Blog over (financieel) bewust leven

Label: ouders

Babyboomer perspectief

Op mijn stukje over de pensionado-opstand kreeg ik een onverwachte reactie. Namelijk van mijn ouders. Ik weet al een tijdje dat ze hier meelezen, soms maken ze een opmerking. Maar nu was het een uitgebreide reactie via de e-mail. Eigenlijk een soort financieel levensverhaal van de baby-boomer generatie. Met een aantal interessante perspectieven. Dus met instemming van mijn ouders heb ik hun reactie omgewerkt naar een blogje.

Mijn ouders zijn geboren aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Echte ‘baby-boomers’ dus. Opgegroeid in de tijd van de wederopbouw. Hun financiële leven begon eigenlijk echt in de jaren ’60 van de vorige eeuw. Mijn ouders konden (moesten) met 15, 16 jaar gaan werken en ’s avonds opleidingen en cursussen volgen die ze zelf dienden te betalen.

Mijn vader moest ook nog 2 jaar in militaire dienst, omdat we er van uit gingen dat de Russen langs zouden komen. Die diensttijd werd betaald, het geweldige salaris was eerst 0,50 gulden (€ 0,20) per dag en werd later fl. 1,00 (€ 0,45) per dag.

Midden jaren ’50 werd de Algemene Ouderdomswet (AOW) geïntroduceerd. Vanaf het moment dat zij werken betaalden mijn ouders de AOW voor de oudere generatie(s). Sinds 2002 is het zo dat mensen die AOW ontvangen een deel daarvan zelf financieren via de gewone belasting die zij betalen. En mijn ouders hebben pas sinds 2010 AOW, dus zij betalen ook mee aan hun eigen AOW.

Mijn ouders betaalden de opleiding van hun kinderen (nogmaals dank daarvoor!), losten de hypotheek van hun huis af en bouwden en passant ook nog een pensioen op voor ‘later’, als ze 65 jaar zouden worden.

Hier vind ik mijn ouders overigens niet zielig. Mijn vader werkte, en dat was toen al uitzonderlijk, in een sector waar premievrij pensioen werd opgebouwd, en het grootste deel van zijn opbouwperiode waas dit gebaseerd op een eindloonregeling. Dat is dus wel iets rianter dan mijn opbouw waarvoor ik zelf ook premie betaal, en die gebaseerd is op een middelloonregeling

Die pensioenopbouw van mijn ouders werd belegd tegen rentepercentages tot 12 à 13 %. Dan groeit het wel beter dan nu tegen 0,0% en een heel klein beetje.

Nu werken beide partners, maar vroeger werden vrouwen ontslagen als ze trouwden en/of zwanger werden. Mijn moeder is inderdaad ontslagen toen ik in aantocht was. Er bleef dus een éénverdiener over. Veel vrouwen bouwden hierdoor geen pensioen op, ook al omdat vrouwen pas vanaf 30 jaar in het pensioenfonds opgenomen konden worden. Pas veel later, toen Geldnerd naar de middelbare school ging, is mijn moeder weer echt toegetreden tot het arbeidsproces. En ook weer een beetje ‘eigen pensioen’ op gaan bouwen. Maar niet voldoende om ‘economisch zelfstandig te zijn’, iets wat sinds de jaren ’80 langzaam overheidsbeleid werd. En tot op de dag van vandaag een uitdaging is in dit soms nog erg ouderwetse landje van ons.

Sinds het pensioen inging bleek de indexering ervan voor mijn ouders niet gegarandeerd, het nominale pensioen zelf ook niet. Dat merk ik zelf ook, ik heb in de opbouw al een procent of 15 aan indexering gemist. Daar heb ik nu geen last van, dat merk ik pas als ik met pensioen ga. Maar mijn ouders merken het wel. Net als de stijgende zorgkosten, het eigen risico dat gestegen is van € 150 in 2008 naar €
400 in 2018.

Nu wordt er gezocht naar nieuwe manieren om pensioenen goedkoper te maken. Gelukkig hopen ook mijn ouders dat onze generatie(s) een stabiel pensioen zullen krijgen. Want op een stevige erfenis reken ik niet, ik hoop dat ze alles op kunnen maken.

Hoe zag het financiële leven van jouw ouders er uit?

Het probleem met ouders…

Generatiekloven zijn van alle tijden. Maar er is er eentje bijgekomen. Ik maak(te) ‘m van nabij mee, en Vriendin wees mij recent op een prachtig artikel hierover. Een verschillende kijk op spullen. Het artikel maakte nogal wat los, er kwam zelfs een vervolg.

Mijn ouders zijn een jaar of twee geleden verhuisd. Van een groot huis, waar ze 25 jaar gewoond hadden, naar een kleiner huis. En in dat grote huis stond best een grote hoeveelheid spullen. Waarvan het overduidelijk was dat ze niet allemaal mee konden naar het nieuwe huis. Dus is er flink opgeruimd (zonder Geldnerd, want die zat in het Verre Warme Land). En dan nog gingen er best wel veel spullen mee naar het nieuwe huis. Maar na een jaar of twee opruimen begint daar nu duidelijk ruimte te ontstaan.

De eerlijkheid gebiedt me wel om te zeggen dat daar ook een stuk of 15 verhuisdozen van Geldnerd bij zaten. Die heb ik bij mijn ouders opgeslagen toen ik naar het Verre Warme Land vertrok.

Het artikel zette me wel aan het denken. Wat wil ik nog aan memorabilia? Ik heb van mijn eigen leven nog één Ikea-doosje (zoals hiernaast) vol, ik heb mijn gerestaureerde teddybeer, en een aantal foto-albums. Die laatste wil ik eigenlijk komende winter eens digitaliseren, daar zijn tegenwoordig handige apps voor. Want de kwaliteit van foto’s uit mijn geboortejaar is nu toch echt wel achteruit aan het gaan.

Toen vorig jaar mijn oma overleed werd er een soort ‘catalogus’ gemaakt van haar persoonlijke bezittingen. Alle kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen konden hier (in die volgorde) uit kiezen. Daaruit heb ik twee kleine dingen gekozen die mij ook echt herinneren aan haar (en Beer natuurlijk). Meer spullen hoef ik ook niet. Foto’s, dat vind ik wel belangrijk, maar die heb ik liefst digitaal.

Maar spullen? Liever niet. Smaken verschillen, en spullen wil ik sowieso niet…

Heb jij wel eens tegen jouw zin opgescheept gezeten met spullen van een vorige generatie?

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑