Het rendement op beleggingen

  • Berichtcategorie:BeleggenICT

Als je geld spaart op een spaarrekening, dan is het rendement eenvoudig te berekenen. Bij de meeste banken krijg je elke dag 1 / 365 maal het jaarlijkse rentepercentage maal je saldo van die dag aan rente, en dat wordt dan op 1 of 2 januari van het daaropvolgende jaar op je rekening bijgeschreven. Stort je een bedrag bij of schrijf je een bedrag af, dan reken je vanaf de valutadatum van die boeking met het nieuwe saldo. Heel eenvoudig en overzichtelijk.

Met beleggingen is dat ingewikkelder. Ja, je koopt aandelen (of een ETF) tegen een bepaalde prijs. Maar daar krijg je geen vaste rente op, ze staan genoteerd tegen een koers die zeer waarschijnlijk dagelijks beweegt, naar boven of naar beneden. Misschien koop je volgende maand weer bij, tegen de dan geldende koers. Dat doe ik elke maand met mijn maandelijkse inleg. Op sommige fondsen krijg je misschien dividend, in contant geld of in aandelen. Of aandelen worden gesplitst, dat komt ook voor. En al snel is jouw deelname aan het fonds een wirwar aan transacties en handelingen. Hoe weet je dan nog wat jouw rendement is?

Rendement is onbelangrijk!

Zo. Dat is een statement. Maar wat mij betreft deels wel waar. Ik hanteer zelf een buy-and-hold strategie. Kopen en vasthouden. Het enige dat telt is de totaalstand van mijn vermogen in relatie tot het (staatsgeheime) bedrag dat we nodig hebben om te stoppen met werken en die andere levensfase in te gaan.

Maar toch wil ik af en toe kijken naar het rendement op mijn beleggingen. Op de hele portefeuille. Om te bekijken of die het wel ongeveer net zo goed doet als de wereldwijde indexen. In mijn geval kijk ik dan naar de Amerikaanse S&P500 index en de wereldwijde MSCI World Index. En per fonds. Want in sommige categorieën heb ik meerdere fondsen naast elkaar staan. Dan wil ik wel zien of er fondsen zijn die het structureel beter of slechter doen dan andere, om eventueel de verdeling over de fondsen aan te passen.

Dus rendement is meestal niet belangrijk in mijn beleggingsstrategie. Maar soms wel. En hoe bereken je die dan?

Internal Rate of Return

In de beleggingswereld wordt hiervoor gewerkt met de Internal Rate of Return. Daarmee maak je in feite een inschatting van de winstgevendheid van de investering gebaseerd op dezelfde formule die ook gebruikt wordt om de netto contante waarde te berekenen.

Volg je het nog? Nee? Ik ook niet. Dit zijn de momenten dat we heel blij mogen zijn dat er spreadsheets zijn uitgevonden. Want die hebben functies ingebouwd die deze berekeningen voor ons uitvoeren. Deze internal rate of return of XIRR-functie bestaat in Excel en ook in LibreOffice en OpenOffice. Ik maak er veelvuldig gebruik van in mijn beleggingsspreadsheet en rapporteer er ook over in mijn kwartaaloverzichten.

Hoe werk je met deze functie?

Om de XIRR te berekenen heb je een overzichtje nodig van alle handelingen die verricht zijn in een bepaald fonds. Aankopen, verkopen, dividenden, dat soort dingen. Onderstaand een (semi-)fictief voorbeeld uit mijn eigen portefeuille, met een aantal aankopen van de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (de welbekende VWRL) sinds begin 2020. VWRL betaalt elk kwartaal dividend uit in Amerikaanse dollars, dus je zit ook met wisselkoerseffecten. Ik kies ervoor om ook mijn transactiekosten bij Binck (tegenwoordig Saxo) mee te rekenen in de netto toevoeging (onttrekking) aan mijn portefeuille, op die manier zitten die meteen verwerkt in het rendement. Ik kom voor de periode vanaf begin 2020 tot en met eind mei 2021 tot onderstaand overzicht aan handelingen. Hierbij is de tussentijdse verkooptransactie fictief en alleen bedoeld om het effect op de berekening te tonen.

In deze periode heb ik € 9.979,91 in VWRL gestoken (de regels 1 + 2 + 5 + 8 + 10 + 12) en ook weer € 1.596,24 eruit gehaald (de regels 3 + 4 + 6 + 7 + 9 + 11) door de ontvangst van dividend en één verkooptransactie van een deel van mijn portefeuille. Op 31 mei 2021 bedroeg de slotkoers van VWRL € 96,10. De totale waarde van deze positie in VWRL is op dat moment dus € 10.571,00. Maar wat is dan het rendement?

Bijna € 10.000 erin en bijna € 1.600 eruit is netto € 8.400 erin, tegen een huidige waarde van bijna € 10.600. Dat is een ‘winst’ van € 2.200 in anderhalf jaar. Maar zo mag ik niet rekenen. Want de investering is stapsgewijs opgebouwd door de tijd. En een heel groot deel van die periode is het dus niet € 8.400 geweest die voor mij aan het werk was, maar een heel ander bedrag.

Gelukkig is er de XIRR-functie. Maar daarvoor moeten we eerst de transacties een beetje bewerken. Want de XIRR werkt met geld dat je IN de belegging stopt (positieve bedragen) door te kopen en geld dat je UIT de belegging haalt (negatieve bedragen), bijvoorbeeld door verkoop of de ontvangst van dividend. En ook doe je net of je aan het eind alles verkoopt tegen de huidige koers. Je sluit je positie. De eerdere tabel ziet er voor die situatie als volgt uit.

Op die fictieve situatie kan de XIRR-functie dan uitrekenen wat het actuele rendement is. Natuurlijk verkoop ik de aandelen niet echt, maar voor de berekening van het rendement doe ik wel alsof. Want dat is eigenlijk de vraag die door de XIRR-functie beantwoord wordt: “Als ik op 31 mei 2021 alles zou verkopen tegen de actuele koers, wat heeft dit aandeel me dan over die hele periode aan rendement opgeleverd?”

De opzet voor de XIRR-functie is eenvoudig, XIRR(waarden van handelingen, datums van handelingen, [optioneel een schatting]). De optionele schatting laat ik altijd weg. Dat kun je opgeven als je een idee hebt waar het rendement ongeveer moet liggen. De functie begint dan te rekenen vanaf dat punt en is (als je een beetje goed schat) sneller klaar. Maar omdat ik (nog) niet met aantallen van duizenden transacties werk heb ik dat niet nodig.

En oh ja, als je (zoals ik) een Nederlandstalige Windows- en Excelversie gebruikt, dan heet de functie niet XIRR. Maar IR.SCHEMA. En in plaats van komma’s moeten wij puntkomma’s gebruiken. Van mij had het niet gehoeven, maar zo heeft Microsoft nu eenmaal besloten…

In mijn voorbeeldspreadsheet staan de waarden in kolom F, rij 3 tot en met 15. En de datums van handeling staan in kolom C, rij 3 tot en met 15. Als ik de XIRR-functie daarop loslaat krijg je onderstaand resultaat. Het veld heb ik ingesteld om een percentage weer te geven, standaard komt er namelijk een fractie (in dit geval 0,299036) uit. 29,90% dus. Niet slecht!

Krijg je een foutmelding? Excel doet soms moeilijk over de datumnotatie en de getalnotatie. kijk dus goed of je de kolommen goed ingesteld hebt staan op datum en getal.

Hoe werk ik ermee?

Ik bereken in mijn beleggingsspreadsheet de XIRR over verschillende periodes en met verschillende reikwijdte. Vroeger berekende ik de XIRR altijd voor het lopende jaar. Maar met een langlopende portefeuille is dat eigenlijk irrelevant. En het geeft de eerste maanden van het jaar altijd rare sprongen die niks zeggen.

Tegenwoordig bereken ik de XIRR over de afgelopen 12 maanden, en over de totale looptijd van mijn portefeuille. Zowel per fonds als voor mijn portefeuille als totaal. Daarin neem ik dus alle handelingen in alle fondsen mee. Onderstaande grafiek laat zien hoe de 12-maands XIRR van mijn portefeuille zich de afgelopen twee jaar ontwikkeld heeft. Met een stevige dip aan het einde van het eerste kwartaal 2020. Niet zo gek, de markt duikelde toen naar beneden door de start van de coronacrisis.

Lang leve de spreadsheet, handmatig is dit niet te doen! Elk kwartaal is de 12-maands XIRR over mijn hele portefeuille onderdeel van mijn kwartaalrapportage. Volgende week dus ook in de rapportage over het tweede kwartaal.

Hoe bereken jij het rendement over jouw beleggingen?

Wat als de beurs echt gaat dalen?

De beurzen stijgen alweer sinds maart 2009, met af en toe een kleine correctie tussendoor. Mijn portefeuille verbreekt dan ook het ene hoogterecord na het andere. Ik merk dat ik daar nerveuzer van wordt dan van een correctie zoals we in het laatste kwartaal van 2018 hadden…. Want inmiddels ben ik best een eind op weg naar financiële onafhankelijkheid. Ik heb dus ook meer te verliezen bij een correctie of een crash dan 10 jaar geleden.

De eerste vraag die dan bij mij opkomt, is of ik niet ‘teveel in aandelen’ zit? Dat is tegenwoordig best een goede vraag. Ik heb een buffer met contant geld die genoeg is om enkele maanden van te leven, met daarop wat ‘speciale potjes‘. De rest van mijn geld zit in beleggingen en in het huis, ondermeer door de versnelde aflossing. Iets minder dan 50% van het vermogen zit op dit moment in het huis, en ongeveer 50% zit in de beleggingen. Van mijn beleggingen zit 12% in obligaties, de rest in aandelen (via ETFs). Het rendement op de obligaties is niet best, en ik verwacht dat dat voorlopig zo blijft. Bovendien beschouw ik de obligaties en het huis als relatief ‘veilige’ beleggingen. Dat is relatief, dat weet ik ook wel, en zeker het huis is niet eenvoudig ‘even snel’ in contant geld om te zetten.

En omdat ik meer te verliezen heb, denk ik ook wel eens na over de mogelijkheden om mijn verlies te beperken. Want sommige mensen zitten zelfs op een stevige beurscorrectie te wachten om hun eigen rendement te verhogen.

De vorige ke(e)ren

De vorige crisis op de aandelenbeurzen begon eigenlijk in oktober 2007. De S&P500 stond toen op z’n hoogste stand sinds de voor-voorgaande crisis, 1.565,15 punten. Anderhalf jaar later, op 9 maart 2009, stond de S&P500 op z’n dieptepunt van 676,53 punten, ruwweg het gebied tussen de twee verticale lijnen in onderstaande grafiek. Een daling van 56,8%. Sindsdien is de beurs ongeveer verdrievoudigd. De voor-voorgaande crisis, een gevolg van de dot-com bubbel, leidde ook tot een daling van de S&P500 van ongeveer 50%.

Bron: finance.yahoo.com

Wat als?

Wat zou het effect zijn als dat nu weer zou gebeuren? Wat gebeurt er met mijn portefeuille en met mijn emotie als er weer een crisis komt, als de aandelenmarkt weer 50% daalt. De vraag is niet of het gebeurt, maar wanneer. En wat zou ik kunnen doen om het verlies te beperken, of in elk geval mijn inleg veilig te stellen? Laten we dat eens gaan verkennen. In onderstaand model gebruik ik fictieve cijfers, maar ik heb de exercitie uiteraard ook gedaan met mijn eigen portefeuille.

Het model opbouwen

In deze situatie gaat het even niet om rendement. Ik kijk naar de totale waarde van de portefeuille, in relatie tot de totale inleg die je gedaan hebt om die portefeuille op te bouwen. De aanname hierbij is dat de portefeuille een goede afspiegeling is van de markt.

Stel, je bent eind 2009 begonnen met inleggen. Elke maand maak je € 500 over naar je beleggingsrekening, en daar koop je dan een breed gespreide ETF zoals VWRL voor. Eind 2019 heb je dan 10 jaar x 12 maanden x € 500 ingelegd, in totaal € 60.000. En stel ook dat je portefeuille nu € 100.000 waard is, door alle koersstijgingen van de afgelopen 10 jaar. Je volgt een ‘buy-and-hold’ strategie (kopen en vasthouden).

De crisis begint

Stel dat de beurs morgen begint met dalen. Niet in één keer, maar gewoon stapsgewijs. Soms weer een beetje omhoog, maar dan ook weer iets verder naar beneden. Dat gaat zo de komende anderhalf jaar door. En medio 2021 staat de beurs 50% lager dan nu.

Nu wordt het even ingewikkeld. Want in die anderhalf jaar heb je, als het goed is, nog wel elke maand € 500 ingelegd. Dat is ook alweer € 9.000. Maar dat negeren we even, we gaan even uit van de €60.000 inleg en de € 100.000 portefeuille die je hebt op het moment dat de markt piekt.

Scenario 1 – We doen niets

Je bent een stoere belegger, en de strategie heet niet voor niets kopen en vasthouden. Dus je blijft rustig zitten op je portefeuille. Medio 2021 heb je dan nog € 50.000 over. De helft van je piekbedrag van € 100.000. Maar ook € 10.000 minder dan je totale inleg tussen 20019 en 2019. 20 maanden inleg van € 500. Maar goed, dat trekt in de jaren daarna wel weer bij, toch? En in de praktijk heb je meer ingelegd, namelijk € 69.000. Maar ook daar ben je een deel van kwijtgeraakt. Hoeveel precies hangt een beetje af van de manier waarop de beurs in die anderhalf jaar gedaald is, maar laten we even uitgaan van de helft. Dan heb je nog € 54.500 over van je inleg van € 69.000.

Scenario 2 – Stapsgewijs verkopen

Eén van de strategieën waar ik over nadenk is het stapsgewijs verkopen van een deel van mijn portefeuille. Wat ik daarvoor nodig heb is een objectieve ‘trigger’. Wat is het signaal dat af moet gaan voordat ik deze strategie in werking zet? Dan kan ik het namelijk automatiseren. Dat haalt voor mij de emotie eruit. En zorgt dat ik minder gekke dingen doe. Zo doe ik dat met mijn maandelijkse betalingen, en zo doe ik dat het liefst ook met mijn beleggingen.

Hiervoor heb ik teruggekeken in mijn eigen portefeuille van de afgelopen 7 jaar, sinds het begin van mijn huidige portefeuille op 1 januari 2013. De grootste correctie in mijn portefeuille vond plaats tussen eind september 2018 en eind december 2018, en bedroeg -/-9,1%. Het vervelende is natuurlijk dat je nooit weet of zo’n daling het begin is van een echte crisis, of dat het een ‘kleine, tijdelijke’ correctie is die weer bijtrekt. Eind 2018 was het gelukkig dat laatste, maar ik herinner me dat veel mensen erg zenuwachtig werden. Bij mij viel dat wel mee gelukkig.

Maar stel nou eens dat ik 10% als ‘trigger’ neem. En met die 10% bedoel ik: De totale waarde van mijn portefeuille staat 10% beneden de hoogste waarde ooit. Een variant op de stop loss order, maar dan op het niveau van mijn hele portefeuille. Zodra de trigger afgaat, verkoop ik een bepaald deel van mijn portefeuille. En dat blijf ik doen zolang de daling van de beurs duurt. Dus na elke volgende 10% waardedaling verkoop ik weer een bepaald deel van mijn portefeuille. Wanneer zou ik dan mijn inleg veilig gesteld hebben?

Dat heb ik uitgewerkt in onderstaande grafieken. Ik ga er daarbij van uit dat de daling van de beurs gelijkmatig verdeeld verloopt, tussen maand T=1 en maand T= 18. En ik test verschillende scenario’s om te bepalen welk deel van mijn portefeuille ik steeds moet verkopen, variërend van 5% per keer tot 25% van de actuele waarde per keer. En elke keer is de trigger dus een daling van de portefeuille met 10% ten opzichte van het vorige verkooppunt. De eerste verkoop wordt getriggerd door een daling van 10% ten opzichte van de piekwaarde.

Verkoopstrategie bij inleg € 60.000 en piekwaarde € 100.000

In alle vier de scenario’s voer ik in die anderhalf jaar 5 verkooptransacties uit, in maand 4, 8, 11,14 en 17. Maar de omvang van die verkopen verschilt nogal. Daardoor verschilt ook het eindresultaat. In het scenario met verkopen van 25% per keer heb ik aan het eind nog maar een kleine portefeuille over, maar wel een groter bedrag aan cash veilig gesteld. Het gaat om het totale resultaat. Wat is de waarde van de veiliggestelde cash plus mijn resterende portefeuille? En hoe verhoudt die zich (1) tot de inleg van € 60.000 en (2) tot het scenario Niets Doen, waarbij ik nog € 50.000 over heb? Dat zie je in onderstaande grafiek.

Resultaat bij verkoopstrategie bij inleg € 60.000 en piekwaarde € 100.000

Wat me opvalt is dat (ten opzichte van het scenario Niks Doen) elk verkoopscenario dat ik getest heb een beter eindresultaat oplevert. Dat varieert van € 4.400 bij het scenario waarbij ik 5% van de portefeuillewaarde per transactie verkoop, tot ruim € 18.000 bij het scenario waarbij ik 25% van de portefeuillewaarde per transactie verkoop. Ten opzichte van de inleg moet ik al hogere percentages per transactie verkopen om ‘in de plus’ te eindigen, daarvoor moet ik 20% per keer verkopen. Maar dat zou natuurlijk anders zijn bij een andere verhouding tussen de piekwaarde en de inleg. Bij een inleg van € 60.000 en een piekwaarde van € 120.000 eindig ik ten opzichte van de inleg al ‘in de plus’ als ik 10% per keer verkoop, dat zie je in onderstaande grafieken.

Verkoopstrategie bij inleg € 60.000 en piekwaarde € 120.000
Resultaat bij verkoopstrategie bij inleg € 60.000 en piekwaarde € 120.000

Scenario 3 – Opties als verzekering?

Ik heb er ook nog even over nagedacht om opties in te zetten als verzekering tegen een beurscrisis. Amber Tree Leaves heeft hier een interessante presentatie over gegeven op FIN-X in september 2019. Lastig is hierbij dat ik een aantal ETFs in portefeuille heb, en een optie moet je ook een expiratiedatum geven. Het voordeel van de verkoopstrategie uit scenario 2 is dat die werkt ongeacht het moment waarop de beurs begint te dalen. Voor VWRL heb ik geen optie-informatie kunnen ontdekken.

Slotgedachten

Mijn denken over de verkoopstrategie is nog niet klaar. Zo ben ik nog aan het overwegen welk deel van mijn portefeuille ik als eerste zou gaan verkopen. Mijn eerste gedachten zijn dat dit niet de dividendfondsen moeten worden, die leveren ook bij een lagere beurs nog passieve inkomsten op.

En een ander puntje… Eruit stappen is één ding, maar wanneer stap je er weer in. Je mist time-in-the-market, en ook een eerste stukje van de stijging. Ik kan nog geen signaal verzinnen om dan weer in te stappen.

Wat zeggen anderen?

Ook andere bloggers denken na over wat ze zouden kunnen doen als (wanneer) er een nieuwe beurscrisis komt. In april schreef Groeigeld erover. In diezelfde maand stelde Kaskoe zichzelf een aantal vragen, ik wacht met smart op zijn vervolgverhaal. En Financieel Vrijer schreef over het besluit om afscheid te nemen van een specifiek aandeel.

Wat is jouw strategie als er een echte beurscrisis komt?

Grote gemene huizenkopers?

  • Berichtcategorie:BeleggenWonen

Tijdens een van de meet-ups hebben we er wel eens over gespeculeerd. Hoe groot is ‘onze beweging’ nou eigenlijk? Geen idee eigenlijk. Maar soms lees je berichten die wel een idee geven.

Zo las ik onlangs dat landelijk bij 5,8% van de woningverkopen de kopende partij een kleine belegger is, die het huis daarna gaat verhuren. In 2017 zijn er ruim 225.000 woningen verkocht, dus dat zou betekenen dat er ruim 13.000 woningen aan kleine beleggers verkocht zijn.

In grote steden ligt dit percentage al boven de 10%. En dat beginnen sommige politici een probleem te vinden, omdat het ten koste gaat van starters op de woningmarkt, en mensen met een middeninkomen. In één stad komt deze stijging overigens grotendeels voor rekening van de vastgoedstrategie van DivNomics, denk ik… 😉

Even afwachten dus zo net na de gemeenteraadsverkiezingen. Maar je hebt best kans dat sommige gemeenten zullen gaan proberen om maatregelen te nemen. Zelfs de Tweede Kamer denkt, samen met de minister van Binnenlandse Zaken, na over maatregelen. Ik beleg zelf niet in vastgoed, heb er ook geen plannen voor. Maar het vinden van geschikte beleggingsobjecten zou wel eens nog lastiger kunnen worden, en het beheer van de panden zal er vast ook niet goedkoper van worden.

Beleg jij in vastgoed?