (Opbouwen, Opeten, en Pensioen).

Grafiek

De grafiek heeft twee y-assen. De linkeras hoort bij de vlakken. De rechteras hoort bij de rode lijn, die je vermogensopbrengst weergeeft. Als de rode lijn ophoudt, dan is je vermogen op.

Het geel/oranje vlak is het deel van je inkomen dat je uit je vermogen moet halen. Dat is je hele inkomen in de Op-eet Fase, en de aanvulling op je AOW en pensioen in de Pensioenfase. Nadat de rode lijn opgehouden is, kom je het geel/oranje deel dus tekort.

Onderstaand een voorbeeldgrafiek. Deze persoon stopt in (eind) 2025 met werken, en leeft dan van vermogen. Vanaf 2041 ontvangt deze persoon AOW en Pensioen. Maar het vermogen is naar verwachting op in 2057. Of dat erg is? Goede vraag. Onderstaande grafiek gaat uit van een inflatie van 2,2%, een indexering van 0,5% en een jaarlijkse salarisstijging van 1,1%. Jaarlijks netto inkomen is € 35.000, spaarpercentage 40%. Verwacht benodigd om van te leven is € 20.000. Beginvermogen is 100.000 per eind 2017, de persoon is geboren in 1970.

Ik zei het al eerder: Veel variabelen en veel aannames. Dat betekent veel onzekerheden. Een model is altijd een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. De uitkomst is dus een indicatie. Geen zekerheid, geen garantie. Maar het geeft veel stof om over na te denken. hoeveel geld heb je echt nodig in de verschillende fasen van je financiële leven? Welk rendement verwacht je? Wat doet de inflatie, en de belastingen? Worden je pensioen en je AOW geïndexeerd? Hoe ontwikkelt je salaris zich? En wat gebeurt er met je FIRE datum in die verschillende scenario’s?

Download hier de spreadsheet. Ik zal ‘m dit weekend ook op mijn downloadpagina zetten.

Het model bevestigt mijn eerdere eigen berekeningen, maar mijn FIRE datum houd ik lekker geheim. Wat is jouw FIRE datum?

Irrationele beslissingen

De weg naar financiële vrijheid is geplaveid met gevechten tegen je gevoel en je onderbuik. FOMO (Fear Of Missing Out) en YOLO (You Only Live Once) zijn twee voorbeelden van menselijke emoties die je veel geld kunnen kosten. Mijn eigen beleggingsblunders vallen ook in die categorie. Hebzucht komt je duur te staan. Soms vind ik mijn onderbuik dan wel weer een goede raadgever. Als iets slecht voelt, dan doe ik het niet. Ik wil iets rationeel begrijpen en het moet ook goed voelen.

En soms weet ik het gewoonweg niet. Zoals deze week. Ik heb nog een vrij-opneembare-spaarrekening-met-hoge-rente, die ik gebruik als rekening voor mijn buffer. De rekening is bij een andere bank dan waar ik mijn lopende rekening aanhoud. Nu is dat ‘hoge-rente’ natuurlijk relatief. De rente was ‘vroeger’ relatief hoog. Nu is ‘ie nog steeds 8 keer de rente bij mijn ‘lopende bank’ (0,25% versus 0,03%), maar dat is nog net het verschil tussen ‘niets’ en ‘helemaal niets’. Tot nu toe heb ik dit jaar € 45 aan rente opgebouwd, dat zou dus ongeveer € 67,50 zijn voor het hele jaar. Dat is, in een gemiddeld jaar met 7% rendement, de equivalent van € 1.000 extra in mijn beleggingsportefeuille.

Afgelopen weekend heb ik een bedrag van mijn bufferrekening overgemaakt naar de lopende rekening. Iets met liquiditeit gladstrijken en geplande uitgaven voor de tuin. En toen gebeurde er iets dat mijn onderbuik triggerde. Het geld verscheen maandag niet op mijn lopende rekening. Maar pas dinsdagochtend. En dat ergert mij. Mijn verwachtingspatroon anno 2018 is hoger dan dat. Ik weet dat het, door trage ontwikkelingen bij grote systemen als het bankwezen, nog even duurt voordat het een kwestie van seconden is. Maar ‘op-zaterdag-de-boeking-doen-en-op-dinsdagochtend-om-09.00-uur-het-geld-op-de-rekening-zien’ voelde wel erg slecht. En toen bedacht ik me: zolang de rente zó laag is, waarom haal ik dat geld dan niet gewoon terug naar de huisbank? Want die paar tientjes maken het verschil niet.

Volkomen irrationeel, ik weet het. Want 10 jaar die 6 tientjes is wel weer een leuk bedrag. Maar nogmaals, ook weer niet meer dan nu € 1.000 extra op de beleggingsrekening zetten met een voldoende lange tijdshorizon. Eén nadeel van het terughalen kon ik al wel verzinnen. Het geld is dan makkelijker toegankelijk, de drempel om aan de buffer te komen wordt wel lager. Maar dat is ook het enige bezwaar dat ik op dit moment kan verzinnen.

Dat we niet denken dat mensen die financiële onafhankelijkheid nastreven, geen financiële problemen hebben… Het zijn andere problemen, dat wel.

Hoe ga jij om met emoties rond je financiën?

Verjaardagsfeestje!

Vandaag alweer 3 jaar geleden publiceerde ik, vanuit het Verre Warme Land, mijn allereerste blogpost. Dus is Geldnerd jarig vandaag. 3 jaar oud alweer. Hieperdepiep hoera! En wat heb ik de afgelopen jaren veel bijgeleerd over persoonlijke financiën, dankzij dit blog en de vele contacten die het opgeleverd heeft.

Dit is alweer mijn 456e berichtje. Op één of andere manier blijft er toch nog steeds voldoende inspiratie voor minimaal twee blogjes per week, zelfs nu het in ‘financieel blogland’ een stuk drukker is geworden en veel mensen met interesse in financiële onafhankelijkheid elkaar ook regelmatig treffen in de Slack-groep FIREnl. Dus kom daar ook vooral gezellig langs, ik ben er ook!

Clickbait en het afloskamp

In de Slack-groep FIREnl (sluit je vooral ook aan!) hebben we wel eens een discussie gehad over ‘clickbait’. In gewoon Nederlands: stukjes die vooral bedoeld zijn om je ergens naar toe te lokken, vooral om commerciële redenen. Een van de kenmerken van ‘clickbait’ is een ‘pakkende’ titel. Commerciële redenen heb ik niet, maar ik wilde het ook wel eens proberen. Vandaar de titel van mijn stukje ‘Aflossen is voor angsthazen’.

Dat heb ik geweten, want tot mijn verbazing werkt zo’n titel inderdaad. Het was een van mijn best bezochte dagen in de afgelopen 3 jaar. Sowieso blijven mijn bezoekersaantallen nog steeds groeien, maar deze sprong er toch weer bovenuit.

In mijn stukje schreef ik dat de discussie over al dan niet extra aflossen erg leeft in de financiële blogwereld. Dat was ook te zien aan het aantal reacties, en de inhoud ervan. Beide kampen goed vertegenwoordigd, van mensen die extra aflossen zien als ‘stelen van jezelf’ tot mensen die iedere beschikbare Euro in extra aflossingen steken. ‘Het’ antwoord op de vraag wat het beste is, dat kan ik je ook niet geven. Het is er niet, denk ik. Zoals diverse reacties ook aangaven. Iedereen moet vooral de keuze maken die het beste bij hem/haarzelf past, en er zijn geen foute keuzes als je er maar goed over nagedacht hebt. En het is ook niet erg om tussendoor een paar keer van gedachten te veranderen.

Voor mijzelf gaat het om het vinden van een balans tussen vermogensopbouw en lage maandlasten. Ik ben niet op weg naar FIRE, daarvoor vind ik mijn werk te leuk, en ben ik te laat écht begonnen. Een echtscheiding en een sabbatical van een jaar helpen dan ook niet echt, alhoewel een sabbatical natuurlijk erg HOT is.

Verder heb ik gemerkt dat het verlangen van mijn maandlasten verslavend werkt. Uiteraard zonder dat de kwaliteit van leven daaronder lijdt. We gaan gewoon uit eten als we daar zin in hebben, nemen vaak genoeg vakantie, en ik koop de dingen waarvan ik vind dat ze waarde toevoegen in mijn leven. Maar aflossen en beleggen zijn volgens mij twee kanten van dezelfde medaille. Veel vermogen is fijn, maar met lagere maandlasten heb je minder vermogen nodig voor dezelfde vrijheid. Dat heeft dus, ook voor mijzelf, helemaal niks met angsthazerij te maken. Maar alles met financieel bewust leven.

Dus voorlopig lossen we nog vrolijk verder af.

Klik jij wel eens op ‘clickbait’?

Betalen voor advertenties?

Er is iets geks aan de hand op deze planeet, mensen. Steeds vaker betalen we om reclame te mogen zien. Tot op zekere hoogte is dat al jaren zo. Denk aan je kabelabonnement waarop je eigenlijk alleen maar reclameblokken ziet, met tussendoor stukjes van oude televisieseries of uitermate gedateerde films. Of een tijdschrift met advertenties. Maar het wordt erger. En vooral: slinkser…

Zo gaat Microsoft met Windows 10 steeds verder met het verzamelen van jouw gegevens om je ‘een betere ervaring’ (lees: meer advertenties) te kunnen bieden.

En eind 2016 al wond de Consumentenbond zich op over de gebruiksvoorwaarden van smart TV’s. Niet gek als je bedenkt dat onder andere Samsung medio 2016 al aankondigde advertenties in de menu’s van smart TV’s op te gaan nemen. Ik heb ze overigens nog steeds niet gezien op mijn TV, en denk (hoop) zelf dat de AVG hier een stokje voor gestoken heeft..

Ik vind hier wel wat van. Ik wil best voor iets betalen, maar dan wil ik niet lastig gevallen worden met reclame. Op mijn brievenbus zit ook een NEE-NEE sticker. Maar die optie geeft de smart TV mij niet, en Microsoft is ook steeds beter in het verstoppen van de privacy opties. En soms, na een upgrade, staan ze ineens weer op de standaardinstelling. Zomaar. Grrrr… Je kunt er natuurlijk voor kiezen om de gebruiksvoorwaarden niet te accepteren. Maar dan verlies je ook heel veel functionaliteit. Functionaliteit waar je dat apparaat juist voor gekocht hebt.

We worden dagelijks bestookt met duizenden reclame-impulsen. Allemaal bedoeld om ons aan te zetten tot consumeren of tot wat anderen als ‘wenselijk gedrag’ beschouwen. Het is best moeilijk om je daarvoor af te sluiten. Ik probeer het wel, en het lukt me beter dan een aantal jaren geleden. Maar de geest is gewillig, en het vlees is zwak. Om nog maar te zwijgen over de visuele en auditieve vervuiling die reclame oplevert…

En ja, ik heb ook een advertentie op dit blog staan. Maar die kun je met een beetje advertentie-blokker nog ontwijken. Bij Microsoft en mijn smart TV wordt dat steeds lastiger. De toekomst laat zich raden. Er komt straks vast een keer een duurdere versie waarbij we extra betalen om geen advertenties te kunnen zien.

Hoeveel betaal jij om reclame te mogen zien?

Postzegels hamsteren?

Eerder deze week werd bekend dat PostNL de prijs van de postzegels met maar liefst 14,2% mag verhogen. De prijs kan dan omhoog van 83 eurocent per brief van 20 gram naar 95 eurocent per brief. In 2008 was de prijs nog 50 eurocent. Maar toen verstuurden we ook nog 20 miljoen brieven per dag, nu zijn dat er nog maar 8 miljoen per dag.

Ik zal niet zo heel gauw postzegels gaan hamsteren door dit bericht. Eigenlijk kan ik me niet eens herinneren wanneer ik zelf voor het laatst een brief verstuurd heb. Binnenkort ga ik dat wel weer doen, maar dat is echt een uitzondering. Ik doe mijn zaken al jarenlang zoveel mogelijk digitaal.

Ook brieven ontvangen doe ik nog maar zelden. Overal waar dat kan heb ik aangegeven dat ik liefst de correspondentie digitaal ontvang. Wat wij wel veel ontvangen zijn pakketjes, omdat we veel aankopen digitaal doen. Zelfs het voer voor Hondje komt eens in de zes weken per post aan. Goedkoper dan in de winkels hier, en minder sjouwen.

In de PostNL app op mijn smartphone (die ik heb om deze pakketjes te kunnen volgen) kan ik ook zien welke ‘reguliere poststukken’ er op mijn adres bezorgd zijn/worden. In juli waren dat er maar twee. Een brief van een verzekeraar aan Vriendin (in tegenstelling tot mij is zij nog wel dol op papieren post, dat mag). En een brief van Alex aan mijzelf, met een papieren bevestiging van iets dat ik digitaal aangevraagd had en ook digitaal al bevestigd had gekregen. Die brief was dus overbodig wat mij betreft.

Hopelijk gaan de hogere prijzen voor het verzenden van dode bomen ook de laatste organisaties over de streep trekken die nog niet 100% digitaal kunnen werken. Ik vind het prima als organisaties ook een ‘papieren spoor’ aanbieden voor mensen die digitaal niet meekunnen of meewillen, maar val mij daar alsjeblieft niet mee lastig!

Verstuur en ontvang jij nog veel papieren post?

Hoe nutteloos is de Safe Withdrawal Rate?

Het is een geliefd onderwerp in FIRE-land. De Safe Withdrawal Rate (SWR). In mijn woorden: welk percentage van je vermogen kun je, nadat je stopt met vermogensopbouw, jaarlijks opeten zonder dat je ooit zonder geld komt te zitten? Daar woeden hartstochtelijke discussies over in de blogwereld. 3%, 3,5% of toch 4%? Met name in de Amerikaanse blogs worden hier pagina’s over volgeschreven, en vliegen de grafieken je om de oren. Mocht het je interesseren, Early Retirement Now heeft er een hele serie blogjes over geschreven. Meer dan 25 delen met alles wat je ooit wilde weten over de Safe Withdrawal Rate. Maar ook The Simple Dollar heeft een erg toegankelijk verhaal geschreven, net als Get Rich Slowly. En dichter bij huis heeft Lekker Leven Met Minder er een paar maanden geleden ook een blogje aan gewijd. Genoeg leesvoer dus. Wat heb ik daar nog aan toe te voegen?

Allereerst is het belangrijk om te beseffen dat de hele discussie over de Safe Withdrawal Rate samenhangt met hoe het Amerikaanse pensioensysteem is opgebouwd. Daar is het vrijwel volledig individueel. Je legt zelf in op een 401(k) of andere fiscaal gunstige beleggingsrekening, en je werkgever levert daar al dan niet ook een bijdrage aan (al dan niet afhankelijk van jouw eigen bijdrage). Dat geld wordt belegd in aandelenfondsen en/of obligatiefondsen en/of spaarproducten volgens een verdeling die je zelf kunt bepalen.

Dat betekent dat het pensioen van de gemiddelde Amerikaan volledig betaald wordt uit het zelf opgebouwde vermogen. En daar wil je het natuurlijk wel mee volhouden tot je omvalt. Dan is het dus erg belangrijk om te bepalen hoeveel vermogen je jaarlijks op kunt nemen zonder op termijn in de problemen te komen. En dat is nog belangrijker als je ‘eerder’ stopt met werken (en met het opbouwen van vermogen).

Het Nederlandse systeem zit natuurlijk anders in elkaar. We hebben een pensioensysteem met meerdere pijlers. De overheid verzorgt een AOW-uitkering, bedoeld als basisinkomen om te kunnen rondkomen (sterkte als dat alles is wat je hebt). Voor de meeste Nederlanders komt het leeuwendeel van hun pensioen uit de tweede pijler, pensioenopbouw via de werkgever. En dan is er de derde pijler, min of meer fiscaal aantrekkelijke individuele verzekeringen, zoals lijfrenten, koopsommen en levensverzekeringen. Dit is de belangrijkste pensioen-optie voor zelfstandige ondernemers.

Dat betekent dat het gemiddelde Nederlandse inkomen na pensionering anders opgebouwd is. Deels een (steeds minder gegarandeerde) AOW en/of pensioenuitkering, en deels een inkomen uit vermogen in de derde pijler of eigen vermogen dat je buiten het pensioensysteem om bij elkaar gespaard en belegd hebt. En dan ga ik natuurlijk nog helemaal voorbij aan de mensen die een kleiner of groter deel van hun inkomsten na pensioen gaan halen uit passief inkomen zoals huuropbrengsten van vastgoed. Voor mijn eigen situatie heb ik eerder onderstaande schematische weergave gemaakt, die ik al vaker gebruikt heb op mijn blog.

Voor mijn persoonlijke situatie, en ook voor de persoonlijke situatie van alle andere Nederlanders die het merendeel van hun pensioen opbouwen in de ‘tweede pijler’, is de Safe Withdrawal Rate minder relevant. Mijn vermogen dient straks twee doelen. Allereerst het (volledig) overbruggen van de uitgavenkloof tussen het moment dat ik stop met werken en vermogen opbouwen, en het moment dat mijn pensioen met uitbetalen begint (volgens de huidige prognose 69 jaar en 6 maanden). Mijn huidige verwachting is dat mijn pensioen de kosten van levensonderhoud na pensionering (vrijwel) volledig kan dekken, afhankelijk van wat er de komende jaren nog met de inflatie en de indexeringen gebeurt. Als dat uitkomt, heb ik nog maar een zeer beperkte aanvulling van mijn inkomen uit mijn vermogen nodig. Ik ga er nu van uit dat de Safe Withdrawal Rate in die berekeningen geen rol van betekenis meer zal spelen. Dit ook omdat ik mijn geld aan niemand na hoef te laten. In de ideale situatie staat er na mijn overlijden € 0,00 op mijn bankrekening.

Interessant voorbeeld is in dit verband trouwens het Noorse staatspensioenfonds, dat gevoed wordt door de olie-inkomsten van het land. Origineel hanteerden zij een Withdrawal Rate van 4%, die zelfs is vastgelegd in de wet. Geen slecht idee, want je beschermt het fonds daarmee tegen politieke grillen en opportunisme. Maar vorig jaar werd er voorgesteld om de Withdrawal Rate aan te passen naar 3%. Zelfs de Noren worden dus wat voorzichtiger, in hun geval ook vooral omdat het einde van de olie-inkomsten de komende decennia wel in zicht lijkt te komen.

Maar goed, als je hele pensioen uit vermogen komt dan is het wel nuttig om over de Safe Withdrawal Rate na te denken. Als je geheel of gedeeltelijk een pensioenfonds hebt dan ligt het genuanceerder. Op de AOW ga ik trouwens niet alteveel meer rekenen. Die zal wel heel erg veranderd zijn tegen de tijd dat ik eraan toe ben. Al zal er waarschijnlijk wel een vangnet blijven, maar dan misschien alleen voor mensen die geen pensioen hebben opgebouwd.

Hoe denk jij over de Safe Withdrawal Rate?

Older posts

© 2018 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑