Te klein potje voor gadgets?

Gadgets zijn een guilty pleasure van mij. En dus ook een post waar regelmatig geld aan wordt uitgegeven. En waar op dit blog regelmatig over geschreven wordt. Vanaf eind 2018 ben ik hier dieper ingedoken en sinds begin 2019 reserveer ik maandelijks € 100 voor de vervanging van mijn favoriete speeltjes. Daarmee werd het zaadje geplant voor mijn potjessysteem, waar ik sinds begin 2020 mee werk in mijn administratie.

Niks aan de hand zou je zeggen. Maar toch wel. Als ik kijk wat er in het potje zit, en als ik kijk naar de uitgaven die ik de komende jaren verwacht, dan ontstaat er een probleempje. Niet genoeg geld in de spaarpot. De simpele oplossing zou natuurlijk zijn om dan maar minder gadgets te kopen. Maar ik weet niet helemaal zeker of dat gaat lukken.

Onlangs heb ik in mijn administratie eens even eerlijk teruggekeken naar mijn gadget-uitgaven van de afgelopen 5 jaar. In het verleden had ik het dan over telefoon, tablet, laptop en server. Redelijk overzichtelijk. Maar er is meer… Bij de telefoon horen accessoires (zoals een hoes en mijn Airpods), bij de laptop ook een nieuwe draadloze muis. En de SONOS speakers die we eind 2016 aangeschaft hebben en de extra set die vorig jaar voor onze werkkamers is aangeschaft. En de router waarmee ik in 2018 ons netwerk verbeterde en de nieuwe DEVOLO ethernet-over-power adapters waarmee ik in 2020 ons netwerk sneller maakte, zodat Vriendin en ik elkaar gedurende de werkdag niet meer in de weg zitten als we videobellen…

Mijn vorige telefoon heb ik gebruikt tot ‘ie kapot ging. Dat zal ik waarschijnlijk met mijn huidige telefoon ook doen. Mijn laptop en tablet zijn vernieuwd in 2019, die moeten ook nog wel even mee kunnen. Al merk ik wel dat ik de laptop nu ook echt dagelijks gebruik, want ik log in op mijn werkplek via de privé-laptop. De server is momenteel het oudst, die dateert uit 2016. Gevolgd door mijn telefoon uit 2017. Maar beide functioneren nog prima.

Op basis van de historische uitgaven heb ik een prognose gemaakt voor de komende jaren.

Gadget2021202220232024
Telefoon1.400
Laptop3.000
NAS1.750
Netwerkinfra1.750
Tablet800

En op basis daarvan heb ik mijzelf de vraag gesteld of ik wel voldoende reserveer? Ik heb de inhoud van het potje Gadgets / Tech per 1 januari 2021 als uitgangspunt genomen. Daar stort ik maandelijks € 100 bij. En dan blijkt al snel dat dat niet voldoende is. In 2022 duikt het potje zwaar de min in, en komt daar eigenlijk ook niet meer uit.

Ik heb even gespeeld met andere bedragen voor de maandelijkse reservering. Dan kom ik er op uit dat ik mijn reservering eigenlijk moet verhogen naar € 150 per maand. Dan duik ik met de huidige uitgavenprognose nog nét in de min in 2024, maar verder heb ik elk jaar voldoende middelen voor de geplande vervanging van mijn gadgets. En dan maar hopen dat een tussentijds onverwacht defect geen roet in het eten gooit.

De vraag is natuurlijk altijd of dit genoeg is. Want mijn geluidsinstallatie zal ook niet het eeuwige leven hebben, en een tussentijdse upgrade van de netwerkinfrastructuur kan ook zomaar noodzakelijk zijn. Maar dat moeten we maar bekijken als het langskomt. Het zijn maar potjes, ik heb meer spaargeld dan dit. En idem als er geld overblijft, het hoeft allemaal niet op. Ik ben bevoorrecht dat ik me dit kan veroorloven. Het doel is vooral om een beetje stuur te hebben op wat ik wanneer uitgeef, en mijn eigen drang om steeds de nieuwste laptop en iPhone te hebben een beetje te beteugelen…

Hoe ga jij om met de onbedwingbare neiging om nieuwe dingen te kopen?

Eerste kwartaal 2021

Kwartaalrapport nummer 19 van Geldnerd. En nog een bijzondere mijlpaal. Want dit is de 750e blogpost die ik hier publiceer.

Zevenhonderd en vijftig berichten.

Korte berichten. Lange berichten. Commentaar op nieuws. Financiële ideeën. Rubrieken zoals deze. De 19e kwartaalrapportage, ongeveer 1 op de 40 berichten is dus een kwartaaloverzicht. En dat heeft een bedoeling, net als mijn hypotheekupdates. Want het lijkt elke maand een klein stapje. Naar een kostenpost kijken. Sparen. Iets inleggen op de beleggingsrekening. Maar elke maand een stapje maakt drie stapjes in een kwartaal. 12 stapjes in een jaar. 57 stappen in 19 kwartalen. Het laat zien wat er gebeurt als je gewoon stug doorgaat. Dan kom je ergens.

En waar is dat ‘ergens’ aan het einde van het eerste kwartaal van 2021?

Aandelenmarkten – Inflatiespoken en Rente-angsten

De beurs ging in januari voortvarend van start. In de eerste handelsweek steeg mijn portefeuille met maar liefst 3,3%, en tikte ik een nieuw Virtual All Time High aan. En dat bleef eigenlijk de rest van het kwartaal zo. Al waren er eind januari en begin maart een paar weekjes waarin inflatiespoken en rente-angsten de beurs leken te beheersen. Het ongebreidelde optimisme van de aandelenmarkten blijft me verbazen, en roept de vraag op wanneer deze bubbel zal gaan knappen…

Grafiek S&P500 1 jaar (bron: Yahoo Finance)

Zelfs de beurzen in Europa lieten zich in het eerste kwartaal van hun optimistische kant zien. Het beste bewijs dat er iets grondig mis is op de markten, zou ik denken….

Grafiek Euro Stoxx 50 1 jaar (bron: Yahoo Finance)

Per saldo werd de Amerikaanse dollar in het eerste kwartaal iets sterker. Inmiddels krijg je voor € 1,00 ongeveer US$ 1,17. Ik ontvang nog steeds een groot deel van mijn dividend in Amerikaanse dollars. Maar heb nog maar één ETF in mijn portefeuille die in dollars genoteerd staat

Mijn portefeuille

Mijn portefeuille is nog steeds goed gespreid over de wereldwijde aandelenmarkt en de markt voor staatsobligaties, met dank aan VWRL en DBZB aangevuld met enkele dividend-ETFs. En mijn portefeuille beweegt dus keurig mee met de wereldwijde aandelenmarkten. Ik heb ook dit kwartaal elke maand normaal bijgekocht met mijn maandelijkse storting, steeds het fonds dat mijn spreadsheet adviseerde om dichter bij de gewenste portefeuilleverdeling uit te komen.

Hoe lees je deze grafiek? De (op dit moment) bovenste zwarte lijn geeft de actuele waarde van mijn beleggingsportefeuille op de betreffende datum. De (op dit moment) onderste zwarte stippellijn geeft de totale inleg tot die datum weer. Je ziet dat ik de afgelopen jaren elke maand een inleg doe. Het groene vlak tussen de twee lijnen is mijn huidige papieren beleggingswinst. Als ik op verlies zou staan (de portefeuille is minder waard dan de inleg) dan wordt er een rood vlak zichtbaar. Zie ook deze blogpost voor een nadere uitleg over hoe ik deze grafiek opgebouwd heb.

Momenteel is mijn totale beleggingsportefeuille 60,3% meer waard dan de totale inleg die ik sinds 1 januari 2013 gedaan heb. De ROI YTD is per einde van het eerste kwartaal 11,1%. De 12-maands XIRR staat op 46,6%.

Indicator2020Q12020Q2202Q32020Q42021Q1
% boven inleg14,5%31,5%33,1%46,3%60,3%
ROI YTD-22,1%-9,3%-7,0%4,1%11,1%
XIRR 1Y-15,3%-3,9%-1,4%3,2%46,6%

Dividend en Spaarrente

In het eerste kwartaal van 2021 ontving ik netto op mijn rekening € 524,36 aan dividend. In het eerste kwartaal van 2020 was dat nog € 223,91 en in het vierde kwartaal van 2020 was het € 713,06. Aan het einde van het eerste kwartaal stond er geen dividend aangekondigd voor uitbetaling in het tweede kwartaal van 2021.

Ik registreer mijn dividend bij op netto contante basis in Euro’s, de basisvaluta van mijn administratie. Dat betekent dat ik het netto dividendbedrag opneem op het moment dat het op mijn beleggingsrekening geboekt wordt. Als het een dividend in buitenlandse valuta (US dollar) is, dan reken ik het om naar Euro’s tegen de wisselkoers van het moment van ontvangen op mijn rekening.

Mijn verwachting is nog steeds dat de spaarrente nog jaren laag blijft. Ik krijg inmiddels nog 0,03% rente op mijn bufferrekening, en 0,01% op de kleine bufferspaarrekening bij mijn huisbank.

Spaarpercentage

We waren het hele eerste kwartaal in lockdown, met zelfs een avondklok. Niet-essentiële winkels waren gesloten, en hoe de horeca er van binnen uit ziet kan ik me nauwelijks meer herinneren. Dat deed wonderen voor het Spaarpercentage en het aantal No Spend Days.

Mijn administratie houdt ook voor mij bij hoeveel No Spend Days (NSDs) ik heb. Dat zijn dagen waarop ik niks betaal met mijn creditcard, pinpas, of contant geld. Corona zorgt er nog steeds voor dat het aantal NSDs hoger is dan ‘vroeger’. Gemiddeld had ik er toen een stuk of 10 per maand. 

Eigen Vermogen

Het eerste kwartaal levert altijd bijzondere sprongetjes op. Vroeger omdat er dan altijd een leuk bedrag aan rente-inkomsten binnenkwam van de spaarrekeningen. Maar dat is al een aantal jaren niet meer het geval. Ik heb nog maar een beperkte contante buffer en de rente is zo ongeveer 0. De totale rente-inkomsten begin januari over het jaar 2020 waren niet eens meer ‘tientjeswerk’.

De WOZ-waarde leverde wel weer een leuke bijdrage. Maar dat is papieren rijkdom, we verzilveren het pas als we onze woning ooit verkopen. En ik weet uit ervaring dat het dan kan tegenvallen.

Verder was er regulier salaris, inleg in mijn beleggingen, reguliere aflossingen van de hypotheek, en natuurlijk de bewegingen van de beleggingsportefeuille op de golven van de aandelenmarkten.

En dat leidt tot onderstaande ontwikkeling van mijn vermogen per kwartaal. In het eerste kwartaal van 2021 is mijn eigen vermogen gegroeid met maar liefst 14,0%. Met dank aan de woningmarkt en de aandelenmarkt.

Beste Uitgave(n)

In het eerste kwartaal werd er bizar weinig uitgegeven in Huize Geldnerd. Dat komt natuurlijk door de lockdown. We hebben, nadat de kerstboom begin januari uit de woonkamer was verdwenen, een aantal nieuwe kamerplanten laten bezorgen om de woonkamer wat op te vrolijken en ons door de donkere dagen naar het voorjaar te helpen. Maar dat is echt de enige bijzondere uitgave die ik in het eerste kwartaal kan vinden. Want die motor was natuurlijk gewoon een grapje. Goed voor het spaarpercentage, maar de afgelopen periode was wel heel drastisch…

Vooruitblik

In het tweede kwartaal verwacht ik wel een aantal grote uitgaven. Zo zal eindelijk het proces van mijn kaakoperatie van anderhalf jaar geleden worden afgerond. Daar heb ik een potje voor. Verder willen we een aantal dingen in ons huis aanpakken en zal de buitenboel geschilderd worden. Er zal dus meer geld uitstromen dan in het eerste kwartaal.

Hoe was jouw eerste kwartaal?

Je kunt oude kwartaalberichten teruglezen via mijn overzichtspagina.

Lockdowneffect

  • Berichtcategorie:Administratie

We zitten er al weer in sinds medio december. Een lockdown. Waarbij alle niet-essentiële winkels gesloten zijn (behalve voor afhalen). En sinds 23 januari hebben we dan ook nog de avondklok, waarbij we geacht worden tussen 21.00 en 04.30 binnen te blijven. Bedoeld om onze bewegingen en contacten te beperken, en daarmee de verspreiding van het COVID-19 virus te remmen.

Als brave burger houdt Geldnerd zich best goed aan de regels, denkt hij zelf. We vinden het vervelend dat het laatste rondje met Hondje ’s avonds niet meer met z’n drietjes kan, dat is hier in Huize Geldnerd een beetje de gewoonte. Even een wandeling samen terwijl Hondje om ons heen scharrelt. Nu gaat Geldnerd of Vriendin braaf alleen met Hondje aan de lijn nog even naar buiten voor een plasje en soms iets groters. Maar het is voor het goede doel, en deze impact overleven we wel. Verder merken we er weinig van, we ontvingen ook voor de strengere maatregelen al nauwelijks bezoek.

Met al die maatregelen zijn de mogelijkheden om geld uit te geven nog beperkter geworden dan ze al waren. Niet voor niets klaagt de middenstand steen en been, en ook Geldnerd zelf zou best graag weer eens met een biertje en een bitterbal op een terrasje willen zitten om naar mensen te kijken. Maar dat is nog even niet zo. Daarmee worden de effecten van de lockdown van de afgelopen maanden ook goed zichtbaar in mijn administratie. Dat merkte ik toen ik vorige week mijn spreadsheet bijwerkte met de laatste boekingen van februari en de boekingen van de eerste twee weken van maart.

Allereerst de No Spend Days, de dagen waarop ik niks betaal met mijn creditcard, pinpas, of contant geld. Vóór Corona had ik er toen een stuk of 10 per maand, in 2020 waren het er gemiddeld iets meer dan 20 per maand. Maar januari en februari 2021 breken nieuwe records.

En de werkelijkheid is nog steviger dan de grafiek laat zien. Want die enige dag waarop ik een uitgave gedaan zou hebben is de dag dat mijn creditcard werd afgeschreven. En dat was een transactie van eind 2020, toen ik een huurauto aftankte die we gebruikt hadden voor familiebezoek met Kerstmis. Door de manier waarop ik de transacties verwerk komt dat pas in mijn administratie als de creditcard wordt afgeschreven door mijn bank. Ik heb dus in mijn eigen administratie in januari geen uitgaven met creditcard, pinpas, of contant geld gedaan. Nul. Helemaal niks. In de gezamenlijke administratie was het iets drukker (want we doen één keer per week boodschappen), maar ook dat mocht geen naam hebben.

In februari was het beeld niet veel anders. Een bezoekje aan mijn favoriete wijnhandel, een kopje koffie to-go toen ik met een collega een wandeling maakte. En weer een creditcardafschrijving, nu met alleen maar mijn Spotify-abonnement.

En dan het spaarpercentage. Waar ik in 2020 dramatisch de mist mee inging. Dat is (met mijn verbeterde spreadsheet met dubbelplusgecontroleerde formules en kruiscontroles) in 2021 als een raket van start gegaan.

Geen verrassing natuurlijk, als je vrijwel niks uitgeeft. Ja, ik heb de reguliere overboeking naar de gezamenlijke huishoudrekening. Mijn eigen vaste lasten, de mobiele telefoon en de kosten van mijn bank. Maar verder gebeurt er dus vrijwel niets op mijn bankrekening. En dat zie je. Met dit soort spaarpercentages hoor je me overigens niet klagen. Als de terrassen weer open zijn komt er echt nog wel een kleine inhaalrace…

Merk jij de effecten van de lockdown in jouw financiële gedrag?

Een hoger budget voor 2021

De maand januari is inmiddels bijna voorbij, en ik heb nog geen woord geschreven over het budget. Terwijl er toch echt wel een aantal aanpassingen zijn gedaan in Huize Geldnerd. En: voor het eerst sinds 2017 is ons huishoudbudget (en daarmee de bijdrage aan de gezamenlijke huishouding) verhoogd. Lifestyle-inflatie? Tijd voor een overzicht!

Gezamenlijke huishouding

Geldnerd en Vriendin hebben een samenlevingsovereenkomst. Hierin is over de financiën afgesproken dat we de gezamenlijke huishouding ‘naar draagkracht’ betalen. In onze situatie betekent dat op basis van onze beider netto salarissen. Dat is ongeveer 50/50 maar net niet helemaal.

Wat we apart hebben afgesproken in de samenlevingsovereenkomst is dat we wel 50/50 betalen voor (a) reizen, aankopen voor de inboedel en andere bijzondere uitgaven en (b) de aflossing van de gezamenlijke woning. Die verrekenen we apart, buiten de reguliere maandelijkse bijdrage om. Onze woning is dus echt voor 50% eigendom van Vriendin en voor 50% van Geldnerd.

Voor het overige zijn onze salarisinkomsten en onze vermogens strikt gescheiden. Ons salaris komt binnen, we maken over naar de gezamenlijke rekening voor huishouding en aflossing, en de rest is naar eigen inzicht te sparen en/of te besteden.

In de gezamenlijke administratie heb ik een werkblad gebouwd dat jaarlijks voor ons uitrekent wat we allebei maandelijks bij moeten dragen. Uit de hypotheekspreadsheet haal ik de geplande reguliere en extra aflossingen voor het jaar. Uit de begroting komen de verwachte uitgaven voor de gezamenlijke huishouding. En van onze salarisbrieven in januari komen de nieuwe netto-salarissen. Daarmee is het een eenvoudige berekening wat we beide maandelijks bij moeten dragen. Eén keer een herhalende boeking instellen op onze eigen bankrekeningen, en klaar.

We doen dit al zo sinds we eind 2016 Geldnerd HQ kochten, dus al 4 jaar. En de totale verwachte uitgaven voor de gezamenlijke huishouding zijn in die 4 jaar steeds gelijk gebleven. Natuurlijk werden er dingen duurder, maar dat hebben we steeds opgevangen door elders te besparen. We hebben de digitale televisie van ZIGGO de deur uit gedaan. Onze verzekeringen gerationaliseerd. Een goedkoper energiecontract afgesloten. Steeds wisten we wel ergens te besparen, en daarmee de totale huishouduitgaven min of meer constant te houden. Tot 2020.

Knipperend lampje

In mei 2020 maakte ik al melding van een knipperend rood lampje in de administratie. Het geld was op en er was nog een stukje maand over. Maar ook in de latere maanden was het af en toe nodig. Meestal maakte ik dan snel even een bedrag over van mijn persoonlijke rekening naar de gezamenlijke rekening, om dat weer terug te boeken nadat we de maandelijkse reguliere bijdrage hadden gestort. Maar op die manier bouw je natuurlijk wel een structureel tekort op dat je van maand naar maand meesleept. Geen gezonde situatie.

Bij de analyse van de jaarcijfers 2020 en het opstellen van de begroting 2021 ben ik er dus diep ingedoken. Naar het voorbeeld van The Pursuit Of Hot die vorig jaar ook eens meerjarig naar de uitgaven keek. Wat waren de oorzaken van dat terugkerende tekort? Zijn die oorzaken incidenteel of structureel? En hoe lossen we het op? Want ik wil ook wel elke maand een hele bak met geld overhouden. Bij een incidentele oorzaak past een eenmalige bijstorting om ook op de gezamenlijke rekening wat ‘buffer’ te hebben. Maar bij een structurele oorzaak hoort een structurele oplossing: verder bezuinigen in vaste lasten of de begroting (en maandelijkse bijdrage) ophogen.

Analyse

Niet zelden is er meer dan één oorzaak voor een probleem. Zo ook hier. We hebben in 2020 niet altijd bijgestort voor niet-gebudgetteerde uitgaven, we betaalden ze uit de gewone maandelijkse bijdrage. In de jaren daarvoor kon dat ook, er was genoeg vrije ruimte op de rekening. Maar inflatie en prijsverhogingen deden in 2020 de balans omslaan. ‘Het leven wordt duurder’ is geen loze kreet.

Want ook onze reguliere huishouduitgaven stijgen door. Rente en aflossing houden we constant, maar andere kosten stijgen wel.

Onze gezamenlijke huishouding is vrij eenvoudig:

  • We hebben de kosten van wonen (exclusief hypotheek). VVE-bijdrage, gemeentelijke belastingen, waterschap, gas/water/elektra/internet, en onze schoonmaakster.
  • Daarnaast de kosten voor financiën. De kosten van de bankrekening en verzekeringen.
  • Niet te vergeten de kosten van ons Hondje.
  • De boodschappen.
  • Horeca: uit eten en thuisbezorgd.
  • Overige kosten

In onderstaande grafiek heb ik de kosten voor deze categorieën op een rijtje gezet voor de periode 2017 tot en met 2020.

Uit de grafiek blijkt duidelijk een stijgende lijn vanaf 2018. Het beeld over 2017 wordt nog een beetje vertekend door kosten na de aanschaf van ons huis. Ons Hondje werd duurder vanaf 2019. Niet alleen door de medische kosten (die zijn hopelijk eenmalig), maar ook omdat zijn vorige uitlaatservice ermee ophield, en we een nieuwe (en duurdere) uitlaatservice in de plaats genomen hebben. Maar vooral zie je dat de kosten voor wonen en boodschappen omhoog kruipen. Het financiële spook dat inflatie heet.

Velen van jullie zullen het herkennen. Ieder jaar een paar Euro per maand erbij voor de internetverbinding, het TV-abonnement, de gemeentelijke belastingen. Op termijn van een paar jaar tikt het aan. Volgens het CBS bedroeg de inflatie over de periode begin 2017 tot en met eind 2020 in totaal ongeveer 7,2%. Er zit een grens aan wat je kunt bezuinigen zonder dat je inlevert op kwaliteit en comfort. En er zit ook een grens aan hoeveel kwaliteit en comfort je in wilt leveren.

Bron: CBS

In 2020 was in Huize Geldnerd vooral de post Boodschappen een uitschieter. Deze uitgavenpost was in de jaren 2017 – 2019 vrij constant, tussen 2018 en 2019 was het verschil zelfs nog geen twee tientjes. Maar in 2020 hebben we ineens 25% meer uitgegeven. Dat is veel. Maar eigenlijk ook wel weer verklaarbaar. We zijn vanaf medio maart vrijwel elke dag thuis geweest. Drie maaltijden per dag. Geen lunches op kantoor, geen vier weken vakantie elders. En zeker in de lockdownperiodes ook iets meer luxe dan gebruikelijk.

Tegelijkertijd is de post Horeca weliswaar lager dan eerdere jaren, maar slechts een paar honderd Euro. Ja, we zijn beduidend minder uit eten geweest. Dat is ook lastig als alle horeca gesloten is… Maar we hebben wel ongeveer wekelijks een keer thuis laten bezorgen. Het netto effect van iets minder horeca en veel meer boodschappen is dat er in 2020 in Huize Geldnerd veel meer aan eten en drinken is uitgegeven.

De vraag is hoe zich dat in 2021 zal ontwikkelen. Wij gaan er van uit dat we in elk geval tot in het najaar volledig thuiswerken. Pas als een substantieel deel van de bevolking is ingeënt, zullen wij mogelijk deels terug gaan naar kantoor. Eigenlijk ga ik er dus van uit dat de situatie in het grootste deel van het jaar hetzelfde zal zijn als in 2020. En het uitgavenpatroon dus ook.

Kan het dan niet goedkoper in Huize Geldnerd? Zeker. Snijden in de vaste lasten. De uitlaatservice (gedeeltelijk) de deur uit. De schoonmaakster opzeggen. Nog beter op de aanbiedingen letten bij het boodschappen doen. Minder uit eten of thuisbezorgen. Een internetabonnement met minder bandbreedte en lagere abonnementskosten (en net zo vaak ‘hangen’ als sommige andere collega’s tijdens de videovergadering). Snijden in kwaliteit. Snijden in comfort.

Er was 7,2% inflatie in 4 jaar tijd. En ons budget heb ik na 4 jaar moeten verhogen met 2,9% om een beetje bij te blijven. Sinds begin 2017 is mijn salaris gestegen met 9,4% zie ik in mijn administratie. Dat is geen slechte verhouding toch? Voorlopig  houden we kwaliteit en comfort op het huidige niveau. Dan maar een maandje later financieel onafhankelijk.

Vreet de inflatie ook aan jouw huishoudbudget?

Jaarafsluiting 2020

Nou, dat was 2020. Als iemand ons eind 2019 had verteld wat er allemaal zou gaan gebeuren, dan hadden we die persoon vast en zeker opgesloten in een krankzinnigeninrichting. En iedereen die zich waarzegger (m/v) noemt mag volgens mij ook op zoek naar een echte andere baan. Maar het jaar 2020 zit er op, dus is het tijd voor een terugblik op het jaar en op het vierde kwartaal.

Kwartaalrapport nummer 18 van Geldnerd. Een kwartaal dat gekenmerkt werd door steeds striktere maatregelen om het coronavirus in toom te houden en de Nederlandse zorg op de been te houden. Maar inmiddels gloort er een klein sprankje hoop met een vaccin en een vaccinatiecampagne, al zijn we in Nederland wel één van de laatsten die er mee starten met dank aan het ministerie van die man met die gekke schoenen.

Aandelenmarkten

Het afgelopen kwartaal zag ik vooral een stijgende beurs, al was er eind oktober even een dipje toen de aandelenmarkten het even niet meer zagen zitten door stijgende aantallen corona-infecties en steeds strengere lockdowns. Maar dat duurde niet lang. En wie durfde er bij het begin van de coronapandemie, toen de beurzen in maart in elkaar klapten, te voorspellen dat we het jaar met recordstanden zouden afsluiten? Het was een achtbaan. Al stelt The Economist in haar Kerstnummer dat er voldoende fundamentele redenen zijn om de huidige stand te rechtvaardigen. We zullen zien, want ik denk (in tegenstelling tot The Economist) dat de aandelenmarkten vooral door emoties bepaald worden, niet door ratio. Alhoewel de S&P500 met een plus van ongeveer 16% geen slecht jaar heeft gehad.

S&P500 1 jaars grafiek (bron: Yahoo Finance)

In Europa zat er in het vierde kwartaal in eerste instantie weinig beweging in de koersen, er was zelfs sprake van een licht dalende trend. Maar vanaf begin november ging Europa vrolijk meedoen met de stijgende koersen elders. En eind december hoorde ik zelfs vanuit Amsterdam jubelende geluiden over recordstanden op de borden. De AEX sloot het jaar af met een plus(je) van 3%. Dat is beter dan de EuroStoxx50 index, die het jaar ruim 6% in de min afsloot.

EuroStoxx50 1 jaars grafiek (bron: Yahoo Finance)

De duikvlucht van de Amerikaanse dollar werd in het vierde kwartaal voortgezet. De Euro werd dus sterker. Inmiddels krijg je voor € 1,00 ongeveer US$ 1,22. Ten opzichte van 1 januari 2020 is dat een verschil van bijna 10%. Dat zijn standen die we sinds april 2018 niet meer gezien hebben. Ik ontvang nog een groot deel van mijn dividend in Amerikaanse dollars. Daar krijg ik dus nu minder Euro’s voor. En met meer dan de helft van mijn portefeuille in Amerikaanse aandelen (volgens de X-Ray van Morningstar) heeft het ook impact op mijn rendement. Jammer maar helaas.

Mijn portefeuille

Mijn portefeuille is nog steeds goed gespreid over de wereldwijde aandelenmarkt en de markt voor staatsobligaties, met dank aan VWRL en DBZB. En mijn portefeuille beweegt dus keurig mee met de wereldwijde aandelenmarkten. Ik heb ook dit kwartaal elke maand normaal bijgekocht met mijn maandelijkse storting, steeds het fonds dat mijn spreadsheet adviseerde om dichter bij de gewenste portefeuilleverdeling uit te komen.

Mijn portefeuille is vooral in november sterk gestegen, en sluit het jaar af in de buurt van het Virtual All Time High (VATH). De stand per 31 december 2020 was VATH -/-0,8%. Het VATH bereken ik door het vorige reële All Time High (medio februari van 2020) te nemen plus alle inleg sinds die datum. De totale waarde van mijn beleggingsportefeuille is nu 46,3% hoger dan wat ik de afgelopen 8 jaar in totaal heb ingelegd. Aan het einde van Q3 was dat 33,1%. Beter dan een spaarrekening….

De ROI YTD is per einde van het jaar +4,11% ( einde derde kwartaal: -/-6,98%). De 12-maands XIRR staat op +3,15% ( einde derde kwartaal: -/-1,38%).

Indicator2019Q42020Q12020Q22020Q32020Q4
% boven inleg48,2%14,5%31,5%33,1%46,3%
ROI YTD25,9%-22,1%-9,25%-6,98%4,11%
XIRR 1 jaar23,5%-15,3%-3,9%-1,38%3,15%

Kosten van Beleggen

In mijn Jaarafsluiting 2019 gaf ik voor het eerst inzicht in de kosten van mijn beleggingen. Ik keek naar twee indicatoren. De eerste is de Total Expense Ratio (TER) van de fondsen in mijn portefeuille met behulp van de Morningstar X-ray. Daarnaast maak ik kosten bij mijn broker, transactiekosten en een maandelijkse fee. Zowel procentueel als in absolute bedragen zijn mijn beleggingen in 2020 goedkoper geworden.

Indicator20192020
Total Expense Ratio (TER)0,26%0,21%
Kosten Broker0,24%0,17%
– waarvan Servicefee44%61%
– waarvan Transactiekosten56%39%

In mijn jaarafsluiting 2019 concludeerde ik overigens ook dat beleggen via DeGiro goedkoper was dan via mijn eigen broker Binck, maar dat DeGiro geen echte bank is. En daar heb ik gelijk in gekregen

Dividend en Spaarrente

In het vierde kwartaal van 2020 ontving ik netto op mijn rekening € 713,06 aan dividend. Dat is een record. Aan de ene kant is dat niet heel vreemd, want mijn portefeuille blijft groeien. Maar in 2020 hebben veel bedrijven hun dividend verlaagd. En het beeld is ook een beetje vertekend omdat er twee VWRL-dividendbetalingen in zitten. Het dividend over het derde kwartaal is begin oktober betaald, en het dividend over het vierde kwartaal is eind december betaald. Beide zijn dus in Q4 geboekt. Dat was overigens in 2019 ook zo.

In het vierde kwartaal van 2019 was het dividend nog € 628,42 en in het derde kwartaal van 2020 was het € 489,01. Aan het einde van het laatste kwartaal stond er geen dividend meer aangekondigd voor uitbetaling in het eerste kwartaal van 2021.

In totaal heb ik in 2020 € 1.929,85 aan dividend ontvangen.

Van de spaarrente hoeven we nog steeds niets te verwachten. Ik krijg inmiddels nog 0,05% rente op mijn bufferrekening. Gelukkig staat daar bijna geen geld, het overgrote deel van mijn vermogen zit in ons huis en in mijn beleggingsportefeuille.

Spaarpercentage

Het spaarpercentage. Tsja. Durf ik daar nog over te schrijven? Want ik dacht dat ik aardig op weg was met mijn doelstelling voor 2020. Totdat ik ontdekte dat er een fout in mijn spreadsheet zat. En mijn spaarpercentage fors lager was dan ik dacht. Het schaamrood staat nog steeds op mijn kaken als ik daaraan terugdenk. Uit frustratie ben ik ook nog eens geld uit gaan geven in het laatste kwartaal, zie verderop onder Beste Uitgave(n)

Spaarpercentage2020Q12020Q22020Q32020Q4
Vóór correctie41,1%58,6%31,8%
Na correctie41,1%50,6%22,2%39,3%

Voor heel 2020 bedraagt mijn spaarpercentage 38,9% (2019: 60,0%). Doelstelling voor het gehele jaar 2020 was 45,0%. Maar ach, zo slecht is dit percentage toch ook weer niet….

Mijn administratie houdt ook voor mij bij hoeveel No Spend Days (NSDs) ik heb. Dat zijn dagen waarop ik niks betaal met mijn creditcard, pinpas, of contant geld. Corona zorgt er nog steeds voor dat het aantal NSDs hoger is dan ‘vroeger’. Gemiddeld had ik er toen een stuk of 10 per maand. In 2020 waren het er in totaal 244, oftewel gemiddeld meer dan 20 per maand.

Eigen Vermogen

In het vierde kwartaal zijn er geen rente-inkomsten en ook geen verandering van de waarde van ons huis. Daarvoor volg ik de WOZ-waarde, en die komt altijd in het eerste kwartaal. Er was alleen regulier salaris, inleg in mijn beleggingen, reguliere aflossingen van de hypotheek, en natuurlijk de bewegingen van de beleggingsportefeuille op het sentiment van de markten. Die laatste leverde in het vierde kwartaal de grootste bijdrage aan mijn vermogensgroei.

Waar leidt dat toe? Onderstaand de ontwikkeling van mijn vermogen per kwartaal. In het vierde kwartaal is mijn eigen vermogen gegroeid met 5,9%.

Over het hele jaar 2020 is mijn eigen vermogen gegroeid met 17,4%. dat is voor ongeveer 50% veroorzaakt door de stijging van de WOZ-waarde van onze woning. De maandelijkse inleg in de beleggingen en de aflossing van onze hypotheek dragen elk ongeveer 22% bij, en de stijging van de aandelenmarkten zorgt voor 7,7% van deze groei. Mijn financiële lot is dus wel een beetje verbonden met de woningmarkt.

Beste Uitgave(n)

De realisatie dat mijn spaardoel voor 2020 volledig uit zicht was heeft wel geleid tot een ‘uitgavenexplosie’ in het vierde kwartaal. Dat praat ik voor mijzelf goed door te zeggen dat het vrijwel allemaal reguliere en geplande (of in elk geval onvermijdelijke) uitgaven waren waar ik blij van word, en dat ik mijn bijdrage lever om de economie te ondersteunen in deze corona-tijden….

  • Ik heb mijn abonnement op The Economist weer met drie jaar verlengd.
  • Ook heb ik nieuwe sportschoenen gekocht. De oude schoenen waren inmiddels 10 jaar oud en zijn weliswaar 8,5 jaar weinig tot niet gebruikt, maar waren toch echt wel aan vervanging toe.
  • Er waren in oktober uitgebreide medische kosten voor ons Hondje. Hiervoor hebben Vriendin en ik bijgestort op de gezamenlijke rekening. Inmiddels is Hondje volledig hersteld en heeft hij meer energie dan het afgelopen jaar bij elkaar. We vermoeden dat hij al langer last had van zijn alvleesklier, en dat hem dat veel energie kostte (terwijl wij dachten dat het zijn leeftijd was). Zijn nieuwe dieet lijkt dat opgelost te hebben, en hij heeft weer de energie van een pup. Onlangs heeft hij zelfs alweer in twee dagen tijd ruim 25 kilometer gewandeld met ons.
  • En in december heb ik ook weer een doosje met flessen whisky laten komen.

Hoe was jouw jaar?

Je kunt oude kwartaalberichten teruglezen via mijn overzichtspagina.

Evaluatie van het potjessysteem

Eind vorig jaar nam ik mij voor om vanaf 1 januari 2020 meer te gaan werken via het ‘potjessysteem‘. En een aantal maanden geleden heb ik al eens geschreven hoe het daarmee gaat. En nu het einde van het jaar nadert, is het tijd voor een uitgebreidere evaluatie.

Om maar met de deur in huis te vallen: ik heb de impact onderschat. Het heeft me nog best wat tijd en denkwerk gekost om het potjessysteem goed werkend te krijgen. En er kleven ook nadelen aan. Maar ik ga er zeker mee door, want de voordelen wegen voor mij persoonlijk zwaarder dan de nadelen. Vanaf 1 januari gebruik ik wel een ietwat aangepaste methode, om de administratieve verwerking makkelijker te maken.

In de Boekhouding

In mijn voorgaande post heb ik al beschreven hoe ik ongeveer werk met het potjessysteem. Maar inmiddels heb ik die werkwijze verder verfijnd, en ik krijg er ook nog regelmatig vragen over. Vandaar hier een actuele en uitgebreidere beschrijving

Mijn potjessysteem verwerk ik administratief in wat ik de ‘9000-rekeningen’ noem. Dat zijn de uitgavencategorieën met de nummers 9000 en hoger, en de inkomstencategorieën met de nummers 900 en hoger. Het zijn een soort van ‘kruisrekeningen‘ voor dingen die wel een transactie maar geen uitgave of inkomst zijn. Bijvoorbeeld een boeking van mijn lopende rekening naar mijn spaarrekening. Dat geld blijft binnen mijn administratie, mijn vermogen wordt er niet groter of kleiner van. De afboeking van mijn lopende rekening krijgt dan categorie 9000 en de bijboeking op de spaarrekening krijgt categorie 900. Als ik het van spaarrekening naar lopende rekening boek dan is het uiteraard andersom. Per saldo kan ik de boekingen op de 9000 en 900 rekening tegen elkaar wegstrepen, het saldo moet altijd nul zijn. Dat is ook een goede manier om te controleren of er fouten in mijn administratie zitten.

Ik gebruik de ‘9000-rekeningen’ ook voor uitgaven die ik zakelijk declareer (de uitgave in categorie 9010 wordt weggestreept tegen de door mijn werkgever betaalde declaratie in inkomstencategorie 910), voor dingen die ik voorschiet voor anderen, voor overboekingen naar de beleggingsrekening, en voor het opnemen van contant geld bij een pinautomaat (wat ik overigens al héél lang niet gedaan heb). En ik gebruik het dus ook voor mijn potjessysteem.

De maandelijkse reservering boek ik dus naar een aparte uitgavencategorie in mijn administratie. Bijvoorbeeld mijn reservering Onderhoud Huis boek ik op categorie ‘9960 – Onderhoud Huis’. Ieder potje heeft z’n eigen nummer. Dit is ook de reden dat ik voor elk potje een aparte automatische boeking aanmaak. Dus bijvoorbeeld niet maandelijks 1x € 500 van lopende rekening naar bufferrekening, maar € 200 van lopende rekening naar bufferrekening met vermelding ‘Reservering Onderhoud Huis’ en € 300 van lopende rekening naar bufferrekening met vermelding ‘Reservering Kledingbudget’. Dit zijn maandelijks terugkerende boekingen die ik uitvoer op de dag dat mijn salaris binnenkomt. Ze staan standaard voor het hele jaar vooruit voorgeprogrammeerd, het is dus maar één keer een paar minuten werk en verder heb ik er geen omkijken naar. Het geld gaat dus van mijn lopende rekening naar mijn bufferspaarrekening.

Met deze maandelijkse boekingen is in mijn administratie het saldo op de betrekkende 9000-rekening altijd gelijk aan de ‘voeding’ die ik gegeven heb aan dat specifieke potje. Maar die potjes maak ik natuurlijk niet zomaar. Het is geld dat ik gedurende het jaar reserveer om het op enig moment wél uit te geven.

We blijven weer even bij het voorbeeld van het onderhoud van het huis. Stel dat ik naar de bouwmarkt gegaan ben en voor € 100 aan spullen gekocht heb voor een schilderklusje thuis. Dat is een normale uitgave, die ik dan boek in mijn uitgavencategorie ‘2215 – Klussen in huis’. De uitgaven blijven dus gewoon via de reguliere uitgavencategorie lopen. Daarmee voorkom ik dubbeltellingen.

Rapportage

Maar in het voorbeeld van hierboven heb ik nog niet in beeld wat het nou doet met de inhoud van het potje. Want eigenlijk wil ik natuurlijk die kosten van de verfspullen betalen uit het potje.

Op mijn financiële dashboard heb ik dus een rapportje gebouwd voor de actuele stand van de voorzieningen. Dat is eigenlijk heel simpel. Actuele stand potje Onderhoud Huis = ( saldo uitgavencategorie Reservering Onderhoud Huis ) -/- ( uitgaven geboekt op de uitgavencategorie Klussen aan het Huis ). Op dezelfde manier is bijvoorbeeld de actuele stand van het potje Kleding = ( saldo uitgavencategorie Reservering Kleding ) -/- ( uitgaven geboekt op de uitgavencategorie Kledingaankopen )

Daarmee weet ik altijd hoe de stand van de potjes is. Bij sommige potjes trek ik daar de uitgaven van meerdere uitgavencategorieën van af. Zo is Actuele stand potje Vakantiebudget = ( saldo uitgavencategorie Reservering Vakanties ) -/- ( uitgaven geboekt op de uitgavencategorie Weekendjes Weg + uitgaven geboekt op de uitgavencategorie Grote Vakanties ). En een potje kan hiermee ook ‘onder nul’ staan. Ik heb bijvoorbeeld in februari een nieuw kostuum gekocht. Daarmee was de actuele stand van het potje onder nul, maar dat trekt weer bij als ik de maanden daarna weer de maandelijkse bijdrage in het potje stopt. Dit helpt me om de uitgaven een beetje te verdelen over het jaar. Door noodzakelijke en minder noodzakelijke uitgaven te ‘timen’.

Als ik geld overboek van mijn spaarrekening dan gebruik ik daarvoor een inkomstencategorie in de 900-categorie. Deze loopt qua nummering synchroon met de uitgavencategorie. Dat is een extra controle om te zien of ik niet teveel terug boek van de spaarrekening.

Ook heb ik in deze rapportage een check ingebouwd of er wel voldoende geld op mijn spaarrekening staat. Want het saldo op de spaarrekening is nu een verzameling van potjes:

  1. Mijn contant geld buffer.
  2. Een oud potje voor kosten die nog voort gaan komen uit mijn operatie vorig jaar.
  3. De verschillende nieuwe potjes Vakantie, Gadgets, Sport, Zorgverzekering, Onderhoud Huis, Kleding.

Dit rapport telt de stand van al die potjes bij elkaar op, en vergelijkt dat met het saldo van de spaarrekening. Als het saldo van de spaarrekening gelijk of hoger is, dan is het ‘code groen’. Ik heb genoeg geld op de rekening om alle potjes gevuld te houden. Maar als het saldo van de spaarrekening lager is, dan is het ‘code rood’. Dan moet ik op de rem trappen qua uitgaven of bijstorten (bijvoorbeeld door een maandje niet in te leggen op de beleggingen). Dat heb ik gelukkig nog niet nodig gehad.

In mijn vorige blogpost over mijn potjessysteem heb ik ook al een voorbeeld van een rapportage laten zien, voor het potje Gezond Leven. Dat ziet er ongeveer zo uit:

OmschrijvingBedrag
In
Bedrag
Uit
+ Reservering Gezond Leven
> Storting januari 2020+ € 300
> Storting februari 2020+ € 300
> Storting maart 2020+ € 300
> Storting april 2020+ € 300
> Storting mei 2020+ € 300
> Storting juni 2020+ € 300
-/- Rekening 5540: Sporten/Gezond Leven
10-04-2020 Rekening Sportschool– € 1.200,-
29-05-2020 App Store – Hardloop-app– € 5,49
21-06-2020 Nike Store – Sportkleding– € 72,00
21-06-2020 All4Running – Sportkleding– € 144,80
= Restant in potje Gezond Leven+ € 377,71

Aandachtspunten

Waar ik nog niet helemaal uit ben, is wat ik eind van dit jaar ga doen. Sommige potjes vind ik ‘jaarpotjes’. Bijvoorbeeld het kledingbudget en het sparen voor de zorgverzekeringspremie begint elk jaar weer gewoon opnieuw op nul. Maar sommige potjes zijn voor mij meerjarig. Bijvoorbeeld mijn spaarpotje voor gadgets en voor het onderhoud van het huis. Dat betekent feitelijk dan gewoon dat ik een hoger gewenst saldo op mijn spaarrekening moet hebben staan.  En ik denk uiteindelijk dat dit toch ook geldt voor mijn potje Vakantiebudget. Daarmee kan ik ‘sparen’ voor de grotere reizen die we nog willen maken. Uiteindelijk heb ik voor al mijn potjes (ik begin elk jaar met een nieuwe spreadsheet) in mijn administratie ingebouwd dat ik het saldo per eind 2020 mee kan nemen naar het nieuwe jaar. En dat saldo kan uiteraard ook nul zijn.

Ook weet ik nog niet wat ik ga doen als ik eind dit jaar geld overhoud. Zo zal, met dank aan corona, mijn kledingbudget dit jaar niet uitgeput raken. Ga ik dat meenemen naar 2021, ga ik dat toevoegen aan mijn buffer, of ga ik dat in mijn beleggingen stoppen. Eerst moet ik maar eens kijken hoe de situatie aan het eind van dit jaar is. Voorlopig denk ik dat ik een overschot zal gebruiken om het oude potje bij te vullen dat ik nog heb staan voor de kosten van mijn kaakoperatie. Want mijn herstel gaat langzaam en er zit nog een behoorlijke extra uitgave aan te komen in 2021, waarvoor het huidige potje waarschijnlijk niet voldoende is.

Zero Based Budgetting

En met deze potjessystematiek krijgt vrijwel al mijn geld inmiddels maandelijks een vaste ‘bestemming’. Ik budgetteer bijna helemaal naar de nul Euro, een zogenaamd zero-based budget. Dat is prettig, maar kent ook risico’s. Want er is minder vrije ruimte en flexibiliteit. Dat maakt het eigenlijk noodzakelijk om zoveel mogelijk grote uitgaven te plannen en te zorgen dat ik er geld voor reserveer. Ik heb eigenlijk maar één grote periodieke uitgave waar nog geen potje voor was. Dat is mijn bril, die ik ongeveer driejaarlijks vervang. Vanaf 1 januari reserveer ik daar dus ook maandelijks € 50 voor. 

En voor dingen die ik niet kan voorzien reserveer ik nog eens € 100 per maand. Want ik merkte het afgelopen jaar dat ik scherp aan de wind vaar met mijn begroting. Iets te scherp, soms. Dus op deze manier creëer ik iets meer ruimte voor mijzelf. De introductie van het potjessysteem viel immers samen met de vervanging van het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering. Die kreeg ik in vorige jaren in mei en november, en die gebruikte ik in verleden om mijn cashbuffer aan te vullen. Dat kan nu niet meer, met het Individueel Keuzebudget dat ik maandelijks laat uitbetalen. Ik moet dus beter plannen, maar dat vind ik juist ook een leuke uitdaging. Want ik wil wel gewoon zonder schuldgevoel mijn doosje whisk(e)y kunnen kopen.

Reserveringen in 2021

Doorgaan dus! Het potjessysteem helpt mij om de besteding van mijn geld beter onder controle te houden. En met mijn huidige werkwijze is het nauwelijks een inspanning om het goed bij te houden, het verloopt grotendeels geautomatiseerd. In de onderstaande tabel zie je hoe ik de reserveringen in 2021 ga maken, in euro’s per maand. Ook heb ik aangegeven welke reserveringen meerjarig zijn, en waarvan ik het saldo dus meeneem naar volgende jaren. En je ziet per potje de uitgavencategorie en de inkomstencategorie die ik gebruik.

HeenTerugReservering voor20212020
9810981Zorgverzekering100100
9820982Vakantie (1)200200
9830983Gezond Leven300300
9840984Kleding300300
9850985Gadgets (1)100100
9860986Onderhoud Huis (1) (2)100100
9870987Bril (1)50
9880988Economist (1) (2)20
9890989Overige100

(1) Meerjarige reserveringen, saldo gaat mee
(2) Medio 2020 toegevoegd

Inmiddels ben ik erg benieuwd of er dit jaar geld overblijft in de eenjarige potjes, en zo ja: hoeveel? En welk saldo kan ik voor de meerjarige potjes meenemen naar volgend jaar? Dat zien we over een aantal weken, als ik de jaarafsluiting 2020 doe.

Werk jij ook met een potjessysteem?