Geldnerd.nl

Bloggen over persoonlijke financiën

Tag: pensioen (page 1 of 5)

FIRE Calculator versie 1.1

Met dank aan lezer/reageerder Sam een nieuwe versie van de FIRE Calculator. Hierin zijn twee bugs opgelost, die optraden als je AOW-datum eerder ligt dan je pensioendatum.

Aan het begin van de FIRE Calculator macro heb ik Pillar1 en Pillar2 verwisseld, waardoor hij de AOW-datum gebruikte voor het pensioen en andersom. En de tweede bug was dat, als je eerder AOW ontvangt dan pensioen, de AOW niet afgetrokken werd van het totale bedrag dat je nodig hebt om van te leven. Vandaar de vreemde ‘piek’ in die jaren. Download hier een versie waarin deze bugs zijn opgelost.. De links op de Downloads-pagina en in de vorige blogpost zijn ook aangepast.

Rekenmodel FIRE met pensioen voor loonslaven

De meeste modellen voor FIRE die ik op internet tegenkom, zijn gebaseerd op de Amerikaanse situatie. Een belangrijk verschil tussen de Verenigde Staten en Nederland is de pensioenvoorziening. De Amerikanen bouwen (vrijwillig) persoonlijke pensioenpotten op via bijvoorbeeld de systematiek van 401(k). Dat is een van de redenen waarom je op veel Amerikaanse blogs van die enorm hoge eigen vermogens langs ziet komen, want de waarde van die potjes tel je natuurlijk gewoon mee.

In Nederland hebben we (nog) geen persoonlijke pensioenpotten. Die zijn in de huidige discussie over de pensioenhervorming ook erg omstreden. We vinden in Nederland de collectiviteit, het samen delen van de risico’s zodat iedereen een min of meer gelijke kans heeft op een redelijk pensioen, erg belangrijk. En wij loonslaven (voor ondernemers is het meestal anders) hebben meestal niet een vaststaande pot met geld voor ons pensioen, maar wel de zekerheid van een uitkering van onze pensioendatum tot aan de dood. De hoogte van deze uitkering (en of deze al dan niet geïndexeerd wordt voor inflatie) is dan weer onzeker.

Dat maakt de financiële kant van de FIRE-discussie dan weer wat ingewikkelder voor ons, de loonslaven. Daar heb ik eerder over geschreven, en ook onderstaande grafiek gemaakt. Uitgaande van een bepaalde (onzekere) AOW en pensioenuitkering vanaf een onzekere pensioendatum, heb je vanaf dat moment je vermogen alleen nog nodig als je met AOW en pensioen tekort komt om in je levensonderhoud te voorzien. De rest van je vermogen kun je inzetten om het gat tussen de officiële pensioendatum van jouw pensioenfonds(en), en de datum waarop je stopt met werken, te overbruggen.

Ik ben al een tijdje aan het ‘klooien’ om hier een rekenmodel voor te ontwikkelen. Dat valt nog niet mee, omdat er veel aannames en onzekerheden in zitten. Onlangs had ik hier een interessante mailwisseling over met lezer Sam. En hierbij dus mijn eerste poging. Ik reken op een storm van kritiek, opmerkingen en aanvullingen, zodat ik dit model verder kan verbeteren. Voordat je verder leest even een waarschuwing: hier deel ik weer een nerdy spreadsheet (zoals The Transoceanic Teller  zo mooi omschreef in zijn blogroll).

Vooraf: het is een eenvoudig model. Het houdt bijvoorbeeld nog geen rekening met partners, het is een individueel model. Ook houdt het geen rekening met derde-pijler pensioenen. De uitdaging voor mij zat ondermeer in het programmeren van de grafiek. Die heeft meerdere series, en combineert meerdere types (lijnen en kolommen) in één grafiek. Dat gaat me goed van pas komen als ik binnenkort verder werk aan mijn Dashboard.

Het model redeneert vanuit een huidig jaar, en wil uiteraard ook weten wat je huidige vermogen is. Andere relevante factoren in het model zijn ondermeer de verwachte gemiddelde jaarlijkse inflatie. De afgelopen 25 jaar was dat ongeveer 2,2% per jaar. Verder het verwachte gemiddelde rendement op je vermogen, daar ga ik uit van 6,0% per jaar. En het AOW-bedrag dat je jaarlijks verwacht te ontvangen. Daar gaat mijn model uit van het standaardbedrag, anders wordt het wel erg ingewikkeld. Ook geef je de datum in waarop je pensioen en AOW uitbetaald gaan worden. Uiteraard kun je al die variabelen zelf naar hartenlust aanpassen.

Apart instelbaar is de verwachte jaarlijkse indexering van de AOW en het pensioen. Op basis van de ervaringen van de afgelopen 10 jaar ga ik in mijn model maar niet uit van een indexering met hetzelfde percentage als de gemiddelde inflatie. Ik ga maar even uit van een kwart, maar uiteraard is ook dat in te stellen.

Ook gebruikt het model je huidige netto jaarinkomen, en ook moet je een verwacht gemiddeld spaarpercentage opgeven. Want zolang je nog werkt kan het vermogen harder groeien dan alleen door het rendement… Heel optimistisch kun je ook een percentage ingeven voor de verwachte jaarlijkse stijging van je salaris, voor zolang je nog werkt.

Daarna wordt het al iets ingewikkelder. Ieder Uniform Pensioen Overzicht (UPO) geeft aan hoeveel pensioen je al hebt opgebouwd als je nu zou stoppen met werken. Dat is een belangrijk getal. Dat kun je ingeven, met het specifieke jaar dat dat bereikt is. En ook heeft het model jouw meest recente A-factor nodig. Ook die staan ieder jaar in jouw UPO. Daarmee kan het rekenmodel een gooi doen naar het pensioen dat je nog op gaat bouwen totdat je stopt met werken.

Veel variabelen en veel aannames. Dat betekent veel onzekerheden. Een model is altijd een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. De uitkomst is dus een indicatie. Geen zekerheid, geen garantie.

Je moet ook ingeven in welk jaar je wenst te stoppen met werken. En hoeveel geld je jaarlijks nodig denkt te hebben nadat je stopt met werken. Dat doe je in Euro’s van vandaag. Met behulp van de inflatie rekent het model zelf uit hoeveel Euro je dan jaarlijks nodig hebt vanaf het jaar dat je daadwerkelijk stopt. En tenslotte werk ik met een levensverwachting.

Levensfasen

Het model kent eigenlijk drie fasen in jouw financiële leven:

  1. De opbouwfase. Dit is de fase waarin je werkt, en inkomen hebt, en een deel daarvan overhoudt en toevoegt aan je vermogen. Ook bouw je in deze periode pensioen op.
  2. De op-eet fase. Dit is de fase waarin je gestopt bent met werken, maar nog geen AOW en pensioen ontvangt. Je leeft dus volledig van je opgebouwde vermogen.
  3. De pensioenfase. Die start in het jaar dat AOW en pensioen voor het eerst uitbetaald worden. Vanaf dat moment leef je van pensioen en AOW, aangevuld met de rest van je vermogen.

Het model gaat er van uit dat je niet de behoefte hebt om vermogen over te houden. Slecht nieuws dus voor je potentiële erfgenamen. En het model gaat er ook van uit dat je blijft beleggen.

Opbouwfase

Het ligt voor de hand, in deze periode kijkt het model vooral naar je vermogensopbouw. Wat blijft er over als spaarpercentage, en hoe rendeert dat. Daarbij wordt de salarisstijging meegenomen. Het model gaat er hierbij van uit dat de inflatie al meegenomen is in het verwachte jaarlijkse rendement.

Op-eet Fase

Je hebt geen inkomen meer, want je bent gestopt met werken. Je pensioenopbouw is gestopt, die groeit dus alleen nog maar met de verwachte jaarlijkse indexering. Je leeft dus van je vermogen. Op basis van het bedrag dat je nu denkt jaarlijks nodig te hebben, aangepast met de jaarlijkse inflatie. Ieder jaar heb je dus een beetje meer nodig om van te leven.

Je vermogen blijf je wel actief inzetten, op het deel dat je elk jaar overhoudt maak je dus nog steeds je jaarlijkse rendement.

Pensioenfase

Je inkomenssituatie verandert op het moment dat je AOW en pensioen uitbetaald gaan worden. Beide zijn in het model gegroeid met de verwachte jaarlijkse indexering. Ze kunnen overigens verschillende startdatum hebben.

Het bedrag dat je jaarlijks nodig denkt te hebben blijft hetzelfde als in de Op-eet Fase, en groeit jaarlijks met de inflatie. Waarschijnlijk worden deze deels gedekt met AOW en Pensioen. Het restant moet je ook weer aanvullen met vermogen. Je vermogen blijf je actief inzetten, op het deel dat je elk jaar overhoudt maak je dus nog steeds je jaarlijkse rendement.

Hoe werkt het?

Op het werkblad Dashboard vul je jouw gegevens en aannames in. Daarna klik je op de knop FIRE Calculator, en het systeem voert de berekeningen uit. Je krijgt een melding als die berekening klaar is. Dan is er ook een grafiek verschenen op het Dashboard.

Met de knop Clean Up wordt het werkblad Data leeggemaakt, en de grafiek weer verwijderd. Het is aan te raden dat steeds te doen na het aanpassen van één of meer parameters, voordat je opnieuw op FIRE Calculator drukt.

Op het werkblad Data staan de uitkomsten van de berekeningen, per jaar. De kolomtitels spreken grotendeels voor zichzelf. Pillar 1 is de AOW, Pillar 2 je opgebouwde pensioen. Met Pillar 3 wordt (nog) geen rekening gehouden, en Pillar 4 is de aanvulling die je uit je vermogen haalt. De kolom Withdrawal is het bedrag dat je jaarlijks nodig hebt om van te leven, aangepast voor de inflatie. Aan de rechterkant kun je zien wanneer de verschillende fasen beginnen (Opbouwen, Opeten, en Pensioen).

Grafiek

De grafiek heeft twee y-assen. De linkeras hoort bij de vlakken. De rechteras hoort bij de rode lijn, die je vermogensopbrengst weergeeft. Als de rode lijn ophoudt, dan is je vermogen op.

Het geel/oranje vlak is het deel van je inkomen dat je uit je vermogen moet halen. Dat is je hele inkomen in de Op-eet Fase, en de aanvulling op je AOW en pensioen in de Pensioenfase. Nadat de rode lijn opgehouden is, kom je het geel/oranje deel dus tekort.

Onderstaand een voorbeeldgrafiek. Deze persoon stopt in (eind) 2025 met werken, en leeft dan van vermogen. Vanaf 2041 ontvangt deze persoon AOW en Pensioen. Maar het vermogen is naar verwachting op in 2057. Of dat erg is? Goede vraag. Onderstaande grafiek gaat uit van een inflatie van 2,2%, een indexering van 0,5% en een jaarlijkse salarisstijging van 1,1%. Jaarlijks netto inkomen is € 35.000, spaarpercentage 40%. Verwacht benodigd om van te leven is € 20.000. Beginvermogen is 100.000 per eind 2017, de persoon is geboren in 1970.

Ik zei het al eerder: Veel variabelen en veel aannames. Dat betekent veel onzekerheden. Een model is altijd een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid. De uitkomst is dus een indicatie. Geen zekerheid, geen garantie. Maar het geeft veel stof om over na te denken. hoeveel geld heb je echt nodig in de verschillende fasen van je financiële leven? Welk rendement verwacht je? Wat doet de inflatie, en de belastingen? Worden je pensioen en je AOW geïndexeerd? Hoe ontwikkelt je salaris zich? En wat gebeurt er met je FIRE datum in die verschillende scenario’s?

Download hier de spreadsheet. Ik zal ‘m dit weekend ook op mijn downloadpagina zetten.

Het model bevestigt mijn eerdere eigen berekeningen, maar mijn FIRE datum houd ik lekker geheim. Wat is jouw FIRE datum?

Hoe nutteloos is de Safe Withdrawal Rate?

Het is een geliefd onderwerp in FIRE-land. De Safe Withdrawal Rate (SWR). In mijn woorden: welk percentage van je vermogen kun je, nadat je stopt met vermogensopbouw, jaarlijks opeten zonder dat je ooit zonder geld komt te zitten? Daar woeden hartstochtelijke discussies over in de blogwereld. 3%, 3,5% of toch 4%? Met name in de Amerikaanse blogs worden hier pagina’s over volgeschreven, en vliegen de grafieken je om de oren. Mocht het je interesseren, Early Retirement Now heeft er een hele serie blogjes over geschreven. Meer dan 25 delen met alles wat je ooit wilde weten over de Safe Withdrawal Rate. Maar ook The Simple Dollar heeft een erg toegankelijk verhaal geschreven, net als Get Rich Slowly. En dichter bij huis heeft Lekker Leven Met Minder er een paar maanden geleden ook een blogje aan gewijd. Genoeg leesvoer dus. Wat heb ik daar nog aan toe te voegen?

Allereerst is het belangrijk om te beseffen dat de hele discussie over de Safe Withdrawal Rate samenhangt met hoe het Amerikaanse pensioensysteem is opgebouwd. Daar is het vrijwel volledig individueel. Je legt zelf in op een 401(k) of andere fiscaal gunstige beleggingsrekening, en je werkgever levert daar al dan niet ook een bijdrage aan (al dan niet afhankelijk van jouw eigen bijdrage). Dat geld wordt belegd in aandelenfondsen en/of obligatiefondsen en/of spaarproducten volgens een verdeling die je zelf kunt bepalen.

Dat betekent dat het pensioen van de gemiddelde Amerikaan volledig betaald wordt uit het zelf opgebouwde vermogen. En daar wil je het natuurlijk wel mee volhouden tot je omvalt. Dan is het dus erg belangrijk om te bepalen hoeveel vermogen je jaarlijks op kunt nemen zonder op termijn in de problemen te komen. En dat is nog belangrijker als je ‘eerder’ stopt met werken (en met het opbouwen van vermogen).

Het Nederlandse systeem zit natuurlijk anders in elkaar. We hebben een pensioensysteem met meerdere pijlers. De overheid verzorgt een AOW-uitkering, bedoeld als basisinkomen om te kunnen rondkomen (sterkte als dat alles is wat je hebt). Voor de meeste Nederlanders komt het leeuwendeel van hun pensioen uit de tweede pijler, pensioenopbouw via de werkgever. En dan is er de derde pijler, min of meer fiscaal aantrekkelijke individuele verzekeringen, zoals lijfrenten, koopsommen en levensverzekeringen. Dit is de belangrijkste pensioen-optie voor zelfstandige ondernemers.

Dat betekent dat het gemiddelde Nederlandse inkomen na pensionering anders opgebouwd is. Deels een (steeds minder gegarandeerde) AOW en/of pensioenuitkering, en deels een inkomen uit vermogen in de derde pijler of eigen vermogen dat je buiten het pensioensysteem om bij elkaar gespaard en belegd hebt. En dan ga ik natuurlijk nog helemaal voorbij aan de mensen die een kleiner of groter deel van hun inkomsten na pensioen gaan halen uit passief inkomen zoals huuropbrengsten van vastgoed. Voor mijn eigen situatie heb ik eerder onderstaande schematische weergave gemaakt, die ik al vaker gebruikt heb op mijn blog.

Voor mijn persoonlijke situatie, en ook voor de persoonlijke situatie van alle andere Nederlanders die het merendeel van hun pensioen opbouwen in de ‘tweede pijler’, is de Safe Withdrawal Rate minder relevant. Mijn vermogen dient straks twee doelen. Allereerst het (volledig) overbruggen van de uitgavenkloof tussen het moment dat ik stop met werken en vermogen opbouwen, en het moment dat mijn pensioen met uitbetalen begint (volgens de huidige prognose 69 jaar en 6 maanden). Mijn huidige verwachting is dat mijn pensioen de kosten van levensonderhoud na pensionering (vrijwel) volledig kan dekken, afhankelijk van wat er de komende jaren nog met de inflatie en de indexeringen gebeurt. Als dat uitkomt, heb ik nog maar een zeer beperkte aanvulling van mijn inkomen uit mijn vermogen nodig. Ik ga er nu van uit dat de Safe Withdrawal Rate in die berekeningen geen rol van betekenis meer zal spelen. Dit ook omdat ik mijn geld aan niemand na hoef te laten. In de ideale situatie staat er na mijn overlijden € 0,00 op mijn bankrekening.

Interessant voorbeeld is in dit verband trouwens het Noorse staatspensioenfonds, dat gevoed wordt door de olie-inkomsten van het land. Origineel hanteerden zij een Withdrawal Rate van 4%, die zelfs is vastgelegd in de wet. Geen slecht idee, want je beschermt het fonds daarmee tegen politieke grillen en opportunisme. Maar vorig jaar werd er voorgesteld om de Withdrawal Rate aan te passen naar 3%. Zelfs de Noren worden dus wat voorzichtiger, in hun geval ook vooral omdat het einde van de olie-inkomsten de komende decennia wel in zicht lijkt te komen.

Maar goed, als je hele pensioen uit vermogen komt dan is het wel nuttig om over de Safe Withdrawal Rate na te denken. Als je geheel of gedeeltelijk een pensioenfonds hebt dan ligt het genuanceerder. Op de AOW ga ik trouwens niet alteveel meer rekenen. Die zal wel heel erg veranderd zijn tegen de tijd dat ik eraan toe ben. Al zal er waarschijnlijk wel een vangnet blijven, maar dan misschien alleen voor mensen die geen pensioen hebben opgebouwd.

Hoe denk jij over de Safe Withdrawal Rate?

De roze pensioenbril?

‘Wij Nederlanders’ staan bekend als een pessimistisch en zeikerig volkje. Als we aan de zon denken, dan schuift er al gauw een wolk voor. En terwijl alle statistieken laten zien dat we bij de gelukkigste en welvarendste landjes ter wereld horen, kunnen wij bij de koffie-automaat moeiteloos duizend dingen opnoemen die erop wijzen dat alles mis gaat in dit land, of dat we in elk geval helemaal de verkeerde kant op gaan en de weg kwijt zijn.

Maar er is in elk geval één domein waar we blijkbaar veel te optimistisch over zijn. Waar we door een roze bril naar de wereld kijken, op weg naar onze eigen teleurstelling. Dat is in elk geval de conclusie die je zou kunnen trekken uit het onderzoek van Schroders Vermogensbeheer, waar ik vorige week op diverse plekken over las. Het onderzoek leert ons dat Nederlanders verwachten zo’n 75 procent van hun huidige inkomen nodig te hebben tijdens ons pensioen. Maar gepensioneerden ontvangen gemiddeld 69 procent van hun salaris als pensioen.

Als ik naar de statistiekjes kijk, dan lijkt het erop dat de ondervraagden niet echt een doorsnee van de Nederlandse bevolking zijn. Want in totaal willen ze ruim 25% van hun inkomen na pensionering uitgeven aan reizen, het kopen van een huis als belegging, en het kopen van een tweede huis. Tegelijkertijd, het is wel weer een bevestiging dat erg veel mensen zich laten leiden door financiële dromen, en dat er te weinig echt gekeken wordt naar de eigen financiële situatie, zowel nu als in de toekomst. Maar goed, daar heeft Opa Geldnerd al genoeg over geklaagd. Dat helpt toch niet, de consumptie blijft maar groeien. Gelukkig ook maar, want met mijn aandeeltjes en dividendinkomsten profiteer ik daar ook goed van mee.

Nou is het natuurlijk een onderzoek van een vermogensbeheerder, die dus ook niet gevrijwaard is van enig commercieel belang. Want uiteraard kun je dit probleem oplossen met hun producten, vinden ze zelf. Waarbij ze je er niet bij vertellen dat het zelf ook veel goedkoper kan.

Zelf probeer ik af en toe ook in te schatten hoeveel geld ik nodig ga hebben na mijn pensioen, en hoeveel er beschikbaar gaat zijn. Vorige week schreef ik daar nog over. Het blijft koffiedik kijken, maar ik vind het een nuttige exercitie om eens in de paar jaar te herhalen, en ook als de regels veranderen. Iets over gewaarschuwde mensen die voor twee tellen, en zo.

Heb jij ook een roze pensioenbril op?

Hoeveel geld nodig na pensioen?

Het is een belangrijke vraag voor iedereen die financieel bewust probeert te leven. Hoeveel geld heb je nodig nadat je stopt met werken? Hoe minder hoe beter, want des te minder kapitaal en passief inkomen je nodig hebt om eerder te kunnen stoppen met werken. Voor mij geldt dat FIRE niet echt mijn doel is. HOTS is dat wel – Happy, Opportunity-rich, Time-rich en Simple. Maar toch vind ik het belangrijk om te weten hoeveel eerder ik zou kunnen stoppen met werken. Daarom heb ik het maar eens in verschillende scenario’s op een rijtje gezet.

De huidige uitgaven van het gezamenlijk huishouden van Geldnerd en Vriendin zijn ongeveer € 3.500 per maand. Daar zitten overigens twee substantiële uitgaven in die we niet meer zouden hebben als we stoppen met werken: de uitlaatservice voor Hondje à € 275 en de schoonmaakster à € 100 per maand.

We geven op dit moment € 1.550 per maand uit aan rente en aflossing op de hypotheek (dat is onderdeel van de € 3.500). Bij normaal aflossen dalen de lasten maandelijks met ongeveer € 2 per maand. Doordat we nu elke maand extra aflossen is dat ruimschoots het dubbele.

Mijn privé-uitgaven zijn ongeveer € 1.000 per maand. Daar zit alles in, dus ook mijn bijdrage aan gezamenlijke vakanties en dergelijke. Maar daarin zit dus ook een budget van gemiddeld € 200 per maand aan zakelijke kleding, en € 65 voor lunches en koffie buiten de deur. Maar ik reken hier maar even met € 800 per maand.

Rekensommetje

Even rekenen dus. Als we gezamenlijk € 3.125 per maand uitgeven, dan is mijn aandeel € 1.562,50 uitgaande van een 50/50 verdeling. In ons samenlevingscontract staat een bijdrage naar draagkracht, maar ik ga er dan even vanuit dat Vriendin en ik samen stoppen met werken. Tel daarbij op € 800 aan eigen uitgaven, dan heb ik € 2.362,50 per maand nodig, en dat betekent € 28.350 netto per jaar.

Als onze hypotheek afgelost zou zijn dan hebben we maar € 1.600 per maand nodig voor onze gezamenlijke huishouding. Dat is € 800 voor mij (weer uitgaande van 50/50). Plus € 800 eigen uitgaven, is € 1.600 per maand oftewel € 19.200 netto per jaar.

Uitgaande van een conservatieve Safe Withdrawal Rate van 3,0% is er dan € 945.000 nodig in een situatie waarin de hypotheek nog niet is afgelost, of € 640.000 in een situatie waarin de hypotheek wel is afgelost.

Reeds opgebouwd pensioen

Maar… Hoeveel pensioen heb ik al opgebouwd als ik vandaag zou stoppen met werken? Volgens mijn (onlangs ontvangen) Uniform Pensioenoverzicht 2018 was dat € 26.270 bruto per jaar bij het ABP en € 2.390 bruto per jaar in ‘vergeten pensioen’, oftewel in totaal ongeveer € 28.500 bruto per jaar. En ik krijg vanaf (naar verwachting) 69,5 jarige leeftijd natuurlijk ook nog AOW (hoop ik), ongeveer € 9.700 bruto per jaar op dit moment. In totaal is dat € 38.200 bruto per jaar, oftewel € 3.180 bruto per maand. Als ik daar een bruto/netto berekening op loslaat (rekening houdend met loonheffing en bijdrage ZVW) dan blijft er netto ongeveer € 2.350 per maand over.

Dan zou ik dus vanaf mijn 69,5 levensjaar al bijna geen aanvulling uit mijn vermogen nodig hebben om toch mijn huidige levensstijl te kunnen handhaven. Als (1) alle regelgeving blijft zoals ‘ie is en (2) er geen inflatie zou zijn….

Kloof opvullen

Eerder heb ik wel eens een tekeningetje gemaakt over hoe ik de bestemming van mijn vermogen zie. Het gaat om aanvulling op mijn pensioen, en het overbruggen van ‘de kloof’ tussen het moment dat ik wil stoppen met werken, en het moment dat de pensioenen uit beginnen te betalen. Maar met onze huidige levensstijl (waar we erg tevreden over zijn en waar we niks in missen) kan een groot deel dus ingezet worden voor het overbruggen van de kloof, en is er veel minder vermogen nodig. En helemaal als we de hypotheek versneld aflossen.

Overigens heb ik absoluut geen plannen om te stoppen met werken, want ik vind mijn werk veel te leuk. Maar daar zal ik binnenkort nog wel eens over schrijven.

Hoeveel geld denk jij nodig te hebben als je stopt met werken?

Heb jij een financiële dode hoek?

Geldnerd en Vriendin zijn alweer een paar dagen terug in ons koude kikkerlandje, na enkele weken op warmere locaties vertoefd te hebben. Sinds ons verblijf in het Verre Warme Land duurt de Nederlandse winter te lang, en is ‘ie te donker en te koud, vandaar. En eigenlijk wilde ik nog een paar dagen van mijn vakantie genieten. Maar vandaag was er weer een nieuwsberichtje waar Opa Geldnerd zich ouderwets boos over maakt. Of verdrietig van wordt, daar ben ik nog niet helemaal uit.

Goed, het is er wel weer eentje in de categorie ‘onderzoekjes door en voor partijen die niet helemaal vrij zijn van belangen bij de uitkomsten’. Want dat kun je wel zeggen als het NIBUD in opdracht van de Rabobank onderzoek doet naar het financiële bewustzijn van ‘de Nederlander’. Het is vrijdag, dus verder is er niet zo heel veel nieuws. En dan haal je al gauw de headlines, ondermeer hier, hier, hier, en hier. Opvallend trouwens dat ik op het moment van schrijven (nog) niks over het onderzoek kan vinden op de website van het NIBUD zelf.

Op zichzelf zijn de conclusies weinig verrassend, het meeste is al wel eens langs gekomen. ‘We’ sparen te weinig, ‘we’ vinden de overheid en de pensioenfondsen verantwoordelijk voor onze financiële situatie na ons pensioen, ‘we’ willen wel sparen maar hebben er geen ‘extra geld voor’ (broehaha, leef lekker verder boven je stand dan…). ‘We’ liggen ook wel eens wakker over onze financiën, en ‘we’ hebben ‘een financiële dode hoek’.

En toch zijn er dan weer een paar dingen die me ergeren. Zoals het gegeven dat blijkbaar een op de vijf huizenbezitters zich niet realiseren dat ook een aflossingsvrije hypotheek ooit afgelost moet worden. Die geloven blijkbaar dat hun hypotheekverstrekker hen zo aardig vindt dat ‘ie ze tonnen cadeau geeft. Ook het kijken naar ‘de overheid’ bevalt me niks. De overheid is een onbetrouwbare partner voor je financiële toekomst, dus daar kun je maar beter niet op rekenen. Daar ben ik het dan wel weer eens met Barbara Baarsma van de Rabobank, die het ook zorgwekkend vindt dat minder dan de helft van de respondenten zichzelf het meest verantwoordelijk voelt voor de financiële situatie na pensioen.

‘Financieel bewusteloos’ is geloof ik de juiste term voor het financieel bewustzijn van ‘de Nederlander’. En Geldnerd blijft ervan overtuigd dat dit niet gaat veranderen. In elk geval niet zolang er niet meer aandacht komt voor (persoonlijke) financiën in het onderwijs, zowel basis als middelbaar. Liefst op een manier die duidelijk maakt dat omgaan met je geld ook leuk kan zijn. Want soms maakt onderwijs ook meer kapot dan je lief is….

Heb jij ook een extra spiegeltje voor je financiële dode hoek?

Pensioen vroegtijdig opnemen

Soms doet de politiek een voorstel waarvan ik niet meteen weet of ik voor of tegen ben. Waar ik over na moet denken. Dat gaat vanzelf. Als het me raakt dan nestelt het zich tussen mijn oren. En meestal ontstaat er dan na verloop van tijd wel een beeld.

Zo ben ik nu al even aan het nadenken over de lopende pensioendiscussie. Waar het kabinet vorige week een onderzoek aan toegevoegd heeft. Ze willen de mogelijkheid bekijken om (een deel van) je pensioen vrij op te nemen.

In Groot-Brittannië kan dat al een tijdje. Vanaf hun 55e kunnen Britten vrij beschikken over 75% van hun pensioengeld. ‘Pension Freedom Day’ noemen ze dat daar. Maar het is nog geen onverdeeld succes. Er zijn voorbeelden van mensen die alles opmaken en in de bijstand belanden. Nu zijn dat gelukkig meestal uitzonderingen, maar het geeft wel te denken. Want ook in Nederland merken we dat er grenzen zijn aan de zelfredzaamheid van mensen. Je kunt hier meer informatie vinden over het Britse Pension Freedom systeem. Daarbij moet je wel in gedachte houden dat Groot-Brittannië een heel ander pensioensysteem heeft dan Nederland.

Ik heb er gemengde gevoelens over. Aan de ene kant ben ik een warm voorstander van ‘zelf doen’. Vooral ook omdat ik de overheid een onbetrouwbare partner vind die (te) vaak van gedachten verandert. Maar te veel mensen zijn niet goed in denken voor de lange termijn. Dat merk ik ook bij mezelf. Het heeft me jaren gekost om mijn lange-termijn plannen uit te werken en in te regelen.

Daarnaast vind ik het een beetje laat als je pas op 55-jarige leeftijd de kans krijgt om zelf nog iets te doen. Je tijdshorizon is dan erg kort en je bent erg afhankelijk van wat er in de markt gebeurt. Dat maakt het riskant. Stel je voor dat je in 2007 de beschikking had gekregen over 75% van ‘jouw pensioenpot’. Een verantwoordelijk burger als jij gooit dat natuurlijk niet over de balk, maar belegt het. En tussen medio 2007 en eind 2008 verdampt ruim 40% van de waarde van die beleggingen? Geen denkbeeldig scenario, de Amerikaanse Dow Jones index daalde van 14.000 punten naar ongeveer 7.500 punten. Daarna waren er wel weer 5 jaar nodig om terug te komen op je uitgangspositie.

De hele pensioendiscussie is onderdeel van een bredere discussie over ons Nederlandse sociale stelsel. Weer veranderingen dus, die wellicht ook mijn FIRE-plannen gaan raken. Wel iets om te blijven volgen.

Wat zou jij doen als je 75% van je pensioenpot vrij op mocht nemen?

Het laatste hemd heeft geen zakken

Het zijn nostalgie-weken op Geldnerd, beste lezers. Het zal wel aan het najaar liggen of zo. De laatste tijd veel blogjes over ‘vroeger’. Onlangs schreef ik over de nieuwe generatiekloof en over hoe, na het overlijden van mijn oma, haar spullen verdeeld werden middels een catalogus. Rond die tijd werd ik ook herinnerd aan een bekende uitspraak van mijn oma: “het laatste hemd heeft geen zakken”.

Het leven van mijn oma was niet eenvoudig en verre van rijk. Ze was begin 30 toen haar man, mijn opa, plotseling overleed. Zelf bleef ze achter met 5 jonge kinderen (mijn moeder, de op een na oudste, was 6 jaar oud geloof ik). Mijn opa runde een kruidenierswinkel voor een coöperatie, maar het was natuurlijk ondenkbaar dat een vrouw, een weduwe met 5 kinderen bovendien, dat over kon nemen begin jaren ’50. Ondersteuning was er toen nog niet, pas in 1959 werd de Algemene Weduwen- en Wezenwet ingevoerd en kreeg ze iets van een uitkering.

Ze heeft dus ook nooit iets van pensioen opgebouwd, en moest het na haar 65e doen met een AOW-tje. Dat is geen vetpot. Maar daar merkten wij als kleinkinderen nooit iets van. Altijd lag er een reep chocolade (koetjesreep, wie kent die nog?) en een gulden voor ons klaar. De regio waar mijn oma haar hele leven gewoond heeft was katholiek, en in die tijd had ‘de Kerk’ een stevige greep op de samenleving, en werd je ook geacht langs de ‘religieuze lijnen’ te stemmen. Maar de manier waarop kerk en samenleving omgingen met haar situatie maakte mijn oma wel fel op dit punt. Ze was overduidelijk ‘Rooms Rood’ en stemde PvdA. Ook naar de kerk was ze fel, al heeft ze die nooit helemaal vaarwel kunnen zeggen.

Maar goed, “het laatste hemd heeft geen zakken”. Ik heb het haar regelmatig horen zeggen. Ze gunde zichzelf weinig, haar omgeving des te meer. En als de familie zich beklaagde dat ze teveel aan hen weg gaf, of als ze zichzelf eens iets gunde, dan kwam deze uitspraak er. Je kunt het niet meenemen (al las ik onlangs bij Mevrouw Money Wenkbrauw dat het mee begraven of gecremeerd mag worden), dus je kunt het maar beter opmaken. Oma had niet veel, en ze hield een bedragje achter de hand voor de begrafenis. Dat vond ze belangrijk. Daarna was alles schoon op, en hebben de kinderen nog wat bijgepast om de laatste rekeningen te betalen. Dat voorkomt ook ruzie over de erfenis, zullen we maar denken.

Het is ook wel iets wat ik zelf voor ogen houd. Ik probeer nu zoveel mogelijk te sparen en vermogen op te bouwen. In de hoop het straks ook allemaal zelf op te kunnen maken. Maar je weet natuurlijk nooit hoe het leven loopt. Misschien loop ik morgen onder een tram en blijft er veel geld over. Of misschien word ik wel 100 en is op een gegeven moment het geld op. Maar dan lopen pensioen en AOW nog door.

Hoe was het financiële leven van jouw grootouders?

Babyboomer perspectief

Op mijn stukje over de pensionado-opstand kreeg ik een onverwachte reactie. Namelijk van mijn ouders. Ik weet al een tijdje dat ze hier meelezen, soms maken ze een opmerking. Maar nu was het een uitgebreide reactie via de e-mail. Eigenlijk een soort financieel levensverhaal van de baby-boomer generatie. Met een aantal interessante perspectieven. Dus met instemming van mijn ouders heb ik hun reactie omgewerkt naar een blogje.

Mijn ouders zijn geboren aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Echte ‘baby-boomers’ dus. Opgegroeid in de tijd van de wederopbouw. Hun financiële leven begon eigenlijk echt in de jaren ’60 van de vorige eeuw. Mijn ouders konden (moesten) met 15, 16 jaar gaan werken en ’s avonds opleidingen en cursussen volgen die ze zelf dienden te betalen.

Mijn vader moest ook nog 2 jaar in militaire dienst, omdat we er van uit gingen dat de Russen langs zouden komen. Die diensttijd werd betaald, het geweldige salaris was eerst 0,50 gulden (€ 0,20) per dag en werd later fl. 1,00 (€ 0,45) per dag.

Midden jaren ’50 werd de Algemene Ouderdomswet (AOW) geïntroduceerd. Vanaf het moment dat zij werken betaalden mijn ouders de AOW voor de oudere generatie(s). Sinds 2002 is het zo dat mensen die AOW ontvangen een deel daarvan zelf financieren via de gewone belasting die zij betalen. En mijn ouders hebben pas sinds 2010 AOW, dus zij betalen ook mee aan hun eigen AOW.

Mijn ouders betaalden de opleiding van hun kinderen (nogmaals dank daarvoor!), losten de hypotheek van hun huis af en bouwden en passant ook nog een pensioen op voor ‘later’, als ze 65 jaar zouden worden.

Hier vind ik mijn ouders overigens niet zielig. Mijn vader werkte, en dat was toen al uitzonderlijk, in een sector waar premievrij pensioen werd opgebouwd, en het grootste deel van zijn opbouwperiode waas dit gebaseerd op een eindloonregeling. Dat is dus wel iets rianter dan mijn opbouw waarvoor ik zelf ook premie betaal, en die gebaseerd is op een middelloonregeling

Die pensioenopbouw van mijn ouders werd belegd tegen rentepercentages tot 12 à 13 %. Dan groeit het wel beter dan nu tegen 0,0% en een heel klein beetje.

Nu werken beide partners, maar vroeger werden vrouwen ontslagen als ze trouwden en/of zwanger werden. Mijn moeder is inderdaad ontslagen toen ik in aantocht was. Er bleef dus een éénverdiener over. Veel vrouwen bouwden hierdoor geen pensioen op, ook al omdat vrouwen pas vanaf 30 jaar in het pensioenfonds opgenomen konden worden. Pas veel later, toen Geldnerd naar de middelbare school ging, is mijn moeder weer echt toegetreden tot het arbeidsproces. En ook weer een beetje ‘eigen pensioen’ op gaan bouwen. Maar niet voldoende om ‘economisch zelfstandig te zijn’, iets wat sinds de jaren ’80 langzaam overheidsbeleid werd. En tot op de dag van vandaag een uitdaging is in dit soms nog erg ouderwetse landje van ons.

Sinds het pensioen inging bleek de indexering ervan voor mijn ouders niet gegarandeerd, het nominale pensioen zelf ook niet. Dat merk ik zelf ook, ik heb in de opbouw al een procent of 15 aan indexering gemist. Daar heb ik nu geen last van, dat merk ik pas als ik met pensioen ga. Maar mijn ouders merken het wel. Net als de stijgende zorgkosten, het eigen risico dat gestegen is van € 150 in 2008 naar €
400 in 2018.

Nu wordt er gezocht naar nieuwe manieren om pensioenen goedkoper te maken. Gelukkig hopen ook mijn ouders dat onze generatie(s) een stabiel pensioen zullen krijgen. Want op een stevige erfenis reken ik niet, ik hoop dat ze alles op kunnen maken.

Hoe zag het financiële leven van jouw ouders er uit?

Pensionado-opstand

Opstand! Revolutie! De vorige generatie, die de jaren zestig nog bewust heeft meegemaakt (die van de vorige eeuw), de laatste generatie die nog weet wat protesteren is (was), die generatie pikt het niet langer.

In een open brief aan de voorzitter van de FNV maken de gepensioneerden hun ongenoegen kenbaar. Ze vragen de vakbond om niet akkoord te gaan met voorgestelde (en van het nieuwe kabinet verwachte) wijzigingen van het pensioenstelsel. De Telegraaf bericht erover, en ook het FD.

Tsja, wat moet je hier nou mee? Het lijkt me lastig om een manier van hervormen te vinden waar niemand nadeel van gaat ondervinden. Ik zie het ook bij collega’s: er altijd vanuit kunnen gaan dat ze met 60 konden stoppen, en dan ‘ineens’ nog 7 of 8 jaar door moeten. Dat geldt ook voor mij, maar ik heb nog twee decennia extra om aan het idee te wennen. En oh ja, volgens deze analyse mag mijn leeftijdsgroep er ook nog het meeste voor gaan betalen. Wel de lasten, nooit meer de lusten.

Gelukkig deed Plus Magazine een tijdje geleden een poging om haar achterban (ook pensionado’s) voor te lichten en een aantal misverstanden over het pensioenstelsel weg te nemen. Dus mijn ouders weten nu hopelijk dat ik er niet op uit ben om hun pensioen te roven. Maar blijkbaar ben ik juist de klos, en moet ik bang zijn voor de jongere generatie? En voordat je denkt dat ik de Plus lees: nee, dat doe ik niet. Daar heb ik de leeftijd nog niet voor. En zelfs al had ik de leeftijd, dan nog is de kans heel erg klein.

Wat verwacht jij van je pensioen?

Older posts

© 2018 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑