De laatste thuiswerker?

Zo’n tweeëneenhalf jaar geleden kregen we in Nederland te maken met de coronapandemie. Met lockdowns, beperkingen in bezoek en bewegingsvrijheid en reisbewegingen, onzekerheid en polarisatie. En zoals wel vaker in grote crises hoorde je al gauw geluiden dat dit echte grote veranderingen zou brengen. We zouden nu echt minder gaan vliegen, minder gaan reizen, en minder op kantoor gaan werken.

Nou. Menselijke gewoontes zijn lastig te veranderen. Dat blijkt maar weer. Zo we al minder reizen, dan heeft dat vooral te maken met het personeelstekort en de daaruit voortkomende chaos op Schiphol en onbetrouwbaarheid van het openbaar vervoer. Zo wel al minder uitgaan, dan is de torenhoge inflatie een factor. Maar het lijkt toch vooral ‘business as usual before the pandemic’.

Gemiste kans?

Toch jammer. Een gemiste kans. Hadden we eens een echte gelegenheid om ons gedrag te veranderen, om te wennen aan nieuwe patronen, en dan weten we niet hoe snel we terug kunnen kruipen naar ons oude vertrouwde leventje. En Geldnerd is geen haar beter. Ook wij gingen dit jaar weer met een auto naar het vertrouwde buitenland op vakantie, nadat we vorig jaar in eigen land bleven. We vlogen niet, dat hebben we voor het laatst in 2018 gedaan. Voor het overige is ons patroon nog niet zo heel veel veranderd. Geldnerd geniet soms zelfs teveel van het kluizenaarsbestaan, Vriendin moet hem af en toe met geweld het huis uit schoppen / sleuren. Ik vind het leven gewoon erg comfortabel op mijn vierkante kilometer in het westen van het land.

Nog steeds vooral thuis

Nu verlang ik ook niet meteen terug naar de beperkingen en onzekerheid van de verschillende lock-downs. Maar ik werk toch nog steeds meer dan de helft van de tijd thuis. Dat houd ik bij, we krijgen als rijksambtenaren sinds begin dit jaar een thuiswerkvergoeding van € 2,00 per dag, die we zelf moeten declareren. Van de 16 – 18 werkdagen per maand (ik werk vier dagen per week) heb ik dit jaar elke maand er minstens 10 thuis gewerkt. Dat bevalt me nog steeds uitstekend. De koffie is thuis oneindig veel beter dan op kantoor. De lunch is veel goedkoper en het is makkelijker om gezond te eten. En de werkdag is efficiënter. Met één klik op mijn tablet zit ik in een volgende vergadering, in plaats van dat ik door een groot kantoorpand moet zwerven of mij moet verplaatsen naar een ander ministerie. Dat scheelt veel tijd. Ik merk ook dat dit soort overleggen, met mensen uit verschillende organisaties, nog steeds vooral digitaal plaatsvinden. Dat is efficiënter voor iedereen, en daar ben ik blij mee.

Maar wat niet helpt is dat onze digitale werkplek nog steeds vooral gericht is op persoonlijke productiviteit, en niet op digitaal samenwerken. Veel verder dan de uitrol van een videovergadersysteem zijn wij nog niet gekomen. Dat is echt wel een beperking. En een van de redenen dat mensen elkaar toch weer vaker opzoeken op kantoor. Een kantoor dat overigens nog niet is omgebouwd voor een nieuwe werkelijkheid. En met dus een groot tekort aan individuele werkplekken waar je even rustig kunt bellen of videovergaderen. Want een echte ‘hybride’ werkdag is immers al gauw een mix van online en fysieke ontmoetingen. Dat tekort aan geschikte werkplekken jaagt mensen dan ook al gauw weer naar huis…

Ik sta ook weer vaker te strijken, merk ik. Er moet weer vaker een overhemd aan Maar ik heb veel minder vaak een pak aan dan drie jaar geleden. Er gaan nu weken voorbij dat er geen kostuum uit de kledingkast komt, en dagen met een stropdas zijn op de vingers van één hand te tellen. Dat mis ik echt niet! Toch heb ik ook wat vaker weer een echte kantoordag, begin augustus zelfs weer eens een kantoordag met een broodtrommel. Het komt namelijk niet vaak voor dat ik een hele dag op kantoor ben, meestal ga ik een dagdeel of voor een specifieke bijeenkomst. Iets dat kan omdat ik op 10 minuten fietsen van kantoor woon, voor collega’s die verder weg wonen is het lastig.

Quo vadis…?

Ik ben benieuwd hoe dit verder gaat. Wat er over een jaar nog overgebleven is van de voordelen en veranderingen die de pandemie ons toch echt gegeven heeft. Hopelijk kan ik nog steeds minimaal twee dagen per week thuiswerken. Ik verlang zeker niet terug naar de volgepropte kantoordagen met aaneengesloten vergaderingen. Mijn huidige werkdag heeft veel meer rust en dat vind ik persoonlijk erg prettig. Maar ik ben onderdeel van het sociale systeem dat ‘organisatie’ heet, dus ik heb niet helemaal zelf in de hand hoe mijn werk zich ontwikkelt. Helaas…

Werk jij nog wel eens thuis?

Rust, Reinheid en Regelmaat

Vroeger, toen Geldnerd nog een Geldnerdje was, gold het adagium ‘Rust, Reinheid en Regelmaat’ als de basis voor een gezonde opvoeding. Terug te voeren op Florence Nightingale en de herontdekking van Hippocrates. Tegenwoordig is dit adagium (zoals alles in onze discussiesamenleving) op z’n zachtst gezegd omstreden. Noem mij ouderwetsch, maar ik denk dat ‘de drie R-en’ nog steeds een goede basis zijn voor een (geestelijk) gezond leven. In Huize Geldnerd tenminste wel!

Nu we feitelijk weer aan huis gekluisterd zouden moeten zijn (er is ons gevraagd om contacten en reisbewegingen te beperken, immers) worden veel mensen weer geconfronteerd met hun eigen directe leefomgeving. En dan gaan ze op zoek naar manieren om orde te creëren in hun woning, lees ik. Anderen gaan zelfs op zoek naar een ander huis op een andere plek. De stad uit, naar de rust en ruimte van het platteland. Als die trend doorzet komt er in Nederland een heel ander soort woningnood. Een groot te kort aan boerderijtjes met lapjes grond. Maar veel mensen zouden al heel blij zijn met een aparte werkkamer thuis, denk ik.

We hebben in ons huis het voorrecht van ruimte. Toen we het kochten dachten we dat het wel een slagje kleiner mocht zijn. Het had meer kamers dan we nodig hadden. Inmiddels zijn we daar blij mee, Geldnerd en Vriendin hebben elk een eigen werkkamer en zijn dus niet veroordeeld tot werken in woonkamers, keukens, zoldertjes en washokken. Dat is een bevoorrechte positie, daar zijn we ons tijdens elke videovergadering weer van bewust. Het is op zichzelf al een factor die rust geeft. Aan het einde van de werkdag trekken we de deur van de werkkamer achter ons dicht, en het werk is uit beeld. Geen spoor van werk in de woonkamer of in onze slaapkamer.

Maar toch kun je veel doen als je minder ruimte hebt. Het vraagt een beetje planning en een beetje discipline. Maar je krijgt er veel rust voor terug.

In de huidige thuiswerktijd vind ik mijn dagelijkse opruimrondje extra belangrijk. Zorgen dat alles op z’n plekje ligt, zorgen dat de keuken na elke maaltijd opgeruimd achterblijft, dat de was en de afwas bij zijn en opgeruimd worden. Waren we in het verleden 8 – 10 uur per (werk)dag afwezig en zagen we de troep niet, nu zie je dat elke keer als je een kopje koffie of thee of iets anders komt halen. En dat gaat tussen je oren zitten. In Huize Geldnerd zorgen we er dus voor dat die troep er niet is.

Ook zorg ik, net als op kantoor, dat ik elke dag aan het einde van de werkdag mijn werkplek schoon achterlaat. Mijn aantekeningen en actielijstje zijn bijgewerkt. Ik weet hoe laat en waarmee ik morgenochtend aan de slag moet. Welke stukken ik eventueel nog moet lezen. En op de laatste werkdag van de week (meestal de donderdagmiddag) gaan de werktelefoon en tablet in de kast in mijn werkkamer, en daar komen ze pas maandagochtend weer eruit. Uit het zicht, uit het hoofd. Ik word niet aan mijn werk herinnerd als ik in het weekend even achter mijn bureau ga zitten om mijn administratie bij te werken of een blogpost voor te bereiden.

Het klinkt misschien allemaal een beetje simplistisch en kinderachtig. Maar voor mij werkt het. De rust, reinheid en regelmaat zorgt ervoor dat ik een beetje gezond blijf. Want er zijn in deze ingewikkelde tijd al genoeg dingen waar we ons druk over moeten kunnen maken. We schijnen allemaal helemaal van de leg te raken van de coronastress. Dus alle beetjes helpen om dat te voorkomen.

Hoe zorg jij in jouw leven voor rust, reinheid, en regelmaat?