Onlangs schreef ik over het omslagpunt van onze hypotheek, het punt waarop onze (door de sneeuwbal stijgende) extra aflossing structureel hoger werd dan onze (door het lineaire karakter dalende) reguliere rente en aflossing. Tot mijn eigen verbazing brak deze post alle bezoekersrecords, met dank aan Google vonden letterlijk tienduizenden lezers de weg naar mijn bescheiden schrijfsel. Dat leverde ook een groot aantal reacties op, bij de blogpost en in de e-mail. Een aantal van deze reacties en vragen vragen een uitgebreider antwoord, oftewel een aparte blogpost.

Een aantal reacties ging over de vraag of het niet aantrekkelijker zou zijn om dat geld maandelijks in een indexfonds te stoppen. Het gemiddelde rendement op beleggen (historisch een procent of 7 jaarlijks bij een goed gespreide portefeuille over meerdere decennia) is economisch misschien interessanter dan het versneld aflossen van een hypotheek met (in ons geval) 2,2% rente. Daarmee wordt een oude en regelmatig terugkerende discussie in de wereld van financieel bewust levende mensen aangestipt. Ga je extra aflossen of ga je beleggen?

Vorig jaar heb ik er ook al eens over geschreven, toen naar aanleiding van de plannen met Box 3. Een aantal jaren geleden heb ik namelijk een andere route gekozen. Een tweesporenbeleid. Enerzijds versneld aflossen op de hypotheek ter structurele verlaging van maandlasten en anderzijds maximaal vermogen opbouwen via ETF-beleggen. Die laatste categorie zal, als de nieuwe belastingplannen doorgaan, wel met een procentje minder verwacht gemiddeld rendement per jaar plaatsvinden door de hogere belasting op beleggingen. Maar de weg naar financiële onafhankelijkheid is een marathon, geen sprint. En ik eet van twee walletje, zowel in #teamlagelasten als in #teambeleggen.

Als ik zo snel mogelijk financieel onafhankelijk zou willen worden en alleen naar rendement zou kijken, dan is beleggen met een lange tijdshorizon inderdaad de betere optie. Maar dat is niet het enige perspectief. We zoeken immers naar financiële vrijheid en onafhankelijkheid, toch? Die in elkaars verlengde liggen volgens de Dikke Van Dale. Vrijheid (vrij·heid) (de; v; meervoud: vrijheden) wordt gedefinieerd als ‘het vrij-zijn; = onafhankelijkheid’. Maar ook als ‘daad die de gewone grenzen overschrijdt: zich vrijheden veroorloven’. Die luie Van Dale definieert Onafhankelijkheid (on·af·han·ke·lijk·heid) (de; v)) vervolgens als ‘vrijheid, zelfstandigheid’. De sociologie definieert vrijheid als de mogelijkheid om naar eigen wil te handelen. En maakt een onderscheid tussen negatieve en positieve vrijheid. Negatieve vrijheid is de ‘vrijheid van invloed van anderen’, en positieve vrijheid is de ‘vrijheid tot het inzetten van je eigen vermogen’. De mogelijkheid om te kiezen en het eigen leven in te richten, de vrijheid wanneer het gaat over de vrije wil. Financieel vrij zijn, of financieel onafhankelijk zijn, heeft natuurlijk iets van beiden. Het is de vrijheid van de invloed van een werkgever, de belastingregels, de hypotheekverstrekker, maar ook de vrijheid om echt zelf te kiezen hoe je jouw dagen besteedt.

En daar wringt het. Onze samenleving is ingericht rond het verschijnsel geld. Vrijwel iedereen heeft een bepaalde hoeveelheid geld nodig om staande te blijven en deel te nemen. En er is een sterke druk om te streven naar meer. Meer geld, een groter (duurder) huis, meer spullen, exotischer en duurdere vakanties. Je wordt geacht om mee te doen en te streven naar meer. Door harder en meer werken meer inkomen verdienen om een steeds duurdere levensstijl te bekostigen. Maar ‘meer’ betekent meestal ook: meer afhankelijkheid. En dus minder vrijheid.

Hier komen we dus op dat aspect van vrijheid waar Van Dale het absoluut bij het rechte eind heeft. Ik stel een daad die de gewone grenzen overschrijdt, ik veroorloof mijzelf vrijheden. Op twee manieren wijk ik af van wat we ‘gewoon’ zijn gaan vinden. Ik streef niet meer naar meer. Ik wil geen groter huis. Ik wil minder spullen, niet meer. Maar financieel zorg ik ook dat ik met minder toe kan. En dat is waar het versneld aflossen van de hypotheek aan bijdraagt. Want elke maand wordt het bedrag dat we moeten betalen aan onze hypotheek 0,6% lager. We betalen dat geld wel, het vormt bij elkaar opgeteld onze sneeuwbal. In de meeste huishoudens is ‘wonen’ namelijk de grootste uitgavenpost. Voor huurders gemiddeld 38% van het besteedbaar inkomen, voor kopers zo’n 29%. In Huize Geldnerd zitten we iets onder het gemiddelde. Maar de vaste lasten van onze hypotheek zijn wel ongeveer 40% van de uitgaven in de gezamenlijke huishouding. Met afstand de grootste post. Bijna 4 keer zoveel als wat ons Hondje maandelijks kost, en ook ongeveer 4 keer zoveel als we aan boodschappen uitgeven.

Daar zit wat mij betreft de crux. Want je kunt dus wel af en toe een latte minder kopen, maar dat zet niet zo heel veel zoden aan de dijk. Maar consequent elke maand die sneeuwbal vergroten en extra aflossen eet, stapje voor stapje, onze grootste kostenpost op. Onze sneeuwbal is op dit moment al ongeveer € 400 per maand. En we lossen maandelijks vrijwillig € 1.000 af bovenop de verplichte rente en aflossing. Niet omdat het moet, maar omdat het kan. Als er in Huize Geldnerd dus een keer iets gebeurt, kunnen we nu al in één klap € 1.400 per maand besparen. Gewoon door te stoppen met wat we niet hoeven te betalen. Het gaat niet alleen om de meer! meer! meer! van het verwachte beleggingsrendement, maar ook om de minder! minder! minder van minder geld nodig hebben om toch het leven te kunnen leiden dat je wenst.

En over 9 jaar? Dan is de hypotheek klaar. Afgelost. En dan halveren dus zo ongeveer de maandlasten in Huize Geldnerd. En zo wordt onze afhankelijkheid van de invloed van anderen, van de werkgever, het belastingstelsel, de hypotheekverstrekker, al die afhankelijkheden die de meeste mensen in hun leven opbouwen, met elke maand die verstrijkt een stuk kleiner.

Dat is Vrijheid. Ook vandaag al, en niet pas over 9 jaar. Dat is wat ik zie als ik naar mijn Sneeuwbal-grafiek kijk. En daar gaat het om. Voor mij in elk geval wel.

Wat betekent vrijheid voor jou?