Geldnerd.nl

Bloggen over persoonlijke financiën

Tag: ETF (page 1 of 2)

Aanpassingen in mijn beleggingsportefeuille

Eerder dit jaar heb ik mijn beleggingsportefeuille aangepast, nadat veel Amerikaanse ETFs niet meer beschikbaar waren ten gevolge van de MIFID-II regelgeving. Mijn portefeuille wil ik niet te vaak aanpassen, om kosten te voorkomen. ‘Stug volhouden’ is namelijk nog steeds de beste strategie. Maar eens in de zoveel tijd is het wel goed om te kijken of je nog wel op de goede weg bent. Soms veranderen de uitgangspunten van fondsen en ETFs namelijk ineens, meestal zonder uitgebreide communicatie. Of er komen nieuwe, aantrekkelijker alternatieven op de markt. In deze blog een overzicht van de recente aanpassingen en/of gedachten daarover.

Verhouding Aandelen – Obligaties

Naarmate je ouder wordt en dichter bij de datum komt waarop je het vermogen daadwerkelijk nodig hebt, wordt je geacht minder risico te nemen. Een vuistregel is dan om ( 100 -/- je leeftijd ) procent in risicovolle beleggingen te steken, en de rest in minder risicovolle.

Het risicovolle element in mijn vermogen zijn de aandelen die onder de ETFs in mijn portefeuille liggen. Maar de minder risicovolle component heeft meerdere onderdelen. Het gaat dan om obligaties, maar ook om contant spaargeld. En ik reken ook het eigen geld dat in ons huis zit hieronder. Het is weliswaar niet snel contant te maken, maar ik vind het, ook vanwege de lange verwachte looptijd, een laag risico.

Ik heb serieus overwogen om het percentage Obligaties in mijn portefeuille te verlagen, van 20% naar 10%. Maar iets houdt me tegen. Het is ondermeer de gedachte dat ik dan net zo goed helemaal kan stoppen met obligaties, net als OntslaDeBaas een tijd geleden heeft gedaan. Ik weet het niet, ik ben er nog niet uit. Vooralsnog laat ik het dus maar even op 20% staan.

Obligatiefonds(en)

Ik maakte gebruik van twee obligatiefondsen, de iShares Core Euro Corporate Bond ETF (IEAC) en de iShares Core Euro Government Bond ETF (IEGA). Maar als je daar echt induikt, dan zie je dat het verschil tussen staatsobligaties en bedrijfsobligaties erg groot is. Bedrijfsobligaties zitten een beetje tussen staatsobligaties en aandelen in. En om te renderen moet je al behoorlijk wat meer risico lopen. Daarnaast heb ik afgelopen jaren aan den lijve de effecten van valutaschommelingen ondervonden.

Tijdens mijn eerdere portefeuille-aanpassingen heb ik ook al eens gekeken naar de Xtrackers II Global Government Bond UCITS ETF (DBZB). Die viel toen af omdat ze deden aan synthetische replicatie en niet aan fysieke replicatie. Maar dat is recent veranderd. En de ETF belegt in staatsleningen van investment grade en hoger, én is gehedged is naar de euro. Net als MrFOB ben ik dus overgestapt. Door mijn overstap van Alex naar Binck had ik gedurende een periode gratis transactietegoed, dus het verkopen van IEAC en IEGA en daarna aankopen van DBZB kostte mij helemaal niets.

Dividend

Inmiddels heb ik 5 dividend-ETFs in mijn portefeuille. Uit het BM (Before MIFID-II) tijdperk heb ik mijn Amerikaanse ETFs Vanguard Dividend Appreciation Index Fund ETF Shares (VIG) en de iShares Select Dividend ETF (DVY). En ik heb ook nog een plukje Vanguard High Dividend Yield Index Fund ETF Shares (VYM), dat ik ooit gekocht heb. En uit het AM (After MIFID-II) tijdperk heb ik de Think Morningstar High Dividend UCITS ETF (TDIV) en de iShares Euro Dividend UCITS ETF (IDVY). Een beetje veel fondsen misschien?

Op dit moment zie ik bij andere bloggers regelmatig de SPDR S&P USD Dividend Aristocrats (UDVD) en de SPDR S&P EUR Dividend Aristocrats (SPYW) langskomen. Daar heb ik recent ook vrij uitgebreid naar gekeken. Ik zie weliswaar een lagere kostenfactor (0,3% versus de 0,4% die ik voor mijn huidige dividend-ETFs betaal), maar ook een ruimschoots (1%) lager dividendrendement voor UDVD en SPYW. Ik blijf dus nog maar even vasthouden aan mijn huidige fondsen.

Daarnaast zie ik overigens dat ook Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL), het hoofdfonds in mijn portefeuille, een heel aardig dividendrendement maakt.

Samenvattend

Op dit moment is dus alleen mijn obligatiestrategie aangepast. De rest blijft even zoals het is.

Uiteraard heb ik mijn adviestool in mijn beleggingsspreadsheet hierop aangepast. Die blijft me, ook met deze aanpassingen, keurig elke maand vertellen wat ik bij moet kopen om zo dicht mogelijk bij mijn gewenste portefeuille-indeling te komen.

Kijk jij regelmatig naar de samenstelling van jouw beleggingsportefeuille?

Geachte AFM (6) – De Belgen doen het beter

Jullie dachten misschien dat ik het opgegeven had, maar dat is niet zo. Mijn nieuwe bericht aan de AFM is een e-mail. De afgelopen weken druppelden er alsnog wat reacties binnen van buitenlandse AFM’s. Met als traagste de Luxemburgers, die mij op 12 oktober een antwoord gaven op mijn vraag van begin september.

Wat ik in dit bericht in elk geval doe is een specifiek antwoord verzoeken op alle vragen die ik in mijn brief gesteld heb. Hun algemene mail met verwijzingen naar Q&A’s doet dat namelijk niet echt. Of eigenlijk: echt niet.

Daarnaast ga ik ze erop wijzen dat diverse andere kleine landen wel documentatie toestaan in meerdere talen. De Luxemburgers accepteren Luxemburgs, Frans, Duits en Engels. De Belgen accepteren Nederlands, Frans, Duits en Engels. De Duitsers accepteren dan weer alleen maar Duits, en de Italianen alleen maar Italiaans. De Denen en de Zweden accepteren ook alleen hun eigen landstaal. Van de andere landen die ik heb aangeschreven, heb ik geen reactie gekregen. Maar België en Luxemburg, de andere BENELUX-landen, dus wel. Al weet ik ook wel dat dit meertalige landen zijn…

Ondertussen heb ik nogmaals geprobeerd om een antwoord te krijgen van Vanguard en iShares, en kreeg weer geen reactie. Tijdens de Meet-up in Zwolle (#ZWOLCON18) heb ik hier ook met diverse andere bloggers over gesproken. Achterdochtig als we zijn vermoeden we inmiddels dat de meeste aanbieders het diep in hun hart ook wel best vinden dat ze de Amerikaanse ETFs niet meer kunnen aanbieden. Het geeft ze namelijk de kans om alternatieven te gaan ontwikkelen. En ik ga er zomaar van uit dat die alternatieven hogere kosten zullen rekenen dan de Amerikaanse originelen. Dat zie je op dit moment ook al sporadisch gebeuren.

Tsja, en met een eigenwijze Nederlandse toezichthouder, en marktpartijen die het allemaal wel best vinden, zijn wij consumenten de pineut. Minder keuzemogelijkheden en hogere kosten.

Hoe ga jij inmiddels om met je beleggingsportefeuille?

Geachte AFM (5) – wat nu?

Na de teleurstellende eerste reactie van de AFM wil ik het er niet bij laten zitten. Onze toezichthoudende vrienden met een voorkeur voor de Nederlandse taal hebben namelijk geen van mijn vragen echt beantwoord. Maar wat te doen?

Ik heb een e-mail gestuurd aan Binck, Vanguard en iShares. Binck is namelijk, behalve in Nederland, ook actief in België, Frankrijk en Italië. Ik heb ze gevraagd of ze met mij de lijst willen delen van fondsen die ze per land niet meer aan kunnen bieden. Door die lijsten te vergelijken kan ik een idee krijgen of er sprake is van verschillen in toegankelijkheid van beleggingsproducten per land. Maar alleen Binck heeft gereageerd. Vanguard en iShares, die eerder dit jaar nog heel snel reageerden, nemen nu niet meer de moeite om te reageren.

Daarnaast heb ik ook een aantal zusterorganisaties van de AFM aangeschreven. Met enige zoeken vond ik namelijk een lijst op de website van de European Securities and Market Authority (ESMA), het Europese samenwerkingsverband van toezichthouders op de financiële markten. Hen heb ik gevraagd hoe zij in hun land omgaan met de taaleisen aan de Essentiële Informatie Documenten (EIDs). Staan ze alleen de eigen landstaal toe, of ook andere Europese talen (en zo ja, welke)?

En tsja, op minder dan de helft van deze aanschrijvingen heb ik een reactie ontvangen. Wel uit de Scandinavische landen die ik aanschreef, meestal binnen twee werkdagen. Maar uit de zuid-Europese landen (en België…) komt geen reactie. Hier worden dus een paar vooroordelen bevestigd. Zweden en Denemarken staan overigens ook alleen hun eigen taal toe. Maar bij de rest blijft het gissen.

Dus loop ik nu een beetje vast. Het is moeilijk om aanvullende informatie en aanvullende argumenten te vinden. Wat ik in mijn volgende bericht in elk geval ga doen is een specifiek antwoord verzoeken op alle vragen die ik in mijn brief gesteld heb. Hun algemene mail met verwijzingen naar Q&A’s doet dat namelijk niet echt. Ook ga ik de AFM vragen om per EU-lidstaat aan te geven hoe er met de Essentiële Informatie Documenten (EIDs) wordt omgegaan. In welke talen zijn die per land toegestaan?

Onlangs schreef het Financieele Dagblad overigens dat vermogensbeheerder State Street een list bedacht heeft. Zij hebben een aantal producten laten noteren aan de EuroNext in Amsterdam, die een kloon zijn van nu niet-toegankelijke Amerikaanse indextrackers. Maar de originele (Amerikaanse) versies rekenen een beheervergoeding van 0,13% op jaarbasis, de Europese trackers kosten 0,15%. Daarnaast verschilt de weging van sommige trackers een beetje van de originele variant. In het artikel geven Vanguard en Blackrock overigens geen commentaar over hun plannen op dit front.

Heb jij nog suggesties voor mijn volgende bericht aan de AFM? En, als jij ook een bericht aan de AFM hebt gestuurd, heb je dan reactie gekregen?

Geachte AFM (4) – eerste reactie

Gisterenavond na thuiskomst vond ik ‘m in mijn mailbox. De eerste reactie van de AFM op mijn brief. En (en dat had ik eigenlijk wel verwacht) het is een teleurstelling. Een standaardmail met enkele verwijzingen naar Q&A’s en nieuwsberichten op hun site. Inclusief vage ambtenarentaal dat ‘er geen signalen zijn dat’ enzovoorts. Ik neem ‘m hieronder integraal over, dan kunnen jullie meelezen.

Geachte heer <Geldnerd>,

Bedankt voor uw brief van 12 augustus 2018. Graag geven wij u een beknopte toelichting op de PRIIPs-regelgeving in combinatie met de problematiek die u beschrijft.

Producten die niet meer beschikbaar zijn door ontbreken Essentiële-informatiedocument (Eid)

De kern van uw brief gaat over producten die niet meer beschikbaar zijn voor retailbeleggers. U schrijft dat deze producten niet meer aangeboden worden omdat de aanbieders het Eid niet in het Nederlands willen vertalen. In uw brief noemt u de Kamervragen die recent over dit onderwerp zijn beantwoord door minister Hoekstra van Financiën. In de beantwoording van deze Kamervragen worden ook een aantal van uw vragen en opmerkingen behandeld. Wij verwijzen u daarom opnieuw naar de publicatie van de beantwoording van de Kamervragen en dan specifiek naar het antwoord op de vragen 2, 3 en 4: Antwoorden Kamervragen over het bericht ‘Duizenden indextrackers afgesloten voor Nederlanders’.

De AFM heeft op 25 juli een nieuwsbericht gepubliceerd waarin dit onderwerp wordt behandeld. Dit nieuwsbericht kunt u via deze link bekijken: https://www.afm.nl/nl-nl/consumenten/nieuws/2018/juli/verpakte-beleggingsproducten-eid

De AFM heeft ook een veel gestelde vraag met antwoord toegevoegd aan de Q&A van PRIIPs over dit onderwerp. Deze vraag en het bijbehorende antwoord kunt u via deze link bekijken: https://www.afm.nl/nl-nl/professionals/veelgestelde-vragen/priips

Zowel in het antwoord op de Kamervragen als in de publicaties van de AFM kunt u lezen dat de vermindering van het aanbod van producten vooral gelegen is in het feit dat voor deze producten in het geheel geen Eid is opgesteld door de PRIIP-ontwikkelaar. Ook niet in een andere taal dan het Nederlands. Er zijn geen concrete signalen dat de vereiste vertaling van het Eid een obstakel is voor ontwikkelaars om de Nederlandse markt te betreden.

AFM gebruikt uw signaal voor het toezicht

Ook kritische geluiden op wet- en regelgeving en het toezicht van de AFM, zijn bij ons welkom. Meldingen of klachten kunnen ervoor zorgen dat bepaalde onderwerpen op de agenda van de AFM komen te staan en uiteindelijk leiden tot aanpassing van wet- en regelgeving. Uw melding wordt binnen de AFM doorgezet naar het Signalenteam. Lees meer over hoe de AFM werkt als er een melding wordt gedaan.

Met vriendelijke groet,

<naam>
Senior medewerker Contactcentrum & Eerstelijns Toezicht
Toezicht Service Centrum

Telefoon 0800-540 0540 (gratis)
E-mail <naam>@afm.nl

(tjemig, bijna drie jaar bloggen en dit is de eerste keer dat ik ‘block quote’ gebruik…)

Neem ik hier genoegen mee? Nee, natuurlijk niet! Want natuurlijk geeft de ambtelijke molen niet op bij het eerste teken van verzet. Het land zou in chaos en anarchie wegzinken als we dat zouden doen… Ik herken de strategie (want die hanteer ik zelf ook). Eerst een algemene reactie. Daarmee wordt 75% van de briefschrijvers al afgescheept, daar hoor je nooit meer iets van. Het is nu zaak om niet op te geven, en ons langzaam omhoog te werken door de ambtelijke molen. En ja, daar geniet ik van.

We gaan ons dus opwarmen voor de tweede ronde. In elk geval ga ik daarin aangeven dat ik graag een concreet en specifiek antwoord wil op de vragen die ik in mijn brief gesteld heb. Ook wil ik nog wat nader onderzoek doen naar de beschikbaarheid van een aantal cruciale ETFs in andere Europese landen. In de Slack-groep FIREnl hebben we onlangs geconstateerd dat de bijvoorbeeld VTI / VXUS nog wel beschikbaar zijn in Zwitserland, maar als er iemand is die informatie heeft over de beschikbaarheid in EU-lidstaten (want dat is Zwitserland niet), dan hoor ik dat ook graag.

Heb jij mijn brief ook verstuurd? En deze zelfde reactie ontvangen?

En wat vind jij als je deze reactie leest? Wat zou jij nog toevoegen aan de ‘tweede ronde’?

Geachte AFM… (3) – de brief

Vorige week heb ik jullie mee laten lezen met mijn nieuwe concept-brief aan de AFM. Dat leverde nog enkele nuttige tekstsuggesties op, die ik dankbaar heb overgenomen. En dit weekend heb ik de brief verstuurd, per papieren post aan de AFM en aan de minister van Financiën. Vandaag gaat de brief ook nog per e-mail aan enkele leden van de Tweede Kamer.

Zoals toegezegd is de brief hierbij ook beschikbaar om te downloaden.

Download hier in Microsoft Word format.

Download hier in Open Document format.

Voor elk wat wils!

Voel je vrij om deze brief naar hartenlust aan te passen en zelf ook te versturen. Hoe meer mensen laten blijken dat we niet blij zijn met de effecten van de MIFID-II regelgeving, hoe groter de kans dat er iets gaat veranderen.

Wordt (hopelijk) vervolgd…

Geachte AFM… (2)

Mijn blog met het eerste concept van een brief aan de AFM heeft de nodige reacties opgeleverd. Mooie input om de brief beter te maken. Dank aan alle bijdragers en meelezers!

Zelf heb ik ook nog even lopen kauwen op de brief. Ik overweeg om een kopie te sturen aan diverse kamerleden, zoals Roald van der Linde (VVD), die eerder de kamervragen stelde, en Pieter Omtzigt (CDA), van wie bekend is dat hij zich ook behoorlijk bezig houdt met beleggen en financiën (met dank aan Adine voor de tip). Ook wil ik een kopie sturen aan de minister van Financiën, Wopke Hoekstra. Daarom had ik ook even wat minder haast om de brief op te sturen, want op dit moment is (bijna) heel Den Haag met reces….

Onderstaand dus de aangevulde tekst. Mochten er mensen nog aanvullingen en ideeën hebben, laat ze dan vooral achter in de comments bij deze blogpost, of stuur een bericht. Ik ga de brief eind deze week, of begin volgende week, versturen. De definitieve versie zal ik dan ook hier publiceren, zodat anderen deze ook naar hartenlust kunnen aanpassen en versturen.

Autoriteit Financiële Markten
T.a.v. de voorzitter van het bestuur
mevr. M.W.L. van Vroonhoven

Postbus 11723
1001 GS AMSTERDAM

Kopie aan:
mr. W.B. Hoekstra, minister van Financiën
mr. drs. R.E. van der Linde, lid van de Tweede Kamer der Staten Generaal namens de VVD
dr. P.H. Omtzigt, lid van de Tweede Kamer der Staten Generaal namens het CDA

Betreft: Negatieve effecten van MIFID-II voor Nederlandse particuliere beleggers

Geachte mevrouw Van Vroonhoven,

Sinds 3 januari 2018 is de Europese Richtlijn 2014/65/EU (beter bekend als ‘MIFID-II’) van kracht. Deze regelgeving, en dan vooral ook de manier waarop toezichthouders zoals de AFM hiermee omgaan, heeft grote negatieve impact voor particuliere beleggers zoals ikzelf. Ik beleg met een doel, namelijk mijn financiële onafhankelijkheid vergroten. Dit om te compenseren voor de terugtredende overheid en de hervormingen van het Nederlandse pensioenstelsel. Hierin word ik, en met mij alle Nederlandse particuliere beleggers, sterk beperkt door de handelwijze van de AFM.

Voor het managen van mijn beleggingen maak ik gebruik van de dienstverlening van BinckBank NV. Deze dienstverlener heeft tot op heden meer dan 1.000 beleggingsproducten, met name ook Exchange Traded Funds, uit haar aanbod moeten verwijderen. Dit omdat de buitenlandse aanbieders de documentatie niet in de Nederlandse taal beschikbaar stellen. Navraag bij een aantal aanbieders (onder andere iShares en Vanguard) leert mij dat dit komt door de relatief kleine omvang van de Nederlandse markt. En van bevriende beleggers weet ik dat ook andere aanbieders dezelfde stap gezet hebben. Als gevolg hiervan hebben Nederlandse beleggers toegang tot een veel kleiner spectrum aan beleggingsproducten, waarbij de gemiddelde kosten hoger zijn (zie hiervoor ook het bericht ‘Particuliere belegger blijft afgesloten van Amerikaanse indextrackers‘ in het Financieele Dagblad van 11 juni 2018).

Op 14 mei 2018 heeft het Tweede-Kamerlid Van der Linde (VVD) over deze problematiek vragen gesteld aan minister Hoekstra van Financiën. Op 12 juni 2018 heeft de minister in zijn antwoorden aangegeven dat het de AFM is die (1) aangegeven heeft welke fondsen als verpakte beleggingsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) moeten worden aangemerkt, en (2) ook bepaald heeft dat alleen Essentiële Informatiedocumenten (EID) in de Nederlandse taal geaccepteerd worden.

Uit deze antwoorden, en uit de contacten met mijn tussenpersoon en de aanbieders van diverse beleggingsproducten in mijn portefeuille, concludeer ik dat het vooral de AFM is die met haar visie op de MIFID-II regelgeving de huidige situatie veroorzaakt en in stand houdt. Ik wil de AFM dringend verzoeken om dit standpunt te herzien, en draag daarvoor een aantal argumenten aan.

Vergrijzing en de financiële crisis maken dat de overheid enerzijds de pensioenleeftijd verhoogt, en anderzijds van burgers verwacht dat zij zelf maatregelen treffen om voor een groter deel voor hun oudedagsvoorziening te zorgen. Dit staat of valt met de beschikbaarheid van betaalbare en effectieve mogelijkheden om te sparen en beleggen. Juist de categorie beleggingsfondsen die nu geraakt wordt door de AFM-opstelling inzake MIFID-II leverde hier een belangrijke bijdrage aan. Dit staat haaks op de constateringen van diezelfde AFM in 2015 (‘Neem drempels weg opdat Nederlanders in actie komen voor hun pensioen’, AFM, oktober 2015, Amsterdam). Kan de AFM aangeven hoe de conclusies uit deze publicatie, en het standpunt van de AFM inzake MIFID-II, zich tot elkaar verhouden?

Daarnaast denk ik dat de opstelling van de AFM zich slecht verhoudt met de gedachte van één Europese markt. Overweging (3) van de Europese Richtlijn 2014/65/EC stelt dat, om de doelstelling van de richtlijn te bereiken, een zodanige harmonisatie moet worden bewerkstelligd dat beleggers een hoog niveau van bescherming wordt geboden en dat beleggingsondernemingen in staat zijn overal in de Unie, die een interne markt vormt, diensten te verlenen, op basis van toezicht door de lidstaat van herkomst. Door in Nederland alleen documentatie in de Nederlandse taal toe te staan, legt de AFM een onaanvaardbare beperking op aan deze beleggingsondernemingen in het aanbieden van hun producten en diensten aan Nederlandse beleggers. En daarmee ook aan de Nederlandse beleggers. Hiermee ontstaan ook grote verschillen in het speelveld in de verschillende lidstaten van de Europese Unie, iets dat haaks staat op de letter en geest van de Europese regelgeving. Graag verneem ik de overwegingen van de AFM om de bescherming van beleggers zwaarder te laten wegen dan de andere, even belangrijke, doelstellingen?

Door de wijze waarop momenteel invulling wordt gegeven aan MIFID-II, worden de keuzemogelijkheden voor Nederlandse beleggers beperkt, en worden wij geconfronteerd met hogere kosten voor vergelijkbare producten. Dit gaat rechtstreeks ten koste van het rendement dat een Nederlandse belegger kan maken. Enkele voorbeelden:

  1. De tracker van iShares op de index MSCI World: de Amerikaanse versie rekent beleggers een fee van 25 basispunten (0,25%), terwijl Europese beleggers 50 basispunten (0,5%) moeten betalen (Financieel Dagblad, 3 augustus 2018).
  2. Tot 1 januari 2018 maakte ik gebruik van een mandje met daarin de fondsen Vanguard Total International Stock ETF (VXUS) en Vanguard Total Stock Market ETF (VTI). Deze fondsen kan ik niet meer aankopen. Het alternatief van Vanguard dat het dichtst in de buurt komt van de VTI/VXUS combinatie is het fonds Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL), met jaarlijkse kosten van 0.25%. Voor de combi VTI/VXUS zijn deze kosten 0.08% (gemiddelde van VTI 0.04% en VXUS 0.11%). VWRL is dus 0.17% duurder per jaar dan VTI/VXUS. Daarnaast presteert VWRL gemiddeld 0.50% slechter per jaar over de afgelopen 5 jaar dan de combi VTI/VXUS. Dit scheelt dus bijna 0,7% rendement per jaar.
  3. In de week van 1 augustus 2018 heeft Fidelity twee beleggingsfondsen (FZROX en FZILX) geïntroduceerd die geen lopende kosten rekenen. Ook deze fondsen zullen, door de nu geldende regelgeving en de interpretatie daarvan door de AFM, niet voor Nederlandse beleggers beschikbaar komen.

Kan de AFM aangeven of de beperking van de markttoegang voor particuliere beleggers, de hogere kosten en het lagere rendement meegewogen zijn in de keuze voor het uitvoeringsbeleid rond MIFID-II? Zo ja, op welke wijze en met welke afwegingen? Zo nee, waarom niet?

Het beleid van de AFM in deze is ook niet consistent. Zeker voor indextrackers is het niet terecht om deze als PRIIP te classificeren, en daarmee een Essentieel Informatie Document (EID) te verplichten. Het staat mij, als belegger, namelijk wel volledig vrij om een grote portefeuille op te bouwen uit individuele aandelen, en daarmee een willekeurige index te ‘imiteren’. Maar zodra dit ‘verpakt is in een indextracker, juist ook met als enig doel deze index te kopiëren, dan wordt mij daartoe de toegang ontzegd. En dat alleen omdat de documentatie van deze ETF niet in de Nederlandse taal beschikbaar is. Dit is niet consequent. Als de AFM hierin consequent zou zijn, dan zou het beleggen op buitenlandse beurzen helemaal verboden moeten worden. Iets dat onder Europese regelgeving overigens ook niet mogelijk is.

Bovendien, anno 2018 worden in Nederland volledige opleidingen in het Engels gegeven, en is er bijvoorbeeld ook tweetalig middelbaar onderwijs. Bij iedere vorm van beleggen dien je als klant tegenwoordig bovendien eerst een aantal vragen te beantwoorden waarmee getoetst wordt of je wel voldoende basiskennis van beleggen bezit. Dit maakt het wel heel ongeloofwaardig dat beleggers in relatief simpele producten als ETFs niet in staat zouden zijn om een Engelstalige brochure te kunnen begrijpen. Veel beleggingsproducten die ik niet meer kan gebruiken, zijn daarnaast wel beschikbaar voor natuurlijke – en rechtspersonen die zich als professionele belegger hebben aangemeld. Ook ik zou mij als professionele belegger kunnen registreren, maar dit zadelt mij met veel extra bureaucratie op. En zelf gebruik maken van de diensten van een vermogensbeheerder levert hoge kosten op, die rechtstreeks ten laste van mijn rendement komen. Veel vermogensbeheerders hanteren bovendien een hoge minimale inleg, hun diensten zijn dus voor veel mensen niet toegankelijk.

Graag ontvang ik een nadere uitleg van het beleid van de AFM in deze. Een kopie van deze brief wordt gestuurd aan de minister van Financiën, en aan diverse leden van de Tweede Kamer der Staten Generaal.

Hoogachtend,

€ 100 extra dividend per jaar

Geldnerd is soms een beetje lui. Of in elk geval gemakzuchtig. Sinds een aantal jaren maak ik naar tevredenheid gebruik van de diensten van Alex Zelf Beleggen. Eerst had ik er alleen een Vermogensbeheer rekening, en deed ik mijn beleggingen via de Rabobank (tsja, ik ben er niet trots op…). Maar de afgelopen jaren is mijn beleggingsprofiel veranderd, en ik had het idee dat ik kon besparen op mijn maandelijkse kosten. Dat weet ik eigenlijk wel zeker, door een van de klassieke blogposts van Mr. FOB waarin hij de tarieven van de verschillende brokers vergelijkt. Dus onlangs ben ik eens even in de tariefstructuur van mijn broker gedoken.

Mijn profiel

Ik leg maandelijks € 1.000 in op mijn beleggingsrekening. Dit investeer ik in mijn portefeuille van 6 ETF’s en beleggingsfondsen. Gemiddeld doe ik 1 transactie per maand, voor € 1.000 dus. Dat kost mij bij Alex gemiddeld € 9,- per maand. Daarnaast ontvang ik per kwartaal 8 – 10 dividendbetalingen. Hiervoor brengt Alex € 3,- per transactie in rekening, kwam ik achter. Tenslotte betaal ik 0,05% bewaarloon per kwartaal. Met mijn huidige portefeuillesamenstelling en -omvang kost het gebruik van Alex Zelf Beleggen mij dus omstreeks € 18,- + bewaarloon per maand. Dit bedrag zal naar verwachting verder stijgen als ik (wat mijn voornemen is) de komende jaren maandelijks blijf inleggen.

Afweging

Ik ga niet automatisch voor het goedkoopste. ‘Goedkoopste’ is sowieso lastig te bepalen, dat heeft Mr. FOB ook heel duidelijk laten zien. Het hangt er gewoon vanaf wat je doet. Ik heb een ‘kernportefeuille’, maar daarnaast ook nog wat ‘speelfondsen’ in de portefeuille. Op zich ben ik tevreden over Alex (onderdeel van Binck, trouwens), op hun ‘misser’ in de communicatie over MIFID-2 na dan. Het abonnement biedt me alle opties en de flexibiliteit die ik nodig heb.

Met mijn beleggingsprofiel, het gebruik van de afgelopen jaren en mijn wensen, ontlopen de kosten van Alex/Binck en De Giro elkaar niet veel. De Giro is zeker goedkoper zolang je alleen in fondsen handelt die in hun kernselectie voorkomen. Ga je daarbuiten (en dat doe ik vrij vaak) dan maakt het eigenlijk niet uit. Maar ik kon nog wel besparen door over te stappen van Alex Zelf Beleggen naar Binck Green. Het levert me zelfs drie besparingen op:

  1. De transactiekosten zijn € 1 – 3 per transactie lager dan bij Alex, afhankelijk van wat ik aanschaf.
  2. De maandelijkse service fee zou voor mijn huidige portefeuilleomvang (€ 3 + 0,01%) lager liggen dan het bewaarloon bij Alex. Binck rekent naast de service fee geen apart bewaarloon. En dat verschil wordt alleen maar groter (in het voordeel van Binck) als mijn portefeuille verder groeit.
  3. Maar de grootste ‘winst’ zit in de cash dividenden. Met 30 – 40 dividend-ontvangsten per jaar levert dit mij minimaal € 100 per jaar op. Alex rekent € 3 per dividendtransactie, dat heb ik mij nooit eerder gerealiseerd. Dat is bij Binck gratis (behalve bij ADR/GDR aandelen, en die heb ik niet).

Even controleren…

Uiteraard heb ik mij eerst goed laten informeren. Ik heb een uitgebreide mail gestuurd om te checken dat er inderdaad geen apart bewaarloon gerekend wordt, en dat er geen fee wordt ingehouden op dividendtransacties. Ook heb ik gecheckt dat het fondsenaanbod van Binck en Alex identiek zijn. Verder wil ik ook de niet meer aan te kopen fondsen (door MIFID-2) mee kunnen nemen, ik heb geen zin om een portefeuille aan te houden bij twee brokers. En tenslotte ben ik uiteraard nagegaan of ik ook bij Binck de portefeuille- en transactie-overzichten kan downloaden om mijn altijd hongerige beleggingsspreadsheet te vullen.

Op al die vragen kreeg ik snel en adequaat antwoord. Dus vorige week heb ik een rekening aangemaakt bij Binck, en na de bevestiging heb ik meteen het formulier gemaild om mijn portefeuille over te laten zetten van Alex naar Binck. Dat gebeurde vervolgens ook binnen een dag. En wat ik mij realiseerde na het inloggen: de interface van Binck en Alex is exact hetzelfde, alleen het logo en de kleurstelling zijn anders. Wat eigenlijk ook wel erg voor de hand ligt.

Dus. Een overstap. Zeker € 100 per jaar bespaard, extra dividendrendement. En een blogje daarover, zomaar zonder affiliate links en reclame!

Hoe is het met jouw broker?

Geachte AFM…

Onze toegang tot de meeste Amerikaanse fondsen zijn we kwijt, en de minister verschuilt zich achter de AFM. Dan wordt het tijd voor actie. Protest. Nou is Opa Geldnerd daar redelijk ‘old school’ in. Ik ben geen millenial van de social media generatie. Maar ook weer niet zó old school dat ik met een spandoek ga staan protesteren voor het kantoor van de AFM… Opa Geldnerd is van de brieven.

Dat is ook een stukje beroepsdeformatie. Het schrijven van mooie ambtelijke epistels is jarenlang een belangrijk onderdeel van mijn werk geweest. En soms gun ik het mijzelf om er nog weer eens eentje te schrijven. Dat heeft er ook mee te maken dat ik weet dat ambtenaren en aanverwante clubs (zoals de AFM) meestal gevoeliger zijn voor een goed doorwrocht epistel dan voor een stapel tweets en Facebook comments. Argumenten willen we horen, liefst goed gestructureerd.

Ik ben dus begonnen met het schrijven van een brief aan de AFM. Met wat ik beschouw als feiten en logische argumenten. De opzet deel ik graag met jullie, vooral ook om ideeën en extra input te verzamelen. Als de brief af is en ik ‘m verstuur, zal ik die ook delen. Ik hoop dan natuurlijk dat andere mensen hetzelfde doen, en dat we samen de AFM op andere gedachten kunnen brengen. Ambtelijke molens malen meestal traag, maar ze malen wel gestaag…

Sinds 3 januari 2018 is de Europese Richtlijn 2014/65/EU (beter bekend als ‘MIFID-II’) van kracht. Deze regelgeving, en dan vooral ook de manier waarop toezichthouders zoals de AFM hiermee omgaan, heeft grote negatieve impact voor particuliere beleggers zoals ikzelf. Ik beleg met een doel, namelijk mijn financiële onafhankelijkheid vergroten. Dit om te compenseren voor de terugtredende overheid en de hervormingen van het Nederlandse pensioenstelsel. Hierin word ik sterk beperkt door de handelwijze van de AFM.

Voor het managen van mijn beleggingen maak ik gebruik van de dienstverlening van Alex, onderdeel van BinckBank NV. Deze dienstverlener heeft tot op heden meer dan 1.000 beleggingsproducten, met name ook Exchange Traded Funds, uit haar aanbod moeten verwijderen. Dit omdat de buitenlandse aanbieders de documentatie niet in de Nederlandse taal beschikbaar stellen. Navraag bij een aantal aanbieders (onder andere iShares en Vanguard) leert mij dat dit komt door de relatief kleine omvang van de Nederlandse markt. En van bevriende beleggers weet ik dat ook andere aanbieders dezelfde stap gezet hebben. Als gevolg hiervan hebben Nederlandse beleggers toegang tot een veel kleiner spectrum aan beleggingsproducten, waarbij de gemiddelde kosten hoger zijn (zie hiervoor ook het bericht ‘Particuliere belegger blijft afgesloten van Amerikaanse indextrackers‘ in het Financieele Dagblad van 11 juni 2018).

Op 14 mei 2018 heeft het Tweede-Kamerlid Van der Linde (VVD) over deze problematiek vragen gesteld aan minister Hoekstra van Financiën. Op 12 juni 2018 heeft de minister in zijn antwoorden aangegeven dat het de AFM is die (1) aangegeven heeft welke fondsen als verpakte beleggingsproducten met een beleggingscomponent (PRIIP) moeten worden aangemerkt, en (2) ook bepaald heeft dat alleen Essentiële Informatiedocumenten (EID) in de Nederlandse taal geaccepteerd worden.

Uit deze antwoorden, en uit de contacten met mijn tussenpersoon en de aanbieders van diverse beleggingsproducten in mijn portefeuille, concludeer ik dat het vooral de AFM is die met haar visie op de MIFID-II regelgeving de huidige situatie veroorzaakt en in stand houdt. Ik wil de AFM dringend verzoeken om dit standpunt te herzien, en draag daarvoor een aantal argumenten aan.

Vergrijzing en de financiële crisis maken dat de overheid enerzijds de pensioenleeftijd verhoogt, en anderzijds van burgers verwacht dat zij zelf maatregelen treffen om voor een groter deel voor hun oudedagsvoorziening te zorgen. Dit staat of valt met de beschikbaarheid van betaalbare en effectieve mogelijkheden om te sparen en beleggen. Juist de categorie beleggingsfondsen die nu geraakt wordt door de AFM-opstelling inzake MIFID-II leverde hier een belangrijke bijdrage aan. Dit staat haaks op de constateringen van diezelfde AFM in 2015 (‘Neem drempels weg opdat Nederlanders in actie komen voor hun pensioen’, AFM, oktober 2015, Amsterdam). Kan de AFM aangeven hoe de conclusies uit deze publicatie, en het standpunt van de AFM inzake MIFID-II, zich tot elkaar verhouden?

Daarnaast denk ik dat de opstelling van de AFM zich slecht verhoudt met de gedachte van één Europese markt. Overweging (3) van de Europese Richtlijn 2014/65/EC stelt dat, om de doelstelling van de richtlijn te bereiken, een zodanige harmonisatie moet worden bewerkstelligd dat beleggers een hoog niveau van bescherming wordt geboden en dat beleggingsondernemingen in staat zijn overal in de Unie, die een interne markt vormt, diensten te verlenen, op basis van toezicht door de lidstaat van herkomst. Door in Nederland alleen documentatie in de Nederlandse taal toe te staan, legt de AFM een onaanvaardbare beperking op aan deze beleggingsondernemingen in het aanbieden van hun producten en diensten aan Nederlandse beleggers. Hiermee ontstaan ook grote verschillen in het speelveld in de verschillende lidstaten van de Europese Unie, iets dat haaks staat op de letter en geest van de Europese regelgeving. Graag verneem ik de overwegingen van de AFM om de bescherming van beleggers zwaarder te laten wegen dan de andere, even belangrijke, doelstellingen?

Het beleid van de AFM in deze is ook niet consistent. Zeker voor indextrackers is het niet terecht om deze als PRIIP te classificeren, en daarmee een Essentieel Informatie Document (EID) te verplichten. Het staat mij, als belegger, namelijk wel volledig vrij om een grote portefeuille op te bouwen uit individuele aandelen, en daarmee een willekeurige index te ‘imiteren’. Maar zodra dit ‘verpakt is in een indextracker, juist ook met als enig doel deze index te kopiëren, dan wordt mij daartoe de toegang ontzegd. En dat alleen omdat de documentatie van deze ETF niet in de Nederlandse taal beschikbaar is. Dit is inconsequent, en ook een belediging voor de zelfstandigheid en de intelligentie van de Nederlandse belegger. Als de AFM hierin consequent zou zijn, dan zou het beleggen op buitenlandse beurzen helemaal verboden moeten worden.

Welke argumenten zou jij nog toe willen voegen aan mijn betoog?

Mijn nieuwe beleggingsportefeuille – deel 2

Vorige week schreef ik over mijn voorgenomen nieuwe beleggingsportefeuille. Er ontspon zich in de comments een leuke discussie, en er kwamen een aantal tips en alternatieven langs. Afgelopen weekend heb ik die geanalyseerd, en op basis daarvan heb ik mijn concept-portefeuille nog op een paar punten aangepast. Daarbij heb ik ook gecheckt of ik de betreffende fondsen kan verhandelen via mijn broker.

Aandelen

Het percentage aandelenfondsen is aangepast van 55% naar 40%. 40% was het ook in mijn oude portefeuille. Ik heb de verdeling Large Cap / Small Cap aangepast van 60 / 40 naar 70 / 30. En voor Small Cap ga ik, in plaats van de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF USD (WSML), nu gebruik maken van de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF EUR (IUSN). Zoals GB in de comments terecht opmerkte, is dit hetzelfde onderliggende fonds, maar met notering in Euro’s. Dat scheelt wisselkosten.

Dividend

Het percentage dividendfondsen heb ik verhoogd van 25% naar 40%, net zoals het in mijn oude portefeuille was. Op basis van de tip van SAN in de comments heb ik de Think Morningstar High Dividend UCITS ETF (TDIV) toegevoegd, naast de iShares Euro Dividend UCITS ETF EUR (IDVY) die ik al wilde gaan gebruiken. Voorlopig zet ik deze twee fondsen in een 50/50 verhouding.

Samenvattend

Hoe ziet dat er dan alles bij elkaar uit? Zoals in onderstaand schema!

Wordt dit mijn nieuwe beleggingsportefeuille?

Het verhaal is inmiddels wel bekend. Ten gevolge van de PRIIPS regelgeving waren mijn favoriete ETFs niet meer verhandelbaar. Tijdens mijn vakantie en in de weken daarna heb ik de alternatieven op een rijtje gezet, om te komen tot een nieuwe goede portefeuille-opbouw. Maar voordat je verder leest herinner ik je graag even aan mijn disclaimer!

Even recapitulerend, in onderstaand overzicht zie je de gewenste opbouw van mijn portefeuille zoals ik die in het afgelopen jaar gehanteerd heb. De fondsen met een rood kruisje kan ik op dit moment niet meer aankopen via mijn broker.

Mijn uitgangspunten blijven ongeveer hetzelfde. Ik wil 80% van mijn vrije vermogen (het deel dat niet in ons huis zit) zo gespreid mogelijk beleggen over de hele wereld. De overige 20% beleg ik in Obligaties, zowel van bedrijven als overheden, en zit in spaargeld. Bij de beleggingen wil ik een goede mix van Large Cap en Small Cap aandelen. Na enig nadenken heb ik besloten om geen extra nadruk te leggen op Emerging Markets. Dat blijft mij teveel speculeren.

Dan houd je nog best wat keuze over. Helaas wel minder dan in het Amerikaanse spectrum. Bij de selectie kijk ik naar een aantal factoren:

  1. De Total Expense Ratio, oftewel de kosten voor het gebruik van de ETF. Liever een lage dan een hoge, dat moge duidelijk zijn.
  2. Omvang en verhandelbaarheid van de ETF. Bigger is usually better.
  3. Een zo klein mogelijke ‘tracking difference’. Oftewel, ik wil graag dat mijn ETFs zo nauwkeurig mogelijk de index volgen.
  4. Eventuele valutarisico’s
  5. En (uiteraard), ik moet de fondsen kunnen kopen en verkopen via mijn broker.

Voor mijn onderzoek heb ik vooral gebruik gemaakt van JustETF en van Morningstar. Op beide websites vind je een schat aan informatie.

Large Cap

Net als vele anderen kom ik voor deze categorie uit bij de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (VWRL). Daar ga ik niet meer al te veel over schrijven, dat heeft ondermeer Mr. FOB al uitgebreid gedaan. Maar ik onderschrijf wel de conclusie dat dit een verslechtering is ten opzichte van de VTI / VXUS constructie.

Small Cap

Dan de small caps. Een categorie die mensen vaak lijken te vergeten. Terwijl ik met mijn Russell 2000 ETF hele goede resultaten boek, die doet het zelfs beter dan de S&P500. In deze categorie kom ik uit bij de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF (WSML). Ook hier niet ideaal, maar as good as it gets.

Dividend

Dit vond ik (helaas) veruit de moeilijkste categorie. Ik ben inmiddels dol op dividend en zou er juist meer van in mijn portefeuille willen hebben. En ik had een paar mooie Amerikaanse dividendfondsen, die ik helaas niet meer kan bijkopen.

In het Europese fondsenspectrum is er bar weinig concurrentie op dit terrein, en er zijn dan ook heel weinig breed gespreide fondsen te vinden die zich specifiek op dividendrendement richten. Ik kom uiteindelijk uit bij de iShares Euro Dividend UCITS ETF EUR (IDVY), die zag ik ook bij FinanceMonkey langskomen. Lopende Kostenfactor is 0,4%, het dividendrendement in de laatste 12 maanden was 4,19%.

Ik heb ook gekeken naar de iShares STOXX Global Select Dividend 100 UCITS ETF (ISPA). Lopende Kostenfactor 0,46%, het dividendrendement in de laatste 12 maanden was 3,51%. ISPA wordt door Morningstar omschreven als een niet heel aantrekkelijke optie en krijgt de rating Neutral. En de rest is nog erger, lijkt het. Op dit terrein is er wat mij betreft (te) weinig concurrentie. Hier ga ik mijn ‘oude’ dividendfondsen wel missen.

Obligaties

Voor obligaties hoef ik gelukkig niets te veranderen, de beide fondsen die ik hiervoor gebruik kan ik nog gewoon verhandelen. Het gaat om de iShares Core Euro Corporate Bond ETF (IEAC) en de iShares Core Euro Government Bond ETF (IEGA).

Samenvattend

Alles bij elkaar levert dat de onderstaande verdeling op, die ik in wil stellen in mijn Balanceer-tool in de beleggingsspreadsheet. Ik moet nog wel even kijken hoe ik mijn reeds bestaande ‘oude’ portefeuille daarin meeweeg. Als ik die buiten beeld laat, dan wordt mijn weging in aandelen te zwaar, en mijn weging in obligaties veel te laag.

Ergens houd ik hier toch wel een beetje frustratie aan over. Ik heb niet helemaal het gevoel dat deze portefeuille dezelfde spreiding en kwaliteit heeft als mijn voorgaande versie, met dank aan de Europese Unie (waar ik normaliter een groot fan van ben). Maar vooralsnog zal ik het ermee moeten doen. Want de minister van Financien (of eigenlijk de AFM) is niet genegen om Engelstalige documentatie toe te laten, dus de oude fondsen zijn we voorlopig echt wel kwijt.

Hoe pas jij jouw portefeuille aan?

Older posts

© 2018 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑