IKB of PAS?

Vakbondsmensen en werkgevers hebben soms een macabere vorm van humor. Zo kent heel Nederland de uitdrukking ‘ik pas’. Dat betekent meestal dat je uit het spel stapt of een beurt overslaat. Maar bij de Rijksoverheid betekent ‘ik pas’ iets heel anders. Ik heb binnen mijn afdeling verschillende mensen die wekelijks ‘passen’. PAS is een regeling voor Partiële Arbeidsparticipatie voor Senioren. Dat hebben werkgevers en vakbonden ooit zo verzonnen… Met de PAS-regeling verminder je het wekelijks te werken uren tegen inlevering van salaris en een deel van je verlofuren. Voor het deel dat je minder werkt, ben je met PAS-verlof. Je formele arbeidsduur blijft gelijk, en daarmee ook je pensioenopbouw.

Zoals wel vaker met nuttige en succesvolle overheidsregelingen gaat de PAS-regeling verdwijnen. Dat hebben de vakbonden en de werkgever zo verzonnen bij de meest recente CAO onderhandelingen waar we afgescheept zijn met een salarisverhoging die ver onder het inflatieniveau ligt.

Dus onlangs kreeg Geldnerd een dikke envelop met een lange en ingewikkelde papieren brief van de werkgever. Nu zijn mijn ervaringen met dat soort brieven niet onverdeeld positief. Maar deze viel me mee.

Er werd terecht geconstateerd dat Geldnerd vanwege zijn leeftijd onder het overgangsrecht voor de wijzigingen van de verlofregelingen valt. Ik mag dus kiezen. Wil ik onder de oude PAS-regeling blijven vallen? Of wil ik de IKB-optie? Want in de CAO zijn ook afspraken gemaakt over uitbreiding van de verlofmogelijkheden van het individueel keuzebudget, waarin een paar jaar geleden ons vakantiegeld en onze dertiende maand zijn opgegaan.

Uiteindelijk was het dilemma eenvoudig. Voor mensen in mijn leeftijdscategorie levert de (oude) PAS-optie in totaal méér verlofuren op dan de (nieuwe) IKB-optie. Maar pas vanaf het moment dat je deelneemt aan de PAS-regeling. En dat kan pas als je 58 jaar oud bent. En alleen als tot je pensioendatum bij de Rijksoverheid blijft werken profiteer je maximaal van de PAS-regeling.

Tsja. En de kans dat Geldnerd dat blijft doen is niet zo heel erg groot. Want iets met financiële onafhankelijkheid en zo. En misschien nog wel iets anders gaan doen buiten de Rijksoverheid. En eerder stoppen met werken. Ik heb dus belang bij geld en uren nu. Niet misschien over 7 of 8 jaar.

Voor mij is de keuze dus helder, ik ‘ga’ voor de nieuwe IKB-optie. Nog meer verlofuren om elk jaar op te maken!

Ben jij ook rijksambtenaar? En mag jij ook kiezen tussen IKB en PAS?

Geldnerd is overbodig

Geldnerd is niet meer nodig. Overbodig.

Nee, het gaat niet over mijn blog. Dat is waarschijnlijk ook overbodig, maar ik beschouw het toch eerst en vooral als mijn persoonlijke financiële dagboek. En zolang het nuttig is voor mijzelf, blijft het mooi staan.

Maar het gaat wel over mijn werk. Daar ben ik overbodig. Daar heb ik zelf voor gezorgd, en ik ben er blij mee.

In mijn huidige functie ben ik medio 2020 begonnen. Ik werd manager van een aantal mooie beleidsdossiers bij de overheid, met een mooi team mensen daaromheen. Er moest een hoop gebeuren, zowel op de dossiers als in de organisatie. Daar heb ik de afgelopen twee en een half jaar met veel plezier aan gewerkt. Ik heb veel kunnen brengen en ook veel nieuwe dingen geleerd. Het was een interessante kabinetsformatie en ook met het huidige kabinet en onze eigen minister maak ik elke week bijzondere dingen mee.

Maar in dat proces werd mijn afdeling ongeveer twee keer zo groot. Dertig medewerkers heeft mijn cluppie nu. En dat is veel. In onze organisatie vinden we een ‘span of control’ van vijftien medewerkers ‘gezond’. Nu gaat het niet alleen om de mensen, maar ook om de onderwerpen. Een team van vijftien mensen rond één thema is eenvoudiger dan een team van vijftien mensen rond drie ingewikkelde politieke thema’s. En ik heb dus dertig medewerkers. Rond vijf thema’s. Die best ingewikkeld zijn en weinig met elkaar te maken hebben. Dat vraagt het nodige van mij als manager.

Een jaar geleden ben ik dus maar eens gaan roepen dat mijn afdeling gesplitst zou moeten worden. Dat soort dingen gebeuren nooit zomaar. Dan moet er vergaderd worden en gereorganiseerd en met ondernemingsraden gesproken en zo. Dus in eerste instantie was het antwoord ‘nee’. Maar ik bleef gewoon roepen en mijn afdeling bleef groeien. Dus onlangs was het antwoord geen ‘nee’ meer.

Mijn afdeling worden er dus twee. Met twee managers. Waarvan ik er best een had kunnen zijn. Maar ik kies er zelf voor om dat niet te doen. Om een aantal redenen. Ten eerste heb ik mij ruim twee jaar geleden gecommitteerd aan het huidige team met de huidige mensen en taken. De gedachte dat ik hier een keuze in moet maken vind ik niet prettig. Ten tweede hebben we (zoals ik al schreef) de afgelopen jaren ook veel bereikt. Voor mij persoonlijk is de cirkel op deze plek dan ook wel rond.

En nu ben ik dus overbodig. En op zoek naar ‘iets anders’.

Dat klinkt allemaal dramatischer dan het is. Ik word niet ontslagen of zo. Ik heb gewoon mijn ambtelijke arbeidscontract. En ik werk voorlopig ook nog gewoon verder aan dezelfde dossiers met dezelfde mensen. Maar er is gelukkig al wel een tweede manager gevonden die ad-interim een deel van mijn afdeling en mijn dossiers overneemt. Ik heb dus iets meer tijd en ruimte om te zoeken naar een ander plekje. En daar neem ik rustig de tijd voor. Niet eindeloos, want er komt een moment dat er vaste nieuwe managers komen en dan ga ik in de weg lopen. Dat wil ik ook weer niet. Maar omdat ambtelijke molens meestal niet heel snel malen gaat dat echt nog wel even duren.

Ik houd jullie op de hoogte. Beloofd. En ik heb ook echt wel zin in iets nieuws.

Heb jij jezelf wel eens overbodig gemaakt?

Geldnerd en het sporthorloge

Bron: Apple

Geldnerd heeft al sinds hij een jaar of 8 was een horloge gedragen. Geen dure of exclusieve of luxe klokjes, al heeft hij wel een aantal jaren gedroomd van een leven als James Bond en een Omega SeaMaster. Die kon hij wel betalen, maar zoveel geld wilde hij destijds toch echt niet uitgeven aan een horloge….

In 2014 ben ik gestopt met het dragen van horloges. We woonden toen in het Verre Warme Land, en daar was tijd een relatief begrip. Je maakte een afspraak nooit weken of maanden van tevoren, zoals in punctueel (nou ja…) Nederland. En tijd was al helemaal een relatief begrip.

‘Wanneer kom je langs?’

‘Morgen denk ik.’

En als je dan de volgende dag om drie uur langskwam: ‘Oh, ik had je nog niet verwacht, maar kom binnen…’

Na terugkeer in Nederland ben ik eigenlijk nooit meer echt begonnen met het dragen van mijn horloge. Hij ligt (met een reeds lang lege batterij) in de kast. Als ik wilde weten hoe laat het was, dan keek ik op mijn telefoon. Of op één van de vele klokken waarmee wij onszelf in Nederland omringen. Want tijd is geld en zo.

En toen kwam Healthnerd. En die ging hardlopen. En toen kwam de hardlooptrainer van Healthnerd… En die begon te praten over intervalletjes, en intervaltrainingen, en over hoeveel minuten je over een kilometer moest doen in die intervalletjes. En over het belang van je hartslag. En je hartslagzones. En bij al die dingen wees hij op z’n horloge. Een geavanceerd broertje van het sportmonster dat Luxe Of Zuinig tegenwoordig aan de pols heeft hangen. En Healthnerd haalde ondertussen zijn statistiekjes uit de telefoon en uit zijn hartslagmetertje.

Nu houd ik mijzelf voor dat ik niet gevoelig ben voor marketing. Of in elk geval daar minder gevoelig voor ben dan veel sommige andere mensen. Maar ik ben wel gevoelig voor ‘peer pressure’. En ik ben ook een liefhebber van gadgets. Het Gadgets-potje in mijn administratie is één van de oudste potjes waar ik elke maand een bedrag in stort om dat speelgoed te kunnen betalen.

En dus begon het te knagen. En als je maar lang genoeg knaagt dan valt zelfs de dikste boom om…

Dus stilletjes ging ik kijken naar horloges. Rondvragen bij bevriende hardlopers. En kwam al snel uit op twee opties. Als ik echt voor een sporthorloge zou gaan dan werd het Garmin. Een merk dat ik al ken van het zeezeilen, en waar eigenlijk alle bezitters enthousiast over zijn. Of het zou dan toch een Apple Watch worden. Met mijn smartphone en tablet zit ik immers al diep verankerd in het Apple ecosysteem.

Mijn eisen waren vergelijkbaar met collega Luxe Of Zuinig, een degelijk en krasbestendig toestel dat het wel even uithoudt met een batterij (al ben ik niet iemand die ooit ’s nachts een horloge zal dragen). Liefst met veel opties voor sportstatistieken en compatibel met mijn favoriete hardloop-apps.

Nu heb je bij Garmin keuze uit heel veel modellen. Eenvoudiger modellen, maar ook heel geavanceerde modellen. Daar krijg ik altijd een beetje keuzestress van. Mijn neiging is dan al gauw om voor de uitgebreidere opties te gaan. Er zijn weinig dingen frustrerender dan over 6 maanden denken ‘zou dit apparaat ook kunnen….’, om vervolgens te ontdekken dat JOUW apparaat dat niet kan, maar de geavanceerdere versie die je niet gekocht hebt kan dat wel… Ik kwam dus al gauw uit bij de geavanceerdere modellen. Met dito prijskaartje. En ondertussen wachtte ik op de presentatie van de nieuwe telefoons en (zo was het gerucht) de nieuwe horloges van Apple. Want er zou een versie komen die speciaal gericht was op sporters. En ik werd niet teleurgesteld.

Beide horloges ben ik ook in de winkel gaan bekijken. Zowel het door mij gewenste Garmin model als de Apple Watch Ultra zijn ‘stevige klokjes’. Ook qua prijs ontliepen ze elkaar niet veel. Uiteindelijk heb ik voor een Apple Watch gekozen. Belangrijkste overweging was dat ik een Garmin echt alleen zou dragen tijdens het hardlopen. Met een Apple Watch is er een gerede kans dat ik die ook nuttig weet te maken buiten het sporten.

En nu ben ik dus bezig om langzaam maar zeker alle opties te ontdekken. En dat zijn er heel veel. De schermpjes in te stellen zodat ik tijdens het hardlopen de juiste statistiekjes zie. De koppelingen met Runkeeper en Spotify zijn gelegd, en ik hoef mijn telefoon dus ook niet meer mee te nemen tijdens hardlooprondjes, het horloge zorgt voor alles. En weer thuis staan de statistiekjes automatisch in mijn Apple Health en Runkeeper omgeving. Is het echt nodig? Nee. Is het leuk? Zeker! Op een van de eerste dagen stond ik met mijn nieuwe horloge bij het fornuis. Ik moest even een timertje zetten voor iets dat stond te koken. Dat deed ik snel even op mijn horloge. ‘Handig,’ was mijn eerste gedachte. ‘Erg dure kookwekker is die Apple Watch,’ dacht ik er meteen achteraan.

Hoe is het met jouw gadgethonger?

Mijn beleggingsportefeuille in 2022

Het is al bijna anderhalf jaar geleden sinds ik voor het laatst gekeken heb naar de samenstelling van mijn beleggingsportefeuille. Dat is ook niet zo gek. Stabiliteit, rust en saaiheid blijven de sleutelwoorden van mijn beleggingsstrategie. Bij Geldnerd geen snelle handel of riskante speculaties. Daar krijg je maar buikpijn van. En in veel gevallen een lager vermogen in plaats van een gestaag groeiend vermogen. En dat is natuurlijk niet de bedoeling. Maar ook dan is het tijd om de portefeuille weer eens onder het vergrootglas te leggen. Wat doe ik en waarom?

De opzet van mijn beleggingsportefeuille is geen exacte wetenschap, geen rocket science. Het gaat voor een groot deel op gevoel. Welke verhoudingen voelen goed en welke niet? De basis staat en blijft staan. Kopen en verkopen levert alleen maar onrust op, en de enigen die daaraan verdienen zijn de brokers en de partijen aan wie zij onze orders doorverkopen. Ik geloof niet in uitgebreide kwantitatieve analyses. Dat veronderstelt een ratio die de aandelenmarkten volgens mij niet bezitten. Geld inleggen en laten staan, zo lang mogelijk, met zo breed mogelijke spreiding en lage kosten, dat is mijn devies.

Zoals gebruikelijk bij blogjes over mijn beleggingen: Let op! Wat ik hierover schrijf is allemaal mijn eigen analyse en mening en gepruts met mijn eigen geld. Het is zeker geen advies. Lees ook mijn disclaimer.

Beleggingsstrategie

Geldnerd volgt al jarenlang een hele eenvoudige buy-and-hold strategie.

  • Elke maand, direct na ontvangst van mijn salaris, boek ik een vast bedrag over naar mijn beleggingsrekening. Toen ik hier in 2017 mee begon was dat € 1.000 per maand. Maar ik indexeer het voor inflatie en vanaf 1 januari aanstaande is het € 1.300 per maand.
  • Daarnaast betalen meerdere ETFs in mijn portefeuille elk kwartaal dividend. Die laat ik in contanten uitbetalen en komen ook binnen op mijn beleggingsrekening.
  • Zodra de maandelijkse overboeking is binnengekomen bij mijn broker leg ik één order in. Ik koop alleen het fonds dat volgens mijn spreadsheet bijgekocht moet worden om dichter bij de gewenste balans in de portefeuille te komen. Hiervoor gebruik ik het maximale beschikbare saldo op mijn beleggingsrekening: het restsaldo van voorgaande maand, de maandelijks overboeking, en eventuele dividendinkomsten die in de afgelopen maand gestort zijn.
  • Ik ga niet ’timen’. Niet afwachten of de beurs morgen misschien lager staat. Niet een heel scherpe limiet instellen om het aandeel misschien net een halve cent goedkoper in te kopen. Kopen en wegwezen, en er verder niet meer naar omkijken. Soms zit het mee, soms tegen, en op de langere termijn middelt het zichzelf uit.
  • Buy-and-hold betekent kopen en vasthouden. Ik verkoop dus zelden een fonds uit mijn portefeuille, en boek al zeker geen geld terug van mijn beleggingsrekening naar mijn lopende bankrekening. Eigenlijk verkoop ik alleen als ik een fonds uit mijn portefeuille verwijder na de (ongeveer) jaarlijkse evaluatie van mijn portefeuille, dat geld steek ik dan in één van de andere fondsen in mijn portefeuille.
  • Mijn beleggingsportefeuille bestaat volledig uit Exchange Traded Funds (ETFs). Dagelijks verhandelbaar op de aandelenmarkten. Lage kosten, en ze volgen allemaal een index, of bestrijken een markt die ik graag in mijn portefeuille heb. Hiermee is mijn portefeuille grotendeels een afspiegeling van de wereldwijde aandelenmarkten. En dat vind ik fijn.

Dit jaar heb ik mijn eigen beleggingsstrategie niet helemaal gevolgd. Ik schreef al dat ik nadacht of het niet toch nog eenvoudiger kon. Om die reden heb ik eigenlijk in 2022 maandelijks vooral VWRL bijgekocht. Behalve in september, toen ik een eenmalige meevaller had. Die meevaller en de maandinleg heb ik in een dividend-ETF gestoken, TDIV.

Hoe zag het er vorig jaar uit?

Ik onderscheid nog steeds drie categorieën in mijn portefeuille: Obligaties, Dividend en Vermogensopbouw. En ik merk afgelopen jaar toch ook wel enige onrust in mijn hoofd over mijn beleggingen. Dat heeft niets te maken met de dalende beurzen. Maar meer met de vraag of mijn strategie toch niet nog simpeler kan en moet.

Vorig jaar kwam ik uit op een gewenste verdeling zoals onderstaand.

verdeling beleggingen in procenten per categorie en per fonds

Daarbij gaf ik al aan dat ik twijfelde over de rol van obligaties in mijn portefeuille. Die twijfel is er niet meer. Met mijn huidige vermogensopbouw, waarbij een substantieel deel van mijn vermogen in het huis zit, vind ik obligaties overbodig. Daarbij reken ik alleen mijn eigen ingebrachte geld en afgeloste hypotheek mee. De overwaarde, in ons geval het verschil tussen de huidige WOZ-waarde en de aanschafwaarde, laat ik buiten beschouwing. Helaas is mijn obligatie-ETF DBZB het afgelopen jaar heel sterk in waarde gedaald. Ik houd deze gewoon dus nog even vast in de (ijdele?) hoop dat de koers zich enigszins herstelt. Afgelopen maand las ik op veel plekken dat 2022 het slechtste jaar ooit is voor obligaties. DBZB is op dit moment nog maar ongeveer 5% van mijn portefeuille.

Dividend

Momenteel heb ik drie specifieke dividend-ETFs in mijn portefeuille. Eerder dit jaar heb ik mijn laatste ‘Amerikaanse’ ETF DVY verkocht en vervangen door de iShares STOXX Global Select Dividend 100 UCITS ETF (ISPA). Dat levert onderstaand plaatje op.

ETFTickerPay
(1)
Kosten
/ jaar
Dividend
12M
Spreiding
(2)
ReplicatieM*Just
VanEck Morningstar Dev Mkts Div Ldrs ETFTDIVQK0,38%4,42%100Full**
Vanguard FTSE All-World High Dividend Yield ETFVHYLQ0,29%4,01%1.781Sampling**
iShares STOXX Global Select Dividend 100 UCITS ETFISPAQ0,46%4,66%100Full**
  1. Q = betaalt elk kwartaal dividend uit. K = dividend naar keuze in contanten of aandelen (ik kies altijd contanten).
  2. Aantal aandelenposities.

Momenteel zie ik geen aanleiding om hier iets te veranderen. Ik vind het jammer dat VHYL geen volledige fysieke replicatie heeft, ISPA en TDIV hebben dat wel. Daar staat tegenover dat VHYL met 1.781 fondsen een veel bredere spreiding heeft dan ISPA en TDIV (met elk 100).

Vermogensopbouw

In de categorie Vermogensopbouw heb ik nog steeds drie fondsen zitten. Allereerst het alom bekende VWRL, de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF. In de categorie kleinere bedrijven heb ik IUSN, de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF. En in de categorie ‘sectoren waarvan ik verwacht dat ze de komende jaren harder zullen stijgen dan de rest van de markt’ heb ik nog steeds de L&G ROBO Global Robotics and Automation UCITS ETF (ROBO), een ETF die de ROBO Robotica en Automatiseringsindex volgt.

ETFTickerKosten
/ jaar
Spreiding
(1)
ReplicatieM*Just
Vanguard FTSE All-World UCITS ETFVWRL0,22%3.550Sampling**
iShares MSCI World Small Cap UCITS ETFIUSN0,35%3.325Sampling**
L&G ROBO Global Robotics and Automation UCITS ETFROBO0,80%84Full**
  1. Aantal aandelenposities

Ook hier zie ik niet echt een reden om iets te veranderen. ROBO is het meest beweeglijke fonds, naar boven maar (helaas) ook naar beneden. Maar dat noem ik dan ook mijn ‘speculatieve’ belegging. Dus dan mag dat. Ik heb al lang niets meer ingelegd in dit fonds.

Aanpassingen in mijn portefeuille

Vanaf heden neem ik obligaties dus voorlopig niet meer op in mijn beleggingsportefeuille. DBZB zal ik op enig moment verkopen. De opbrengst daarvan wordt in een van de andere ETFs gestoken. Ik wacht hier nog wel even mee.

Verder hanteer ik vanaf heden een verdeling van 70% vermogensopbouw, en 30% dividend. Binnen die categorieën zie je in onderstaand schema naar welk percentage van welke ETF ik streef.

Kosten transacties en beheer

Gratis bestaat niet. Dat denk ik iedere keer als ik weer een broker zie beweren dat je via hen gratis kunt handelen. Ik zit met mijn beleggingen bij Alex (overname) Binck (overname) Saxo Bank. Daar heb ik al veel over geschreven. Mijn beleggingsspreadsheet houdt voor mij bij wat de kosten zijn. Als percentage van mijn beleggingsportefeuille vind ik dat nog steeds erg weinig, al zou de service van Saxo echt wel wat beter mogen zijn om dit te rechtvaardigen…

Indicator2019202020212022*
Total Expense Ratio (TER) volgens Morningstar0,26%0,21%0,21%0,19%
Kosten Broker (percentage portefeuillewaarde op 31-12)0,24%0,17%0,16%0,14%
– waarvan Servicefee Broker44%61%74%81%
– waarvan Transactiekosten56%39%26%19%

* tot oktober 2022

Brokerkeuze

Als ik nu zou beginnen met beleggen dan koos ik voor Interactive Brokers. Alhoewel ik inmiddels weet dat hun platform heel uitgebreide mogelijkheden heeft, maar daarmee ook niet altijd even eenvoudig is in het gebruik. Zeker niet voor een simpele ‘ik doe één transactie in de maand’ belegger als Geldnerd. Maar ik heb een uitgebreide portefeuille. Voorlopig blijf ik dus nog maar even bij Saxo.

Kijk jij wel eens naar jouw beleggingen?

De negen levens van Hondje

Aan het begin van de zomer ging het niet best met Hondje. Hij kwam nauwelijks meer vooruit, zakte regelmatig door zijn pootjes, en we hielden serieus rekening met het scenario dat we hem los zouden moeten laten. De pijnstillers voor zijn artrose werkten nauwelijks meer. Maar de dierenarts probeerde een ander medicijn, Hondje kreeg kunstnagels, en hij leefde weer helemaal op. Helemaal de oude (jonge) zal hij niet meer worden, maar hij scharrelt weer vrolijk mee met de uitlaatservice en klimt zelfs weer zelfstandig de trap op. Iets wat we net voor de zomer niet voor mogelijk hielden!

Wij hopen nog steeds dat hij ook echt honderd jaar mag worden, maar dat is natuurlijk een illusie. Veertien jaar en een aantal maanden is hij inmiddels. En elke maand die er bij komt is meegenomen. Soms lijkt hij wel een kat met de spreekwoordelijke negen levens. We genieten dus elke dag met volle teugen van het zoveelste leven waar Hondje nu net aan begonnen is.

Duur Hondje, dure dierenarts

Duur Hondje, schreef ik al eens nadat hij ons honderden meer dan duizend euro’s had gekost in een week tijd, om uit te vinden wat hem nu precies mankeerde. En dat is sindsdien alleen maar duurder geworden. De afgelopen jaren is er namelijk heel veel veranderd in dierenartsenland. ik las er afgelopen zomer een aantal artikelen over in het FD. Heel veel dierenartsenpraktijken zijn overgenomen door enkele grote (Zweedse) ketens, AniCura en Evidensia. En vlak nadat ik dat gelezen had viel het me ook op bij de website van ‘onze’ eigen dierenarts. Ook die bleek een tijdje geleden stilletjes overgenomen door Evidensia.

Nu heeft dat niet alleen maar nadelen. Er is makkelijker toegang tot zorg in de avond en in het weekend. En in Geldnerd City zit inmiddels ook een uitgebreide kliniek van Evidensia, waar Hondje twee jaar geleden ook al onderzocht is. Daar hebben ze apparatuur die niet elke dierenartsenpraktijk zich kan veroorloven.

Maar dat heeft wel een prijs. Tarieven van dierenartsen zijn niet gereguleerd. Die kan een bedrijf dus zelf vaststellen. Met opslagen voor de avond en het weekend. Om over de kosten van verdergaande onderzoeken en operaties nog maar te zwijgen. En dat is weer iets wat niet elk baasje zich kan veroorloven. Terwijl ik heel goed besef dat ook baasjes met minder geld minstens net zoveel van hun huisdier houden als Geldnerd van zijn Hondje.

Op de website van het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren (LICG) lees ik dat er in Nederland meer dan 30 miljoen huisdieren zijn. Blijkbaar geven wij baasjes jaarlijks ongeveer € 2,0 miljard uit aan verzorging en genezing. Dat is heel veel geld. En in heel veel huishoudens, ook bij Geldnerd, is het huisdier ook echt onderdeel van het gezin. Er valt dus goed geld te verdienen in deze markt.

De kosten van Hondje

Ik ben benieuwd of ik dat ook terug zie in onze eigen uitgaven. Elk jaar kijk ik namelijk even hoe de kosten van Hondje zich ontwikkelen. Vorig jaar deed ik dat ook. Want hij is in z’n eentje toch goed voor ongeveer 10% van onze jaarlijkse huishoudbegroting. Dat is niet niks.

Een paar verschuivingen hebben er sowieso plaatsgevonden. We zijn met de uitlaatservice terug gegaan van vijf dagen per week naar drie dagen per week. Dit om ons Hondje meer rust te gunnen tussen de wandelingen, zowel het wandelen als het ‘groepsproces’ in de roedel kosten hem veel energie. Dat trekt hij niet meer op z’n oude dag. Maar een deel van die besparing besteden we nu elke maand bij de dierenarts, aan de injectie met het medicijn wat hem nog even kwiek en levendig houdt.

Ik heb overigens nog even teruggekeken in de bestelhistorie bij onze online dierenwinkel. Daar zie ik dat een zak voer en zijn favoriete kauwstokjes de afgelopen jaren niet duurder zijn geworden. Minder dan 1 procent erbij in de afgelopen vier jaar, dat valt me alleszins mee. Ook de hoeveelheid is niet veranderd, er is dus geen sprake van krimpflatie. Overigens houden we (of eigenlijk: Geldnerd) sinds de laatste medische episode ook een eetdagboekje bij van Hondje. Daarin zie ik dat hij gemiddeld genomen maar de helft van zijn bakje voer opeet. Terwijl daar toch echt de dagelijks aanbevolen hoeveelheid voor een Hondje van zijn leeftijd en gewicht in gaat.

Verder heb ik mijn administratie er maar eens bij gepakt om te kijken hoe onze uitgaven aan ons favoriete mormel zich het afgelopen jaar ontwikkeld hebben…. Dat is makkelijker geworden, omdat Hondje een eigen groep rekeningen heeft in onze gezamenlijke administratie.

Ontwikkeling maandelijkse uitgaven

In onderstaande grafiek zie je de uitgaven per maand per jaar aan ons Hondje. Gemiddeld is dit € 390 per maand, dat is € 10 per maand meer dan vorig jaar.

Uitsplitsing van kosten

Natuurlijk ook weer de procentuele verdeling van de kosten sinds 2016. Hier vinden nauwelijks verschuivingen meer in plaats. Uitlaatservice en dierenarts vormen samen ongeveer 80% van de uitgaven.

Wat je in de verdeling per categorie ziet is dat de normale uitgaven voor Hondje vrij constant zijn. Voer, snacks, belastingen, het varieert niet echt van jaar tot jaar. Zelfs de dierenarts is vrij constant, behoudens bijzondere episodes zoals in 2020 en als je in ogenschouw neemt dat Hondje de afgelopen 6 jaar elke paar jaar een gebitssanering nodig had. Zonder de uitlaatservice kost ons Hondje gemiddeld ongeveer € 1.750 per jaar. Maar we gunnen hem die uitlaatservice nog steeds, het houdt hem fitter, vitaler en gelukkiger.

Uitgaven 2022 tot en met september

Hij blijft natuurlijk nog steeds een duur Hondje, maar we zouden hem ook voor geen goud willen missen. We zijn blij dat hij er nog is en hopen dat hij nog lange tijd bij ons mag blijven!

Ben jij ook zo dol op jouw huisdier?

Stookseizoen 2022 – 2023 begonnen…

  • Berichtcategorie:Wonen

Met een zucht heb ik afgelopen zaterdag op de knop gedrukt. In mijn portefeuille begon mijn bankpas gepijnigd te kermen terwijl hij gestaag wordt leeggezogen… Je raadt het al. In Huize Geldnerd is de verwarming aangezet, voor wat zeer waarschijnlijk het duurste stookseizoen ooit wordt.

We hebben ons maximaal verzet en deze start zo lang mogelijk uitgesteld. Deuren zorgvuldig dichtgehouden. Warme(re) truien en sokken aangeschaft en gebruikt, op 16 september trok ik voor het eerst sinds dit voorjaar weer een trui aan. Maar nu is de winter aller winters toch begonnen en stroomt het aardgas als vloeibaar goud door de gestaag ronddraaiende gasmeter ons huis binnen.

De start ging dit jaar in stapjes. Op 29 september ‘s ochtends was het in de werkkamer van Vriendin 15,8 graden, en bij Geldnerd 16,8 graden. Die twee kamers hebben we toen even een half uurtje ‘opgestookt’. De woonkamer wilden we op dat moment niet opstoken, onze aannemer stond op het punt om te beginnen met de vervanging van de kozijnen aldaar. Maar dal telt niet als ‘echte’ start, vind ik. De echte start is het moment dat de software de besturing overneemt, niet een moment waarop we even een half uurtje de kou uit een kamer stoken. Dit patroon, af en toe de werkkamers een uurtje opstoken maar de rest niet, hebben we dus nog best wel even volgehouden.

Huize Geldnerd en verwarming

Nog even over dat huis. Huize Geldnerd is de onderste helft van een herenhuis uit 1906. 160 m2 verdeeld over twee etages. Ons huis heeft houten vloeren en redelijk dikke buitenmuren, maar geen spouwmuur. Daar deden ze in 1906 nog niet aan. De raampartijen hebben wel dubbel glas, maar dat is erg oud. Zo oud dat ik nergens in de randen een productiedatum heb kunnen vinden. En omdat de levensduur van dubbel glas gemiddeld tussen de twintig en dertig jaar ligt, ga ik er maar van uit dat ons dubbele glas aan vervanging toe is.

We hebben een gasgestookte combiketel voor verwarming en warm water, een Remeha Tzerra Plus. Die is geplaatst in 2016 bij de renovatie van de woning. En zou dus nog wel even mee moeten kunnen. Onze gemeente heeft nog geen duidelijkheid gegeven hoe en wanneer onze wijk ‘van het gas’ af moet. En ook mijn ‘verwarmingsmannetje’ geeft aan dat voor onze woning de huidige warmtepompen niet echt een oplossing zijn. Liefst wacht ik dus nog even met overhaaste verduurzamingsinvesteringen.

We richten ons dus op het optimaliseren van onze huidige situatie. Afgelopen jaar hebben we een slimme thermostaat geïnstalleerd. Dat leverde ons afgelopen seizoen wel extra comfort op, maar geen besparing in het verbruik. En vorige maand zijn, met een jaar vertraging, eindelijk onze nieuwe kozijnen met HR++ glas en extra geluidsisolatie geplaatst aan de voorzijde van ons huis. Die ligt pal op het westen en aan een redelijk drukke straat, dus zowel van de HR++ als de geluidsisolatie verwachten we wel meer comfort. De oude kozijnen waren ook ‘op’ en deels rot en kierden aan alle kanten.

Ons vorige stookseizoen begon stipt op 1 oktober, en hebben we de verwarming op 12 april van dit jaar in de zomerstand gezet. Met de huidige start zijn we twee weken later later begonnen dan vorig jaar. Geldsnor rekende eerder uit dat de verwarming gemiddeld op 3 oktober aan ging. Zelf heb ik alleen van het vorige stookseizoen de data opgeschreven. We zullen zien wanneer de verwarming weer uit gaat. Dat kan me niet snel genoeg gebeuren eigenlijk.

Maatregelen

Met de dreiging van een mogelijke vervijfvoudiging van onze energierekening in het achterhoofd hebben Geldnerd en Vriendin wel aanvullende maatregelen genomen om ons gasverbruik terug te dringen, naast de al genoemde nieuwe kozijnen en ramen aan de voorzijde. Allereerst natuurlijk door het aanzetten van de verwarming zo lang mogelijk uit te stellen.

Maar we hebben ook radiatorfolie aangebracht op verwarmingsradiatoren die aan een buitenmuur bevestigd zijn in de woonkamer en in onze werkkamers. Gewoon heel simpel dunne folie met magneetjes, dus geen lelijke dikke noppenfolie op de muur. Totale investering hiervoor was minder dan € 50 voor 5 radiatoren (totale lengte ongeveer 7 meter). Met de huidige gasprijzen zouden we dat snel terug moeten verdienen.

In september heeft de ketel ook z’n jaarlijkse schoonmaakbeurt gehad. Schoner branden is zuiniger branden, dat wordt nu natuurlijk belangrijker. In overleg met mijn verwarmingsmannetje hebben we toen ook de temperatuur van de CV lager ingesteld. Die stond boven de 80 graden, en nu op 65 graden. Dat betekent dat we iets langzamer opwarmen, maar zou netto ook nog een besparing op moeten leveren zonder al teveel comfort in te leveren.

Verder hebben we de instellingen van de slimme thermostaat verder versoberd. De automatische voorverwarming (‘vroege start’) hebben we uitgeschakeld. Die functie is namelijk niet slim. Ik laat de verwarming nu gewoon een half uur voordat we de ruimte warm willen hebben starten. Ik hoop wel dat Tado die functie gaat verbeteren, het zou fijn zijn als het systeem weet hoe lang het duurt om een bepaalde temperatuur in een ruimte te realiseren en daar zelf het startmoment op aanpast. We hebben ook nog eens kritisch gekeken naar de tijdsvensters voor het verwarmen van ruimtes.

De woonkamer koelde afgelopen jaar ’s nachts vrij sterk af, vooral aan de voorzijde. Ik hoop dat de onlangs geplaatste nieuwe kozijnen en het HR++ glas hier gaan helpen. Op werkdagen zijn we daar rond 06.30 uur voor het ontbijt. Ik laat de verwarming daar nu om 06.00 uur starten en opwarmen tot 19 graden, en om 07.00 gaat die weer naar de ‘niet-actief temperatuur’ van 15 graden. Afgelopen jaar verwarmden we de woonkamer ook van 12.00 – 13.00 uur voor de lunch, maar die luxe hebben we afgeschaft. Wel gaat de verwarming weer aan om 17.30 uur en verwarmt dan tot 19,5 graden. Om 21.30 uur gaat de temperatuur terug naar 18 graden, en om 22.30 uur naar de ‘niet-actief temperatuur’ van 15 graden.

De badkamer verwarmt op werkdagen ’s ochtends van 06.30 – 07.30 uur tot 19,5 graden. We hebben gemerkt dat die verder eigenlijk de hele dag warm genoeg blijft, daar stoken we dus niet bij.

De werkkamer van Vriendin start op werkdagen om 07.00 uur en warmt dan op naar 19 graden. Mijn werkkamer begint een half uurtje later. Beide gaan dan door tot 17.30 uur, en schakelen dan terug naar een verlaagde ‘niet-actief temperatuur’ van 13 graden. Als een van ons beiden gedurende de werkweek naar kantoor gaat schakelen we de verwarming handmatig uit voor die dag. Dat kan met de app zelfs buiten de deur, de app waarschuwt zelfs met de vraag of we misschien het huis in de ‘Away-mode’ willen zetten zodra we verder dan 500 meter van huis zijn.

In ons lange weekend (vrijdag tot en met zondag) hanteren we een ander schema voor de woonkamer en de badkamer. De badkamer warmt dan op tussen 09.00 en 10.00 uur. De woonkamer heeft eerst een uurtje op 18 graden, dat begint op vrijdag om 07.30 uur, op zaterdag om 08.00 uur, en op zondag om 09.00 uur. Daarna gaat de woonkamer naar de ‘normale’ comforttemperatuur van 19 graden. Het schema aan het einde van de dag is hetzelfde als op werkdagen. Eerst om 21.30 uur terug naar 18 graden, en om 22.30 uur naar de ‘niet-actief temperatuur’ van 15 graden. Op vrijdag, zaterdag en zondag blijven de werkkamers de hele dag op de ‘niet-actief temperatuur’. Als we dan iets willen doen (administratie bijwerken, blogjes schrijven, studeren), dan gaan we gewoon in de woonkamer zitten. Of we starten de werkkamer handmatig op.

Alle andere ruimtes in ons huis worden niet actief verwarmd. We hebben daar geen slimme thermostaatkranen geïnstalleerd, de bestaande kranen staan op ‘vorstvrij’, het bekende sterretje *.

En nog een kleine investering annex toekomstige besparing: we hebben een voorraad oplaadbare batterijen gekocht. Als er nu batterijen vervangen moeten worden in onze slimme thermostaatkranen, dan worden dat oplaadbare batterijen. Scheelt ook weer iets in de verduurzaming.

Met de radiatorfolie, het verlagen van de CV-temperatuur, en het versoberen van het verwarmingsregime hebben we best wel uitgebreide maatregelen genomen om ons gasverbruik te beperken. Misschien kunnen we nog iets met een gordijn in de gang, om tocht bij de voordeur aan te pakken. En gordijnen in de woonkamer. Die hebben we namelijk niet. Iets met minimalisme en zo. En ook radiatorventilatie zou nog een optie kunnen zijn.

Stoken maar….

In onderstaande grafiek zie je ons verbruik van kubieke meters aardgas over de afgelopen jaren. Ik reken daarvoor in ‘stookjaren’. Het ‘stookjaar 2021-2022’ besloeg het derde en vierde kwartaal van 2021 en het eerste en tweede kwartaal van 2022, waarbij het zwaartepunt van het verbruik uiteraard ligt in het vierde kwartaal en het eerste kwartaal, het ‘stookseizoen’. Daarbuiten gebruiken we alleen aardgas voor het warme water en het fornuis. Doelstelling voor dit stookseizoen, onder voorbehoud van de winter, is wat ons betreft maximaal 800 m3. We zullen zien wat het wordt… De meterstand van de gasmeter bij de start van dit stookseizoen was 36 m3.

Ben jij al begonnen aan jouw stookseizoen?

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden