Hervorming Box 3 aangekondigd

  • Berichtcategorie:Belastingen

Een blog op een ongebruikelijke dag en tijd. Maar er is dan ook Groot Nieuws!

Het hing al een hele tijd in de lucht, maar op (minder) Goede Vrijdag waren ze daar dan toch. De door het kabinet aangekondigde brieven over Box 3, de huidige vermogensrendementsheffing. In de brieven wordt uitgebreid beschreven hoe het kabinet om wil gaan met de effecten van de uitspraak van de Hoge Raad, die eerder oordeelde dat het diefstal is om te belasten op basis van een forfaitair rendement dat niets met het werkelijke rendement te maken heeft. En ook wordt er uitgebreid ingegaan op een nieuw stelsel voor Box 3, dat al vanaf 2025 in zou moeten gaan.

Het bericht van het ministerie van Financiën vind je hier. Hier en hier vind je de Kamerbrieven. In de brieven wordt ingegaan op drie dingen:

  1. Er moet compensatie komen voor de tienduizenden mensen die bezwaar gemaakt hebben, waarschijnlijk zelfs voor iedereen die de afgelopen jaren teveel belasting betaald heeft in Box 3.
  2. Er moet een nieuwe Box 3 komen, die juridisch wel door de beugel kan.
  3. Er moeten tijdelijke maatregelen komen om de periode tot de nieuwe Box 3 te overbruggen, want er wordt geen belasting meer geheven op basis van de ‘oude’ Box 3.

Compensatie

De Belastingdienst begint al op 1 juli met het compenseren, lees ik. Of alleen de bezwaarmakers geld terugkrijgen, of elke Box 3 betaler met vooral spaargeld, dat is nog onderwerp van gesprek met de Tweede Kamer. Het maakt nogal wat uit voor de kosten.

Het kabinet stelt hierbij voor om uit te gaan van de werkelijke vermogensmix, met een nieuwe forfaitaire berekening. Hier zijn twee varianten voor uitgewerkt. Men kan voor het verleden geen belasting op basis van werkelijk rendement berekenen, want de Belastingdienst heeft hier geen gegevens van. Logisch. De Hoge Raad heeft gezegd dat het gebruik van forfaits op zichzelf wel is toegestaan in een belastingstelsel, mits ze aansluiten bij de werkelijkheid. Er gaat met de Tweede Kamer gesproken worden over een ‘spaarvariant’, waarbij alleen een nieuw forfaitair rendement berekend wordt over spaartegoeden en de compensatie daarop wordt gebaseerd. En over een variant voor alle vermogenscategorieën. Bij deze laatste variant worden voor alle rubrieken uit de belastingaangifte (spaargeld, onroerende zaken, aandelen en obligaties, contant geld en vorderingen etc.) de forfaits aangepast aan de gemiddelde rendementen voor deze vermogenscategorieën in het betreffende belastingjaar, zodat het forfaitaire rendement (gemiddeld) zo goed mogelijk aansluit bij het werkelijke rendement in de betreffende jaren. Ik ben benieuwd naar de discussie in de Tweede Kamer en Eerste Kamer, want hier zal men vast en zeker hartstochtelijk over van mening verschillen.

Geldnerd zelf heeft al heel lang het grootste deel van zijn vermogen in beleggingen zitten, en de rest in de eigen woning. Ik zal dus sowieso niet in aanmerking komen voor compensatie. Maar ik heb de afgelopen jaren dan ook veel meer rendement gemaakt dan wat er belast werd in Box 3….

Spoedwet

Het plan is om (al) in 2025 een nieuwe Box 3 gebaseerd op werkelijk rendement in te voeren. Het kabinet komt dus ook met een spoedwet om de tussenliggende jaren te overbruggen. Ze stellen voor om die te gaan baseren op dezelfde variant die gekozen gaat worden voor de compensatie. Even een paar jaar helemaal geen belasting op vermogen en/of rendement is geen optie, dat kost ‘de schatkist’ veel te veel geld. En daar heeft het kabinet nou juist een tekort aan.

Wat kost dat allemaal?

Dit kost natuurlijk allemaal geld. Veel geld, afhankelijk van de opties waar de Tweede Kamer en het kabinet uiteindelijk op uit komen. De brieven zeggen ook iets over waar dat geld vandaan moet komen. Het uitgangspunt hierbij is dat het in principe binnen de huidige kabinetsperiode gedekt wordt. Die loopt tot 2025. En daarbij wordt eerst en vooral ook gekeken naar het ‘domein vermogen’. Dat betekent in gewoon Nederlands zeer waarschijnlijk een verhoging van het belastingtarief in Box 3 en waarschijnlijk ook in Box 2 (het ‘aanmerkelijk belang’, waar de meeste ondernemers in zitten). Dit zal één van de voornaamste gesprekspunten zijn in de lopende gesprekken over de Voorjaarsnota, het financieel kader voor de begroting van volgend jaar. Uiterlijk 1 juni 2022 zal het kabinet de voorstellen hiervoor naar de Tweede Kamer sturen.

Hervorming per 2025

En dan komt er dus per 2025 een nieuwe Box 3 gebaseerd op werkelijk rendement. Dat is tenminste de bedoeling. Dat wordt nog hard werken voor mijn collega’s bij de Belastingdienst, naast alle andere dingen die ze ook nog op hun bordje hebben liggen. Het is sneller dan ik verwacht had.

Het kabinet stelt een vermogensaanwasbelasting voor. Daarbij wordt jaarlijks belasting geheven over de reguliere inkomsten (zoals rente, dividend, huur en pacht) uit het vermogen, en ook over de ongerealiseerde waardeontwikkeling van vermogensbestanddelen (zoals koerswinst of koersverlies over aandelen, waardestijging of waardedaling van onroerend goed).

Het alternatief zou zijn een vermogenswinstbelasting waarbij ook jaarlijks belasting geheven wordt over de reguliere inkomsten, maar waarbij de waardeontwikkeling belast wordt op het moment van verkoop. Maar dan moet je langdurig de gegevens bewaren over de aankoop (van bijvoorbeeld aandelen), en de belastingheffing kan heel ver opschuiven in de tijd. Maar wij moeten in het huidige voorstel voor de belastingaangifte dan wel jaarlijks de waarde bepalen en de stortingen en onttrekkingen bijhouden. Voor mij geen probleem, maar iedere Nederlander krijgt hiermee een administratieplicht opgelegd. Dat is wel iets waar ik voorstander van ben, je eigen administratie bijhouden doet wonderen voor je financiën. Maar niet iedereen vindt dat leuk.

Het kabinet wil de nieuwe Box 3 laten gelden voor alle vermogensbestanddelen die in het huidige box 3 stelsel vallen. De vermogensbestanddelen die het meeste voorkomen zijn bank- en spaarproducten, beleggingen en onroerende zaken (vastgoed). Het saldo van het totale vermogen van belastingplichtigen in box 3 was in 2019 ongeveer € 470 miljard, lees ik in de kamerbrief.

Voor bank- en spaarproducten zullen de werkelijke rente-inkomsten worden belast. Beleggingen in financiële instrumenten (aandelen, obligaties, en dergelijke) hebben rendement uit reguliere inkomsten zoals ontvangen dividend, en uit waardeontwikkeling van het instrument, zoals koerswinst of koersverlies. Bij onroerende zaken wil men aanvankelijk uitgaan van een forfaitaire belasting (op basis van een fictief rendement). Maar zo snel als mogelijk zal ook hier de overstap worden gemaakt naar werkelijk rendement.

De eigen woning gaat voorlopig niet in Box 3 vallen, lees ik. Maar alle andere woningen wel, net als bedrijfspanden en grond. Het rendement bestaat uit de jaarlijkse waardemutatie van de onroerende zaken (zeg maar de verandering van de WOZ waarde), en de reguliere inkomsten, zoals huur en pacht. De overheid heeft hier nog te weinig gegevens over. En ook zit je klem met het WOZ-stelsel, die de waarde altijd met een peildatum van een jaar eerder vaststelt. Dat is te laat voor de belastingaangifte. Ik heb dit jaar de waarde per peildatum 1 januari 2021 ontvangen. Voor de nieuwe Box 3 aangifte zou ik ook de waarde per peildatum 31 december 2021 / 1 januari 2022 nodig hebben, maar die krijg ik volgend jaar pas. Je kunt de waardemutatie dus niet goed vaststellen. De inkomsten zoals huur en pacht gaat in het nieuwe stelsel wel naar het werkelijke rendement belast worden.

Dit gaat alles bij elkaar een behoorlijke impact hebben op het verhuren van panden. Iets wat veel FIRE-collega’s doen als onderdeel van hun plannen voor financiële onafhankelijkheid. Want in het coalitie-akkoord staan nog veel meer maatregelen die verhuur minder aantrekkelijk maken, zoals de verhoging van de overdrachtsbelasting, het invoeren van huurprijsbescherming, de afschaffing van de leegwaarderatio, en een bovengrens op de WOZ-waarde. En ook schulden zullen anders belast worden, in het voorstel kunnen schulden en bezittingen niet meer worden gesaldeerd. De verschuldigde rente op vorderingen en schulden hoort in het nieuwe stelsel tot het inkomen. De verschuldigde rente is als positief inkomen belast bij de schuldeiser en als negatief inkomen aftrekbaar bij de schuldenaar.

Er wordt nog gestudeerd op de definitie van het werkelijke rendement voor ‘overige vermogensbestanddelen’. Dat zijn bijvoorbeeld verzekeringsproducten zoals kapitaal- en lijfrenteverzekeringen en rechten op periodieke uitkeringen, en zaken als als contant geld, cryptovaluta, participaties in ondernemingen (die niet in Box 1 vallen) en uitgeleend durfkapitaal.

De voorstellen vind ik best wel eerlijk. Zo stelt het kabinet voor om ook de kosten die met deze werkelijke inkomsten samenhangen in het nieuwe stelsel aftrekbaar te maken. Bijvoorbeeld de kosten die de bank in rekening brengt voor het aanhouden van een (spaar)rekening, of de transactiekosten en servicefee voor beleggingen.

Het heffingvrij vermogen wordt in de voorstellen afgeschaft. Dat is logisch, want de verschillende vermogensbestanddelen in Box 3 zullen waarschijnlijk allemaal een verschillend werkelijk rendement hebben. In de plaats daarvan komt een heffingvrij inkomen per fiscaal partner. Je betaalt dus uiteindelijk belasting over het totale inkomen uit box 3 voor zover dit het heffingvrije inkomen overschrijdt.

Over de hoogte van het heffingvrij inkomen en de tarieven moet nog besloten worden. Dat kan ook nog een ‘vlaktaks’ of een progressief belastingtarief worden. Dat lezen we pas in het Belastingplan dat met Prinsjesdag wordt gepresenteerd (zal dus wel Prinsjesdag 2024 worden…). En het voorstel is ook om verliezen te kunnen verrekenen, maar alleen met eerdere belasting in Box 3. Je kunt dus niet in jaar X een verlies in Box 3 (door bijvoorbeeld een daling van de beurs) verrekenen met je inkomen in Box 1.

Bij een stelsel van werkelijk rendement zullen de Box-3-opbrengsten voor de overheid aanzienlijk meer zullen fluctueren, zeker als je verliezen kunt verrekenen met inkomsten uit voorgaande en toekomstige jaren. Dat kan jaarlijks miljarden euro’s schelen, en het betekent dat de belastingopbrengst meer meebeweegt met de economische ontwikkeling. We zullen meer belasting betalen op het moment dat het economisch goed gaat en er dus meer rendement wordt gemaakt. En minder betalen (of zelfs geld terugkrijgen) as het economisch minder goed gaat. Met name beleggers (zoals ik…) zullen meer belasting gaan betalen in Box 3 ten opzichte van het huidige stelsel. En financiering met schulden wordt minder aantrekkelijk, omdat je vermogensbestanddelen en schulden niet meer kunt salderen.

Hoe verder?

Wat er overblijft van deze voorstellen is afhankelijk van de Eerste en Tweede Kamer. Die debatten beginnen komende week al. Er zullen ongetwijfeld veel aanpassingen worden voorgesteld. Maar dit is het voorstel van het Kabinet en is dus conform de oude en nieuwe bestuurscultuur afgestemd met de coalitie. De Tweede Kamer overleven ze dus wel. In de Eerste Kamer heeft de coalitie geen meerderheid. Daar hebben ze JA21 of GroenLinks / PvdA nodig voor een meerderheid. Daar zijn waarschijnlijk op de achtergrond al wel gesprekken mee geweest, zo gaat dat wel vaker in Den Haag. Het zou dus zo kunnen zijn dat hun wensen al meegenomen zijn in deze voorstellen. Vermogenden meer belasten is natuurlijk wel een langgekoesterde wens van ‘links’.

Wat vindt Geldnerd?

Ik ga er van uit dat het nieuwe stelsel betekent dat ik meer belasting ga betalen. Als ik heel eerlijk ben dan betaal ik in het oude stelsel ook wel heel erg weinig. De nieuwe plannen voelen minder oneerlijk dan het oude stelsel. Het betekent wel iets, want je gaat in het nieuwe stelsel meer vermogen en vermogensinkomen nodig hebben om onafhankelijk te zijn. Maar ik denk dat de impact wel mee gaat vallen voor ons persoonlijk, vermogen is vooral bedoeld om de periode tot uitbetalen van het pensioen te overbruggen. Ik weet dus pas wat de echte impact is als ook de pensioenhervorming helemaal duidelijk is. Het worden een paar spannende jaren voor iedereen die bezig is met financiële onafhankelijkheid…

Wat vind jij van de voorgestelde hervormingen van Box 3?

Eerste kwartaal 2022

Het eerste kwartaal van 2022 zit er al weer op. Een kwart van het jaar. Voor de 23e keer kijk ik terug. Wat gebeurde er op de aandelenmarkten en in de echte wereld? Veel. Wat gebeurde er in mijn persoonlijke financiën? Weinig. Lees mee met weer een stapje in mijn reis naar financiële onafhankelijkheid!

Aandelenmarkten

Eind februari schreef ik een blogpost over de hectische eerste maanden van 2022 op de aandelenmarkten. Later die week gebeurde wat veel mensen (inclusief ikzelf) eigenlijk al vreesden, Vladimir Poetin liet het Russische leger Oekraïne binnenvallen. En de wereld, in elk geval het welwillende deel ervan, kreeg weer een lesje over wat er gebeurt als je ‘misschien-niet-helemaal-democratische’ dictators te lang en te vaak hun gang laat gaan.

Markten zijn niet dol op onzekerheid. En alhoewel de effecten van een inval deels al ingeprijsd waren, waren er toch grote koersbewegingen. Bij een aanval op een kerncentrale bijvoorbeeld, maar ook toen de wereld verrassend eensgezind reageerde en stevige sancties implementeerde waar we in belastingparadijs Nederland natuurlijk een zooitje van maken. Maar de laatste weken zijn ‘we’ blijkbaar aan de oorlog gewend, en staan er weer stijgende koersen op de borden.

De rente op tienjarige staatsobligaties in de Verenigde Staten steeg in eerste instantie van 1,5% naar 2,0% in de eerste maanden van het kwartaal. Begin maart was er even een scherpe daling, maar daarna schoot de rente omhoog naar een voorlopige piek van 2,5%, een niveau dat we sinds het begin van het tweede kwartaal van 2019 niet meer gezien hebben.

Het officiële basisrentetarief van de Amerikaanse centrale bank werd medio maart verhoogd van 0,25% naar 0,50%, de eerste renteverhoging sinds 2018. Het lijkt niet veel maar het is een belangrijk signaal. De tijd van gratis geld is voorbij, de monetaire bubbel gaat leeglopen.

De beurzen in Europa hadden een beroerd eerste kwartaal, dat zal je niet verbazen. Zeker omdat al snel duidelijk werd dat de Europese economieën veel sterker geraakt worden door de Russische agressie dan bijvoorbeeld de Amerikaanse economie. Gelukkig is mijn portefeuille maar heel beperkt afhankelijk van Europa.

Inmiddels krijg je voor € 1,00 ongeveer US$ 1,11. Eind 2021 was dat US$ 1,14. De Euro werd afgelopen jaar (en zeker afgelopen kwartaal) in hoog tempo zwakker ten opzichte van de Amerikaanse dollar. Zeker toen duidelijk werd dat de economie van Europa veel sterker geraakt wordt door de sancties tegen Rusland dan de Amerikaanse economie. Ik ontvang nog steeds een deel van mijn dividend in Amerikaanse dollars. Zoals eerder gemeld heb ik de laatste ETF in mijn portefeuille die in dollars genoteerd staat uit mijn portefeuille gegooid, en vervangen door een ETF genoteerd in Euro’s.

Mijn portefeuille

Mijn portefeuille is nog steeds goed gespreid over de wereldwijde aandelenmarkt en de markt voor staatsobligaties, met dank aan VWRL en DBZB aangevuld met enkele dividend-ETFs. En mijn portefeuille beweegt dus zoals altijd keurig mee met de wereldwijde aandelenmarkten. Ik heb ook dit kwartaal elke maand normaal bijgekocht met mijn maandelijkse storting, steeds het fonds dat mijn spreadsheet adviseerde om dichter bij de gewenste portefeuilleverdeling uit te komen. En ik heb de laatste in Amerikaanse dollars genoteerde ETF uit mijn portefeuille gelazerd.

In onderstaande tabel voor elke maand van dit kwartaal de transactie die ik uitgevoerd heb, met per maand de ETF, het aantal aandelen dat ik gekocht heb, en de aankoopkoers (in EUR tenzij anders vermeld).

MaandFondsAantalKoers
JanuariVanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL)12102,3000
FebruariVanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL)14101,6600
MaartVanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL)12105,2200

Mijn portefeuille is dit kwartaal keurig met de markten mee gedaald. Helaas. Maar zo is het leven van een belegger. Gelukkig stijgt de portefeuille inmiddels ook weer mee met de markten… En als je dit dynamische kwartaal afzet tegen de langere termijn dan is het een kleine ‘blip’. Veel kleiner dan bijvoorbeeld de paniek bij de start van de corona-pandemie.

Hoe lees je deze grafiek? De (op dit moment) bovenste zwarte lijn geeft de actuele waarde van mijn beleggingsportefeuille op de betreffende datum. De (op dit moment) onderste zwarte stippellijn geeft de totale inleg tot die datum weer. Je ziet dat ik de afgelopen jaren elke maand een inleg doe. Het groene vlak tussen de twee lijnen is mijn huidige papieren beleggingswinst. Als ik op verlies zou staan (de portefeuille is minder waard dan de inleg) dan wordt er een rood vlak zichtbaar. Zie ook mijn nadere uitleg over hoe ik deze grafiek opgebouwd heb.

Ik heb in dit kwartaal geen enkele keer een Virtual All Time High (VATH) aangetikt. Het VATH bereken ik door het vorige reële All Time High te nemen plus alle inleg sinds die datum. De laatste VATH dateert van 31 december 2021, daarna ging het snel bergafwaarts. In onderstaande grafiek zie je het verloop van mijn portefeuille ten opzichte van het VATH. Dit naar het voorbeeld van de eerste grafiek uit deze blogpost bij Of Dollars And Data.

De totale waarde van mijn beleggingsportefeuille staat 70,1% boven mijn totale inleg. Aan het einde van 2021 was dat 74,2%. De ROI YTD is per einde van het eerste kwartaal -1,0%. De 12-maands XIRR staat op 11,5%.

Indicator2021Q12021Q22021Q32021Q42022Q1
% boven inleg60,3%63,3%68,0%74,2%70,1%
ROI YTD11,1%14,9%17,1%26,5%-1,0%
XIRR 1Y46,6%29,3%29,0%25,5%11,5%

Dividend en Spaarrente

In het eerste kwartaal van 2022 ontving ik netto € 383,33 aan dividend op mijn rekening. In het eerste kwartaal van 2021 was dat nog € 524,36 en in het vierde kwartaal van 2021 was het € 746,46. Een slecht dividendkwartaal dus. Ik verwacht nog wel een inhaaleffect, één van mijn ETFs betaalt medio april pas het dividend uit.

Ik registreer mijn dividend op netto contante basis in Euro’s, de basisvaluta van mijn administratie. Dat betekent dat ik het netto dividendbedrag opneem in mijn administratie op het moment dat het op mijn beleggingsrekening bijgeschreven wordt. Als het een dividend in buitenlandse valuta (US dollar) is, dan reken ik het om naar Euro’s tegen de wisselkoers van het moment van ontvangen op mijn rekening.

Op mijn bufferrekening krijg ik 0,05% rente, en 0,01% op de kleine bufferspaarrekening bij mijn huisbank. Hier waren, behoudens de renteverlaging van Lloyds die ik al noemde bij mijn Jaarafsluiting 2021, geen wijzigingen in het afgelopen kwartaal. Sparen levert dus nog steeds geen donder op. De hypotheekrente stijgt inmiddels, maar op een stijging van de spaarrente moeten we naar ik verwacht nog wel even wachten.

Spaarpercentage

Mijn spaarpercentage…. bleef hoog. Elke maand boven de 60% in het eerste kwartaal. Ik gaf nauwelijks geld uit. Niet aan kleding, niet in de horeca, niet aan gadgets. Deels heeft het te maken met de Wraak van Healthnerd. Het spaarpercentage voor het hele jaar tot nu toe (YTD) staat op een gezonde 63,1%. Mijn doelstelling voor 2022 is 40,0%, net zoals in de afgelopen jaren.

Mijn administratie houdt ook voor mij bij hoeveel No Expense Days (NEDs) ik heb. Dat zijn dagen waarop ik niks uitgeef. Deze indicator is de opvolger van de No Spend Days die ik eerder bijhield. Corona zorgt er nog steeds voor dat het aantal NEDs hoger is dan ‘vroeger’. Gemiddeld had ik er toen een stuk of 10 per maand. Dit jaar zijn het er nog steeds minimaal 14 per maand. Al zou het wel kunnen zijn dat de dalende trend een voorbode is voor een veranderende wereld…

Eigen Vermogen

Eerder dit kwartaal stond ik al even stil bij de ontwikkeling van mijn vermogen in 2021. In het eerste kwartaal krijgen we altijd de nieuwe WOZ-waarde van onze woning, die ik gebruik als waarderingsgrondslag in onze vermogensberekening. Die ontwikkelde zich dit jaar heel bescheiden. Enigszins tot mijn verrassing. Ik vermoed dat het met de aanpassing van de rekenmodellen voor de WOZ te maken heeft.

Ook ontvang ik in het eerste kwartaal altijd de rente op mijn spaargeld. Heel veel heb ik niet meer, alleen mijn potjes. En de rente is ook niet om over naar huis te schrijven. Ik mocht € 21,15 ontvangen. Waar zijn de tijden dat je voor een dergelijke hoeveelheid centjes toch honderden Euro’s per jaar bij mocht schrijven…?

Dit kwartaal was er verder regulier salaris, inleg in mijn beleggingen, reguliere en extra aflossingen van de hypotheek, en natuurlijk de bewegingen van de beleggingsportefeuille op de golven van de aandelenmarkten. Niets bijzonders dus. al waren die golven van de aandelenmarkten dit keer neerwaarts gericht. Dat was alweer een tijdje geleden.

En dat leidt tot onderstaande ontwikkeling van mijn vermogen per kwartaal. In het eerste kwartaal van 2022 is mijn eigen vermogen gegroeid met 4,0%. Niet slecht voor een kwartaal waarvoor ik medio februari nog een daling van mijn vermogen verwachtte.

Beste Uitgave(n)

Ik heb niet heel veel uitgegeven dit kwartaal, dat zag je al aan mijn spaarpercentage. Toch zijn er een paar uitgaven wel de moeite van het vermelden waard. Allereerst heb ik in januari geïnvesteerd in wat extra hardloopkleding, om ook in koud en donker weer comfortabel te kunnen lopen. Extra laagjes sportkleding, handschoenen en een reflecterend vest met oplaadbare verlichting. Verder ben ik, naar aanleiding van één van mijn jaardoelen, lid geworden van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE). De komende tijd wil ik hun kennis gebruiken om mijn levenstestament verder vorm te geven. En ook ben ik, naar aanleiding van de toestand in de wereld, lid geworden van een politieke partij. Want democratie is een werkwoord.

Twee lidmaatschappen erbij in één kwartaal, oef….

Hoe was jouw eerste kwartaal?

Je kunt oude kwartaalberichten teruglezen via mijn overzichtspagina.

Beginstand van de potjes in 2022

Sinds begin 2020 werk ik in mijn administratiesysteem met een potjessysteem. Dat beviel goed en is dus in 2021 ook gebruikt. En ook in 2022 ga ik hier mee door. In de potjes reserveer ik maandelijks geld voor grotere onregelmatige uitgaven. Ik heb inmiddels tien potjes om geld opzij te leggen in mijn administratie.

Zorgverzekering

Dit was het allereerste potje dat ik ooit begonnen ben. Hierin stort ik elke maand € 100. Daarmee betaal ik aan het eind van het jaar de zorgpremie voor het komende jaar in één keer vooruit. Dat levert bij de meeste verzekeraars een korting op (bij mijn verzekeraar tegenwoordig helaas maar 1%). Dit potje begint dus elk jaar op nul. Ook dit jaar.

Eigen Risico / Eigen Bijdrage Zorg

Ik heb bij mijn zorgverzekering al jarenlang het maximale eigen risico van € 885 ingesteld. Dat levert namelijk een lagere premie op. En ik heb alleen een basisverzekering, geen aanvullende verzekeringen. Dus ik krijg niet alles vergoed. Om daar toch iets van een buffer voor te hebben stort ik sinds kort maandelijks € 75 in het potje voor de Eigen Bijdrages en het Eigen Risico. In 2021 heb ik meer aan zorg uitgegeven dan er in dit potje gestort is. Dus is de beginstand van dit potje in januari 2022 ook nul Euro.

Bril

Geldnerd heeft best ingewikkelde ogen. Al sinds hij 10 jaar oud was draagt hij een bril ‘voor veraf’ (-8). Met ook nog een cilinder. En sinds een jaar of zeven is daar ook een ‘leesgedeelte’ bij gekomen, dat schijnt bij de leeftijd te horen. Ik laat trouw elke drie jaar mijn ogen opmeten door een vakkundig opticien. In het verleden heb ik mij één keer laten verleiden tot een bril van een grote en goedkopere keten, en dat was geen succes. Die fout maak ik dus niet nog een keer. Afgelopen zomer was ik ruim € 1.800 kwijt voor mijn huidige bril. Ik ben daarna dus gestart met een nieuw potje, waar ik maandelijks € 50 in stort. Daarmee kan ik in de zomer van 2024 mijn volgende bril (grotendeels) betalen, verwacht ik. Op 1 januari 2022 zat er € 250 in dit potje.

Vakanties

Elke maand zet ik € 200 opzij voor onze vakanties. Daarmee betaal ik mijn bijdrage in de kosten. In onze Samenlevingsovereenkomst hebben Vriendin en ik destijds vastgelegd dat we de kosten van vakanties 50/50 verdelen. De afgelopen jaren zijn we, met ‘dank’ aan de coronapandemie, minder en minder ver op vakantie geweest dan we gewend waren. Dit potje was dus behoorlijk vol. In de zomer van 2021 heb ik dan ook een greep in dit potje gedaan om een deel van mijn bril te betalen. En ik heb dit potje een beetje ‘afgeroomd’ aan het eind van 2021 en het teveel overgeheveld naar het potje voor onderhoud aan het huis. Daarover hieronder meer. Per 1 januari 2022 zat er € 500 in het Vakanties potje.

Gezond Leven

Uit het Gezond Leven potje betaal ik mijn abonnement op de sportschool en dingen als sportkleding. In het verleden ging er maandelijks € 300 naar dit potje, mijn maandelijkse uitgaven waren toen ook fors hoger omdat ik werkte met een personal trainer. Sinds afgelopen zomer heb ik de maandelijkse bijdrage verlaagd naar € 100. Ik heb ook dit potje een beetje ‘afgeroomd’ aan het eind van 2021 en het teveel overgeheveld naar het potje voor onderhoud aan het huis. Per 1 januari 2022 zat er € 50 in het Gezond Leven potje.

Kleding

Geldnerd gaf ongelofelijk bedragen uit aan kleding. Jarenlang hanteerde ik hiervoor een jaarlijks budget van € 4.000. Met gemiddeld 2 dure kostuums per jaar, een aantal nieuwe overhemden en nette schoenen voor het werk ging dat geld meestal ook wel op. Het scheelde iets dat ik mijn kledingkast geoptimaliseerd heb. Maar nog steeds stort ik elke maand € 300 in het Kleding potje.

Maar door de coronapandemie zijn mijn uitgaven aan kleding fors naar beneden gegaan. Kostuums draag ik nog maar enkele malen per jaar, ik denk dat ik in 2021 in totaal maximaal 5 keer mijn nette pak uit de kast gehaald heb. In februari 2020 kocht ik 2 nieuwe kostuums nadat ik fors was afgevallen, die zijn nog nauwelijks gedragen. De kledingkast werd ook verwaarloosd, maar daar heb ik in oktober 2021 de draad weer opgepakt. Ik heb ook dit potje een beetje ‘afgeroomd’ aan het eind van 2021 en het teveel overgeheveld naar het potje voor onderhoud aan het huis. Per 1 januari 2022 heb ik nog € 1.400 in mijn Kleding potje zitten.

Gadgets / Tech

Geldnerd is een gadget-freak, daar heb ik regelmatig over geschreven. Eerder in 2021 was ik zelfs bang dat ik te weinig reserveerde voor de vervanging van mijn gadgets. Sindsdien stort ik maandelijks € 200 in mijn Gadgets / Tech potje. Maar ik heb in 2021 geen enkele grote uitgave gedaan uit dit potje. Daar zit een zorg, ik ga er dieper in duiken en zal daar binnenkort over schrijven. Per 1 januari 2022 zat er € 3.100 in dit potje. Dat lijkt veel geld (en dat is het natuurlijk ook), maar we gaan daar weer eens uitgebreider naar kijken.

Onderhoud Huis

Een eigen woning heeft onderhoud nodig. De Consumentenbond rekent hiervoor 1 à 2% van de waarde van de woning per jaar. Bij Geldnerd en Vriendin loopt een deel van het onderhoud via de VVE (en onze maandelijkse bijdrage daarin), maar een deel moeten wij ook zelf doen. Daarvoor reserveer ik € 100 per maand.

Afgelopen jaar hadden wij een grote onderhoudsslag gepland, de vervanging van een aantal kozijnen en ramen en groot schilderwerk. Helaas liep onze aannemer door de slechte zomer en de grote drukte vertraging op. Ons onderhoud is dus doorgeschoven naar het voorjaar van 2022. Het voordeel daarvan is wel dat ik langer kan sparen voor mijn bijdrage aan het onderhoud.

In onze Samenlevingsovereenkomst hebben Vriendin en ik destijds vastgelegd dat we de kosten van het huis 50/50 verdelen. Ik reken op € 10.000 als mijn bijdrage aan dit groot onderhoud. Dat heb ik nog bij lange na niet in dit potje zitten. Het potje is namelijk pas in het najaar van 2020 begonnen. Om toch een eind te komen heb ik daarom geschoven tussen mijn potjes. Ik heb eerder in 2021 besloten om mijn Inkomensbuffer (zie hieronder) te verlagen. En zoals ik hierboven schreef zaten diverse potjes wel erg vol omdat ik door de coronapandemie veel minder uitgaf. Al dat geld heb ik per 1 januari 2022 overgeheveld naar mijn potje voor Onderhoud Huis. Daardoor zat er op 1 januari 2022 maar liefst € 7.500 in deze pot. Nog niet genoeg, maar ik kom er een heel eind mee!

The Economist

Geldnerd is al tientallen jaren abonnee van The Economist. Inmiddels volledig digitaal. Ik geniet elke week weer van de journalistieke kwaliteit en het prachtige taalgebruik. Zij blijven erin slagen om los te staan van de waan van de dag (of zelfs de minuut) die ik bij veel andere media zie. Driejaarlijks vernieuw ik mijn abonnement. Dat kostte de laatste keer ruim € 700, een behoorlijke uitgaven om in één keer te moeten doen. Daarom ben ik ook gaan sparen voor mijn volgende verlenging. Maandelijks stop ik € 20 in dit potje, zo spaar ik in drie jaar € 720 bij elkaar. Per 1 januari 2022 zat er € 300 in het Economist potje.

Inkomensbuffer

Mijn laatste potje is de Inkomensbuffer. Het geld dat ik achter de hand houd voor andere onvoorziene gebeurtenissen waar ik niet al een ander potje voor heb. Ik druk dat uit in maanden, voor elke maand houd ik € 2.500 achter de hand. Daarmee kan ik (indien nodig) een maand lang al mijn gebruikelijke uitgaven doen. Ik heb nog wel eens gewisseld in het aantal maanden. Sinds afgelopen jaar houd ik een Inkomensbuffer aan van 2 maanden, oftewel € 5.000. Dit wordt niet bijgevuld, dat geld staat er gewoon voor als ik het nodig heb.

Potje afgeschaft!

In het verleden had ik ook een potje (nou ja ‘POT’ is een beter woord) voor mijn gebit. Maar omdat die operatie volledig is afgerond en betaald heb ik dat potje nu opgeheven. En ik hoop het nooit meer terug te zien!

Hoe is het met jouw potjes?

Jaarafsluiting 2021

Welkom in 2022! We hebben 2021 inmiddels achter ons gelaten. Een jaar geleden zag ik een sprankje hoop na een ingewikkeld coronajaar, er waren inmiddels vaccins en een campagne. Uiteindelijk is ook Geldnerd in de zomer van 2021 volledig gevaccineerd en heb ik zelfs eind december nog een ‘boosterprik’ gekregen. Maar het bleef een ingewikkeld jaar, dat 2021. Met als klap op de ook in 2021 niet toegestane maar in Geldnerd City wel in grote aantallen afgestoken vuurpijl een lockdown vanaf medio december.

Wat betekende dat allemaal voor het vierde kwartaal van Geldnerd? En hoe is het jaar 2021 financieel geëindigd? Lees het in kwartaalrapport nummer 22!

Aandelenmarkten

In het vierde kwartaal gingen de aandelenmarkten gewoon verder omhoog, zoals vrijwel elk kwartaal sinds 2009 en in elk geval sinds de initiële schok van de coronapandemie. maar begin november kwam de klad er een beetje in. Er waren coronazorgen, met name ook door de nieuwe, onbekende en dus onzekere omikron-variant. Er waren geopolitieke zorgen, met name over de spanningen tussen Rusland en ‘het Westen’ over de Oekraïne. En er waren energieprijzen die maar bleven stijgen tot nieuwe recordhoogten. Er waren zorgen over de sterk oplopende inflatie. Allemaal onzekerheden. En dat is iets waar ‘de markten’ niet van houden. Dus in november en december zagen we vooral ‘zijwaartse bewegingen’. Er ging wat van af. Er kwam weer wat van terug. En dat nog een paar keer. Netto effect: het stond allemaal een beetje stil. Maar door een kleine ‘eindejaarsrally sloten we toch weer af op een piek.

In Europa patronen op de beurs die vergelijkbaar zijn met de Verenigde Staten. Maar het lukte de EuroStoxx 600 index niet om het jaar op een piek af te sluiten.

In het afgelopen kwartaal hebben de Bank of England (BoE) en de Amerikaanse Federal Reserve (FED) aangekondigd hun rente het komende jaar te gaan verhogen. De BoE heeft zelfs al een voorzichtig eerste stapje gezet. De Europese Centrale Bank (ECB) hobbelt er naar verwachting wat achteraan, omdat ze ook proberen de rente in de eurolanden een beetje bij elkaar in de buurt te houden. We zullen zien hoe dat uit gaat pakken in 2022. Maar het lijkt er wel op dat we de tijden van ‘gratis geld’ een beetje achter ons gaan laten. En dat wordt nog spannend. Want al dat ‘gratis geld’, eerst om de naweeën van de financiële crisis te dempen en de afgelopen jaren vanwege de coronapandemie, zorgde voor enorm veel geld op de beurzen. Als dat wegvalt zal dat ongetwijfeld effect hebben op de aandelenmarkten. Maar als kleine belegger kun je weinig anders doen dan meedeinen op de golven die politici en centrale banken veroorzaken…

De rente op de US 10 Years Treasuries bewoog het afgelopen kwartaal een beetje als er nieuws was van de centrale banken, maar kwam per saldo nauwelijks van z’n plek.

Inmiddels krijg je voor € 1,00 iets minder dan US$ 1,14, dat was US$ 1,16 aan het einde van het derde kwartaal. Ik ontvang nog steeds een behoorlijk deel van mijn dividend in Amerikaanse dollars, en heb nog maar één ETF in mijn portefeuille die in dollars genoteerd staat. Het rechtstreekse belang van de dollar in mijn portefeuille neemt dus af. Maar indirect heb ik, door de wereldwijde spreiding van mijn ETFs, nog wel een grote blootstelling aan de dollar. Volgens de Morningstar X-Ray hebben de Verenigde Staten een aandeel van 57,3% in mijn portefeuille, tegenover 21,4% voor Europa en 17,2% voor Azië en Australië.

Mijn portefeuille

Mijn portefeuille is nog steeds goed gespreid over de wereldwijde aandelenmarkt en de markt voor staatsobligaties, met dank aan VWRL en DBZB aangevuld met enkele dividend-ETFs. En mijn portefeuille beweegt dus zoals altijd keurig mee met de wereldwijde aandelenmarkten. Ik heb ook dit kwartaal elke maand normaal bijgekocht met mijn maandelijkse storting, steeds het fonds dat mijn spreadsheet adviseerde om dichter bij de gewenste portefeuilleverdeling uit te komen.

In onderstaande tabel voor elke maand van dit kwartaal de transactie die ik uitgevoerd heb, met per maand de ETF, het aantal aandelen dat ik gekocht heb, en de aankoopkoers (in EUR tenzij anders vermeld).

MaandFondsAantalKoers
OktoberVanguard FTSE All-World High Dividend Yield (VHYL)2554,6200
NovemberVanguard FTSE All-World High Dividend Yield (VHYL) 2556,4648
DecemberiShares MSCI World Small Cap (IUSN)2756,553

Ook dit kwartaal steeg mijn portefeuille weer redelijk door. Ik heb weer een aantal keren een Virtual All Time High (VATH) aangetikt, en het jaar ook op een VATH afgesloten. Het VATH bereken ik door het vorige reële All Time High te nemen plus alle inleg sinds die datum. De totale waarde van mijn beleggingsportefeuille staat nu 74,2% boven mijn totale inleg. Aan het einde van Q3 was dat 68,0% .

Hoe lees je deze grafiek? De (op dit moment) bovenste zwarte lijn geeft de actuele waarde van mijn beleggingsportefeuille op de betreffende datum. De (op dit moment) onderste zwarte stippellijn geeft de totale inleg tot die datum weer. Je ziet dat ik de afgelopen jaren elke maand een inleg doe. Het groene vlak tussen de twee lijnen is mijn huidige papieren beleggingswinst. Als ik op verlies zou staan (de portefeuille is minder waard dan de inleg) dan wordt er een rood vlak zichtbaar. Zie ook mijn nadere uitleg over hoe ik deze grafiek opgebouwd heb.

De ROI YTD is per einde van het vierde kwartaal 26,5%. De 12-maands XIRR staat op 25,5%.

Indicator2020Q42021Q12021Q22021Q32021Q4
% boven inleg46,3%60,3%63,3%68,0%74,2%
ROI YTD4,1%11,1%14,9%17,1%26,5%
XIRR 1Y3,2%46,6%29,3%29,0%25,5%

Kosten van Beleggen

In mijn Jaarafsluiting 2019 gaf ik voor het eerst inzicht in de kosten van mijn beleggingen. Ik keek naar twee indicatoren. De eerste is de Total Expense Ratio (TER) van de fondsen in mijn portefeuille met behulp van de Morningstar X-ray. Daarnaast maak ik kosten bij mijn broker, transactiekosten en een maandelijkse fee. Procentueel zijn mijn beleggingen in 2021 iets goedkoper geworden. In absolute bedragen was ik duurder uit, dat komt vooral door de sterke stijging van de portefeuille en dus van de servicefee (die een percentage van de portefeuillewaarde is).

Indicator201920202021
Total Expense Ratio (TER)0,26%0,21%0,21%
Kosten Broker (percentage portefeuillewaarde op 31-12)0,24%0,17%0,16%
– waarvan Servicefee Broker44%61%74%
– waarvan Transactiekosten56%39%26%

In 2021 heb ik 12 aankooptransacties verricht, elke maand eentje. Ook heb ik 1 verkooptransactie verricht bij de herijking van mijn portefeuille, destijds is SPDR S&P Euro Dividend Aristocrats ETF (SPYW) uit mijn portefeuille verwijderd.

Dividend en Spaarrente

In het vierde kwartaal van 2021 ontving ik netto € 746,46 aan dividend op mijn rekening. In het vierde kwartaal van 2020 was dat nog € 713,06 en in het derde kwartaal van 2021 was het € 1.113,52 (maar was het beeld vertekend door een nabetaling uit het tweede kwartaal).

Ik registreer mijn dividend op netto contante basis in Euro’s, de basisvaluta van mijn administratie. Dat betekent dat ik het netto dividendbedrag opneem in mijn administratie op het moment dat het op mijn beleggingsrekening bijgeschreven wordt. Als het een dividend in buitenlandse valuta (US dollar) is, dan reken ik het om naar Euro’s tegen de wisselkoers van het moment van ontvangen op mijn rekening.

De afgelopen dagen ontving ik maar liefst € 21,15 aan rente op mijn kleine en grote bufferrekening. Nu heb ik, behalve mijn potjes, ook nauwelijks spaargeld meer, alles zit in de beleggingsportefeuille en het huis. Maar ik kan mij ook nog wel de dagen herinneren dat deze hoeveelheid spaargeld honderden euro’s aan rente opbracht.

Mijn verwachting is nog steeds dat de spaarrente nog een behoorlijke tijd laag blijft. Lloyds Bank heeft mij medio december laten weten de rente per gisteren (5 januari 2022) te verlagen van 0,15% naar 0,05%. Die rente was 0,30% toen ik medio 2021 de spaarrekening opende. Op de kleine bufferspaarrekening bij mijn huisbank is de rente al tijden 0,01%.

Spaarpercentage

Het spaarpercentage voor het hele jaar 2021 staat op een gezonde 53,9%. Mijn doelstelling voor 2021 was 40,0%. Het is uiteraard grotendeels te danken aan de coronapandemie. Of liever gezegd, alle lockdowns en reisbeperkingen en andere dingen die maakten dat ik meer thuis zat en minder uitgaf dan voor corona. Weet iemand nog hoe dat voelde?

Ook meerjarig is dit geen slechte score. 2021 was het negentiende jaar waarin ik mijn spaarpercentage berekende, 2022 wordt dus een jubileumjaar!

Mijn administratie houdt ook voor mij bij hoeveel No Spend Days (NSDs) ik heb. Dat zijn dagen waarop ik niks betaal met mijn creditcard, pinpas, Apple Pay, of contant geld. Corona zorgt er nog steeds voor dat het aantal NSDs hoger is dan ‘vroeger’. Gemiddeld had ik er toen een stuk of 10 per maand. Dit jaar zijn het er nog steeds minimaal 20 per maand.

Eigen Vermogen

Dit kwartaal was er regulier salaris, inleg in mijn beleggingen, reguliere en extra aflossingen van de hypotheek, en natuurlijk de bewegingen van de beleggingsportefeuille op de golven van de aandelenmarkten. Niets bijzonders dus.

En dat leidt tot onderstaande ontwikkeling van mijn vermogen per kwartaal. In het vierde kwartaal van 2021 is mijn eigen vermogen gegroeid met 5,2%.

Over het hele jaar 2021 is mijn eigen vermogen gegroeid met 25,5%. Dat is voor 21,6% veroorzaakt door de stijging van de WOZ-waarde van onze woning. De maandelijkse inleg in de beleggingen en de aflossing van onze hypotheek dragen elk iets minder dan 16% bij, en de stijging van de aandelenmarkten zorgt voor 47% van deze groei. De ontvangen rente is minder dan 0,1%.

Beste Uitgave(n)

De coronamaatregelen maakten het moeilijker om geld uit te geven. Dit kwartaal heb ik een donatie gedaan aan Loesje, het meisje van de posters. Ik ben verder blij met mijn abonnement op de sportschool, ondanks de huidige sluiting van de sportscholen vanwege de coronamaatregelen. En ik heb mijzelf in het vierde kwartaal ook weer getrakteerd op het jaarlijkse doosje Whisky voor de lange koude donkere winteravonden.

Hoe was jouw vierde kwartaal?

Je kunt oude kwartaalberichten teruglezen via mijn overzichtspagina.

Derde kwartaal 2021

Het (demissionaire) kabinet beloofde ons een ‘zomer vol mogelijkheden’. De media spraken (hoopvol) over een ‘summer of love’. Het weer werkte in Nederland ook niet erg mee, en ‘de buitenlanden’ (inclusief Limburg) werden geteisterd door overstromingen en bosbranden. Uiteindelijk viel het dus allemaal een beetje tegen in het derde kwartaal. En dat nieuwe kabinet is er ook nog steeds niet, terwijl de verkiezingen alweer bijna zeven maanden geleden waren. Er kwamen wel steeds meer nieuwe ministers en staatssecretarissen in het oude kabinet, omdat bewindspersonen opstapten wegens gezondheidsklachten, juridische klachten, coronagerelateerde klachten of ongezonde nieuwe functies. Wat betekende dat allemaal voor het derde kwartaal van Geldnerd? Lees het in kwartaalrapport nummer 21!

Aandelenmarkten – (Ever)Grande Finale?

Wat valt er nu nog te zeggen over de aandelenmarkten? Optimisme blijft de boventoon voeren. Ik begrijp steeds minder waarom. En houd het persoonlijk maar op de grote hoeveelheid geld die de centrale banken in ‘het systeem’ pompten en die wanhopig op zoek is naar pekken om rendement te behalen. Zelfs tulpenbollen zouden het nu weer erg goed doen, onwetende beleggers speculanten kopen alles.

Eind augustus was het jaarlijkse symposium van de Amerikaanse Centrale Bank (FED) in Jackson Hole. In zijn langverwachte speech zei de baas van de FED vooral héél voorzichtig te zullen zijn bij het misschien eventueel stapsgewijs in hele kleine stapjes met voortdurende zorgvuldige heroverweging misschien wel afbouwen van de ondersteuningsmaatregelen. Voor de aandelenmarkten was dat geen signaal om te gaan dalen.

Nervositeit kwam er uiteindelijk wel in september, toen een van de vastgoedzeepbelbedrijven in China dreigde om te vallen en we er weer aan herinnerd worden dat de definitie van ‘vrije markt’ in China toch een andere is dan in de traditionele markten van met name Europa en de Verenigde Staten. De situatie roept herinneringen op aan de val van Lehman Brothers in de Verenigde Staten in 2008, wat terugkijkend het begin van de financiële crisis was. Ik volg ‘m dan ook met belangstelling. En de laatste weken van september was er ook een daling te zien. Die werd veroorzaakt door een stijging van de rente op Amerikaanse staatsleningen (Treasuries) uit nervositeit over de afbouw van de steun (die toch ooit zal moeten gebeuren) en de politieke begrotingsperikelen in de Verenigde Staten.

Per saldo eindigde de S&P500 index het afgelopen kwartaal een ietsiepietsielager dan dat het begonnen was. In eerste instantie steeg de index gewoon door, met af en toe een dipje van een paar dagen als ‘de markten’ weer even nerveus werden over mogelijke inflatie, afbouw van de steunmaatregelen, of stijging van de coronabesmettingen. Het gaat nu al zo lang ‘goed’ dat je bijna zou geloven dat de markt nooit meer gaat dalen. Maar dat gaat de markt echt wel weer een keer doen. Het is inmiddels oktober, de mythische crisismaand op de markten, dus wie weet?

En ja, ik heb nieuwe grafieken! De grafieken voor de aandelenmarkten in mijn kwartaalrapportages waren vrijwel de enige grafieken op dit blog die ik tot nu toe elders haalde, bij Yahoo Finance en eerder bij IEX. Maar sinds dit kwartaal sla ik wekelijks automatisch de stand van de S&P500 index, de Eurostoxx 600 index, en de rentestand van de 10-jarige Amerikaanse staatsobligaties (US 10Y Treasuries) op in mijn beleggingsspreadsheet als ik mijn portefeuille bijwerk. En die heb ik ook met terugwerkende kracht bijgewerkt tot 1 januari 2013, de start van mijn portefeuille. Dus ik kan nu eenvoudig mijn eigen grafieken laten zien.

De  rente op tienjarige staatsobligaties in de Verenigde Staten was in het eerste kwartaal behoorlijk opgelopen, van 0,92% naar 1,68%. Maar in het derde kwartaal kwam de rente in eerste instantie niet echt van z’n plek. De laatste maanden was er toch weer een stijging, om uiteindelijk iets boven de 1,5% te eindigen. Gaf mijn spaarrekening maar zoveel rente…

En ook de beurzen in Europa stegen in het derde kwartaal in eerste instantie rustig verder. Maar in de tweede helft van het afgelopen kwartaal werd ook die stijging weer volledig ingeleverd.

Inmiddels krijg je voor € 1,00 ongeveer US$ 1,16, dat was US$ 1,18 aan het einde van het tweede kwartaal. Ik ontvang nog steeds een groot deel van mijn dividend in Amerikaanse dollars. Maar heb nog maar één ETF in mijn portefeuille die in dollars genoteerd staat

Mijn portefeuille

Mijn portefeuille is nog steeds goed gespreid over de wereldwijde aandelenmarkt en de markt voor staatsobligaties, met dank aan VWRL en DBZB aangevuld met enkele dividend-ETFs. En mijn portefeuille beweegt dus zoals altijd keurig mee met de wereldwijde aandelenmarkten. Ik heb ook dit kwartaal elke maand normaal bijgekocht met mijn maandelijkse storting, steeds het fonds dat mijn spreadsheet adviseerde om dichter bij de gewenste portefeuilleverdeling uit te komen.

Ondanks de beperkte stijging van de aandelenmarkten steeg mijn portefeuille dit kwartaal ook weer redelijk door. Ik heb weer een aantal keren een Virtual All Time High (VATH) aangetikt. Het VATH bereken ik door het vorige reële All Time High te nemen plus alle inleg sinds die datum. De totale waarde van mijn beleggingsportefeuille staat nu 68,0% boven mijn totale inleg. Aan het einde van Q2 was dat 63,3%

Hoe lees je deze grafiek? De (op dit moment) bovenste zwarte lijn geeft de actuele waarde van mijn beleggingsportefeuille op de betreffende datum. De (op dit moment) onderste zwarte stippellijn geeft de totale inleg tot die datum weer. Je ziet dat ik de afgelopen jaren elke maand een inleg doe. Het groene vlak tussen de twee lijnen is mijn huidige papieren beleggingswinst. Als ik op verlies zou staan (de portefeuille is minder waard dan de inleg) dan wordt er een rood vlak zichtbaar. Zie ook mijn nadere uitleg over hoe ik deze grafiek opgebouwd heb.

De ROI YTD is per einde van het derde kwartaal 17,1%. De 12-maands XIRR staat op 29,0%.

Indicator202Q32020Q42021Q12021Q22021Q3
% boven inleg33,1%46,3%60,3%63,3%68,0%
ROI YTD-7,0%4,1%11,1%14,9%17,1%
XIRR 1Y-1,4%3,2%46,6%29,3%29,0%

Dividend en Spaarrente

In het derde kwartaal van 2021 ontving ik netto € 1.113,52 aan dividend op mijn rekening. In het derde kwartaal van 2020 was dat nog € 489,01 en in het tweede kwartaal van 2021 was het € 429,32. Het beeld is een beetje vertekend. Door een storing bij mijn broker werden twee dividendbetalingen pas op 1 juli (Q3) bijgeschreven op mijn rekening, terwijl ze eigenlijk al op 30 juni (Q2) uitbetaald hadden moeten worden. Maar (zelf opgelegde) regels zijn regels…

Ik registreer mijn dividend op netto contante basis in Euro’s, de basisvaluta van mijn administratie. Dat betekent dat ik het netto dividendbedrag opneem in mijn administratie op het moment dat het op mijn beleggingsrekening bijgeschreven wordt. Als het een dividend in buitenlandse valuta (US dollar) is, dan reken ik het om naar Euro’s tegen de wisselkoers van het moment van ontvangen op mijn rekening.

Mijn verwachting is nog steeds dat de spaarrente nog jaren laag blijft. Ik heb maar 3 maanden kunnen genieten van 0,30% rente op mijn bufferrekening, eind september verlaagde Lloyds Bank de rente naar 0,15%. Nog altijd 15 keer zo veel als de 0,01% op de kleine bufferspaarrekening bij mijn huisbank.

Spaarpercentage

In het derde kwartaal kwam er een (dramatisch?) einde aan de spaarpercentages boven de 65%, die ik haalde in de eerste helft van het jaar. Er werden inhaaluitgaven gedaan. Er werd weer iets vaker buiten de deur gegeten en geborreld. Er werd een bril gekocht. En zo nog wat dingen. Maar het spaarpercentage voor het hele jaar tot nu toe (YTD) staat nog steeds op een gezonde 55,6%. Mijn doelstelling voor 2021 is 40,0%. Die ga ik naar verwachting wel halen.

Mijn administratie houdt ook voor mij bij hoeveel No Spend Days (NSDs) ik heb. Dat zijn dagen waarop ik niks betaal met mijn creditcard, pinpas, Apple Pay, of contant geld. Corona zorgt er nog steeds voor dat het aantal NSDs hoger is dan ‘vroeger’. Gemiddeld had ik er toen een stuk of 10 per maand. Dit jaar zijn het er nog steeds minimaal 20 per maand.

Eigen Vermogen

Dit kwartaal was er ‘alleen maar’ regulier salaris, inleg in mijn beleggingen, reguliere en extra aflossingen van de hypotheek, en natuurlijk de bewegingen van de beleggingsportefeuille op de golven van de aandelenmarkten. Niets bijzonders dus.

En dat leidt tot onderstaande ontwikkeling van mijn vermogen per kwartaal. In het derde kwartaal van 2021 is mijn eigen vermogen gegroeid met 2,1%.

Beste Uitgave(n)

In het derde kwartaal was er een heel pijnlijk moment in mijn leven. Voor de allerallereerste keer kreeg ik leeftijdskorting. Ik ben begin augustus gaan trainen bij een nieuwe sportschool, en daar heb ik een abonnement genomen. En kreeg ik leeftijdskorting, omdat ik 50+ ben. Dat was even schrikken. Maar ik ben heel blij dat ik weer aan het trainen ben.

Verder heb ik in het derde kwartaal vooral de potjes aangesproken. Voor onze vakantie en voor een nieuwe bril. De oude stond alweer drie jaar op mijn neus, en dus vond ik het tijd voor een nieuwe oogmeting die leidde tot glazen met een sterker ‘varifocus’ leesgedeelte en ook een nieuwe bril. De bril kon ik maar voor een klein gedeelte betalen uit mijn potje, omdat ik pas sinds kort hier apart voor spaar. Maar dat heb ik dus aangevuld uit andere potjes. Het brillenpotje staat nu weer op nul en wordt elke maand bijgevuld, zodat er over drie jaar wel ongeveer genoeg geld gaat zijn voor de volgende bril.

Hoe was jouw derde kwartaal?

Je kunt oude kwartaalberichten teruglezen via mijn overzichtspagina.

De 10 geboden van Geldnerd

Nee, niet deze. Maar die van mijzelf. De 10 regels die ik hanteer voor mijn persoonlijke financiën. Ze zijn niet dogmatisch in steen gebeiteld, maar ontwikkelen zich. Over de afgelopen jaren heb ik ze stapsgewijs opgeschreven. Ze hangen niet ingelijst boven mijn bureau. Want af en toe vul ik iets aan. Wijzig ik iets. Wis ik iets. Dus het is een tussenstand. Maar wel een tussenstand die zorgt dat ik rust heb in mijn financiële situatie.

  1. Het eerste dat ik doe als het salaris binnenkomt, is meteen mijzelf uitbetalen en alle verplichte betalingen doen. Er gaat geld naar de gezamenlijke huishoudrekening, geld naar de aflossing van de hypotheek, en geld naar mijn beleggingsrekening. De verschillende reserveringen die ik elke maand maak worden overgeboekt naar de bufferrekening.
  2. Wat er achterblijft op mijn lopende rekening is mijn zakgeld voor de periode tot aan mijn volgende salaris. Overschotten gaan naar de kleine buffer.
  3. Ik heb een grote buffer in contant geld die genoeg is om zes vier twee maanden van te leven. Op de bufferrekening staan daarnaast ook de specifieke doelreserveringen uit mijn potjessysteem.
  4. Geld dat naar mijn beleggingsrekening gaat is éénrichtingsverkeer. Ik onttrek voorlopig geen geld aan die rekening, maar stort alleen maar bij. Ook alle dividendinkomsten worden meteen herbelegd.
  5. De inleg op mijn beleggingsrekening en de ontvangen dividenden steek ik in mijn standaardportefeuille volgens de gewenste verdeling die ik daarvoor vastgesteld heb. Elke maand weer. De Advisor in de beleggingsspreadsheet vertelt me wat ik bij moet kopen om dichter bij de gewenste verdeling te komen. Dat doe ik meteen op de dag dat de maandelijkse storting binnenkomt. Ongeacht de marktomstandigheden.
  6. Alle salarisverhogingen en meevallers worden gespaard. Jaarlijks worden de bedragen die naar de beleggingsrekening en de buffer gaan hierop ‘herijkt’. Geld wordt aan het werk gezet, niet geconsumeerd.
  7. Op de hypotheek wordt maandelijks € 1.000 extra afgelost. De maandelijkse besparing op rente en aflossing door de reguliere en extra aflossing wordt toegevoegd aan de sneeuwbal. In totaal is de extra maandelijkse aflossing dus € 1.000 plus de sneeuwbal. De hypotheekspreadsheet vertelt mij maandelijks hoe hoog de extra aflossing moet zijn. Dit bedrag wordt zo berekend dat de resterende hypotheek maandelijks op een rond bedrag uitkomt.
  8. De beleggingsadministratie wordt wekelijks in het weekend bijgewerkt. De financiële administraties ook. De creditcardtransacties worden in elk geval bijgewerkt vóór de verrekening op de 26e van de maand. De hypotheekspreadsheet wordt maandelijks bijgewerkt na de aflossingen, dan wordt ook de nieuwe extra aflossing ingepland. Net voor het einde van elk kwartaal neem ik de meterstanden op en verwerk die in de gezamenlijke administratie. Het Dashboard wordt direct na afronding van elk kwartaal bijgewerkt.
  9. Van eenmalige afboekingen (bijvoorbeeld eigen risico van de zorgverzekering) wordt een reminder in de agenda gezet. Dit om te bewaken dat er voldoende saldo aanwezig is op het moment van de incasso.
  10. Voor iedere persoonlijke uitgave groter dan € 100 geldt een afkoelperiode van minimaal 72 uur tussen het moment van hebberigheid en het eventuele moment van feitelijke aankoop.

Wat zijn jouw ‘financiële geboden’?