Blog over (financieel) bewust leven

Label: spaargeld (Page 1 of 2)

Riskanter rijker

Hij is er weer, de jaarlijkse rapportage van het CBS over het vermogen van de Nederlandse huishoudens. Vorig jaar kwam ‘ie pas in november en constateerde ik dat de ‘rijkdom’ van de ‘doorsnee Nederlander’ vooral gegroeid was door de stijging van de waarde van de woningen. En dit jaar gedurende 2018? Want het bericht van het CBS gaat over het doorsnee vermogen per 1 januari 2019.

Definities

Voor degenen die de blogpost van vorig jaar niet kennen: Met ‘doorsnee’ bedoelt het CBS het mediane vermogen. Dat is het midden van de gegevensverzameling, de helft van de huishoudens heeft meer vermogen en de andere helft heeft minder vermogen. Dat is iets anders dan het gemiddelde. Vermogen definiëren ze als het saldo van bezittingen en schulden, vergelijkbaar met wat in mijn spreadsheets mijn Eigen Vermogen is. Dinsdagochtend op Radio 1 werd het begrip mediaan uitgebreid omschreven, maar het woord zelf werd zorgvuldig vermeden. Blijkbaar is dat anno 2020 zelfs te moeilijk voor Radio 1 luisteraars….

Twee dingen zijn er verder nog om in de gaten te houden. Bij het vaststellen van de fiscale hypotheekschuld kan het CBS de opgebouwde tegoeden bij spaar- en beleggingshypotheken niet meenemen, daar hebben ze geen toegang toe. Ook worden pensioenaanspraken en andere aanspraken van sociale zekerheid niet tot het vermogen gerekend, omdat deze collectief worden geregeld en niet op persoonsniveau toerekenbaar zijn, of overdraagbaar van persoon op persoon.

Tromgeroffel….

We zijn met z’n allen in 2018 weer rijker geworden. Niet zo heel vreemd als je naar de ontwikkeling van de huizenprijzen gedurende de afgelopen jaren kijkt. Ik durf nu al te voorspellen dat ook het rapport volgend jaar, met de stand van 1 januari 2020, een stijgend doorsnee vermogen laat zien. En zeer waarschijnlijk ook het rapport van 2022, met de stand per 1 januari 2021. Want ook in 2020 stijgen de huizenprijzen nog door. Misschien hebben we in 2022 wel een extra ‘knikje’ omhoog, omdat we in 2020 met z’n allen zo hard gespaard hebben vanwege corona en de dreigende economische crisis.

Het doorsnee vermogen per 1 januari 2019 bedroeg € 49.800 (2018: € 38.400). Daarvan zat € 34.700 in ‘de bakstenen’ (2018: € 23.800), en € 15.100 in ‘bank- en spaartegoeden en aanmerkelijk belang’ (2018: € 14.600). Voor het merendeel is dat geld op spaarrekeningen, aandelen en vermogen van ondernemers. Het gaat hierbij om ons netto vermogen. Volgens het bericht van het CBS hebben de 7,8 miljoen huishoudens samen € 2.400 miljard aan bezittingen en € 870 miljard aan schulden, waardoor het totale vermogen in Nederland uitkwam op € 1.540 miljard. Ik mis dan nog ergens € 10 miljard in dat rekensommetje, en ik zou zelf best tevreden zijn met 0,1% van dat ontbrekende bedrag, maar ik snap dat dit voor het CBS een afrondingsverschil is.

Bron: CBS

Dit jaar heeft het CBS er ook een mooi grafiekje bijgedaan met de vermogensverdeling per leeftijdsgroep. Het is een 100% staatje, want het moge duidelijk zijn dat er meer huishoudens in de 45 – 65 categorie vallen dan in de categorie tot 25 jaar.

Bron: CBS

Goed Nieuws?

Toch vind ik deze stijging niet alleen maar goed nieuws. En dat komt vooral door de samenstelling en de verhoudingen in dit doorsnee vermogen.

Ten eerste, de woningmarkt is één van de vreemdste markten van Nederland. Er zijn grote verschillen tussen regio’s, en de rijks-, provinciale, en gemeentelijke overheden spelen allemaal een rol. Dat heeft impact op de beschikbaarheid en de prijzen van woningen. Tel daarbij op de Europese Centrale Bank die enorm veel geld in de economie pompt, en de (mede daardoor) extreem lage hypotheekrentes. Bij mij rinkelen er allerlei bubbel-alarmbellen in het hoofd. Een bubbel die pas ophoudt als de rente stijgt, er minder geld in de markt is, en/of wij allemaal het vertrouwen verliezen en geen ander huis meer durven kopen. Veel deskundigen hadden verwacht dat dit de afgelopen maanden zou gebeuren, maar daar komen onder andere ABN AMRO en de Rabobank nu al weer op terug. De vermogensontwikkeling van de doorsnee Nederlander, inclusief mijzelf, is dus vooral afhankelijk van een ‘niet geheel optimaal functionerende markt‘?

Ten tweede, liquiditeit vind ik erg belangrijk. De (toegenomen) waarde van de woningen zit immers in stenen, en met stenen kun je geen nieuwe auto of boodschappen betalen. Het is ‘papieren’ rijkdom die pas ‘echt’ wordt op het moment dat je jouw woning verkoopt. En dan kan de wereld weer heel anders zijn. Begin 2018 had het doorsnee Nederlandse huishouden € 14.600 liquide vermogen. In 2018 bedroeg de inflatie 1,7%. Om hiermee gelijke tred te houden moest het doorsnee liquide vermogen dus groeien naar € 14.848,20. Met de € 15.100 van 1 januari 2019 hebben we dus wel iets meer gespaard dan de inflatie.

Maar het CBS-bericht laat ook zien dat, gecorrigeerd voor inflatie, het doorsnee vermogen nog niet op het niveau van 2008 is. Ten opzichte van de situatie vóór de voorgaande crisis zijn we (de doorsnee Nederlander) dus niet vermogender geworden. En een groei van dat liquide vermogen van € 14.600 naar € 15.100 is natuurlijk ook niet zo heel veel. De doorsnee Nederlander spaart dus net iets meer dan € 40 per maand?

Het vermogen van Geldnerd

Het voordeel van mijn eigen spreadsheets is dat ik mijzelf op allerlei gebieden kan vergelijken met de doorsnee Nederlander. Mijn vermogen is iets hoger dan de doorsnee, maar dat mag ook wel na bijna 20 jaar financieel bewust leven. Maar hoe heeft mijn eigen vermogen zich ontwikkeld tussen 1 januari 2018 en 1 januari 2019?

Mijn voorraad contanten kromp licht in 2018, onder andere door de aanschaf van een nieuwe bril en de aanleg van onze tuin. En ook de aandelenmarkt was niet heel positief. Maar de WOZ-waarde steeg. En mijn inleg in de beleggingen en de (extra) aflossingen op onze hypotheek waren ook netto toevoegingen aan ons vermogen. In totaal waren de toenames van ‘waarde in stenen’ (de aflossing en WOZ-stijging) en ‘waarde in contanten’ ongeveer even groot. Hier doe ik het dus beter dan de doorsnee Nederlander. En ook in absolute termen was de totale vermogensgroei in Huize Geldnerd wel iets hoger dan de doorsnee. Gelukkig maar, want anders zou ik van mijzelf mijn Geldnerd-titel in moeten leveren…

Hoe ‘doorsnee’ is jouw vermogen?

NB: Ook collega De Budgetman schreef over het bericht van het CBS.

Wat te doen met een overvolle Buffer?

Jarenlang heb ik veel te veel spaargeld aangehouden. Grotendeels ook nog bij een grootbank, waarvan ik toen eigenlijk ook al wist dat die veel te klein is in rente. Ik durfde gewoonweg niet aan om een groter deel van mijn vermogen in beleggingen te steken. Onzekerheid over de markt, over mijn eigen financiën, wat de precieze reden is kan ik niet duiden. Ik wilde reserves aanhouden om een huis te kopen en in te kunnen richten. Maar omdat ik dat niet concreet maakte, hield ik veel te veel spaargeld aan. Genoeg om meerdere huizen in te richten, zullen we maar zeggen.

Pas in 2016 heb ik dat omgedraaid. Stapsgewijs heb ik mijn beleggingen fors uitgebreid. Nu denk ik dat dit ook te maken heeft met onze terugkomst vanuit het Verre Warme Land in dat jaar. Weer een ‘gewone’ Nederlandse baan. En eind 2016 kochten we Geldnerd HQ, daar heb ik ook een deel eigen geld ingestoken. Sinds die tijd hanteer ik een maximum voor mijn buffer. Er zit genoeg geld in om 6 maanden probleemloos te kunnen rondkomen. En afgelopen jaar heb ik twee potjes toegevoegd. Eentje voor de belastingaanslag die ik nog steeds verwacht voor 2015 / 2016 (vrienden van de Belastingdienst, ik heb nog steeds niets van jullie gehoord…), en een potje voor een bijzondere grote uitgave die ik dit jaar verwacht.

Volgens mijn heilige principe ‘Betaal Jezelf Eerst’ maak ik sinds begin 2017 maandelijks bedragen over naar mijn beleggingsrekening (€ 1.000) en naar de financiële buffer (€ 500). En afgelopen maand, na ontvangst van mijn salaris over april 2018, is er een mijlpaal bereikt. Mijn buffer, 6 maanden leefgeld plus de twee bijzondere potjes, is vol.

Wat nu?

Mijn eerste neiging was (is) om nog weer een buffer te starten. De bufferrekening is namelijk een aparte spaarrekening. Direct toegankelijk, dat wel, maar niet bij mijn ‘lopende rekening’ bank. Bij de ‘lopende rekening’ bank heb ik ook nog een spaarrekening, met maar liefst 0,05% rente. Daar maak ik aan het eind van elke maand mijn ‘restsaldo’ lopende rekening op over, en die gebruik ik om over de maanden heen grotere uitgaven te kunnen doen (bijvoorbeeld vakanties of zakelijke kleding). Dit om ervoor te zorgen dat ik mijn ‘echte’ buffer nooit hoef aan te spreken. Meestal staan er maar enkele honderden euro’s op deze ‘kleine buffer’. Dus, dacht ik zo, daar ook maar eens wat extra geld opzetten…

Maar… Dat heb ik helemaal niet nodig! En bovendien, eind mei wordt het vakantiegeld op mijn rekening gestort. Dan heb ik al meer dan voldoende cash voor de vakanties en de grote uitgaven die ik de rest van dit jaar gepland heb. Nóg meer geld op de kleine bufferrekening storten heeft dus helemaal geen zin. Het zou er alleen maar voor zorgen dat er nog meer geld niks staat te doen. En dat is zonde. Bovendien: de laatste tijd denk ik steeds vaker dat ik nog steeds teveel spaargeld aanhoud. Zes maanden rondkomen van mijn spaargeld, dat ga ik waarschijnlijk voorlopig helemaal niet nodig hebben. Zeg nooit nooit, natuurlijk, maar in de voorzienbare toekomst gebeurt het niet. En ik voel me hier ook minder onzeker over dan een aantal jaren geleden. Bovendien, ons huis is wel ongeveer ingericht.

De afgelopen week heb ik dus het nodige gelezen over de buffer en de gewenste omvang. Zoals gebruikelijk verschillen ‘wij bloggers’ hierover hartstochtelijk van mening. Grote buffers, kleine buffers, helemaal geen buffers… Je komt allerlei smaken tegen, met hartstochtelijke argumenten voor of tegen. Ik kom tot de conclusie dat het vooral een persoonlijke afweging is. Wat is jouw specifieke situatie? Hoe (on)zeker is jouw maandelijkse inkomen? Hoe snel kun je in noodgevallen de investeringen omzetten in contant geld? Dat laatste gaat bij aandelen bijvoorbeeld sneller dan bij vastgoed, maar je hebt wel risico op koersverlies natuurlijk.

Alles afwegende ben ik van plan om mijn cash buffer terug te brengen van 6 maanden leefgeld naar 2 maanden leefgeld. Dat geeft mij meer dan genoeg tijd om, in geval van nood, investeringen te liquideren om eventueel meer contant geld ter beschikking te krijgen. Ik handhaaf dan wel mijn huidige systematiek van de ‘kleine buffer’ voor het gladstrijken van uitgaven over de maanden heen. En het betekent ook dat ik vanaf nu een substantieel deel van mijn vakantiegeld en 13e maand toevoeg aan mijn vrije vermogen.

Daarmee komt er een substantieel bedrag, 4 maanden leefgeld, ineens beschikbaar om te beleggen. De komende periode wil ik dat stapsgewijs aan mijn portefeuille toevoegen. Deels gaat het in obligatiefondsen, iShares Core Euro Corporate Bond ETF en iShares Core Euro Government Bond ETF. Dit om ervoor te zorgen dat mijn verhouding aandelen / obligaties blijft passen bij mijn leeftijd en mijn risicoprofiel.

Hoe is het met jouw buffer?

Aftellen naar nul

Afgelopen maandag las ik dat er een claim van € 3,2 miljard is ingediend tegen Nationale Nederlanden in een woekerpoliszaak. En dinsdag kreeg ik een mailtje met de volgende renteverlaging van mijn internetspaarrekening bij diezelfde club. Van 0,50% naar 0,45% per 31 maart. Of er een verband is weet ik niet, maar een jaar geleden was de rente nog 1,0%. Langzaam maar zeker tellen we af naar de nul. In elk geval gaat dat nu met een stapje van ‘maar’ 0,05%.

Een snelle check op Van Spaarbank Veranderen leert dat NN hiermee nog steeds in de top-10 van hoogste spaarrentes staat. 0,6% is het hoogste wat je nu kunt krijgen. 0,15% per jaar, dat scheelt € 1,50 per € 1.000 spaargeld per jaar. Daar heb je niet eens meer een kopje koffie voor. Laat staan dat je de inflatie of vermogensrendementsheffing bijhoudt.

Het zet me aan het denken over mijn contante geld. Momenteel zit ongeveer 45% van mijn vrije vermogen (het deel dat niet in stenen zit) in spaargeld en obligaties. De rest zit in aandelenfondsen en indextrackers. Van die 45% zit het grootste deel (80%) nog in geld op mijn spaarrekening. Dat is fors meer dan het deel dat ik als noodzakelijke cashbuffer beschouw, namelijk het bedrag voor 6 maanden reguliere uitgaven.

Die 6 maanden buffer zal ik wel in direct toegankelijk spaargeld houden, ook als de rente naar 0,0% gaat. Ik weet nog niet wat er gebeurt als de spaarrente negatief wordt. Zou er dan ook een negatieve rente op reguliere betaalrekeningen komen? Ik kan het me nauwelijks voorstellen (maar de huidige rentestand kon ik me een paar jaar geleden ook niet voorstellen). Met een negatieve rente ga ik van bank veranderen, net zolang tot er nergens meer positieve rente of 0,0% te krijgen is. En ik overweeg om een deel van het spaargeld over te hevelen naar de obligatiefondsen.

Wat ga jij doen als de rente naar nul daalt?

Beetje spaargeld

Driehonderd en veertig miljard Euro hebben we met z’n allen op onze spaarrekeningen staan, las ik vorige week. € 340.000.000.000 oftewel 340 met negen nullen erachter. Dat is € 5,3 miljard meer dan een jaar geleden. Indrukwekkende getallen. Of toch niet?

Lees je één alinea verder in het bericht, dan zie je dat het grootste deel van de toename bestaat uit rente. € 1,8 miljard is wat wij zelf bijgespaard hebben.

Op 1 januari 2016 telde Nederland volgens het CBS ongeveer 7,7 miljoen huishoudens. Simpel rekensommetje 1.800.000.000 / 7.700.000 = € 233,77. Oftewel, per huishouden in Nederland is er vorig jaar nog geen € 235 gespaard.

Als ik optimistisch ben, denk ik: iedereen is aan het beleggen. Of: iedereen is z’n hypotheek aan het aflossen. Maar als ik dan op zoek ga naar die cijfers denk ik: nee, dat is het niet. Ik vrees dat iedereen gewoon (weer) aan het consumeren is. Net als vroeger, voor de crisis. Blijkbaar hebben wij mensen het geheugen van een goudvis. En gaan we vrolijk op weg naar de volgende crisis.

Zucht.

Geldnerd gaat vrolijk verder op de eigen ingeslagen weg.

Update: Hypotheekweg had hetzelfde onderwerp en dezelfde gedachten vandaag…

Impact op de balans

Geldnerd maakt ieder jaar een balans op. Hiermee houd ik een paar dingen in de gaten:

  • Hoe ontwikkelt mijn Eigen Vermogen zich?
  • Hoe is mijn verhouding tussen schulden en bezittingen?

De afgelopen jaren was mijn balans heel erg eenvoudig. Schulden heb ik niet. Mijn huidige balans bestaat aan de ene kant helemaal uit bezittingen, die bestaan uit beleggingen en spaargeld. Aan de andere kant is alles dus Eigen Vermogen.

Maar dat gaat nu veranderen. Want de aankoop van het huis zorgt zowel aan de kant van de Activa als aan de kant van de Passiva voor verandering.

Aan de Passiva kant komt de hypotheek op mijn balans te staan. Of liever gezegd: de helft van de hypotheek. Vriendin en ik worden allebei voor de helft eigenaar van het huis, dus neem ik de helft van de hypotheek op (ook al zijn we beide aansprakelijk voor het geheel). Aan de Activa kant komt het huis erbij te staan (ook hier dus: de helft). Eind van 2016 zal ik hiervoor de aankoopwaarde van het huis gebruiken, voor eind 2017 en verder zal ik kijken naar WOZ waarde, gegevens over de prijsontwikkeling in de woningmarkt, en de vraagprijs van vergelijkbare woningen in de buurt. Voor de balans neem ik als uitgangspunt ‘wat zou het naar verwachting opbrengen als ik het op de balansdatum zou verkopen’.

201611-balans

Mijn balanstotaal wordt dus een stuk hoger. Maar echt rijker wordt ik er in eerste instantie niet van, want mijn Eigen Vermogen neemt er niet door toe. En mijn Liquiditeit wordt zelfs slechter. Waar nu al mijn geld in vrij toegankelijke en/of vrij eenvoudig te verkopen beleggingen zit (en dus snel toegankelijk is), zit straks ruim 1/3 van mijn geld ‘in de stenen’, waar ik ze niet zomaar uit kan halen. 1/3 zit daarnaast in beleggingen, en 1/3 staat op mijn spaarrekeningen.

Afgelopen weekend heb ik een tussentijdse balans opgemaakt. Die lag qua bedragen mooi op schema. Ik heb ook flink geschoven. Er is geld van de spaarrekeningen klaargezet om dadelijk de bijdrage in eigen geld te betalen. En ik heb, op basis van mijn verwachte inkomsten en uitgaven voor het restant van november en december, ook alvast een prognose gemaakt voor de standen per 31 december. Mijn ‘obsessive compulsive disorder’ voor ordening is weer helemaal tevreden.

Hoe ziet jouw balans er uit?

Een hypotheek van één miljoen Euro…

Geldnerd en Vriendin zijn op zoek naar een huis. Een koophuis. Een plek om een thuis van te maken. En alhoewel wij een behoorlijke stapel spaargeld hebben, willen we dat niet helemaal in stenen stoppen. Dus hebben we een hypotheek nodig, want de huizenprijzen hier in de Randstad zijn nou ook weer niet bepaald laag te noemen.

Dus de afgelopen week hebben wij de websites van diverse hypotheekaanbieders bezocht. En we hebben een gesprek gehad met een hypotheekadviseur. Want het was alweer 4 jaar geleden dat Geldnerd voor het laatst een hypotheek had, en er zijn sindsdien veel regeltjes veranderd. Vroeger had ik Beleggingshypotheken en Spaarhypotheken, dat mag nu allemaal niet meer. Het wordt gewoon een ouderwetse vertrouwde Annuïteitenhypotheek.

Het eerste waar we naar kijken is onze maximale leencapaciteit. Geldnerd en Vriendin verdienen allebei niet slecht. Maar van het maximale bedrag wat wij mogen lenen schrokken we wel. We voerden onze inkomensgegevens in en drukten op ‘berekenen’. De uitkomst: net iets meer dan één miljoen Euro. € 1.000.000,00 – dat vinden wij verschrikkelijk veel geld en willen we niet voor een huis uitgeven. We zijn maar met z’n tweetjes en Hondje. Zoveel ruimte hebben we niet nodig (al willen we graag een tuintje of in elk geval een buiten). De maandlasten voldoen dan ook niet aan ons criterium dat we maximaal 30% van onze netto inkomsten aan woonlasten uit willen geven.

We hebben het daarom omgedraaid. Wat willen wij maximaal kwijt zijn aan een hypotheek. In eerste instantie dachten we aan het bedrag wat we maximaal kwijt willen zijn aan huur: € 1.200 per maand. Maar dat levert dan weer een erg lage leencapaciteit op. En we realiseerden ons nog iets. De rente beschouwen we als ‘huur’, dat betaal je en is weg. Maar je betaalt ook aflossing. En daarmee wordt die verzameling stenen elke maand een beetje meer van jou. Geldnerd en Vriendin sparen op dit moment elk een behoorlijk bedrag per maand. We vinden het niet erg om een deel van dat spaargeld in de stenen te steken. Na wat discussie kwamen we hiervoor op een bedrag van € 400 per persoon per maand.

Dat levert ons dus een maximale wenselijke hypotheeklast op van ( 1.200 + 400 + 400 = ) € 2.000 per maand. Daarvoor kunnen we momenteel € 470.000 aan hypotheek krijgen. Samen met de € 100.000 die we aan eigen geld in willen brengen, hebben we dus een maximaal budget van € 570.000 voor de aankoop inclusief bijkomende kosten en eventuele verbouwing. Als we met dat in gedachte rondkijken op de diverse websites, moet er echt wel iets te vinden zijn…

We houden geen rekening meer met de hypotheekrente-aftrek. Want we vrezen dat die nog wel verder zal verdwijnen.

Wat wil jij maximaal aan een hypotheek uitgeven?

« Older posts

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑