8 Jaar scheermesjes

Een onderwerp wat mij de afgelopen jaren meer is gaan interesseren is het minimalisme. Ook ik doe vrolijk mee aan het consumeren en het verbruiken van alles wat deze planeet ons biedt. Ik had een huis vol spullen en was druk bezig om er nog meer te verwerven. Ik hoef gelukkig niet uit noodzaak te minderen, bijvoorbeeld vanwege schulden of armoede. Dat soort druk van externe omstandigheden lijkt me heel vervelend, en ik heb heel veel bewondering voor de mensen die er in die omstandigheden het beste van weten te maken.

Een paar grote veranderingen in mijn leven hebben me op dit punt aan het denken gezet. Tijdens mijn echtscheiding realiseerde ik mij dat het huis vol met spullen helemaal niet relevant was voor hoe ik me voelde. Ik dacht dat ik het allemaal erg zou missen, maar dat bleek niet zo te zijn. Daarna ben ik diverse malen verhuisd binnen een paar jaar. Dat helpt ook bij het opruimen. Sindsdien doe ik voorzichtig pogingen om met minder toe te kunnen.

<schaamte>Maar ik zal het maar bekennen: ik ben een hamster. Zo heb ik al 8 jaar geen scheermesjes gekocht. Ik ben nog bezig met het opmaken van de voorraad die ik tussen 2004 en 2007 heb opgebouwd. Bij normaal verbruik verwacht ik eind 2016 door de voorraad heen te zijn.</schaamte>

Ook heb ik nog voor ruim 2 jaar aftershave staan. En met mijn haarverzorging kan ik ook nog wel een jaar of 3 vooruit. Kortom: tijd voor actie!

Vandaag heb ik mijn kastje in de badkamer helemaal uitgepakt. Ik heb alles gesorteerd naast elkaar gezet. En opgeschreven. Daarna heb ik mijn kledingkast helemaal uitgepakt. Ook gesorteerd. Weggedaan wat ik niet meer ga dragen. En ook hier opgeschreven wat ik heb. <diepe schaamte>Veertig (40) basic witte t-shirts. Achtendertig paar sokken. Vierentwintig zakdoeken. Elf paar schoenen.</diepe schaamte> Er staan ook nog twee volle vuilniszakken klaar.

Voorlopig heb ik mijzelf voor een heleboel dingen een absoluut koopverbod gegeven. Ik ga op een rijtje zetten wat ik een reële hoeveelheid vind. En dan gaan we daar de komende periode naar toe werken. Maar met deze voorraad gaat die periode wel een paar jaar duren. En dan denk ik ook aan de hoeveelheid geld die ‘opgesloten’ zit in deze spullen. Komend jaar een lager budget voor kleding en toiletartikelen.

Ben jij bewust bezig met ‘minderen’?

Ik investeer in kernwapens

Het kwam verschillende keren voorbij de afgelopen week in diverse nieuwsbronnen die ik volg. Alle Nederlandse ambtenaren investeren in kernwapens. Het pensioen van Geldnerd wordt deels opgebouwd bij het ABP,  dus ook ik investeer in kernwapens. Dat was niet echt iets wat ik me realiseerde, al schijnt er een paar jaar geleden ook al wat commotie over te zijn geweest.

Specifiek noemen de artikelen Airbus, Boeing en Honeywell als bedrijven die betrokken zijn bij de productie van kernwapens. Die laatste twee zijn overigens op dit moment indirect ook al onderdeel  van mijn beleggingsportefeuille. Ze zijn in elk geval onderdeel van de S&P500 index, die ik volg via het Vanguard US 500 Stock Index Fonds in mijn portefeuille.

Diep van binnen wist ik het wel. Het is ook een onvermijdelijk gevolg van mijn indexstrategie. Als je een index volgt krijg je de goede en de slechte elementen van die index. In de S&P500 zitten bijvoorbeeld ook drie grote namen uit de tabaksindustrie. En het kan altijd nog erger. Wist je dat er zogenaamde ‘Vice Funds’ zijn? Die beleggen (vrijwel) alleen maar in slechte dingen… Maar het kan ook beter. Onder andere Dow Jones heeft een serie Dow Jones Sustainability Indices ™. Hierbij laten ze expliciet alle fondsen buiten beschouwing die te maken hebben met alcohol, gokken, tabak, wapens en vuurwapens en / of adult entertainment. Daar ga ik me toch nog even iets beter in verdiepen.

Als ik het nakijk vormt Boeing op dit moment 0,51%, en Honeywell 0,44% van de S&P 500 index. Mijn belegging in S&P is 7% van mijn portefeuille. Dus minder dan 0,07% zit bij de kernwapenmakers, en die kernwapens zijn dan ook nog maar een klein deel van hun bedrijf. <geweten sussen aan>Gelukkig geef ik ieder jaar een groter bedrag dan dat aan goede doelen</geweten sussen uit>.

En tja, wat vind ik daar dan van, van mijn eigen beleggingen in kernwapens, en die van het ABP? Ik heb natuurlijk liever een wereld zonder kernwapens. Maar ze zijn er nu eenmaal. En ik heb niet de illusie dat deze bedrijven ineens op zullen houden met kernwapens maken als ik hun aandelen niet meer koop. Ik heb ook mijn twijfels of dit soort ‘aandelenactivisme’ de juiste manier is om de wereld te verbeteren. Dan heb ik toch meer vertrouwen in de politieke weg. Eerlijk gezegd weet ik nog niet zo goed wat ik er van moet vinden. Daar ga ik de komende periode maar eens even goed over nadenken.

Hoe kijk jij naar beleggingen in ‘slechte dingen’?

Digitale Enveloppen

Naar aanleiding van een recente blogpost van Minimaal Leven ben ik weer eens wat meer gaan lezen over het enveloppensysteem. Het is een ‘uitvinding’ van de Amerikaanse financiële goeroe Dave Ramsey. Ik heb wel eens wat boeken van hem gelezen, erg Amerikaans maar er staan wel goede tips in.

Een van zijn ‘uitvindingen’ is dus het Enveloppen-Systeem. Veel anderen hebben er al over geschreven, ondermeer BudgetMoments, N(euro)otje en Martin Gijzemijter. Hoe het in elkaar zit ga ik dus maar niet herhalen, dat is al vaak genoeg gebeurd.

Voor mij werkt het niet. Ik houd echt niet van cash geld, ondanks alle verhalen en waarschuwingen over elektronisch betalen. Alle respect voor mensen die het wel doen en voor wie het wel werkt. Maar voor mij dus niet.

Toch is mijn eigen systeem niet zo heel anders. Ik doe aan heel strak cash flow management. Zoveel mogelijk reguliere uitgaven gaan via automatische incasso. Dat zorgt voor voorspelbaarheid en betekent dat ik er minder naar hoef om te kijken. Mijn administratie houdt zelf in de gaten of deze organisaties niet teveel of te vaak afboeken, en waarschuwt mij als dat zo is (lang leve Excel).

Voor alle andere uitgaven, bijvoorbeeld boodschappen en vervoerskosten, heb ik een maandbudget. Iedere maand, zodra het salaris betaald is, check ik wat de verwachte cash flow voor de komende maand is. Dat bedrag laat ik op mijn lopende rekening staan. De rest gaat zonder pardon naar mijn ‘bufferrekening’, de (helaas slecht renderende) spaarrekening die gekoppeld is aan mijn lopende rekening. Ik behandel mijn lopende rekening dus als de envelop, daar staat alleen op wat ik die maand verwacht nodig te hebben.

Ik mag rood staan op mijn lopende rekening, dus als het mis gaat is er niet direct een probleem. De roodstand rente is dan een goede ‘straf’ omdat ik niet goed gepland heb. Maar dat komt steeds minder vaak voor, gelukkig. En als ik echt een onbedwingbare neiging heb om iets te kopen of er is toch een onverwachte uitgave, dan kan ik desnoods snel het geld van de bufferspaarrekening overboeken. Maar dat is dus wel een (in de praktijk erg effectieve) drempel. En via de app van mijn bank kan ik op elk moment zien hoeveel er nog in mijn digitale envelop zit.

Overigens is deze spaarrekening niet ‘de buffer’. Op de bufferspaarrekening staat maximaal € 3.500 (de ‘NIBUD-buffer’). De echte buffer van 6 maandinkomens staat op een beter renderende, maar wel vrij toegankelijke, spaarrekening elders.

Gebruik jij het enveloppensysteem?

Hoe ik Beleg (5) – Indexstrategie

Ik heb er al wel eens wat over geschreven, over mijn beleggingsstrategie. Geen individuele fondsen. Dat maakt me teveel afhankelijk van het succes (of gebrek daaraan) van individuele bedrijven. Ik beleg in sectoren en in ‘de index’. Lees voordat je verder gaat vooral ook even mijn disclaimer, deze post is geen beleggingsadvies!

Eerst ‘de index’. Of, beter gezegd, meerdere. Voor de Verenigde Staten is mijn favoriet de Standard & Poor’s 500 Index (S&P500), een index van 500 grote bedrijven die genoteerd staan op Wall Street (NYSE) of in de NASDAQ. Daarmee is dit een bredere Amerikaanse index dan de (bekendere) Dow Jones, en een betere afspiegeling van de economie van de Verenigde Staten. Er zijn verschillende index-trackers die niets anders doen dan tegen lage kosten een zo goed mogelijke afspiegeling zijn van de S&P500. Ik gebruik op dit moment het Vanguard US 500 Stock Index Fonds.

Ook ben ik dol op de MSCI World Index. De MSCI World is een beursindex van 1,642 beursfondsen, een verzameling van aandelen van de ‘ontwikkelde’ markten in de wereld (volgens MSCI). De index omvat effecten uit 23 landen, maar geen aandelen uit opkomende economieën (dus dat ‘World’ neem ik maar met een korreltje zout). Voor mij komt dat wel goed uit, want beleggen in opkomende markten heeft een hoger risico, dus dat doe ik liever apart (in andere fondsen). Hier gebruik ik het Vanguard Global Stock Index Fonds.

Voor Europa gebruik ik de DJ Eurostoxx 600 Index, een index van 600 aandelen uit 18 Europese landen. De afgelopen jaren heb ik hiervan geen tracker in mijn portefeuille, omdat de economische ontwikkeling in Europa sinds de kredietcrisis nogal achterblijft bij de rest van de wereld. Eerder heb ik wel gebruik gemaakt van de iShares STOXX Europe 600 UCITS ETF.

Azië: daar ben ik niet dol op. Het is me allemaal iets teveel ‘in opkomst’ en de meeste markten zijn erg onvolwassen. Dat betekent veel volatiliteit en dus risico. De afgelopen jaren heb ik hier dan ook niet belegd.

De indexfondsen vormen één van de pijlers van mijn beleggingsportefeuille. Het zorgt ervoor dat ik meelift op de stijging van de markt. Behalve uiteraard in jaren dat de beurs omlaag gaat. Naast mijn indexstrategie heb ik ook nog een sectorstrategie. Maar daarover schrijf ik meer in een volgende blog.

Welke indexen volg jij?

Meetbare financiële doelen

‘Life is what happens to you while you are busy making other plans’ – John Lennon

Financiële doelen, hoe maak je ze meetbaar? Ik vind het een worsteling en ik heb er een aantal jaren over gedaan. Terugkijkend was het vooral vanwege de aannames die ik moest doen. Financiële dromen en de werkelijkheid verhouden zich niet altijd goed tot elkaar. Hoe oud word ik? Wat wil ik allemaal doen. Onderstaand mijn ‘exercitie’.

Mijn belangrijkste financiële doel is mijn pensioen. Zoals ik al vaker heb geschreven ben ik niet erg optimistisch over wat ik ga krijgen. Ik bouw op papier een goed pensioen op, maar wat daar straks van over blijft is een goede vraag. En over de AOW wil ik het dan niet eens hebben.
Daarom heb ik als doel om na mijn pensioen jaarlijks € 20.000 uit mijn vermogen te gebruiken om mijn inkomen aan te vullen. Maar dat moet wel € 20.000 zijn naar de koopkracht van vandaag. De gemiddelde inflatie over de afgelopen 25 jaar was 2,2%. Verwerk ik dat in mijn berekeningen, dan moet die € 20.000 van vandaag straks ongeveer € 35.000 per jaar zijn om dezelfde koopkracht te behouden. Ik ga ervan uit dat ik ergens tussen mijn 67e en 69e met pensioen ga. En ik ga er van uit dat ik 90 jaar oud word. Word ik ouder, dan is het potje leeg.

OK, dus ik wil € 35.000 per jaar uit mijn vermogen kunnen gebruiken na mijn pensionering. Gelukkig heb ik al het nodige opgebouwd, en ik heb nog 20 – 25 jaar om dat aan te vullen tot wat er nodig is. Mijn vermogen groeit op twee manieren:

  1. Door een deel van mijn inkomen niet te consumeren, maar toe te voegen aan mijn vermogen.
  2. Door het rendement op mijn spaargeld en mijn beleggingen.

Ik heb uitgerekend dat ik dit kan halen. Daarvoor moet ik ieder jaar (1) minimaal € 10,000 van mijn inkomen aan mijn vermogen toevoegen. En ik moet ieder jaar (2) een netto rendement (na belastingen) halen van 4,0% op mijn spaargeld en mijn beleggingen. En omdat ik gemiddeld 4,0% moet halen, is mijn doelstelling om 5,0% te halen. Voor de veiligheid. De afgelopen 10 jaar is dat gelukt. Dus wordt het een kwestie van stug doorploegen.

Wat zegt dit over mij? Ik ga tussen 67 en 69 met pensioen. Dus niet al op mijn 55e. En ik word 90 jaar oud. Als ik tussendoor nog iets anders wil (een boot kopen, een tweede huis, et cetera) dan moet ik mijn plannen aanpassen. En dat zal ook nog wel gebeuren. Want plannen overleven zelden de confrontatie met de werkelijkheid.

We must let go of the life we have planned, so that we can accept the life that is waiting for us’ – J. Campbell

Heb jij je doelen meetbaar gemaakt?

Sparen

“Hé Geldnerd, je schrijft alleen maar over beleggen? Doe je niet aan sparen dan?”

“Jawel hoor! Maar dat is niet zo spannend, daar valt minder over te vertellen.”

Vroeger was het leven simpel. Je had bij je bank een lopende rekening en een spaarrekening. Geld wat je over hield op de lopende rekening boekte je over naar de spaarrekening. En dankbaar als ze zijn, gaf jouw bank je daar rente over. Klaar.

Tegenwoordig is het anders. De meeste grote banken geven erg weinig rente. Dus kwamen er andere partijen op de markt, die ons spaargeld goed kunnen gebruiken. En die dus een hogere rente geven. Zolang dat allemaal gedekt is door het garantiestelsel is dat fijn, en ons spaargeld groeit gestaag en veilig door. IJsland, iemand?

Maar ja, als je spaargeld groeit krijg je al snel te maken met de Belastingdienst. 30% belasting over een fictief rendement van 4%, oftewel 1,2%, dat was het tarief de afgelopen jaren. In de plannen voor 2016 zie ik dat het gaat veranderen. Netto blijft het effect hetzelfde: een groot deel van je rendement op spaargeld wordt opgegeten door de fiscus.

En laten we ook de inflatie niet vergeten. Ook dat is een sluipmoordenaar. Volgens het CBS kwam de inflatie over de laatste 25 jaar gemiddeld uit op 2,2 procent, zie ook onderstaande grafiek. Dat klinkt niet als veel. Maar op de langere termijn heeft het wel veel effect.

Inflatie19882014CBS

Een rekenvoorbeeld. Stel je koopt nu iets voor EUR 1.000,00. Een inflatie van 2,2% zorgt ervoor dat je over 25 jaar EUR 1.722,95 nodig hebt om datzelfde te kopen. Dus sparen voor je pensioen op basis van je salaris van nu, zonder inflatie mee te nemen, zorgt voor zware teleurstelling straks!

En bovendien: Belasting + Inflatie betekent dat je al zeker 3,5% rente op je spaargeld moet krijgen om nu niet armer te worden. Een aantal jaren geleden kreeg je dat ook voor je spaargeld, maar nu al een tijdje niet meer. Misschien komt dat nog weer terug. Maar ondertussen zijn het vooral mijn beleggingen die ervoor moeten zorgen dat ik mijn lange-termijn doelstellingen haal.

In mijn spaargeld maak ik onderscheid tussen twee potjes:

  1. Mijn buffer: Ik wil op elk moment de beschikking hebben over een buffer ter hoogte van zes netto maandsalarissen. Dat geld staat op een rekening waar ik er zo bij kan, zonder beperkingen. Het zorgt mede voor een goede nachtrust.
  2. De rest van mijn spaargeld. Dit is spaargeld wat ik niet direct nodig heb, maar wat ik ook niet wil beleggen. Dit geld mag ik bijvoorbeeld wel voor langere tijd vastzetten in een deposito (alhoewel dat op dit moment ook weinig oplevert).

Ik heb wat rondgeshopt, en mijn spaargeld staat momenteel bij een van de aanbieders met relatief hoge rente. Het is nog steeds niet veel, maar beter dan niks. Momenteel is de verdeling van mijn vermogen ongeveer 50% sparen / 50% beleggen.

Ik ben (nog) niet toe aan het kopen van huizen of ander vastgoed. Sommige mensen vinden dat ook een goede vorm van vermogensbeheer. Maar zo groot is mijn vermogen nog niet, en ik ben bang dat ik minder flexibel kan zijn als mijn geld in ‘stenen’ zit.

Hoe zit het met jouw spaargeld?