Blog over (financieel) bewust leven

Tag: reserves

Pensioenoerwoud (3)

Ingewikkeld is de waardering van de pensioenreserves zeker. Op de website van de Universiteit Leiden vond ik een doctoraalscriptie uit 2007 over het oude Financieel Toetsingskader (FTK) dat gebruikt werd om de reserves van de pensioenfondsen te toetsen.

Ten tijde van de vernieuwing van het FTK las ik dit document met een overzicht van de wijzigingen. De essentie, lees ik ook in veel artikelen over de pensioendiscussie, is de manier waarop de rekenrente bepaald wordt, de rente die pensioenfondsen moeten gebruiken om de toekomstige verplichtingen te waarderen.

Kreupelgeld schreef in reactie op mijn eerdere blog het volgende: Stel dat een pensioenfonds nu 100 euro in kas heeft om daar over 20 jaar een verplichting van 200 euro mee te betalen. De 100 euro die ze nu nog tekort komen zal met rendement moeten worden aangevuld. Pensioenfondsen moeten nu rekenen met 3,3% rendement. Daarmee is de waarde van die 100 euro over 20 jaar 191 euro. Ze komen dan 9 euro tekort. De dekkingsgraad is dan 95%.

Het rendement dat de pensioenfondsen moeten gebruiken is de rekenrente. Helaas is dat een politiek instrument en dus kwetsbaar. De rekenrente is gebaseerd op de interbancaire rente, de rente waarvoor centrale banken en ‘gewone’ banken elkaar geld lenen. En die is al jaren kunstmatig laag door het huidige beleid van de Europese Centrale Bank om de economie te stimuleren. En dat zal nog wel even zo blijven. Maar op deze manier wordt de verlaging van de interbancaire rente doorgegeven aan de pensioenfondsen. En daarvoor was die rekenrente niet bedoeld…. Toch zie je dat de politiek nu geen stappen neemt om de pensioenfondsen / pensioenopbouwers / gepensioneerden te beschermen tegen de rekenrente. Dat bevestigt voor mij alleen maar dat de rekenrente (ook) een politiek instrument is.

Ik loop nog een beetje vast in het vinden van een duidelijke uitleg over de precieze waardering van de pensioenreserves. Dat onderzoek moet ik nog even voortzetten. Ik hoop dat ik daar de komende periode (met alle verhuisperikelen) aan toekom. Maar ik ben nog niet tevreden! Ik wil weten hoe die reserves gewaardeerd worden!

Wordt vervolgd. Wederom.

Pensioenoerwoud (2)

Mijn pensioen wordt opgebouwd bij het ABP. Ik ben dus maar eens gaan kijken op hun website. Daar vind ik dat ze momenteel uitgaan van een gemiddelde levensverwachting van 87,5 jaar. Omdat ik volgens de huidige regels op mijn 67e met pensioen mag, zou ik dus 20,5 jaar mogen genieten van het pensioen. Als zij mij inderdaad € 55.000 per jaar gaan uitbetalen (dat lijkt heel veel, maar vergeet die 25 jaar inflatie niet…), dan hebben ze daar dus een ‘potje’ van 20,5 x 55.000 = € 1.127.500 voor nodig. Dat potje hoeven ze uiteraard niet al helemaal gevuld te hebben als ik met pensioen ga, ook daarna kunnen ze nog rendement halen over het nog in het potje zittende deel. Al zullen tegen die tijd de regels vast weer aangepast zijn, en de pensioenleeftijd zal mee gaan stijgen met de levensverwachting. Ik denk dat mijn werkelijke pensioenleeftijd dichter bij de 70 uit zal gaan komen.

Hier heb ik ook even een grafiekje gemaakt. Het pensioen wat volgens mijn jaarlijks overzicht al veilig gesteld is (‘dit krijgt u ieder jaar als uw dienstverband nu eindigt’) is € 21.164. Uitgaande van 20,5 jaar pensioen zit er dus al 20,5 x 21.164 = € 433.862 in ‘mijn’ pensioenpot. Op dit moment wordt er jaarlijks iets minder dan € 19.000 in mijn pensioenpot bijgestort (werknemersdeel + werkgeversdeel). Dus uitgaande van

  1. € 433.862 nu in de pot
  2. € 18.720 jaarlijks bijstorten in de pot (het bedrag van 2016)
  3. Met pensioen in 2038
  4. Daarna jaarlijks € 55.000 uitkeren
  5. Jaarlijks een rendement van X%

moet dat leiden tot een pensioenpot die tussen mijn 87e en 88e verjaardag leeg is. Zie onderstaande grafiek.

201602 Mijn Pensioenpot

En nu mogen jullie raden wat het jaarlijkse rendement X is wat daarvoor behaald moet worden?

1,0%.

Dat zou ze moeten kunnen lukken toch? Misschien zelfs iets meer voor hun eigen kosten en zo? Nu is het uiteraard zo dat er niet zoiets is als ‘mijn pensioenpot’. We betalen aan en eten uit de ‘grote ruif’.

Dus waarom moet ik me dan zorgen maken? Of is er toch iets meer aan de hand met de manier waarop de pensioenfondsen hun reserves moeten waarderen? Op het eerste oog staat op de website van het ABP een aardige uitleg over hun financiële situatie. Maar zodra je meer wilt weten wordt het lastiger. Als je bijvoorbeeld zoekt naar informatie over de waardering van hun verplichtingen en de rente wordt je hiermee afgescheept. Je kunt wel zeggen dat het een ingewikkelde rekensom is, maar dat is nou net wat ik wil begrijpen! Dan heb ik toch een beetje het gevoel dat ik met een kluitje in het riet gestuurd word. Als ik dan ook nog op de pagina met bestuursleden lees dat ze allemaal transparantie belangrijk vinden, krijg ik een beetje vieze smaak in mijn mond. Want zelfs als je het wilt begrijpen, is nergens de informatie te vinden zodat je het kunt begrijpen.

Hoe moeten de pensioenfondsen hun reserves waarderen? Wat zijn de effecten? Hoe staan ze er echt voor? Wordt vervolgd….

Buffer

Voor mij is en blijft ‘rust’ de belangrijkste reden om met mijn financiën bezig te zijn. Weten wat er in komt en wat er uit gaat. Weten hoe ik ervoor sta. Weten dat ik de meeste (ook wat grotere) onverwachte (of ongewenste) financiële situaties aankan zonder dat ik erdoor in de problemen raak.

Een belangrijk instrument daarbij is de Buffer. Een tijdje geleden las ik dat ook bij Min Of Meer. En het NIBUD heeft het er ook vaak over. Het potje voor het opvangen van onverwachte uitgaven is belangrijk voor het gevoel van rust. Regelmatig worden we om de oren geslagen met onderzoek waaruit blijkt dat een groot deel van de huishoudens die niet heeft, of te weinig. Het NIBUD adviseerde in 2014 een buffer van minimaal € 3.550 voor een alleenstaande. Voor een echtpaar zonder kinderen was het advies € 4.000 en voor een echtpaar met kinderen € 5.000. 40% van de Nederlandse huishoudens voldoet niet aan die norm. Recent heeft het NIBUD die normen aangepast, lees ‘verhoogd’.

Ik ga zelf nog een stapje verder. Wat als ik mijn baan verlies en een tijdje zonder werk zit? Onverwachte grote uitgaven voor bijvoorbeeld een auto of een gedeeltelijke inboedel en een verzekering die niet of langzaam uitkeert? Voor mezelf heb ik de lat gelegd op 6 netto maandinkomens. Dat is het bedrag wat ik in mijn buffer beschikbaar wil hebben. Dat is dus nog een stukje hoger dan 6 maanduitgaven. Sinds een aantal jaren voldoe ik gelukkig aan mijn eigen eis. Dat geeft veel rust. Ik heb er bijvoorbeeld veel profijt van gehad toen we naar het buitenland verhuisden.

Voor mijn Buffer heb ik een paar simpele spelregels. Ik mag dat geld niet beleggen. Ook mag ik het niet vastzetten in bijvoorbeeld een deposito. Het moet op elke moment direct toegankelijk en bruikbaar zijn.

Hoe ga jij om met jouw buffer?

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑