Blog over (financieel) bewust leven

Tag: ETF (Page 1 of 5)

Mijn favoriete beleggingsgrafiek

Mijn beleggingsspreadsheet is de meest uitgebreide van mijn stelsel van spreadsheets. Er wordt van alles bijgehouden er zitten allerlei rapportages en grafieken in.

Maar één grafiek springt er wel uit. Vreemd genoeg is het niet een grafiek die ik vanaf het prille begin gebruik, maar eentje die ik pas begin 2019 gebouwd heb: de waarde van mijn portefeuille versus mijn totale inleg. Hij duikt voor het eerst op in mijn rapportage over het eerste kwartaal van 2019, en sindsdien is ‘ie er elke keer bij.

Toen ik de grafiek Inleg versus waarde introduceerde schreef ik er dit over:

Wat ik zelf een erg leuke toevoeging vind, is de Grafiek ‘Inflow vs Value’. Hierin laat ik voor een zelf te kiezen periode de waarde van mijn portefeuille zien, maar ook het bedrag dat ik tot op heden heb ingelegd. Als de actuele waarde hoger is dan de totale inleg, is het verschil een groen vlak (want dan heb ik ‘op papier’ winst gemaakt). Is de actuele waarde lager dan de totale inleg, dan is het verschil een rood vlak (want dan heb ik ‘op papier’ verlies gemaakt). Dat laatste heb ik gelukkig de afgelopen 5 jaar niet meer meegemaakt. Deze grafiek zorgt ervoor dat ik niet meteen nerveus wordt als de koersen eens een paar weken dalen. Het groene vlak wordt dan weliswaar kleiner, maar ik heb nog steeds ‘papieren winst’.

In een reactie op mijn blogpost over het eerste kwartaal van 2020 vroeg lezer B. om eens uit te leggen hoe ik die grafiek maak. De programmacode zit overigens ook in de beleggingsspreadsheet die je gratis kunt downloaden (je hoeft zelfs geen e-mail adres achter te laten).

Het geheim van deze grafiek? Denken in lagen die je over elkaar heen legt. Ik gebruik hiervoor de ‘xlArea’ grafiek in Excel. Op mijn grafieken pagina kan ik de grafiek kiezen uit een menu, en ook heb ik de keuze uit een aantal periodes. Meestal kies ik voor de periode tot twee jaar terug, maar ik kan ook langer of korter terug.

De eerste laag is (uiteraard) de actuele waarde van mijn portefeuille. Die wordt elke week automatisch berekend als ik mijn rapportage importeer in de beleggingsspreadsheet, en opgeslagen op een werkblad met weekstatistieken. Deze geef ik als groen vlak weer in een grafiek.

De tweede is de totale inleg. Ook die wordt elke week berekend als ik mijn rapportage importeer in de beleggingsspreadsheet, en opgeslagen op een werkblad met weekstatistieken. Mijn beleggingsspreadsheet bevat, naast mijn beleggingstransacties, ook de transacties op de bijbehorende bankrekeningen. Daar kun je zien hoeveel geld ik van mijn tegenrekening naar de beleggingsrekening heb gestort. Het gaat hier om netto inleg, dus als ik geld van mijn beleggingsrekening over zou maken naar mijn tegenrekening dan wordt dat er van afgetrokken. Maar tussen mijn tegenrekening en mijn beleggingsrekening is er al jaren sprake van eenrichtingsverkeer.

De inleg wordt als een rood vlak over het groene vlak heen gelegd. Dan ziet het er uit zoals hieronder.

Het geheim is de derde laag. Elke week, bij het importeren van mijn rapportage, kijkt mijn spreadsheet ook welke van de twee waardes de laagste is: inleg of actuele waarde. De laagste van de twee slaat ‘ie op voor het derde lijntje, de laagste van de twee. En als je die dan als een wit vlak over de andere twee vlakken heen legt krijg je het gewenste effect. Als de actuele waarde hoger is dan de inleg zie je een groen vlak om het verschil weer te geven. Maar als de actuele waarde lager is dan de inleg, dan zie je een rood vlak. Zoals hieronder.

Ik heb voor deze blogpost de gegevens van de laatste weken overigens een beetje gedramatiseerd. Zodat er een rood vlak zichtbaar wordt. In de realiteit heeft mijn portefeuille, sinds het begin op 1 januari 2013, nog nooit een rood vlak laten zien. Ik hoop dat dat zo blijft, maar je weet natuurlijk maar nooit. We zijn er nog lang niet met dat virus.

Denk jij wel eens in laagjes?

Is mijn financiële strategie wel OK?

Niet dat ik ‘m ooit bewust zo bedacht heb of zo, maar als ik nu kijk naar mijn persoonlijke financiële strategie dan zie ik vier ‘pijlers’ waar die op rust: Een gezonde financiële buffer met contant geld, potjes waarin ik elke maand spaar voor de grotere uitgaven gedurende het jaar, versneld aflossen van onze hypotheek, en zo lui en eenvoudig mogelijk beleggen om vermogen op te bouwen en passief inkomen te genereren. Dat rust op een fundament van mijn reguliere inkomen waarvan ik een substantieel deel spaar, mijn doelstelling spaarpercentage is niet voor niets 45,0% dit jaar. Als ik managementconsultant was dan zou ik er een wervend plaatje van maken om te gebruiken in een presentatie voor de directie… Nu moeten jullie het hiermee doen:

Gezonde Buffer

Ik weet door het bijhouden van mijn administratie behoorlijk goed hoeveel geld ik per maand uitgeef. Mijn buffer meet ik in maanden, het doel van de buffer is dat ik een X aantal maanden gewoon door kan leven als ik om een of andere reden zonder inkomen kom te zitten. Een gezonde financiële buffer heb ik al zolang als ik mij kan heugen. Heel lang is die veel te groot geweest, genoeg geld om jaren en jaren vooruit te kunnen. Daarna ben ik overgestapt naar een buffer van 6 maanden. ik heb even geëxperimenteerd met een buffer van 2 à 3 maanden, maar dat was iets te strak. Daar werd ik onrustig van. En het is nou juist niet de bedoeling dat je onrustig wordt van je financiële situatie. Op dit moment bestaat mijn buffer uit voldoende geld om 4 maanden probleemloos van te leven. Dat is voor mijn gemoedsrust ruim voldoende.

De buffer staat op een vrij opneembare spaarrekening. Niet bij de bank waar ik mijn lopende rekening aanhoud. Er moet een drempel in zitten om te voorkomen dat ik het ‘even snel’ gebruik, maar het moet wel binnen één werkdag op mijn lopende rekening kunnen staan. Het geld is bedoeld voor ongeplande onvermijdelijke uitgaven en voor het opvangen van inkomensverlies.

Potjes

Het potjes-systeem heb ik pas sinds 1 januari 2020 echt in gebruik, maar het bevalt me nu al uitstekend. Ik schreef er toen een uitgebreide blogpost over. Elke maand als mijn salaris binnenkomt stort ik een aantal bedragen in de verschillende potjes. Het geld gaat gewoon naar de spaarrekening waar ook mijn buffer staat. Mijn administratiespreadsheet houdt voor mij bij hoeveel geld er in welk potje zit, en verwerkt het ook automatisch als ik een uitgave doe die uit een potje gedekt moet worden. Want administratie bijhouden moet natuurlijk niet teveel tijd gaan kosten.

Ik heb momenteel verschillende potjes. Voor mijn Zorgverzekering, waar ik aan het eind van elk jaar in één keer de premie voor het daaropvolgende jaar betaal. Voor mijn Gadgets. Ook reserveer ik maandelijks voor mijn Vakantiebudget, nu ik niet meer eens per jaar vakantiegeld krijg maar maandelijks een deel van mijn Individueel Keuze Budget krijg uitbetaald. Ook reserveer ik geld voor mijn Kledingbudget (waar ik twee keer per jaar grotere uitgaven voor doe), en voor mijn abonnement bij de personal trainer.

Tenslotte heb ik nog een potje dat er al een aantal jaren staat. Het is voor het tweede deel van de operatie aan mijn gebit, die naar verwachting na de zomer plaats gaat vinden. Als dat klaar is wordt dit potje opgeheven, het wordt ook niet meer bijgevuld.

Het potjessysteem zorgt dat ik voldoende geld apart zet voor grote geplande uitgaven gedurende het jaar. En het zorgt voor minder stress. Vroeger wilde ik helemaal niet aan mijn bufferspaarrekening komen. Nu mag het als het geld uit de potjes is.

Versneld Aflossen

Hypotheek is schuld. En het is voor de meeste mensen een substantieel onderdeel van hun maandelijkse uitgaven. ook hier in Huize Geldnerd. We hebben een lineaire hypotheek, dus de maandlast wordt iedere maand een stukje kleiner. Maar ook hier was de rente en aflossing oorspronkelijk de helft van de maandelijkse huishouduitgaven.

Versneld aflossen begon in het eerste jaar na aankoop van Geldnerd HQ met twee grote bedragen. Het doel daarvan was om zo snel mogelijk onder een loan-to-value ratio van 65% te komen. Daar ging de risico-opslag van onze hypotheek af. Nadat mijn buffer vol was gebruikte ik het bedrag dat ik maandelijks spaarde voor een extra aflossing, en begon ik een ‘sneeuwbal‘. We zijn hier actief lid van Team Lage Lasten. Als er iets zou gebeuren met onze inkomens, dan kunnen we door te stoppen met de extra aflossing onze hypotheeklasten in één klap halveren en tóch voldoen aan onze verplichtingen richting de hypotheekverstrekker. Die gedachte geeft heel veel rust.

De extra aflossing zorgt ook voor spreiding. Niet al mijn vermogen staat op de beurs, een deel zit ook in het huis. Nadeel is natuurlijk dat het geld in de stenen zit, het is niet liquide, niet snel te gebruiken. Maar dat vinden we niet erg.

Lui en Eenvoudig Beleggen

Maandelijks wordt er ingelegd in mijn beleggingen, en maandelijks wordt er bijgekocht wat er volgens mijn beleggingsspreadsheet nodig is om dichter bij de gewenste portefeuilleverhoudingen te komen. Wereldwijde gespreide aandelen via de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL), en wereldwijd gespreide staatsobligaties via de Xtrackers II Global Government Bond UCITS ETF (DBZB). Twee ETFs, wereldwijde spreiding, lage kosten. En daarnaast nog een paar dividend-ETFs die elk kwartaal of elk half jaar dividend uitkeren. Het dividend wordt ook meteen opnieuw belegd.

Elke maand inleggen. Kopen en vasthouden. Niet verkopen, ook niet als de beurzen naar beneden duikelen. Gewoon vasthouden, we zitten er in voor de langere termijn.. Inmiddels heb ik mijn maandelijkse inleg, waarmee ik in 2017 gestart ben, ook aangepast aan de inflatie. Het is een kwestie van gewoon doorgaan en er niet te vaak naar kijken. Lui en eenvoudig, maar het werkt als je beleggingshorizon maar lang genoeg is. Ik hoef me niet druk te maken over aandelen-analyses, alternatieve ‘beleggingen’ als cryptomunten en P2P-leningen. Onvolwassen markten waarvan de risico’s nog lang niet in beeld zijn. Zelfs certificaten van gerenommeerde bedrijven keren soms niet meer uit en blijken niet liquide.

Hoe voelt dat?

Als ik het zo opschrijf, ziet het er ineens heel compleet en doordacht uit. Dat is schone schijn, het is ook maar zo gegroeid en nu door mij in een modelletje gerationaliseerd. Maar dat is een goede weergave van mijn situatie terwijl er een wereldwijde pandemie woedt en een recessie voor de deur staat.

De afgelopen jaren heb ik echt wel last gehad van voortdurende twijfel. Is mijn buffer hoog genoeg? Moet ik niet (nog) meer beleggen, en minder aflossen? Want ‘iedereen’ zegt immers dat extra aflossen niets oplevert. Moet ik nou meer of minder obligaties in mijn portefeuille nemen, of is een afgelost huis vergelijkbaar met obligaties? Moet ik nou niet meer focus op dividend leggen en extra passief inkomen genereren? Kijk die Bitcoin eens gaan en dat rendement op P2P-leningen, ik snap niet helemaal wat er gebeurt en overzie de risico’s niet maar misschien moet ik toch instappen? Allemaal vragen die ik mijzelf gesteld heb. Heel menselijk ook.

En nu? Ik vind het allemaal heel OK. Ik sta er financieel goed voor. Mijn strategie loopt gewoon door terwijl de crisis woedt. Het is afgestemd op mijn situatie. Op mijn gemoedsrust. Ik heb geen seconde wakker gelegen terwijl mijn aandelenportefeuille een kwart van z’n waarde verloor. Nog geen moment overwogen om van richting te veranderen. Ik hoef me geen zorgen te maken of we al op de bodem zitten. Ik hoef de markt niet te timen. Me druk te maken over het geld dat ik kwijt ben, want dat is niet aan de orde als ik niet verkoop. Ik hoef alleen maar mijn blik op de horizon te houden. Even was ik ongerust over mijn eigen financiële situatie. Maar ik besefte al snel dat mijn, in mijn eigen ogen minimalistische, contant geld buffer nog altijd een stuk groter is dan de spaarrekening van de gemiddelde Nederlander. Dus waar maak ik me druk om?

Twijfel jij ook voortdurend over jouw strategie?

Opnieuw ten strijde voor onze ETFs!

In 2018 werd ook ik ‘slachtoffer’ van de Europese Unie. Door de MIFID-2 regelgeving moest ik mijn portefeuille omgooien. Voor wie het niet meer (of: nog niet) weet: de MIFID-2 regels van de Europese Unie schrijven vanaf 2018 voor dat er voor elk beleggingsinstrument een document met essentiële beleggingsinformatie (EID) beschikbaar moet zijn. Ook voor ETFs. En de Nederlandse Autoriteit Financiële Markten heeft erbij verzonnen dat die informatie alleen in het Nederlands beschikbaar mag zijn. Doe je dat niet, dan mag het product in Nederland niet verhandeld worden. Dat is nergens voor nodig, andere landen staan ook andere talen dan hun primaire landstaal toe. Zuur, want daardoor zijn diverse goedkope en aantrekkelijke Amerikaanse ETFs voor Nederlandse beleggers vrijwel niet meer toegankelijk. Terwijl je in Nederland bijvoorbeeld nog wel gewoon in veel complexere (en riskantere) CFDs mag handelen.

Ik heb destijds een aantal brieven en mails gestuurd aan de AFM. En ook steeds keurig antwoord gekregen, maar uiteindelijk niet bereikt wat ik hoopte te bereiken. Namelijk dat er zou worden toegestaan dat onze favoriete Amerikaanse ETFs weer gewoon aangeboden mochten worden in Nederland. Maar het bleef wel in mijn hoofd zitten, en ik bleef zoeken naar kansen om dit punt opnieuw op te pakken.

En die kans is er nu. De Europese Commissie is namelijk bezig met een evaluatie van de effecten van de Markets in Financial Instruments Directive and Regulation (MiFID and MiFIR), de Europese richtlijn die de oorzaak is van onze ETF-ellende. Onderdeel van deze evaluatie is een consultatie via het internet, waar je ook als gewone burger aan deel kunt nemen. Die consultatie is open tot 20 april en kun je hier vinden.

Afgelopen weekend ben ik er een paar uurtjes voor gaan zitten. Het was wel even doorbijten. Er is ook een korte(re) vragenlijst, maar zelf heb ik de uitgebreide vragenlijst ingevuld. Sommige vragen zijn overduidelijk bedoeld voor bedrijven of belangengroepen, die heb ik overgeslagen. Maar grote delen van de consultatie heb ik wel ingevuld. Er was veel ruimte voor vrije tekst om je standpunten uit te leggen, dat was fijn. Ik heb zelfs mijn briefwisselingen met de AFM kunnen toevoegen als onderdeel van de vragenlijst.

Ik hoop dat nog meer mensen de moeite nemen om deel te nemen aan de consultatie. Hoe meer, hoe beter het is! Uit eigen ervaring weet ik dat punten uit dit soort evaluaties altijd serieus meegenomen worden.

Uit de vragenlijst bleek dat de EU zelf ook een beetje verrast is door de effecten die MIFID gehad heeft op het aanbod van sommige beleggingsproducten voor particuliere beleggers. Daarmee is het doel (een gelijk speelveld in de EU) uit beeld. En het is ook niet de bedoeling dat hefboomproducten (zoals CFDs) breder beschikbaar zijn dan minder riskante producten als ETFs. Ze worstelen ook nog met innovaties als cryptocurrencies en peer-to-peer lending. Allemaal onderdelen waar ik specifieke vragen over tegenkwam waar ik mijn ei mening goed over kwijt kon.

Ik ben in mijn antwoorden uitgebreid ingegaan op het feit dat de Nederlandse Autoriteit Financiële Markten heeft besloten dat alleen Nederlandstalige essentiële informatiedocumenten (EID’s) in Nederland zouden worden toegestaan. Daardoor zijn veel zeer aantrekkelijke buitenlandse beleggingsproducten (bijvoorbeeld Amerikaanse low-cost ETF’s) niet meer beschikbaar voor Nederlandse consumenten. Dit beperkt de vrije keuze voor Nederlandse particuliere beleggers, vermindert hun opties om een eigen pensioenvoorziening op te bouwen, en het brengt hogere kosten en meer risico met zich mee. Er is geen gelijk speelveld in Europa. Andere landen, bijvoorbeeld België en Luxemburg, staan ook Engelstalige EID’s toe. Het transparantie- en risicoprofiel voor de gemiddelde ETF is totaal anders dan voor een hefboomproduct zoals een CFD (contract for difference). Als gevolg van de Nederlandse regelgeving kan ik een eenvoudige ETF zoals VXUS niet verhandelen. Ik heb ervoor gepleit dat marktautoriteiten van lidstaten moeten worden verplicht om ten minste één andere taal dan de moedertaal voor EID’s toe te staan, of dat producten die in één EU-lidstaat zijn toegestaan, daarmee ook automatisch in de andere lidstaten verhandeld mogen worden. Vrij verkeer van mensen, goederen, kapitaal en diensten is immers een kernwaarde van de Europese Unie.

Het Nederlandse provisieverbod mag wat mij betreft dan wel weer in heel Europa worden ingevoerd. ik geloof oprecht dat het gezorgd heeft voor een eerlijker markt waarin aanbieders van beleggingen eerder naar het belang van de klant kijken, en niet alleen maar naar welk product hun de meeste provisie oplevert. Ik vind het ook erg jammer dat aanbieders als FLATEX dat provisieverbod via de achterdeur ondermijnen.

De vragen over nieuwe ontwikkelingen vond ik ook interessant. Instrumenten zoals blockchain, cryptocurrencies en peer-to-peer leenplatforms maken het met hun gedecentraliseerde karakter bijna onmogelijk gemaakt voor marktautoriteiten om ze in de gaten te houden. Daar heeft de EU nog niet echt een oplossing voor.

Best nog wel leerzaam dus, meedoen aan zo’n consultatie. En voor een goed doel, misschien kunnen we over een tijdje weer handelen in een breder en goedkoper aanbod aan ETFs!

Doe jij ook mee?

Stille revoluties in Beleggingsland?

De wereld van het beleggen klinkt best wel spannend, en sommige mensen vinden het geen fijn idee dat de waarde van hun inleg kan dalen. En ook achter de schermen rommelt het. Er zijn grote veranderingen aan de gang bij de tussenpersonen waar je als particulier je centjes kwijt kunt.

Beleggen in vroeger tijden

Toen Geldnerd ooit begon met beleggen, vele jaren geleden, was dat het domein van de grootbanken. Die boden hun klanten toegang tot ‘de beurs’ en een select aantal fondsen, meestal van hun eigen fondshuis. Geldnerd had z’n hele financiële huishouding destijds bij de Rabobank geparkeerd, en daar was je dus veroordeeld tot de fondsen van Robeco (dat toen een volledige dochter van de Rabobank was). De kosten van handelen waren hoog. Als ik in mijn archief kijk, dan werd er rond het jaar 2000 rustig € 12 gerekend voor een order in een AEX-fonds die een waarde van minder dan € 1.000 had. En ook de (verborgen) kosten van de Robeco-fondsen waren hoog. Ik verdiepte me daar destijds nog totaal niet in, maar in een oud jaarverslag vond ik een cost ratio van ruim 1,1%. Dat zijn ongekende kosten voor hedendaagse begrippen.

In mijn beleggingsspreadsheet van het jaar 2008 (toen maakte ik voor elk jaar nog een nieuwe sheet!) duikt ineens SNS Fundcoach op. Het bedrijf Fundcoach was een aantal jaren eerder opgericht, en inmiddels overgenomen door SNS Reaal. Het presenteerde zich als de eerste Nederlandse fondsensupermarkt, had een breder aanbod en hanteerde ook fors lagere tarieven. Vanaf dat moment zie ik ook meer ‘exotische’ beleggingen opduiken in mijn portefeuille. Fondsen van Blackrock en Merrill Lynch bijvoorbeeld, maar ook het eerste Vanguard fonds duikt op in mijn beleggingen, net als het Noorse Skagen.

Goed voorbeeld doet goed volgen. Inmiddels was er ook Alex Vermogensbeheer. Daar heb ik net na mijn echtscheiding een deel van mijn vermogen ondergebracht, uiteindelijk heb ik van 2013 tot 2017 van hun diensten gebruik gemaakt. SNS Fundcoach en Alex zijn overigens beide overgenomen door Binck Bank, en inmiddels volledig geabsorbeerd. Binck biedt nog wel een dienst aan met de naam Fundcoach, maar de merknaam Alex is volledig verdwenen. En Binck Bank is natuurlijk inmiddels overgenomen door het Deense Saxo Bank. Die overigens inmiddels voor ruim 51% eigendom is van de Chinese autofabrikant Geely, las ik toen ik er wat dieper in dook. Ik weet niet of ik daar nou meteen zo enthousiast van word….

Versnippering

De Nederlandse beleggingsmarkt is inmiddels ook behoorlijk versnipperd. DeGiro heeft als goedkope broker stevig aan de weg getimmerd, maar is inmiddels overgenomen door de nog goedkopere ‘new kid on the block’ Flatex. En dan is er ook nog Lynx. Daarmee hebben we de belangrijkste brokers wel gehad, denk ik. Alhoewel vergelijkingssite Finner een uitgebreider overzicht heeft.

Maar goed, er valt dus het nodige te kiezen. En voor een breed aanbod aan beleggingsopties hoef je echt niet meer de hoofdprijs te betalen. Mr. FOB houdt een uitgebreid overzicht bij van de goedkoopste opties om te beleggen, bij verschillende beleggingsprofielen. En al die tijd zaten de Grootbanken in de verdediging. Te duur, te log, en het aanbod te beperkt. Een weldenkende belegger zit dus niet meer bij één van de grote banken?

De terugkeer van de kolossen?

Het afgelopen jaar viel het me op dat de grote banken zich toch weer begonnen te roeren. Er werd weer geadverteerd met hun beleggingsaanbod. Deels heeft dat natuurlijk te maken met de sterke stijging van de aandelenbeurzen. En ook met de rentestand. Banken moeten hun overtollig spaargeld stallen bij de Europese Centrale Bank, en daar betalen ze momenteel netto rente voor. Eigenlijk hebben ze dus liever dat hun spaarklantjes het geld in aandelen steken. Dat is goedkoper voor de bank.

Puur uit nieuwsgierigheid heb ik een tijdje geleden het aanbod van de Rabobank weer eens bekeken. Het was voor het eerst in meer dan 10 jaar dat ik mij daar in verdiepte. Dat kwam ook omdat een lezer mij vroeg om eens te kijken naar zijn portefeuille, die volledig bij de Rabobank geparkeerd stond. Voor mij is het nog steeds niet aantrekkelijk. De kern van mijn portefeuille wordt gevormd door een handvol exchange-traded funds (ETFs) van Vanguard en iShares. Maar geen enkel fonds uit mijn portefeuille is verkrijgbaar bij de Rabobank. Rabo rekent tot € 100.000 0,06% per kwartaal, en over het meerdere 0,03%, met een minimum van € 5 en een maximum van € 100 (Binck: maandelijks €3,50 + 0,01% van de portefeuille). Daarmee ben ik bij Binck veel goedkoper uit. De transactietarieven van Rabo zijn wel lager dan vroeger, maar met één transactie per maand ben ik bij Binck echt goedkoper uit. En beleggers bij DeGiro betalen één keer per maand zelfs helemaal geen transactiekosten als ze een fonds uit de kernselectie kopen. Ook bij ABN AMRO vind ik de kosten nog niet echt laag en het assortiment beperkt, ook hier kan ik geen enkel fonds uit mijn huidige portefeuille verhandelen.

Banken willen het zelf doen

Onlangs las ik een interessant artikel in het FD. Het ging over de manier waarop de grote banken proberen om iets meer geld over te houden aan hun beleggende klanten. Niet door de tarieven te verhogen (die zijn al vrij hoog, zagen we net), maar door de fondsen die ze aanbieden goedkoper te maken. Ze maken namelijk eigen fondsen. Het is een langere-termijn gevolg van het provisieverbod, dat in Nederland in 2014 is ingegaan. Nu de fondsaanbieders de banken niet meer mogen betalen voor het voeren (en aanprijzen) van hun producten, lopen de banken inkomsten mis. Bovendien willen steeds meer beleggers (goedkoop) passief beleggen en liefst ook duurzaam, een gebied waar (te) weinig aanbod is. Dus gaan de grote banken het zelf doen, maar wel elk op een andere manier.

ING wordt zelf een soort van fondshuis, en gaat huisfondsen samenstellen met vooral individuele aandelen en obligaties. Alleen voor specialistische categorieën, zoals schuld uit opkomende markten, worden externe beleggingsfondsen gebruikt. ABN AMRO, blijkbaar Nederlandse marktleider in vermogensbeheer, maakt ook deels eigen huisfondsen met individuele aandelen en obligaties, Verder gebruiken ze hun Franse dochtermaatschappij ABN Amro Investment Solutions om te bekijken welke manager het beste is voor specialistische categorieën. ABN bepaalt hoe die het fonds moet beheren en tegen welke kosten, er komt dan een soort speciaal fonds exclusief voor ABN-klanten. Rabobank maakt gebruik van BlackRock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, die voor Rabo gaat bekijken welke fondsen aan hun eisen voldoen. BlackRock regelt dan ook een speciaal fonds voor Rabo-klanten. Het is een juridische constructie voor de beleggingen. Ik weet niet hoe het jou vergaat, maar ik word niet meteen enthousiast. Want ‘huisfonds’ heeft voor mij toch de smaak van ‘te klein en te duur’. ING en Rabobank beginnen hier net mee, maar het artikel sluit af met de constatering dat ABN AMRO de kosten voor klanten niet verlaagd heeft. Het gaat dus opnieuw om de eigen winstmarge, lijkt het.

Tenslotte

Terug naar de grootbanken? Ik niet. Wel volg ik met interesse de ontwikkelingen bij Binck Bank (mijn broker) na de overname door Saxo Bank, en de ontwikkelingen bij de combinatie van DeGiro en Flatex. Want vooralsnog lijken me dat de combinaties met het meest brede en goedkoopste beleggingsaanbod.

Kijk jij ook af en toe naar wat er gebeurt in beleggingsland?

Tweesporenbeleid met Team Lage Lasten

Naar aanleiding van de plannen met Box 3 is er in FIRE kringen veel discussie over ‘de aanpak’ om FIRE te worden, en wat de belastingplannen betekenen. Iedereen wil ‘optimaliseren’. Ook ik ben aan het denken gezet.

De definitieve voorstellen moeten nog uitgewerkt worden. De Tweede Kamer zal er ook nog wel een stevig robbertje over gaan vechten. Er zullen vast en zeker allerlei uitzonderingen komen voor dingen als reeds lopende familiebank-leningen en dergelijke. Toch verwacht ik dat de voorstellen het uiteindelijk grotendeels zullen halen. Het is minder oneerlijk dan het huidige Box 3 stelsel, en een grote groep kiezers (de spaarders) gaat erop vooruit. Slechts een kleinere groep mensen, de half miljoen mensen die beleggen in aandelen of vastgoed of andere dingen, gaat meer betalen. Substantieel meer, zoals mijn eerdere berekeningen laten zien.

Maar deels is dat juist de bedoeling van het ministerie van Financiën. Het voorstel is duidelijk óók bedoeld om kleine vastgoedbeleggers te ontmoedigen, in de hoop dat een deel z’n pand(en) gaat verkopen. Samen met het plan om de overdrachtsbelasting te schrappen voor starters op de woningmarkt zou dat de onderkant van de woningmarkt open moeten breken. Zonder meer een sympathiek idee, maar wel zuur als je probeert financieel onafhankelijk te worden door een paar pandjes te kopen, daar goed voor te zorgen, en die te verhuren. Gelukkig val ik zelf niet in die categorie.

Een aantal jaren geleden heb ik een andere route gekozen. Een tweesporenbeleid. Enerzijds versneld aflossen op de hypotheek ter structurele verlaging van maandlasten en anderzijds maximaal vermogen opbouwen via ETF-beleggen. Die laatste categorie zal, als de nieuwe belastingplannen doorgaan, wel met een procentje minder verwacht gemiddeld rendement per jaar plaatsvinden door de hogere belasting op beleggingen. Maar de weg naar financiële onafhankelijkheid is een marathon, geen sprint.

Ik zou natuurlijk in de goede beursjaren meer rendement kunnen halen door mijn geld maximaal op de beurs te zetten. Die discussie is al heel vaak gevoerd. Ik ga niet voor maximaal rendement, ik ben blij met een rendement dat op of boven mijn planning richting FO ligt. Tegelijkertijd zorgt extra aflossen ervoor dat ik elke maand minder kan gaan betalen. In de praktijk doe ik dat op dit moment niet, omdat ik elke Euro besparing op de rente en aflossing in de sneeuwbal stop. Van (potentieel) lagere maandlasten heb je iedere maand profijt. Ik voer dus een tweesporenbeleid. Vermogensopbouw via beleggingen en lagere maandlasten via extra aflossen.

Dus. Team Lage Lasten. Daar bevind ik mij overigens in goed gezelschap. Lage lasten zijn zekerder dan rendement. Lage lasten leveren ook iets op als de woningmarkt instort, of als de aandelenbeurzen weer eens crashen, of als je je baan verliest of minder wilt gaan werken. Elke maand weer. Er zal, verwacht ik, altijd wel een vorm van belasting blijven bestaan op arbeid, kapitaal en consumptie. En er zal dus altijd een inkomstenbelasting, vermogensrendementsheffing of belasting toegevoegde waarde (BTW) zijn. Belastinginkomsten zijn immers noodzakelijk voor het overleven van een overheid.

Mensen met een spaarrekening noemen we in het nieuwe stelsel wel belastingontwijkers, zou ik voor willen stellen. Maar dat ben ik zelf eigenlijk ook. Als minimalist consumeer ik minder dan veel andere mensen, en daarmee ontwijk ik natuurlijk de BTW….

Ben jij al aan het nadenken over jouw financiële strategie?

« Older posts

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑