Over Budget en Kasstroom

In mijn administratie maak ik een onderscheid tussen Budget en Kasstroom. Kasstroom (ook bekend als: Cash Flow) is een term in de bedrijfseconomie waarmee bij een onderneming de in- en uitstroom van liquide middelen (zeg maar ‘geld’) bedoeld wordt. De netto kasstroom is het verschil tussen de ontvangsten en uitgaven gedurende een bepaalde periode of voor een bepaald project. Als de uitgaven de ontvangsten overtreffen, wordt van een negatieve kasstroom gesproken. Zijn de ontvangsten groter dan de uitgaven, dan is er een positieve kasstroom.

Waarom vind ik dit onderscheid belangrijk? Dat is heel eenvoudig: Als ik al mijn budget voor het hele jaar in één keer uit zou geven, kom ik gewoonweg geld te kort. De kasstroom vertelt mij wat ik elke periode (ik werk op maandbasis) moet betalen en wat er binnenkomt. Zo weet ik ook precies wat er elke maand overblijft nadat alle ‘verplichte dingen’ betaald zijn. En voorkom ik dat ik op het verkeerde moment geld uitgeef aan kleding, dure etentjes en andere niet-noodzakelijke dingen.

Ik heb dus een budget op jaarbasis: wat mag ik van mezelf dit jaar in totaal uitgeven aan alle posten in mijn grootboek. En ik heb een kasstroom prognose op maandbasis: welke vaste uitgaven en inkomsten zijn er in die maand te verwachten (en in welke week), en wat blijft er dan over voor andere dingen. In de kasstroom prognose staat ook het bedrag wat ik in die maand wil sparen, want het werkt voor mij toch het beste om mijzelf eerst te betalen.

Budgetteren doe ik in principe eens per jaar. Als in december de nieuwe maandelijkse bedragen voor verzekeringen, gas/water/licht et cetera bekend zijn. Ik kijk dan ook wat ik in dat jaar daadwerkelijk uitgegeven heb ten opzichte van mijn budget, en waar ik kan/wil besparen of juist iets mag verruimen. Ook plan ik op deze manier te verwachten uitgaven die minder regulier zijn. Heb ik een nieuwe bril nodig? De verlenging van dat ene meerjarige abonnement. Als ik gedurende het jaar zie dat mijn uitgaven en budget uit de pas lopen neem ik tussentijds maatregelen. Soms is dat een ruimer budget, maar vaker zijn het maatregelen om kosten te besparen.

De eerste keer budgetteren was meer werk. Dat kostte een hele middag. Downloaden van mijn overboekingen bij mijn bank en ‘verdelen over de bakjes‘. Daarna is het een kwestie van bijhouden.

Het geeft inzicht. Inzicht waar het geld naartoe gaat (‘Wat! Zoveel?’). Het helpt me om keuzes te maken. (‘Ik vind A toch echt belangrijker dan B’). En het geeft rust. Geen vervelende financiële verrassingen meer. Weten waar ik aan toe ben.

Hoe budgetteer jij?

Beter een slecht plan dan geen plan

Een zeer interessante blog recent bij Amber Tree (in het Engels, hier). Ik heb al vaker gemerkt dat we qua filosofie aardig op één lijn zitten.

Financiële planning, het is een uitdaging. Toen ik vijftien jaar geleden actief begon met het managen van mijn financiën, was dat ‘managen’ ook het enige wat ik deed. Kijken wat erin kwam en wat eruit ging. De eerste stap die ik maakte was naar een budget. Daarvoor deed ik al de nodige research. Wat gebruikte een gemiddeld Nederlands huishouden? Wat vinden we zelf belangrijk en wat niet? Dat leidde tot een serie besparende maatregelen, vooral op het terrein van abonnementen.

Financieel plannen deed ik nog niet, dat vond ik lastig. Langzaamaan ging ik wel wat scenario’s ontwikkelen, gewoon in Excel. Wat gebeurt er als ik de komende 10, 20, 30 jaar rendement X maak op mijn vermogen? Maar voor plannen heb je doelen nodig. En dat vond (vind) ik lastig. Ik heb ze allemaal verkend, hoor. Het boerderijtje in het buitenland, rond de wereld zeilen, 10 jaar eerder met pensioen. Maar uiteindelijk voelen ze (nog) niet als mijn doelen. Vooralsnog vind ik werken heerlijk en kan ik mij moeilijk voorstellen dat ik daarmee wil stoppen. Al zal dat vast wel een keer veranderen.

Uiteindelijk heeft het een aantal jaren geduurd voordat ik ‘mijn’ plan gevonden heb. Het bestaat uit twee delen.

Het eerste deel is een aanvulling op mijn pensioen. Vaste lezers weten dat ik niet erg optimistisch ben over wat mijn betaalde pensioenpremie uiteindelijk gaat opleveren. Dus ik ga uit van een jaarlijkse aanvulling van € 35.000 op mijn eigen pensioen, in elk geval totdat ik 100 word.

Daarnaast wil ik ruim voor mijn pensionering ook de beschikking hebben over een eenmalig bedrag van € 300.000 om een nader te bepalen grote droom te vervullen. Misschien toch die zeiltocht rond de wereld, of dat boerderijtje in een land met een beter klimaat dan in Nederland. Of misschien gebeurt dat allemaal niet en geef ik het uit aan reizen of geef ik het weg aan goede doelen. Dat weet ik nog niet.

Zoals Amber Tree ook aangeeft kan het maken van lange-termijn plannen best beangstigend zijn. Er zijn meer dingen die je niet weet, dan dingen die je wel weet. En omstandigheden kunnen veranderen. Dan moet je het aandurven en aankunnen om je plan overboord te zetten of aan te passen. Mijn planning heeft inmiddels een echtscheiding, een nieuwe relatie, en een periode van drie jaar in het buitenland doorstaan. Maar het is nu dan ook wel een ander plan dan 10 jaar geleden.

‘Life is what happens while you are busy making other plans’, en ‘if plan A fails, there are 25 other letters in the alphabet’. Het lijken van die dooddoeners, maar inmiddels heb ik er wel gevoel bij.

Hoe ziet jouw lange-termijn plan eruit?

Jaarlijkse geldvragen

Financiën op orde en klaar ben je. Toch? Of toch niet? Voor mij niet. Ik hou mijn financiën wekelijks in de gaten, bij grote veranderingen in mijn  leven en rond de jaarwisseling extra. In elk geval zijn er zeven vragen over mijn financiële situatie die ik mezelf jaarlijks stel.

Heb ik schulden?

Gelukkig is het antwoord ‘neen’. Wij overwegen een huis te kopen, en dan komt er een hypotheek. Maar op dit moment heb ik geen schulden. Ik heb één creditcard, maar die betaal ik keurig elke maand af. Schulden hebben betekent ook: toekomstige inkomsten nu uitgeven. Dat wil ik vermijden.

Heb ik voldoende buffer?

Consensus lijkt een beetje te zijn dat je 6 maanden aan reguliere uitgaven moet kunnen bekostigen uit je buffer. Dat zou voldoende moeten zijn om, als je bijvoorbeeld je baan kwijtraakt of een ongeluk krijgt, niet meteen in de financiële problemen te komen. Voor zelfstandigen zou ik een hogere buffer adviseren, bijvoorbeeld 12 maanden.

Zelf hanteer ik een ruimere buffer, van 6 volledige maandinkomens. Die heb ik sinds een aantal jaren en staat veilig op een spaarrekening waar ik er direct bij kan.

Is mijn gezinsinkomen beschermd?

Als je gezin afhankelijk is van jouw inkomen, dan is het goed om je af te vragen wat er zou gebeuren als dat inkomen wegvalt. Levensverzekering? Nabestaandenpensioen? Arbeidsongeschiktheidsverzekering? Misschien niet de leukste onderwerpen om over na te denken, maar het is beter dan straks onaangenaam verrast worden.

Gelukkig verdient Vriendin ook een prima inkomen, dus ik hoef me hier geen zorgen over te maken.

Ben ik beschermd?

Wat zouden de gevolgen zijn er als er iets met mij gebeurt? Stel dat ik arbeidsongeschikt word? Dan raak ik mijn inkomen (deels) kwijt en zou ik bijvoorbeeld ook te maken kunnen krijgen met hogere zorgkosten. Daar zijn wel oplossingen voor, bijvoorbeeld een arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Dit is een punt wat ik zelf nog niet goed geregeld heb. Het staat op mijn lijst van doelstellingen voor 2016, dus daar kom ik binnenkort op terug.

Is mijn pensioen goed geregeld?

Pensioen is een regelmatig terugkerend thema op mijn blog. Ik ben een van de mensen die er van uitgaat dat het pensioen wat ik opbouw niet voldoende zal zijn. En dat ik dus zelf extra bij moet sparen. Dit is een onderdeel wat ik goed in beeld heb, het is de kern van mijn persoonlijke financiën.

Krijg ik de beste deal?

Iedereen neemt wel een aantal vaste diensten af. Gas, elektra, internet, tv, (mobiele) telefoon. Vaak krijg je korting als je je inschrijft, maar die korting is vaak maar voor een beperkte periode. Het is dus verstandig om regelmatig te kijken of je nog wel de beste deal krijgt. Wees niet bang om over te stappen.

Geldnerd woonde de afgelopen jaren helaas in een land waar de meeste van die diensten in handen zijn van overheidsmonopolies. Dus ik betaalde teveel en overstappen was helaas niet mogelijk…

Welke vragen stel jij jezelf als onderdeel van de jaarlijkse financiële check-up?

Sudoku voor de één…

…En een spreadsheet voor de ander.

Het heeft een tijdje geduurd voordat Vriendin het doorhad: ‘Waarom steek je toch al die tijd in het bouwen en onderhouden van je spreadsheets?’. Vooral de beleggingsspreadsheet is een Excel-monster. Meer dan 100 kilobyte aan code, dat zijn ruim honderdduizend tekens.

Geldnerd is altijd al dol op puzzelen geweest. En programmeren is net als puzzelen. Problemen die je een voor een oplost. Bouwwerken die je stukje voor stukje uitbreidt. Met één belangrijk verschil. Als ik een sudoku maak, is dat een eenmalig iets. Van mijn spreadsheets heb ik elke week plezier.

Dus wat voor de een een Sudoku is, is mijn spreadsheet voor mij. Een puzzel met honderdduizend stukjes. Met één verschil: ik heb iedere week plezier én nut van mijn puzzels.

Hou jij van puzzelen?

Eeuwig rentenieren

Op RTLZ las ik recent een column van Hendrik Oude Nijhuis over Eeuwig Rentenieren. Dat heeft hij uiteraard niet zelf verzonnen, het concept is bekend geworden door Mr. Money Mustache (MMM), zie hier voor de samenvatting van zijn aanpak. Ook in Nederland zijn er allerlei volgelingen, bijvoorbeeld Mevrouw Money Wenkbrauw. En het ‘savings rate’ of bespaarpercentage wordt inmiddels door veel bloggers bijgehouden (onder andere Meneer & Mevrouw).

De aanpak van MMM is in mijn ogen vrij extreem. Tegelijkertijd vind ik het ook intrigerend. Zelf wil ik nog helemaal niet stoppen met werken, ik vind mijn werk gewoon erg leuk. Maar ook ik maak gebruik van het bespaarpercentage, als maatstaf voor financieel succes. Ik haalde 42,2% in 2015. Voor 2016 heb ik maar even geen doelstelling vastgelegd. Door de verhuizing terug naar Nederland en alle bijbehorende kosten en onzekerheden heb ik nog geen idee hoe het plaatje er voor dit jaar uit gaat zien. Voor dit jaar is het doel ‘landen’ in Nederland en op de nieuwe werkplek, met Vriendin en Hondje een leuk huisje vinden en inrichten. Dat gaat nog best tijd en geld kosten. Al weet ik zeker dat we dat bewust gaan doen, en geen geld over de balk gaan smijten. Dat, en onze goed gevulde buffer, geeft rust.

Eeuwig rentenieren, ik zou er onrustig van worden. Maar wie weet denk ik daar over een paar jaar heel anders over.

Zou jij eeuwig willen rentenieren?

Omgekeerd scheefhuren

Traditioneel wordt ‘scheefhuren’ gedefinieerd als het huren van een huis, met name een sociale huurwoning,  waarvan de huur te laag is in verhouding tot het inkomen. Het omgekeerde komt echter ook voor. Deze week las ik diverse berichten over ‘omgekeerd scheefhuren‘. Oftewel: een woning huren die eigenlijk te duur is voor je inkomen.

Ik moest er deze week aan denken omdat de huisvestingssituatie van Geldnerd en Vriendin erg verandert. Het huis in het Verre Warme Land (VWL) is opgezegd, eind april komt de verhuizer en gaat alles (behalve wat we hier verkopen) in een container om naar Nederland verscheept te worden.

Vriendin moet nog een paar maanden in VWL blijven om haar werk af te ronden en over te dragen. Voor haar hebben we een gemeubileerd appartement gehuurd. Een mooi modern complex met een zwembad, schoonmakers, en alle voorzieningen. Veilig, dat is hier ook belangrijk. Dat kost 1.800 Amerikaanse dollars per maand, tegen de huidige koers is dat ongeveer € 1.600. Inclusief TV en internet, maar zonder gas, water en elektra.

Ondertussen ben ik afgelopen week een aantal dagen in Nederland geweest. Ik loop al een week rond met jetlag, eerst van VWL naar Nederland en nu weer terug…. Extraplusveel honger, vroeg naar bed en om 04.00 uur ’s ochtends klaarwakker. Dat is een aspect van het expat bestaan dat ik echt niet zal missen. In Nederland heb ik ook een appartement gehuurd. Ook gemeubileerd, want wanneer onze eigen inboedel aankomt durft niemand te voorspellen. Schattingen lopen uiteen van 1 maand tot 4 maanden na verschepen.

Prachtig appartement. Hartje stad (ik laat even in het midden welke stad, maar het is een van de 4 ‘grote steden’). Loopafstand van station en van fijne plekjes om Hondje uit te laten. Want ja, die komt ook mee. Hondje is familie. Kost dus, inclusief gas, water, elektra, TV en internet, ook € 1.600 per maand.

Pats, boem. Woonlasten voor de komende periode zijn € 3.200 per maand. Nog exclusief gas, water en elektra in VWL. Nou verdienen Geldnerd en Vriendin best aardig, maar dit is ook voor ons veel geld. Gelukkig is het niet zo erg als het lijkt. De huisvesting in VWL wordt vrijwel helemaal betaald door de werkgever van Vriendin. En vanaf het moment dat Vriendin ook weer in Nederland is worden de Nederlandse lasten gedeelde lasten. Dan is € 1.600 nog steeds veel geld, maar ja. Voor dit soort omstandigheden is de Buffer bedoeld.  Zodra Vriendin én inboedel in Nederland zijn gaan we op zoek naar een permanent stekje. Liefst willen we iets kopen, als we tegen het juiste droomhuis aanlopen. En aan een hypotheek. Iets wat Geldnerd al wel jarenlang heeft gehad, maar Vriendin nog nooit. Spannend dus.

Hoe zit het met jouw woonlasten?

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden