Het is een geliefd onderwerp in FIRE-land. De Safe Withdrawal Rate (SWR). In mijn woorden: welk percentage van je vermogen kun je, nadat je stopt met vermogensopbouw, jaarlijks opeten zonder dat je ooit zonder geld komt te zitten? Daar woeden hartstochtelijke discussies over in de blogwereld. 3%, 3,5% of toch 4%? Met name in de Amerikaanse blogs worden hier pagina’s over volgeschreven, en vliegen de grafieken je om de oren. Mocht het je interesseren, Early Retirement Now heeft er een hele serie blogjes over geschreven. Meer dan 25 delen met alles wat je ooit wilde weten over de Safe Withdrawal Rate. Maar ook The Simple Dollar heeft een erg toegankelijk verhaal geschreven, net als Get Rich Slowly. En dichter bij huis heeft Lekker Leven Met Minder er een paar maanden geleden ook een blogje aan gewijd. Genoeg leesvoer dus. Wat heb ik daar nog aan toe te voegen?

Allereerst is het belangrijk om te beseffen dat de hele discussie over de Safe Withdrawal Rate samenhangt met hoe het Amerikaanse pensioensysteem is opgebouwd. Daar is het vrijwel volledig individueel. Je legt zelf in op een 401(k) of andere fiscaal gunstige beleggingsrekening, en je werkgever levert daar al dan niet ook een bijdrage aan (al dan niet afhankelijk van jouw eigen bijdrage). Dat geld wordt belegd in aandelenfondsen en/of obligatiefondsen en/of spaarproducten volgens een verdeling die je zelf kunt bepalen.

Dat betekent dat het pensioen van de gemiddelde Amerikaan volledig betaald wordt uit het zelf opgebouwde vermogen. En daar wil je het natuurlijk wel mee volhouden tot je omvalt. Dan is het dus erg belangrijk om te bepalen hoeveel vermogen je jaarlijks op kunt nemen zonder op termijn in de problemen te komen. En dat is nog belangrijker als je ‘eerder’ stopt met werken (en met het opbouwen van vermogen).

Het Nederlandse systeem zit natuurlijk anders in elkaar. We hebben een pensioensysteem met meerdere pijlers. De overheid verzorgt een AOW-uitkering, bedoeld als basisinkomen om te kunnen rondkomen (sterkte als dat alles is wat je hebt). Voor de meeste Nederlanders komt het leeuwendeel van hun pensioen uit de tweede pijler, pensioenopbouw via de werkgever. En dan is er de derde pijler, min of meer fiscaal aantrekkelijke individuele verzekeringen, zoals lijfrenten, koopsommen en levensverzekeringen. Dit is de belangrijkste pensioen-optie voor zelfstandige ondernemers.

Dat betekent dat het gemiddelde Nederlandse inkomen na pensionering anders opgebouwd is. Deels een (steeds minder gegarandeerde) AOW en/of pensioenuitkering, en deels een inkomen uit vermogen in de derde pijler of eigen vermogen dat je buiten het pensioensysteem om bij elkaar gespaard en belegd hebt. En dan ga ik natuurlijk nog helemaal voorbij aan de mensen die een kleiner of groter deel van hun inkomsten na pensioen gaan halen uit passief inkomen zoals huuropbrengsten van vastgoed. Voor mijn eigen situatie heb ik eerder onderstaande schematische weergave gemaakt, die ik al vaker gebruikt heb op mijn blog.

Voor mijn persoonlijke situatie, en ook voor de persoonlijke situatie van alle andere Nederlanders die het merendeel van hun pensioen opbouwen in de ‘tweede pijler’, is de Safe Withdrawal Rate minder relevant. Mijn vermogen dient straks twee doelen. Allereerst het (volledig) overbruggen van de uitgavenkloof tussen het moment dat ik stop met werken en vermogen opbouwen, en het moment dat mijn pensioen met uitbetalen begint (volgens de huidige prognose 69 jaar en 6 maanden). Mijn huidige verwachting is dat mijn pensioen de kosten van levensonderhoud na pensionering (vrijwel) volledig kan dekken, afhankelijk van wat er de komende jaren nog met de inflatie en de indexeringen gebeurt. Als dat uitkomt, heb ik nog maar een zeer beperkte aanvulling van mijn inkomen uit mijn vermogen nodig. Ik ga er nu van uit dat de Safe Withdrawal Rate in die berekeningen geen rol van betekenis meer zal spelen. Dit ook omdat ik mijn geld aan niemand na hoef te laten. In de ideale situatie staat er na mijn overlijden € 0,00 op mijn bankrekening.

Interessant voorbeeld is in dit verband trouwens het Noorse staatspensioenfonds, dat gevoed wordt door de olie-inkomsten van het land. Origineel hanteerden zij een Withdrawal Rate van 4%, die zelfs is vastgelegd in de wet. Geen slecht idee, want je beschermt het fonds daarmee tegen politieke grillen en opportunisme. Maar vorig jaar werd er voorgesteld om de Withdrawal Rate aan te passen naar 3%. Zelfs de Noren worden dus wat voorzichtiger, in hun geval ook vooral omdat het einde van de olie-inkomsten de komende decennia wel in zicht lijkt te komen.

Maar goed, als je hele pensioen uit vermogen komt dan is het wel nuttig om over de Safe Withdrawal Rate na te denken. Als je geheel of gedeeltelijk een pensioenfonds hebt dan ligt het genuanceerder. Op de AOW ga ik trouwens niet alteveel meer rekenen. Die zal wel heel erg veranderd zijn tegen de tijd dat ik eraan toe ben. Al zal er waarschijnlijk wel een vangnet blijven, maar dan misschien alleen voor mensen die geen pensioen hebben opgebouwd.

Hoe denk jij over de Safe Withdrawal Rate?