Jarenlang heb ik veel te veel spaargeld aangehouden. Grotendeels ook nog bij een grootbank, waarvan ik toen eigenlijk ook al wist dat die veel te klein is in rente. Ik durfde gewoonweg niet aan om een groter deel van mijn vermogen in beleggingen te steken. Onzekerheid over de markt, over mijn eigen financiën, wat de precieze reden is kan ik niet duiden. Ik wilde reserves aanhouden om een huis te kopen en in te kunnen richten. Maar omdat ik dat niet concreet maakte, hield ik veel te veel spaargeld aan. Genoeg om meerdere huizen in te richten, zullen we maar zeggen.

Pas in 2016 heb ik dat omgedraaid. Stapsgewijs heb ik mijn beleggingen fors uitgebreid. Nu denk ik dat dit ook te maken heeft met onze terugkomst vanuit het Verre Warme Land in dat jaar. Weer een ‘gewone’ Nederlandse baan. En eind 2016 kochten we Geldnerd HQ, daar heb ik ook een deel eigen geld ingestoken. Sinds die tijd hanteer ik een maximum voor mijn buffer. Er zit genoeg geld in om 6 maanden probleemloos te kunnen rondkomen. En afgelopen jaar heb ik twee potjes toegevoegd. Eentje voor de belastingaanslag die ik nog steeds verwacht voor 2015 / 2016 (vrienden van de Belastingdienst, ik heb nog steeds niets van jullie gehoord…), en een potje voor een bijzondere grote uitgave die ik dit jaar verwacht.

Volgens mijn heilige principe ‘Betaal Jezelf Eerst’ maak ik sinds begin 2017 maandelijks bedragen over naar mijn beleggingsrekening (€ 1.000) en naar de financiële buffer (€ 500). En afgelopen maand, na ontvangst van mijn salaris over april 2018, is er een mijlpaal bereikt. Mijn buffer, 6 maanden leefgeld plus de twee bijzondere potjes, is vol.

Wat nu?

Mijn eerste neiging was (is) om nog weer een buffer te starten. De bufferrekening is namelijk een aparte spaarrekening. Direct toegankelijk, dat wel, maar niet bij mijn ‘lopende rekening’ bank. Bij de ‘lopende rekening’ bank heb ik ook nog een spaarrekening, met maar liefst 0,05% rente. Daar maak ik aan het eind van elke maand mijn ‘restsaldo’ lopende rekening op over, en die gebruik ik om over de maanden heen grotere uitgaven te kunnen doen (bijvoorbeeld vakanties of zakelijke kleding). Dit om ervoor te zorgen dat ik mijn ‘echte’ buffer nooit hoef aan te spreken. Meestal staan er maar enkele honderden euro’s op deze ‘kleine buffer’. Dus, dacht ik zo, daar ook maar eens wat extra geld opzetten…

Maar… Dat heb ik helemaal niet nodig! En bovendien, eind mei wordt het vakantiegeld op mijn rekening gestort. Dan heb ik al meer dan voldoende cash voor de vakanties en de grote uitgaven die ik de rest van dit jaar gepland heb. Nóg meer geld op de kleine bufferrekening storten heeft dus helemaal geen zin. Het zou er alleen maar voor zorgen dat er nog meer geld niks staat te doen. En dat is zonde. Bovendien: de laatste tijd denk ik steeds vaker dat ik nog steeds teveel spaargeld aanhoud. Zes maanden rondkomen van mijn spaargeld, dat ga ik waarschijnlijk voorlopig helemaal niet nodig hebben. Zeg nooit nooit, natuurlijk, maar in de voorzienbare toekomst gebeurt het niet. En ik voel me hier ook minder onzeker over dan een aantal jaren geleden. Bovendien, ons huis is wel ongeveer ingericht.

De afgelopen week heb ik dus het nodige gelezen over de buffer en de gewenste omvang. Zoals gebruikelijk verschillen ‘wij bloggers’ hierover hartstochtelijk van mening. Grote buffers, kleine buffers, helemaal geen buffers… Je komt allerlei smaken tegen, met hartstochtelijke argumenten voor of tegen. Ik kom tot de conclusie dat het vooral een persoonlijke afweging is. Wat is jouw specifieke situatie? Hoe (on)zeker is jouw maandelijkse inkomen? Hoe snel kun je in noodgevallen de investeringen omzetten in contant geld? Dat laatste gaat bij aandelen bijvoorbeeld sneller dan bij vastgoed, maar je hebt wel risico op koersverlies natuurlijk.

Alles afwegende ben ik van plan om mijn cash buffer terug te brengen van 6 maanden leefgeld naar 2 maanden leefgeld. Dat geeft mij meer dan genoeg tijd om, in geval van nood, investeringen te liquideren om eventueel meer contant geld ter beschikking te krijgen. Ik handhaaf dan wel mijn huidige systematiek van de ‘kleine buffer’ voor het gladstrijken van uitgaven over de maanden heen. En het betekent ook dat ik vanaf nu een substantieel deel van mijn vakantiegeld en 13e maand toevoeg aan mijn vrije vermogen.

Daarmee komt er een substantieel bedrag, 4 maanden leefgeld, ineens beschikbaar om te beleggen. De komende periode wil ik dat stapsgewijs aan mijn portefeuille toevoegen. Deels gaat het in obligatiefondsen, iShares Core Euro Corporate Bond ETF en iShares Core Euro Government Bond ETF. Dit om ervoor te zorgen dat mijn verhouding aandelen / obligaties blijft passen bij mijn leeftijd en mijn risicoprofiel.

Hoe is het met jouw buffer?