Geldnerd.nl

Blog over (financieel) bewust leven

Tag: groei

Groei Eigen Vermogen 2017

In 2017 is mijn eigen vermogen op twee manieren verder gegroeid. Enerzijds door het spaarpercentage, het deel van mijn inkomen dat ik niet nodig heb om rond te komen en toevoeg aan mijn vermogen. Anderzijds door het rendement op mijn spaargeld en beleggingen. Voorlopig doe ik niets met eventuele overwaarde van ons huis. Ik weet dat de huizenprijzen hier in de buurt fors gestegen zijn, maar in mijn balans staat de waarde van het huis nog rotsvast op de aankoopwaarde. Pas als de WOZ-waarde hoger wordt dan de aankoopwaarde zal ik overwegen om dat aan te passen.

Mijn eigen vermogen is in 2017 met 15,9% gegroeid. Daar ben ik erg tevreden mee. Ik lig nog steeds voor op mijn doelstellingen.

error

Wijze lessen (4): Rendement maken

Wat is eigenlijk de Geldnerd-methode, vroeg iemand me laatst. Dat zette me aan het denken. Eigenlijk is die er niet. Maar er is wel een serie wijze lessen en methodes die ik toepas in mijn zoektocht naar financieel bewust leven en financiële onafhankelijkheid. Daarom vandaag de vierde blog in een serie: Wijze Lessen van Opa Geldnerd.

Eerder verschenen:
Inkomsten en uitgaven bijhouden
Budgetteren en bijsturen
Spaarpercentage vergroten

Rendement maken

Goed, je hebt nu gedetailleerd inzicht in je inkomsten en uitgaven, je hebt een budget waar je achter staat, en je stuurt op je spaarpercentage. En nu?

Als je de voorgaande stappen doorlopen hebt houd je (als het goed is) geld over. Je banksaldo groeit. Dat opent nieuwe perspectieven. Je kunt een buffer opbouwen. Hoeveel, dat is een keuze, maar een aantal maanden uitgaven achter de hand hebben is wel een comfortabel gevoel. En je kunt eventuele schulden aflossen. Want geld lenen kost geld. Dat is niet goed, geld zou geld op moeten leveren.

Als je buffer op orde is en je schulden zijn opgelost (waarbij er allerlei verschillende meningen zijn over schulden, vooral over de hypotheek), kun je echt aan je vermogen gaan werken. Je vermogen groeit op verschillende manieren. Door het geld dat je overhoudt. En door het rendement dat je maakt door je geld aan het werk te zetten.

Ik zoek naar twee soorten rendement. Rendement voor vermogensgroei en rendement voor passief inkomen. Passief inkomen is inkomen dat gewoon binnenkomt zonder dat ik er iets voor hoef te doen. Een voorbeeld is dividend. of de huurinkomsten uit beleggingen in vastgoed. Die laatste categorie, daar doe ik niet aan. Ik kan dan te weinig spreiding in mijn vermogen bereiken, dat vind ik een te groot risico.

Ik zoek het dus in Beleggingen. De aandelenmarkten. De afgelopen twee jaar heb ik daar veel over geschreven. En ook hier heb ik mijn basis op orde. Ik volg een strategie die vergelijkbaar is met de beleggingsstrategie van Mr. FOB. Iedere maand zet ik automatisch geld opzij om bij te kunnen kopen. En ik heb mijn beleggingsspreadsheet waarmee ik met enkele minuten tijdsbesteding per week mijn portefeuille in de gaten houd.

Maar garanties zijn er niet. De spaarrente is al tijden extreem laag en door de bewegingen van de dollarkoers is dit tot nu toe een matig beleggingsjaar. Iemand nog andere interessante manieren om het vermogen te laten groeien?

Hoe werk jij aan jouw rendement?

error

Oh, oh, die statistieken

Deze week had ik er weer eentje. Een persbericht met cijfers waarvan ik dacht: oppassen! Eerder heb ik ook al eens geschreven over hoe eenvoudig het is om te liegen met statistieken. Of in elk geval een situatie ‘anders’ voor te stellen.

Het gaat om dit bericht: Economie Eindhoven groeit sneller dan die van de Randstad. Het bruto binnenlands product (bbp) van de gemeente Eindhoven groeide in 2016 met 3,6 procent tegenover 2,2 procent gemiddeld in Nederland, zegt het bericht. Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Den Haag (samen de G4) moesten het doen met 2,2 tot 3 procent groei. Op zich een eerlijke weergave van de gegevens van het CBS. Maar…. Het zijn percentages. Percentages waarmee verschillende grootheden vergeleken worden.

Het BBP van Eindhoven was volgens het bericht ruim € 13 miljard. Op het totale Nederlandse BBP van volgens mij ongeveer € 620 miljard is dat nog steeds maar een procent of 2.

Stel je voor dat het BBP van de G4 een omvang heeft van 100 eenheden en het BBP van Eindhoven is 50 eenheden (ik gun Eindhoven ook wat). Die groei van 3,6% van Eindhoven voegt dus 1,8 eenheden toe aan de gezamenlijke economie. Zelfs als je voor de G4 met een groei van 2,2% rekent voegt dat 2,2 eenheden toe. De gezamenlijke economie groeit dan van 150 naar 154 eenheden, waarbij de G4 in absolute zin het meeste bijdragen. Dus ja, wat zegt het dan?

Dat roept ook weer direct de vraag op waarom zo’n statistiek gepubliceerd wordt. Dus ben ik bij het CBS even op zoek gegaan naar het originele persbericht. Wat is het belang? Sinds september 2016 werken de gemeente Eindhoven en het CBS samen in het CBS Urban Data Center Eindhoven. En dat moet natuurlijk af en toe gepromoot worden.

Ik neem het allemaal dus maar voor kennisgeving aan. Maar het is wel een goede reminder dat Nederland groter is dan de Randstad.

Heb jij recent nog twijfelachtige statistieken gezien?

error

Liegen met statistieken?

Het is altijd goed opletten als er persberichten uitkomen met juichende cijfers. Want er zijn weinig manieren om te liegen en bedriegen die zo gemakkelijk zijn als met cijfers. Die klinken namelijk heel precies, maar als je niet goed weet wat er precies achter zit kun je behoorlijk misleid worden. Of dat nu ook weer gebeurt, weet ik niet. Maar ik heb er wel vragen bij. Want juichende cijfers in verkiezingstijd komen meestal niet zomaar.

Hier moest ik aan denken toen ik gisteren dit nieuwsbericht las: de sterkste stijging van de omzet van de detailhandel in 8 jaar. Gebaseerd op dit persbericht van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het klinkt natuurlijk prima vanuit het perspectief van economisch welvaren. Over heel 2016 was de omzetgroei van de detailhandel 1,9 procent. Dat is de hoogste omzetgroei in 8 jaar. Maar als je goed leest zie je ook wat anders. In december 2016 heeft de detailhandel 2,7 procent meer omgezet dan een jaar eerder. Het volume van de verkopen was 1,1 procent hoger. Dat is al een stuk minder. Het verschil heet natuurlijk voor een groot deel inflatie, waarvan datzelfde CBS afgelopen week meldde dat die over 2016 1,0% bedroeg en in januari 2017 stevig gestegen is.

Eén procent méér consumeren in volume is natuurlijk nog steeds consumeren en niet consuminderen. De bevolking van Nederland groeide in 2016 met ongeveer 111.000 personen naar bijna 17,1 miljoen mensen, lees ik hier. Dat is een groei van 0,65%, dus per persoon hebben we dan nog steeds iets meer geconsumeerd dan in 2015.

Volgens het Centraal Plan Bureau (CPB) bedroeg het netto modaal maandinkomen in 2016 ongeveer € 2.021. In 2015 was dat ongeveer € 2.024. En toch consumeerden we meer. Dan snap je weer wat beter waarom de bedragen die we gemiddeld gespaard hebben wat tegenvielen.

Ben ik nou gek of…?

error

Armer dan mijn ouders

Mijn recente blog ‘De onmacht van de middenklasse‘ riep meer reacties op dan ik verwacht had. Een lezer attendeerde mij op een artikel in de De Groene Amsterdammer. Dat is geschreven naar aanleiding van een rapport van McKinsey.

Het lijkt er steeds meer op dat er een trendbreuk optreedt. Heel lang is het ‘normaal’ geweest dat elke volgende generatie het economisch beter heeft dan de vorige. Maar in de periode 2005 – 2014 ging 65 – 70 procent van de huishoudens er in reëel inkomen op achteruit. De term reëel inkomen betekent dat het gecorrigeerd wordt voor inflatie, en het zegt dus iets over de koopkracht van dat huishouden. En de rekenmeesters van McKinsey achten de kans groot dat dit ook de komende 10 jaar het geval blijft.

Ze wijten dit aan de trager wordende economische groei, iets wat inderdaad sinds de ‘crisis van 2008′ erg hardnekkig lijkt te zijn. Daarnaast gaat het rapport in op inkomensoverdrachten: het bedrag aan uitkeringen en subsidies dat iemand bovenop z’n reguliere salaris ontvangt. In Nederland hebben we natuurlijk een uitgebreid stelsel aan toeslagen, waarmee we belastinggeld rondpompen. Let wel: ik zeg niet dat we daarmee moeten stoppen, maar het is wel iets om goed in de gaten te houden. Verder concludeert het rapport dat de omstandigheden op de arbeidsmarkt veel minder zeker zijn geworden. Tijdelijke banen en ZZP’ers zorgen ervoor dat de jongere generaties minder zekerheid hebben over hun inkomen dan hun ouders hadden.

Conclusie: we worden gemiddeld genomen allemaal minder rijk, maar die last wordt wel oneerlijk verdeeld. Hoe lager je op de economische ladder staat, hoe sterker je de pijn gaat voelen.

Door het lezen van het rapport werd ik wel nieuwsgierig naar mijn eigen situatie. Gelukkig houd ik mijn administratie al sinds 2003 gedetailleerd bij, dus ik ben in mijn elektronisch archief gedoken. En vooralsnog heb ik geluk!

In 2004 verdiende ik netto € 2.950 per maand (exclusief vakantiegeld en 13e maand). Inmiddels is dat € 4.000 per maand. Op de website van het CBS vond ik de inflatiecijfers sinds 2004. Cumulatief is er sinds 2004 21,7% inflatie geweest. Betrek ik dat op mijn inkomen, dan zou ik nu € 3.590 netto per maand moeten verdienen om met mijn inkomen uit 2004 de inflatie bij te houden. Vooralsnog zit ik daar € 400 boven, doordat ik sinds 2004 best een aardige carrière heb gemaakt. Maar ik vraag me wel af hoe lang ik nog door kan groeien, en of (wanneer) de daling van het reëel inkomen ook mij zal treffen…

Hoe is het met jouw koopkracht?

error

© 2019 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑