Boven onze stand leven

Het is een bericht waar ik toch wel elk jaar naar uitkijk, de jaarlijkse rapportage van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over het vermogen van de doorsnee Nederlander. Eerder deze week was het weer zover. En omdat ik toch op de bank lag bij te komen van mijn operatie, ben ik maar eens op mijn gemak gaan lezen. Dat moest ook wel kalm aan, want door de naweeën van de narcose heb ik momenteel het concentratievermogen van een goudvis…

Gluren bij de buren…

Altijd eerst even kijken wat de media er van maken. Het vermogen van de doorsnee Nederlandse huishoudens bedroeg vorig jaar € 38.400, een stijging van maar liefst € 10.000 ten opzichte van een jaar eerder, meldde nu.nl met als kop dat ‘we’ opnieuw rijker zijn geworden door de prijsstijging van de eigen woning. Dan begin ik al te gniffelen. Verder vermeldt het artikel wat statistiekjes uit het persbericht, zoals hoeveel de rijkste en de armste 10 procent van de Nederlanders bezitten of schuldig zijn. RTL Nieuws ging op de PvdA toer en benadrukt dat de ‘ongelijkheid’ iets minder zou zijn geworden. Ik zoek nog naar een goede definitie van ongelijkheid. Het Algemeen Dagblad (AD) maakte het nog wat bonter. Onder het motto ‘gluren is leuker’ hebben ze een interactieve kaart waar je jezelf / je gemeente kunt vergelijken met ‘de anderen’. Dat is blijkbaar het enige nieuwswaardige element.

Het AD besteedde dan wel weer meer aandacht aan de Middellangetermijnverkenning 2022 – 2025 van het Centraal Planbureau (CPB). Dat instituut zegt vaak verstandige dingen. Zij voorspellen dat de economische groei in de volgende kabinetsperiode terugvalt naar 1,1% per jaar. En ze gaan zelfs zo ver dat ze verwachten dat de koopkracht (je weet wel, dat cijfer dat rond Prinsjesdag altijd voor paniek zorgt) tussen 2022 en 2025 helemaal niet groeit. De reden: de vergrijzing. Het is blijkbaar voor het eerst dat de bevolking in de leeftijdscategorie van 15 tot 75 jaar afneemt en dat gegeven zal het economisch beeld voor de jaren 2022-2025 nadrukkelijk gaan bepalen. Dit gaat groei en koopkracht kosten, verwacht het planbureau. Ik moet me toch weer eens wat beter inlezen op de bredere economische gevolgen, bijvoorbeeld als al die babyboomers hun huizen en aandelen gaan verkopen. Gelukkig bouwen we in Nederland geen geschikte andere woningen…

Maar goed, deze blog ging over het vermogen. Over die verkenning van het CPB heb ik het misschien nog wel eens een andere keer. Meestal als ik de mediapraatjes heb gelezen ga ik zelf maar eens grasduinen in het onderliggende persbericht en rapport.

Definities

Met ‘doorsnee’ bedoelt het CBS het mediane vermogen. Dat is het midden van de gegevensverzameling, de helft van de huishoudens heeft meer vermogen en de andere helft heeft minder vermogen. Dat is iets anders dan het gemiddelde. Vermogen definiëren ze als het saldo van bezittingen en schulden, vergelijkbaar met wat in mijn spreadsheets mijn Eigen Vermogen is.

Twee dingen zijn er verder nog om in de gaten te houden. Bij het vaststellen van de fiscale hypotheekschuld kan het CBS de opgebouwde tegoeden bij spaar- en beleggingshypotheken niet meenemen, blijkbaar hebben ze daar geen toegang toe. Ook worden pensioenaanspraken en andere aanspraken van sociale zekerheid niet tot het vermogen gerekend, omdat deze collectief worden geregeld en niet op persoonsniveau toerekenbaar zijn, of overdraagbaar van persoon op persoon. Zie daar de reden waarom die Amerikaanse bloggers allemaal zo’n hoog vermogen hebben, en wij niet (maar wel een pensioen krijgen).

De doorsnee Nederlander wordt juist armer…

Wat ik interessant vind, is de invloed van een eigen woning op het vermogen. De toename van het doorsnee vermogen komt vooral doordat woningen in waarde bleven stijgen. Wanneer de eigen woning buiten beschouwing blijft, was het vermogen met € 14.600 iets hoger dan in 2017 en iets lager dan de piek in 2010. Ze hebben daar ook een mooie grafiek van gemaakt.

Bron: CBS

Wat me daarbij opvalt, is dat het vermogen zonder de eigen woning sinds 2006 nauwelijks van z’n plek is gekomen. In 2006 was het € 13.800, in 2018 was het € 14.600. Een stijging van € 800 oftewel 5,8%. De inflatie in deze periode bedroeg in totaal ruim 20%. Dat betekent dat we in termen van koopkracht minder vermogen hebben dan in 2006. We worden armer. We leven boven onze stand. Geen verrassing, maar altijd wel confronterend om dat in de cijfers terug te zien.

In welke vermogenscategorie val jij?

Aanvulling: kersverse blogger Uitklokken heeft ook wat rekenwerk gedaan, bij hem kun je nu zelf zien in welke vermogenscategorie jij valt. En ook De Budgetman heeft hier zaterdag 23 november over geschreven.

Derde kwartaal 2019

Sommige mensen schrijven maandelijks over de voortgang van hun financiën. Dat vind ik een té korte termijn. Ik heb zelfs elke keer als ik terugkijk op het kwartaal het gevoel dat de tijd voorbij vliegt, alsof het gisteren was dat ik zat te werken aan mijn update over het tweede kwartaal. Maar dat is niet zo, en we zitten inmiddels echt in de laatste drie maanden van 2019. Op mijn werk is de begroting 2020 al vrijwel klaar en zelfs de voorbereidingen voor 2021 zijn al begonnen. Kortom, tijd voor een terugblik op het derde kwartaal van 2019.

Aandelenmarkten

De beurzen deden ‘vreemd’ dit kwartaal. Even leek het erop dat de oude beursmythe ‘Sell in May and go away…’ uit zou komen. Eind juli nam de S&P500 een duik van zo’n 6%. In dezelfde periode duikelde de Nederlandse AEX-index met een vergelijkbaar percentage. Daarna kwam het toch nog ‘goed’, en aan het einde van het kwartaal stond alles weer op of in de buurt van recordstanden. De oorzaak van de dip was wederom het Twittergedrag van de Amerikaanse opperwortel, eh…. President Trump en zijn dreigementen in de handelsdiscussies met China. Daar worden de financiële markten toch elke keer weer zenuwachtig van.

S&P500 2Y, bron finance.yahoo.com

De EUR/USD wisselkoers is dit kwartaal verder weggezakt, en tegen het einde van het kwartaal zelfs onder de € 1,10 gedoken. Op zichzelf is dat gunstig voor mij. Ik koop eigenlijk geen dollarfondsen meer sinds de MIFID-regelgeving de Amerikaanse ETFs ontoegankelijk verklaard heeft. Maar ik heb nog wel fondsen uit die periode in mijn portefeuille, die hun dividend in Amerikaanse dollars uitkeren. En die kan ik dus nu voordelig omwisselen, ik ontvang meer euro’s voor die dollars.

Mijn portefeuille

Mijn eigen portefeuille volgt gewoon de marktbewegingen. Dat is niet verwonderlijk, ik beleg vooral in breed gespreide indextrackers. Gedurende het derde kwartaal heb ik wel wat opgeruimd, en een paar fondsen verkocht. Het geld dat daarmee vrijkwam heb ik meteen geïnvesteerd in VWRL, de Vanguard FTSE All-World Index ETF. Deze breed gespreide ETF vormt het hoofdbestanddeel van mijn beleggingsportefeuille.

De ROI YTD is 19,4% (Q2:14,9%) en de 12-maands XIRR is 6,7% (Q2: 6,3%). Daar ben ik erg tevreden mee. Mooie rendementen die de markt volgen, en geen stress en drukte of ik wel de juiste aandelen kies. Mijn beleggingsaanpak kost mij maar een paar minuten per maand. Echt iets voor een ‘luie ambtenaar’. Het gat tussen mijn totale inleg en de actuele waarde van mijn portefeuille is iets gestegen, dat is nu 43,4% (versus 40,3% Q2 en 43,5% Q1 2019).

Dividend

In het derde kwartaal van dit jaar ontving ik € 511,28 aan dividend. In het tweede kwartaal was dat € 508,57, en in het eerste kwartaal van 2019 € 231,17. In het derde kwartaal van 2018 was het € 220,65, dus op een jaar is dat een stijging van 130%. Aan het einde van het derde kwartaal stond er nog € 246,82 aan dividend aangekondigd, maar die wordt pas in het laatste kwartaal uitbetaald en mag ik dus van mijzelf (zoals gebruikelijk) nog niet meetellen.

Spaarpercentage

Mijn spaarpercentage voor het derde kwartaal is 64,5%, en YTD is ‘ie 60,5%. Mijn doelstelling voor het hele jaar is minimaal 41,0%, zoals ik al meldde aan het einde van het eerste kwartaal. Mooi voor op schema, dus. Het derde kwartaal had als meevaller de opbrengst van de verkoop van verlofuren. Maar het zegt eigenlijk niets, want komend kwartaal gaat er een hele grote rekening komen…

Eigen Vermogen

Sinds dit jaar neem ik ook mijn eigen vermogen, de netto waarde, mee in de rapportage. In het derde kwartaal zijn het vooral mijn spaarpercentage en de beleggingsopbrengsten die voor groei zorgen. Het zegt overigens weinig, ik verwacht een daling in het vierde kwartaal vanwege mijn kaakoperatie. Maar in het derde kwartaal groeide mijn eigen vermogen toch mooi met 6,7%. Voor 2019 tot op heden is mijn eigen vermogen gegroeid met 40%.

Beste Uitgaven

Het is bijna niet te geloven, maar Vriendin en ik hebben een barbecue gekocht. Zij heeft daar warme jeugdherinneringen aan. Ik niet, mijn vader vond (vindt) barbecues ‘openbare vleesverbrandingen’. En dat beeld krijg je dus mee als kind. Inmiddels vind ik het wel heel leuk, we hebben deze zomer verschillende keren gebruik gemaakt van deze buitenkeuken. Daarnaast ben ik in augustus nog een weekje gaan zeilen, dat is iets waar ik ook met plezier geld aan uitgeef!

Hoe was jouw derde kwartaal?

Eretitel

Een paar maanden geleden was ik nog een amateur met een lelijke WordPress-installatie, vandaag word ik ‘de Nederlandse Mr. Money Moustache’ genoemd <bloos>. Kortom: Klöpping en Pfauth hebben een mooie nieuwe aflevering van hun Podcast over Media online gezet en blikken (vanaf minuut 2) vooruit op FIN-X morgen.

Ze gaan (terecht) in op het ontbreken van fatsoenlijk financieel onderwijs in Nederland, een thema dat mij ook na aan het hart ligt. Ik verheug me op de gesprekken morgen!

Eén dingetje hebben de heren nog gemist, ze zoeken nog een goede Nederlandse podcast over geld. Maar die is er natuurlijk al lang: de Goed met Geld podcast van Fire The Boss en Stoppen Voor Mijn Vijftigste!

Onrustig over geld

Financieel wordt het vierde kwartaal van 2019 best ingewikkeld. Ik ga grote uitgaven doen. Ook komen er extra inkomsten binnen, ondermeer de dertiende maand. Ik wil mijn reguliere schema van maandelijks inleggen in mijn beleggingsportefeuille, en maandelijks extra aflossen op de hypotheek, graag volhouden. Dat betekent dat ik mijn buffer zal moeten aanspreken. Want de extra uitgave voor mijn gebit is zo groot dat ik die niet uit mijn reguliere inkomen kan betalen.

Niks aan de hand, zou je denken. Want daar is die buffer immers voor. Ik heb een keurige liquiditeitsprognose gemaakt, een overzichtje van de grote inkomsten en uitgaven tot aan het einde van het jaar, en er blijft nog behoorlijk wat buffer over. Ruimschoots meer dan de twee maanden uitgaven die ik altijd in reserve wil houden. Dus rationeel gaat dat allemaal prima.

OmschrijvingEUR
=Saldo buffer15.000
+Verkoop overtollige verlofdagen2.500
+ Salaris 13e maand3.000
+Pensioen Verre Warme Land5.000
-/-Verwachte rekening implantoloog15.000
=Restant buffer per eind 201910.500

En toch merkte ik dat ik erg onrustig ben over het aanspreken van mijn buffer. Eind van dit jaar zit die niet meer ‘vol’. Te gek voor woorden eigenlijk, die onrust. Als ik de buffer niet kan gebruiken voor dit soort grote eenmalige uitgaven, waarvoor dan wel? Een grote uitgave waar ik ook nog eens al jarenlang speciaal geld voor opzij gezet heb. Geld dat dus ook in mijn buffer zit. Mijn baan staat niet op de tocht. In 2020 vul ik de buffer met gemak weer aan. Maar goed, dat zijn allemaal rationele argumenten. En mijn onrust is irrationeel.

De afgelopen weken heb ik veel nagedacht over mijn onrust. Een stukje van de onrust dat ik niet houd van dalende lijntjes in mijn grafieken. Maar er is meer dan dat, blijkbaar heb ik mijn buffer toch iets teveel verkleind. Dat veroorzaakt die onrust. Ik heb dus een besluit genomen, en ga de buffer toch weer iets verhogen. Niet van 2 maanden uitgaven terug naar 6 maanden uitgaven, zoals ‘vroeger’. Maar wel naar 4 maanden. Mijn verwachte buffer per eind dit jaar voldoet keurig aan die eis.

En dan maar eens kijken of dat helpt tegen de onrust.

Voel jij je wel eens onrustig vanwege geld?

Update: ook KiwiKoorts blijkt last te hebben van deze onrust.

Tweede kwartaal 2019

En abracadabra… Het jaar 2019 zit er alweer voor de helft op. Waar is het tweede kwartaal gebleven? Achter ons! Tijd dus om weer even terug te kijken.

Aandelenmarkten

Dit kwartaal werden de bewegingen op de aandelenmarkt wederom vooral bepaald door het Twittergedrag van de Amerikaanse president. Vooral zijn tweets over de handelsrelatie met China zorgden voor de nodige volatiliteit, al moeten we ook het ‘gedoe’ met Iran niet uitvlakken. In de maand april steeg de beurs lekker door, maar de maand mei was waardeloos. Gelukkig kwam het in juni weer redelijk goed, vooral ook omdat de centrale banken hun uiterste best doen om de markten ervan te overtuigen dat de rente nog lager wordt / laag blijft. Dit om de inflatie aan te jagen, die hardnekkig laag blijft.

S&P500 1 jaar, bron finance.yahoo.com

Kijk ik naar de wat langere termijn, dan zie ik dat we met de S&P500 sinds het begin van vorig jaar (2018) eigenlijk vooral zijwaarts aan het bewegen zijn. Periodes met sterke stijgingen worden opgevolgd door periodes met relatief sterke dalingen. Iedere piek is nog net iets hoger dan de vorige, en de dalen werpen ons een paar jaar terug. Het is niet meer de gestage stijging die we tussen maart 2009 en begin 2018 gehad hebben. Niet zo heel vreemd na een positieve beursperiode van een jaar of 10. Het wordt allemaal wat nerveuzer en de geopolitieke ontwikkelingen helpen niet mee.

S&P500 11 jaar, bron finance.yahoo.com

De EUR/USD wisselkoers is dit kwartaal nauwelijks van z’n plek gekomen, al lijkt er na een voortgezette daling in het eerste deel van het tweede kwartaal de laatste weken wel weer een lichte stijging plaats te vinden.

Mijn portefeuille

Ook in het tweede kwartaal heb ik elke maand mijn overboeking naar de beleggingsrekening gedaan zodra mijn salaris binnenkwam. En ik heb een extra overboeking gedaan toen het vakantiegeld binnenkwam, en ook na de meevallers die de Belastingdienst mij gunde. De weg naar financiële onafhankelijkheid is eigenlijk gewoon heel saai. Elke maand bijstorten en elke maand trouw een kooporder inleggen.

De ROI YTD is 14,9% en de 12-maands XIRR is 6,3%. Dat laatste is een aangepaste indicator. Ik berekende de XIRR altijd YTD maar realiseerde mij dat dit niet correct is voor periodes korter dan een jaar. Dus nu bereken ik ‘m ‘rolling backward’ over de afgelopen 12 maanden.

Het gat tussen mijn totale inleg en de actuele waarde van mijn portefeuille is iets gedaald, dat is nu 40,3% (versus 43,5% aan het einde van het eerste kwartaal 2019). Ik heb meer geld dan normaal ingelegd in het tweede kwartaal, dat vertekent het beeld een beetje.

Dividend

In het tweede kwartaal van dit jaar ontving ik € 508,57 aan dividend. In het eerste kwartaal van 2019 was het € 231,17 (+120,0%), en in het tweede kwartaal van 2018 was het € 137,90 (+268,8%). Aan het einde van het tweede kwartaal stond er nog US$ 129,43 aan dividend aangekondigd, maar die wordt pas in het derde kwartaal uitbetaald (en mag ik dus van mijzelf nog niet meetellen). In het tweede kwartaal heb ik extra dividend-ETFjes bijgekocht, ik reken dus op een verdere stijging van mijn dividendinkomsten. Mijn dividendportefeuille groeit gestaag, en daarmee ook het dividend dat ik ontvang. Hier kom ik binnenkort in een aparte blogpost op terug.

Spaarpercentage

Mijn spaarpercentage voor het tweede kwartaal is 63,8%, en YTD is ‘ie 58,4%. Mijn doelstelling voor het hele jaar is minimaal 41,0%., zoals ik al meldde aan het einde van het eerste kwartaal. Het tweede kwartaal werd gekenmerkt door twee meevallers met dank aan de Belastingdienst, en in de maand mei werd met mijn salaris ook het vakantiegeld uitbetaald. Qua inkomsten was het dus een uniek kwartaal. Ik heb ook behoorlijk wat uitgegeven, zoals je hieronder kunt lezen bij de beste uitgave(n). Maar omdat het inkomen nog hoger was, haalde ik dit kwartaal toch een mooi spaarpercentage. Al wil ik er, vanwege de vele bijzondere en eenmalige inkomsten en uitgaven, niet teveel waarde aan hechten.

Eigen Vermogen

Sinds enkele kwartalen neem ik ook mijn eigen vermogen, de netto waarde, mee in de rapportage. Dat deed het iets rustiger aan dan in het eerste kwartaal, toen naast het spaarpercentage ook het herstel van de aandelenbeurzen en de nieuwe WOZ-waarde hebben ervoor gezorgd dat mijn eigen vermogen groeide met 23,3%. In het tweede kwartaal waren het vooral mijn spaarpercentage (geholpen door de meevallers) en in iets mindere mate de aandelenmarkten. Samen zorgden ze voor een toch nog heel respectabele groei van 7,0%

Beste uitgave(n)

In het tweede kwartaal is er, na enkele kwartalen relatieve rust aan het uitgavenfront, ook weer geconsumeerd. Ik ben een traject met een personal trainer gestart. We zijn op vakantie geweest en ik heb nieuwe speeltjes gekocht: een laptop en een tablet. Naar verwachting kan ik hier weer jaren mee vooruit. En daarnaast hebben we tijdens onze vakantie een aantal doosjes lekkere wijn ingeslagen. Want tijdens de reis naar financiële onafhankelijkheid mag er best van het leven genoten worden. Al zal ik die flesjes wel geleidelijker consumeren dan voorheen

Hoe was jouw tweede kwartaal?

Instant einde aan een ergernis

Het was ook niet meer van deze tijd. Geld overboeken in Europa, zelfs binnen Nederland, tussen twee banken. Soms was het er dezelfde dag, maar meestal stond het pas de volgende werkdag op de rekening van de begunstigde. En dat eigenlijk alleen van maandag tot en met vrijdag tijdens kantooruren, en niet in het weekend of op alle Europese feestdagen niet.

Soms was het nog erger. Geldnerd werkt veel met automatische boekingen, die staan voorgeprogrammeerd om uitgevoerd te worden zodra mijn salaris binnenkomt. Drie daarvan gaan naar dezelfde rekening: bijdrage aan de gezamenlijke huishouding, de reguliere aflossing op de hypotheek en de extra aflossing op de hypotheek. Dat zijn drie afzonderlijke boekingen zodat ze makkelijker automatisch verwerkt kunnen worden in mijn administratie. Ze worden in één reeks op hetzelfde moment afgeschreven van mijn privé-rekening, maar ze worden soms met uren verschil bijgeschreven op de gezamenlijke bankrekening van Geldnerd en Vriendin bij die andere grootbank. Daar kon ik me soms echt aan ergeren.

Maar het einde van deze Middeleeuwse situatie is in zicht. Tom schreef er onlangs al over, en kort daarna werd het ook bevestigd door de banken zelf. Ook Stoppen Voor Mijn Vijftigste heeft er eerder al over geschreven. Vanaf deze zomer kunnen we 24 uur per dag en 7 dagen per week direct geld overmaken tussen zeven banken. Hoera! Eindelijk maakt het Nederlandse betalingssysteem een stapje naar de 21e eeuw. We zijn verwend, we willen meteen resultaat tegenwoordig. Geldnerd is oud genoeg om vroeger zelf nog overboekingsformulieren en acceptgiro’s ingevuld te hebben, en die in de brievenbus van het bankkantoor te doen. En om alleen te weten hoe je er financieel voor stond als (twee)wekelijks het papieren bankafschrift in de brievenbus viel. We komen van ver.

Ik heb het idee dat de banken het nieuwe systeem in het weekend aan het testen zijn. Enkele weken geleden ging bij mij een boeking in het weekend van RABO naar ABN ook razendsnel, maar door de week gingen mijn reguliere boekingen weer een stuk langzamer. Maar het komt eraan, hoera! Ik verwacht dat de banken zichzelf in de media nog wel op de borst gaan kloppen als het echt ‘live’ gaat.

En binnenkort dus ‘instant’. Voor de meeste mensen wordt het nóg makkelijker om hun geld uit te geven. Maar voor mij werkt het maar gedeeltelijk. Mijn beleggingsrekening en mijn bufferspaarrekening zitten bij kleinere financiële instellingen, die (voorlopig?) nog niet aangesloten zijn op dit nieuwe, snelle betalingssysteem. Daar moet ik dus nog gewoon een aantal uren of zelfs dag(en) wachten voordat ik het geld zie bewegen.

Hoe snel maak jij geld over?

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden