RTL over financiën

Twee berichten op één dag, dat doe ik niet vaak. Maar vandaag ‘moet’ het even.

Dit weekend gaat het RTL Weekend Magazine over persoonlijke financiën. Normaal word ik dan al achterdochtig. Ik houd ook niet van programma’s als ‘Een dubbeltje op z’n kant’ en ‘Uitstel van executie’. Want dat gaat allemaal niet om de dingen waar het volgens mij om gaat, namelijk zelfbeheersing en volhouden. Maar uit nieuwsgierigheid heb ik het Weekend Magazine wel gelezen.

En ik werd niet teleurgesteld. Het was weer bedroevend. Een artikeltje over wat appjes om je financiën bij te houden. Wat verhaaltjes van ‘echte’ mensen over hun maandinkomen en maandlasten. Een artikeltje over de dooddoeners van persoonlijke financiën. Hou je inkomsten en uitgaven bij, ongelofelijk wat een inzicht. Een stukje over ‘goedkope’ stedentrips naar Oost-Europa. En als afsluiter een artikeltje over allerlei portemonnees die je kunt kopen om al dat geld dat je overhoudt in te bewaren.

Eigenlijk had ik niet anders verwacht, maar het stelt me toch teleur. RTL Nieuws is een organisatie die het grote publiek moet kunnen bereiken. Maar dergelijke stukjes, met weinig diepgang, zullen (vrees ik) niet heel veel bijdragen aan het vergroten van het financieel bewustzijn. En dat is een gemiste kans.

Ik merk het ook in mijn dagelijkse leven, het lijkt wel of de meeste mensen gewoonweg niet dieper in hun eigen financiën willen duiken. Cijfers. Bah. Eng. Ik ben natuurlijk bevooroordeeld, omdat ik zowel in werk als privé dol ben op cijfers, maar veel mensen zijn dat duidelijk niet. Dus er is nog veel werk te doen!

Heb jij ideeën hoe we kunnen bijdragen aan het financieel bewustzijn van mensen?

Ticket to Dream

201608 StaatslotGeldnerd speelt automatisch mee in een loterij. Al jaren. En ondanks dat ik weet dat de kans om te winnen erg (heel erg!) klein is, blijf ik gewoon meedoen.

Meedoen aan de loterij is mijn ’ticket to dream’. Daardoor kan ik elke maand minstens één keer denken ‘stel je voor dat…’. Het klinkt misschien gek, maar ik heb dat lot nodig om dat te doen. Als ik géén lot heb, is er geen kans. Als ik wel een lot heb, is er wel een kans, hoe klein ook. Vriendin verklaart me regelmatig voor gek. Zij droomt er rustig op los zonder lot. Maar Geldnerd kan dat dus niet.

Tot nu toe heb ik dit jaar ongeveer € 175 aan deze ‘hobby’ uitgegeven. En daarvan heb ik 48% weer ’terug gewonnen’. Netto heeft het me dus ongeveer € 90 gekost, oftewel ongeveer € 2,50 per week. Is die € 2,50 per week de moeite waard om een kans te maken op miljoenen? Voor mij wel! En een dergelijk bedrag per week gooit mijn financiën niet overhoop.

Doe jij mee aan een loterij?

Arbeidsongeschiktheidsverzekering

In mijn goede voornemens voor 2016 had ik het er al over. Je Verdienvermogen is je grootste bezit: je vermogen om geld te verdienen is uiteindelijk wat je in staat stelt om vermogen op te bouwen. Het is dus ook iets om te beschermen, bijvoorbeeld met een arbeidsongeschiktheidsverzekering. Nu is dit een onderwerp wat ik al jaren vermijd. ‘Niet nog een verzekering erbij’, denk ik dan, of: “Weer bangmakerij’. Maar het is natuurlijk wel een goede vraag. Wat gebeurt er eigenlijk met mijn inkomen als ik arbeidsongeschikt raak? Dat bleek nog niet zo eenvoudig om te bepalen, het is erg afhankelijk van je persoonlijke situatie en de dingen die bijvoorbeeld in een CAO zijn afgesproken. Maar met wat zoeken op internet kom ik een heel eind.

Twee jaar

In mijn situatie ontvang ik het eerste ziektejaar nog 100% van mijn laatstverdiende inkomen. Tijdens het tweede ziektejaar heb ik recht op minimaal 70% van het laatst verdiende loon (100% als de ziekte of arbeidsongeschiktheid is veroorzaakt door een beroepsincident). Daarmee kan ik mijn lopende uitgaven wel betalen, maar ik kan uiteraard minder vermogen opbouwen. En ik moet ook meewegen dat ik bijvoorbeeld ziektekosten zou kunnen hebben die niet door de zorgverzekering gedekt worden.

Als ik na 2 jaar ziekte nog steeds niet volledig kan werken, dan gaat het UWV mij keuren. Zij bepalen in hoeverre ik arbeidsongeschikt bent. Als je daarop zoekt op internet vind je de meest verschrikkelijke horrorverhalen, maar daar gaat dit blogje niet over. Het gaat over mijn inkomen.

De magische grens is 35%. Ben ik minder dan 35% arbeidsongeschikt, dan krijg ik géén WIA-uitkering van de overheid en ook géén uitkering van mijn pensioenfonds. Ben ik 35% of meer arbeidsongeschikt, dan krijg ik een WIA-uitkering van de overheid en mogelijk een uitkering van mijn pensioenfonds.

Uitkeringsjungle

Als ik (volgens het UWV) nog gedeeltelijk kan werken, dan krijg ik een WGA uitkering (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten. Die is er in drie varianten:

  1. Meestal eerst een loongerelateerde uitkering (LGU). Deze tijdelijke uitkering is gebaseerd op mijn vroegere loon, arbeidsverleden en huidig loon. Deze is 75% van het WIA maandloon en na drie maanden 70%, waarbij inkomen dat ik met werken verdien wordt verrekend.
  2. Afhankelijk van hoeveel ik op dat moment nog verdien, kan ik ook een loonaanvullingsuitkering (LAU) krijgen. Deze is 70% van het WIA-maandloon, waarbij inkomen dat ik met werken verdien wordt verrekend.
  3. Verdien ik niet, of minder dan de helft van wat ik volgens het UWV zou kunnen verdienen, dan krijg ik een vervolguitkering (VVU). De vervolguitkering hangt af van het percentage van arbeidsongeschiktheid, maar is maximaal 50,75% van het minimumloon.

De LGU duurt maximaal 38 maanden, afhankelijk van mijn arbeidsverleden. Uiteindelijk kom je, tenzij je weer beter wordt, altijd bij de VVU terecht. Die kan duren tot aan je AOW.
Als de kans klein is dat ik ooit weer aan het werk komt, dan krijg ik een IVA-uitkering. Mijn inkomen is dan altijd minstens 75% van het WIA-maandloon.

WIA Maandloon

Op de website van het UWV had ik moeite om terug te vinden hoe het WIA Maandloon berekend wordt. Daarvoor moest ik weer naar een paar andere websites. Het WIA-maandloon wordt berekend aan de hand van het gemiddelde loon, dat ik verdiende in de 12 maanden voordat ik ziek werd. Dit jaarloon is bruto inclusief vakantiegeld. Eventuele periodes van onbetaald verlof tellen niet mee, en hebben dus geen (verlagend) effect op het dagloon.

Eerst berekenen we het WIA-dagloon = Jaarloon gedeeld door 261. Er geldt wel een maximum dagloon van (per 1 juli 2015) € 199,95. Verdiende je meer, dan krijg je over dat bedrag geen uitkering. Daarvoor zou ik wel een aanvullende verzekering af kunnen sluiten.

Vervolgens WIA-maandloon = 21,75 maal WIA-dagloon

Conclusie

Oef! Ingewikkeld! En ik maar denken dat de overheid dingen eenvoudiger wil maken. Ik begrijp nu beter dat mensen door de bomen het bos niet meer zien… Maar het is me wel duidelijk dat mijn inkomen na die twee jaar ziekte stevig naar beneden gaat. Toch maar doen dus?

Een beetje doorklikken op de websites van verschillende verzekeraars liet me al wel heel wat ‘mitsen en maren’ zien. Er waren allerlei omstandigheden waarin de AO-verzekering toch niet uitkeerde. Daar ga ik dus wel even goed op letten. Maar ik ga wel een paar offertes opvragen. Kijken wat het mij kost om mijn Verdienvermogen te verzekeren.

Wat gebeurt er met jouw inkomen bij arbeidsongeschiktheid?

Je huis, je identiteit?

Onlangs schreef Lekker Leven Met Minder (LLMM) een blogje over de relatie tussen je huis en bezittingen aan de ene kant, en je identiteit aan de andere kant. Ik raakte er ook over in gesprek met een collega. Het zette me weer eens aan het denken over mijn eigen woonsituatie.

Sinds 2009 ben ik 9 keer verhuisd, waarvan 5 keer naar een volledig gemeubileerde woning of appartement. Dat vele verhuizen was het gevolg van een echtscheiding en (een paar jaar later) vertrek naar en terugkeer uit het Verre Warme Land. Ook op dit moment woont Geldnerd met Vriendin nog ‘gemeubileerd’.

Zo vaak verhuizen, en zeker ook zo vaak verhuizen naar een volledig gemeubileerd iets wat niet van jezelf is, heeft voor- en nadelen.

Voordeel is dat ik mijn hechting aan ‘spullen’ voor een heel groot deel kwijt ben. Ontspullen en minimalisme zijn natuurlijk geworden. Het geeft me rust. Verder heb ik mijn leven vrijwel helemaal gedigitaliseerd. Dus belangrijk zijn server, laptop, tablet en mobiele telefoon. En de back-up. Maar aan andere spullen hecht ik nauwelijks meer. Soms zie ik ze niet eens staan, zoals de niet-helemaal-mijn-smaak frutsels en kunstwerkjes in ons tijdelijke huisje. Of ze staan me in de weg en ergeren me, zoals sommige in mijn ogen overbodige meubels.

Nadeel is dat je ook weinig meer hebt om aan te hechten. Ik heb er eerder over geschreven kort na mijn terugkeer uit het Verre Warme Land. En dat merk ik soms ook wel. Er zijn momenten dat ik ook verlang naar meer hechting, en me afvraag wat ’thuis voelen’ eigenlijk betekent. Thuis is waar Vriendin en Hondje zijn. En waar de WIFI automatisch verbinding maakt. En waar ik me fijn voel. Maar dat hangt erg weinig aan spullen. En dat vind ik ook wel fijn. Want spullen beperken, hebben aandacht en onderhoud nodig. Maar wat het nou precies is dat me een ’thuis-gevoel’ geeft, dat kan ik nog niet helemaal duiden.

Geldnerd heeft ook bijna niks meer van vroeger. Geen oude schoolspullen of studieboeken meer. Ja, de diploma’s, die heb ik nog wel. En de herinneringen. Die soms vervagen. En soms is dat vervelend, maar vaak ook niet. Want er komen ook altijd nieuwe mooie herinneringen voor in de plaats!

Zeggen je huis en je spullen iets? Ja, ik denk het wel. Tegelijkertijd zie ik om me heen veel eenduidigheid en eenvormigheid. Loop eens op een avond door een gemiddelde Nederlandse woonwijk, en gluur ongegeneerd naar binnen. Ik zie overal de uitwassen van dezelfde trends, gestimuleerd door woonprogramma’s op TV en de woon- en interieurbladen. Dat is nou ook niet iets waar ik een warm gevoel van krijg. Iedereen probeert z’n eigen uniekheid op dezelfde manier uit te drukken. Maar het niet hebben van spullen zegt ook iets. Dus je bezittingen zeggen wel iets, maar het is niet onderscheidend. Het bepaalt niet wie je bent, zoals LLMM ook zegt.

Heb ik nou nog een identiteit?

201608 Huis

De onmacht van de middenklasse?

Er is geen naam voor. De ‘nieuwe armoede’, heb ik gelezen. ‘Financiële impotentie’ noemde een Amerikaanse journalist het. Ik vind ‘onmacht’ een passende term.

Waar gaat het om? Armoede is eigenlijk niet het goede woord. Het gaat om mensen die volgens alle definities een ‘redelijk inkomen’ hebben. Maar toch hebben ze financiële problemen. In een noodgeval zijn ze niet in staat om € 1.000 of zelfs maar € 500 op tafel te leggen. Ze hebben het gewoonweg niet.

Materieel hebben deze mensen genoeg. Ze hebben ‘dingen’. Ze hebben meestal een huis, een auto, een opleiding. Maar daarmee heb je nog geen gezonde financiën. Mensen hebben schulden, en na de maandelijkse betaling van de schulden en de kosten van het huishouden blijft er niks over. Ja, een tekort. En dan zit je vast in een heel vervelend financieel cirkeltje.

Het schijnt heel vaak voor te komen bij gezinnen met jonge kinderen. ZZP’ers, ook bovengemiddeld kwetsbaar. Die laatste groep ook op langere termijn, omdat er weinig of geen pensioen opgebouwd wordt.

Op Amerikaanse nieuwswebsites zie ik er de laatste tijd geregeld nieuwsberichten over. In Nederland lees ik er minder over, vooral sinds de crisis voorbij is en we met z’n allen juichend op weg zijn naar de volgende crisis (want die komt er, maak je maar geen illusies…).

Het baart me wel een beetje zorgen. Op allerlei terreinen heb ik het idee dat de verdeeldheid in de samenleving toeneemt. En dat is niet goed voor rust en stabiliteit. En dat zijn weer twee belangrijke randvoorwaarden voor goede economische groei.

Herken jij dit beeld?

Hoeveel rekeningen heb je nodig?

Header009Onlangs schreef Amber Tree Leaves een interessante post over het aantal rekeningen dat hij inmiddels verzameld heeft. Dat waren er heel wat. Zoals wel vaker bij zijn blogjes zette het me ook weer aan het denken over mijn eigen systematiek, en die is toch wat anders.

Zelf heb ik 1 lopende rekening, met daaraan gekoppeld een spaarrekening die ik vooral als ‘kleine buffer’ gebruik. Er staat een paar duizend Euro voor het geval er een keer iets onverwachts gebeurt. Onderdeel van dit standaard betaalpakket van mijn bank is ook mijn creditcard.

Daarnaast heb ik één spaarrekening gericht op maximale rente. Nou ja, maximaal… Momenteel geven ze 0,8%, dat is zo ongeveer het beste wat je kunt krijgen op een vrij opneembare spaarrekening zonder beperkingen. Ik zoek nu een andere bank om er nog een te openen, want de eerste is ‘vol’. Het saldo nadert de maximale verzekerde limiet onder het depositogarantiestelsel. En daar wil ik niet overheen gaan.

Tenslotte heb ik een beleggingsrekening bij een broker. Die bestaat feitelijk uit twee delen, een deel Vermogensbeheer en een deel Zelf Beleggen.

Maar al met al zijn dat veel minder rekeningen dan Amber Tree heeft. Ik heb wel meer ‘potjes’ dan rekeningen. Maar de potjes bestuur ik volledig vanuit mijn spreadsheets. Daarvoor hoef ik geen aparte rekeningen te hebben.

Geldnerd en Vriendin hebben samen op dit moment alleen een lopende rekening. Daarop houden we voldoende saldo aan om de maandelijkse kosten van onze gezamenlijke huishouding van te voldoen. We overwegen wel om hier straks, als we samen een huis gekocht hebben, een spaarrekening aan te koppelen om te reserveren voor onderhoud.

Hoeveel bankrekeningen heb jij?

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden