Blog over (financieel) bewust leven

Tag: CAO (Page 1 of 2)

Afscheid van het vakantiegeld

Sinds 1 januari hebben wij rijksambtenaren een nieuwe regeling in onze CAO. Het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering (en nog wat kleine dingen) zijn afgeschaft en vervangen door het Individueel Keuzebudget (IKB). Ik schreef er eind vorig jaar een uitgebreide blogpost over. Het is in totaal 16,37% van je bruto-salaris.

Begin januari heb ik meteen ingelogd in ons personeelssysteem, en ingesteld dat ik dit in maandelijkse termijnen krijg uitbetaald. Op die manier kan ik het zelf meteen effectief inzetten voor mijn eigen potjes, in plaats van dat mijn werkgever dit renteloos voor mij opspaart en uitkeert in mei (vakantiegeld) en in november (eindejaarsuitkering). sindsdien gebruik ik het om mijn potjes te vullen, waaronder het potje voor vakanties.

Bij de salarisbetaling van mei 2020 zat nog een ‘nawee’ van het oude systeem. Het oude vakantiegeld en de oude eindejaarsuitkering bouwde je namelijk op in 12 maandelijkse termijnen voordat je het uitbetaald kreeg. Dat betekent dat alle rijksambtenaren over de periode juni tot en met december 2019 (7 maanden) nog vakantiegeld hebben opgebouwd, en over de maand december 2019 nog eindejaarsuitkering. Dat wordt deze maand uitbetaald met het salaris.

Dit kan lastig zijn voor mensen met een toeslag, want die hebben dit jaar dus eenmalig een hoger inkomen. Namelijk het restant van vorig jaar en het IKB van dit jaar. Vanaf volgend jaar heeft iedereen weer ‘gewoon’ de twaalf maanden IKB. Voor dit effect is op ons intranet en in berichten van de HR-afdeling diverse malen gewaarschuwd, maar ik denk dat de meeste mensen dat genegeerd hebben. Dat doen we meestal met dat soort berichten, toch? Ongetwijfeld hoor ik de komende maanden weer nieuwe verontwaardigde berichten van mensen die door dit ‘onverwachte’ effect in de problemen zijn gekomen. Financiën zijn soms ook een kwestie van je ogen en oren openhouden…

Geldnerd stond natuurlijk al in de startblokken voor het moment dat dit ‘extra’ geld binnenkomt. Deels is het ingezet om mijn buffer en en mijn inleg op de beleggingsrekening aan te vullen tot mooie ronde getallen. Gewoon, omdat het kan. En de rest gaat gebruikt worden voor een paar grote uitgaven, ondermeer voor het optimaliseren van mijn thuiswerkplek.

Hoe staat het met jouw arbeidsvoorwaarden?

n = 1 : Geldnerd en de wereldeconomie

Nog nooit eerder in de historie is het economisch klimaat zo snel omgeslagen. Binnen enkele maanden donderde de economische activiteit in elkaar. De definitie van recessie is ‘een periode van twee of meer opeenvolgende kwartalen waarin de groei van het bruto nationaal product negatief is’. Formeel zal dat dus pas na het einde van het tweede kwartaal het geval zijn. Maar we zitten er al in, daar twijfelt eigenlijk niemand meer aan.

Gedragseconomie

Geldnerd is een aanhanger van de theorie van gedragseconomie. Economie is wat wij met z’n allen samen doen, een mix van economische theorie en psychologie. Een crisis is pas echt een crisis als wij met z’n allen geloven dat het een crisis is. Dat heb ik ook gezien in de crisis van 2008 / 2009. Mede onder invloed van overheidsbezuinigingen durfden we niet meer. We stellen aankopen uit. Op mijn persoonlijke dashboard begon er dus onlangs een rood lampje te knipperen door de snelste daling ooit van het consumentenvertrouwen in Nederland.

De regering lijkt in elk geval geleerd te hebben van de vorige crisis, toen ze (naar mijn mening) de economie kapotbezuinigd hebben. We hebben zeker 90 miljard te besteden om de economie draaiend te houden, riep onze minister-president in maart. Eind april was dat geld ook daadwerkelijk toegezegd en/of besteed, en stonden de overheidsfinanciën diep in het rood met een verwacht begrotingstekort van 11,8% van het bruto binnenlands product (BBP), zo’n € 92 miljard euro. De staatsschuld loopt daarmee op tot ruim 65 procent van het BBP. Hiermee staan we er overigens nog steeds beter voor dan de meeste landen.

Wat betekent het voor mij?

Maar ik ben niet ‘de economie’. Ik ben Geldnerd. Voor mij persoonlijk telt natuurlijk alleen de impact van al deze economische ellende op mijn eigen financiële omstandigheden. n = 1 noemen we dat in de wetenschap, een steekproefgrootte van 1 persoon. De conclusies en wetmatigheden zijn ontdekt door de situatie van één persoon te onderzoeken. Zulke uitkomsten lijken onwetenschappelijk, maar zijn soms toch waardevol. In elk geval voor mijn eigen gemoedsrust. Het is anders voor jou. Als je in de horeca werkt en nu zonder inkomen zit, bijvoorbeeld. Of als je ZZP’er bent en je klus bent kwijtgeraakt.

Mijn inkomen is veiliger dan de meeste. Als loonslaaf in overheidsdienst krijg ik keurig elke maand mijn salaris overgemaakt, met elke maand ook een deel van het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering. Daar doe ik de dingen mee die ik altijd doe. We lossen het huis af, doen boodschappen, ik vul mijn potjes en leg in op mijn beleggingsrekening. Maar we geven minder uit dan normaal. Geen vakanties, geen uitjes. Niet omdat we dat niet willen, maar omdat die dingen even niet kunnen. We hebben wel extra uitgaven gedaan voor de inrichting van ons huis. Om beter thuis te kunnen werken en omdat we er meer tijd doorbrengen. Deels verschuiving, deels gedwongen minder uitgeven dus.

Wat wel kan is, dat er later dan verwacht een nieuwe ambtenaren-CAO wordt afgesloten. De onderhandelingen zijn in elk geval uitgesteld vanwege de corona-crisis. En dat die CAO iets kariger wordt ‘omdat het nou eenmaal economisch slecht gaat’. Dan krijg ik minder of geen salarisverhogingen. En gaat mijn koopkracht achteruit. Want de inflatie eet ook mee.

Het zou natuurlijk kunnen dat de overheidsfinanciën zo achteruit gaan dat er gekort gaat worden op het salaris van ambtenaren. In ons eigen koninkrijk gebeurt dat al, op Aruba (wat een zelfstandig land is, dit staat dus los van de situatie in Nederland). Maar dat zou ongekend zijn als het ook in Nederland zou gebeuren. Al is het ooit wel gebeurd, in de crisis van begin jaren 80. En met mijn spaarpercentage van ruim 45% moeten ze een heel eind korten voordat ik echt in de problemen kom. Het zou alleen maar betekenen dat ik minder kan sparen.

Mijn beleggingen zijn behoorlijk gedaald vanaf de piek. En ook alweer een beetje bijgetrokken. Ik verwacht dat het nog wel even onrustig zal blijven op de beurs. We overzien de economische impact van deze crisis nog niet. Dus zullen er nog wel wat schokken komen. Misschien daalt de beurs nog wel verder, procentje of 50, zou zomaar kunnen.. Dat betekent vooral dat ik goedkoper bijkoop en steeds meer aandeeltjes bezit. De wereld zal niet volledig in elkaar storten, verwacht ik. En dus trekt het wel weer een keertje bij.

De afgelopen maanden waren wel desastreus voor de dekkingsgraad van mijn pensioenfonds. En dan wordt er ook nog onderhandeld over de invulling van het pensioenakkoord, al loopt dat niet zo soepel en zijn er twijfels over de juridische haalbaarheid. Nu hebben ze nog een jaar of twintig voordat ze mij moeten gaan betalen. Dat is voldoende tijd om te herstellen, en in de tussentijd zullen er echt nog wel één of twee crises overheen gaan. En ik heb al niet zulke hoge verwachtingen van mijn pensioen. Dat is één van de redenen dat ik ooit heel hard met mijn eigen financiën aan de slag ben gegaan, juist om minder afhankelijk te worden van wat het pensioenfonds mij hopelijk ooit gaat betalen.

De laatste grote component in ons vermogen is ons huis. En er zijn zenuwen over de huizenmarkt. De stijgingen van de afgelopen jaren zijn ook bijzonder. Geldnerd en Vriendin kochten eind 2016 hun huidige appartement, en op basis van WOZ hebben we inmiddels een overwaarde van 16%. Dus we kunnen een stootje hebben als het gaat dalen. En bovendien: het wordt pas belangrijk op het moment dat je gaat verkopen. En dat zijn wij voorlopig niet van plan.

Overpeinzend

De situatie moet nog heel veel slechter worden voordat ik persoonlijk nadelen ga ondervinden van deze crisis. Risico’s zijn er wel. Voor de ontwikkeling van mijn salaris. De inflatie. De huizenmarkt. En voor de hele lange termijn de pensioenen. Maar die risico’s zijn er altijd. De voorspoedige economische ontwikkeling van de afgelopen 10 jaar heeft ons misschien een beetje in slaap gesust? De onzekerheid is nu even iets groter dan ‘ie in lange tijd geweest is. Maar als individu kun je alleen maar afwachten. Je hebt nauwelijks invloed op al die grote ontwikkelingen. Ook dat is n = 1. Gelukkig zijn mijn persoonlijke financiën op orde. En hoef ik er dus niet acuut van wakker te liggen. Dat is goud waard.

Denk jij ook na over de impact van de economie op jouw persoonlijke omstandigheden?

Je kunt mijn blog volgen via Bloglovin

Houdt mijn salaris de inflatie bij?

Medio 2018 kreeg mijn beroepsgroep, de rijksambtenaren, een nieuwe CAO. 7% erbij in anderhalf jaar, jubelden de vakbonden en vooral ook de werkgever. Omdat de CAO loopt van 1 januari 2018 tot 1 juli 2020, gaat het natuurlijk eigenlijk om 7% in 2,5 jaar. Maar ik snap dat het anders ‘geframet’ moest worden… Per 1 januari 2020 ging de laatste salarisverhoging uit deze CAO in, en die is zichtbaar geworden in het netto salaris dat ik eind januari op mijn bankrekening ontving. Tijd dus om de balans op te maken, wat is er terecht gekomen van het gejubel?

Eerst even wat achtergrond. Bij de Rijksoverheid kennen we een systeem van salarisschalen. Elke functie is, op basis van criteria waar vast en zeker heel lang en heel vaak over vergaderd is, ingedeeld in één van die schalen. Binnen elke salarisschaal zijn er 10 periodieken, oftewel salarisstapjes. Normaliter ga je elk jaar één stapje omhoog, totdat je aan de maximale periodiek zit. Vanaf dat moment ben je uitgegroeid in je huidige functie, in elk geval qua salaris. Ik zit in mijn functie al een paar jaar in periodiek 10, en moet het dus al de hele looptijd van deze CAO hebben van de salarisverhogingen die voortgekomen zijn uit CAO-onderhandelingen. En van de wijzigingen in het belastingstelsel en de pensioenpremies.

En dan die CAO. We begonnen met 3,0% per 1 juli 2018, per 1 juli 2019 kwam er structureel 2,0% bij, en op 1 januari 2020 nog eens 2,0%. Eigenlijk is dat natuurlijk ietsje meer dan 7%, om precies te zijn 7,1612% gerekend vanaf ons salaris in juni 2018. Maar een kniesoor die daarop let. Het zijn wijzigingen van het bruto salaris. Wat ik daar netto van overhoud is dus nog afhankelijk van twee andere factoren: wijzigingen in de pensioenpremie en veranderingen in de loonheffing. En wat het betekent voor mijn koopkracht is dan ook nog eens afhankelijk van die andere factor, de inflatie. Maar met die stapeling van dingen verlies je natuurlijk compleet uit het oog wat zo’n CAO je nu eigenlijk oplevert.

Tijd dus voor een ouderwetsche Geldnerd spreadsheet-en-grafieken actie. Ik heb mijn netto salaris per maand op een rijtje gezet, van januari 2018 tot en met januari 2020. Januari 2018 is daarbij op 100 gesteld. Daar heb ik tegenover gezet de maandelijkse inflatie (CPI) volgens het CBS. Voor beide heb ik januari 2018 = 100 genomen. Dat levert onderstaande grafiek op.

De grote sprong zit in januari 2020, dat is wel duidelijk. Die wordt net zoveel veroorzaakt door de aanpassingen van het belastingstelsel als door de CAO-verhoging, heb ik onlangs becijferd. Maar voor het grootste deel van de periode is mijn salaris juist een beetje achtergebleven bij de inflatie. Van werken in loondienst word je niet rijk, dat blijkt maar weer eens. Ik ben natuurlijk hetzelfde werk blijven doen in die periode. Dat is makkelijk voor de vergelijking, maar betekent ook dat ik er geen ‘schaaltje heb bijgekregen’, zoals we dat noemen.

Hoe heeft jouw netto inkomen zich de afgelopen jaren ontwikkeld?

De nieuwe salarisbrief

Vol verwachting klopte mijn hart. Zoals elk jaar keek ik uit naar de salarisbetaling van januari. Dat is het moment, dan weten wij loonslaven pas echt wat het effect is van alle maatregelen die elk jaar genomen worden. Dit jaar was er een stapeling van dingen.

  • Wij rijksambtenaren kregen de laatste salarisverhoging uit onze huidige CAO, in totaal 2,0%.
  • Ons pensioenfonds, het ABP, koos voor een kleine verhoging van de pensioenpremie met 0,4 procentpunt.
  • En we kregen de optie om ons vakantiegeld en de eindejaarsuitkering per maand uit te laten betalen in het Individueel Keuze Budget, iets dat ik meteen op 2 januari heb aangevinkt in ons personeelssysteem.

Het had wat mij betreft dan ook weinig zin om vooraf te proberen precies in te schatten wat er op mijn rekening zou worden overgemaakt. Dit was zo’n stapeling van veranderingen… Ik heb gewoon afgewacht. En dit was het resultaat:

  • Het bedrag dat ik betaal aan pensioenpremies is gestegen met bijna 3,5%. Dat komt vooral door de premie van het arbeidsongeschiktheidspensioen, die van 0,12% naar 0,21% ging. De premie ouderdomspensioen steeg slechts met 2,3% ten opzichte van het bedrag in 2019.
  • In totaal is mijn netto salaris gestegen met 3,7%. Dat is dus het resultaat van de 2,0% loonsverhoging uit de CAO, de verandering van de belastingschijven en de gestegen pensioenpremie.
  • De loonheffing is voor mijn situatie 0,9% gedaald.
  • En bovenop mijn salaris krijg ik aan Individueel Keuze Budget een extra maandelijks bedrag van 12,8% van het nieuwe nettosalaris. Dit komt in de plaats van het vakantiegeld in mei en de eindejaarsuitkering in november.

De netto stijging van 3,7% (exclusief Individueel Keuzebudget) valt me alleszins mee. Ik heb ergere jaren gehad, en ook vorig jaar ging ik er netto op achteruit. Maar goed, van de huidige CAO hoeven we niets meer te verwachten, en een nieuwe CAO is nog lang niet in zicht. En ik verwacht begin 2021 een forse stijging van de pensioenpremie…

Nu de salarisbetalingen binnen zijn, heb ik ook de maandelijkse bijdrage van Vriendin en mijzelf aan de gezamenlijke huishouding herberekend. Of liever gezegd, dat heeft onze gezamenlijke administratiespreadsheet automatisch gedaan nadat ik de salarisbedragen heb ingevoerd. De aflossing op het huis doen we 50/50, en alle andere uitgaven (inclusief de hypotheekrente) gaan ‘naar draagkracht’. Dat is gedefinieerd als ‘naar verhouding van ons netto salaris’. Voor het vierde jaar op rij is ons totale huishoudbudget niet gestegen. We komen prima uit met het bedrag dat we maandelijks op de rekening storten. Dat is prettig. Daarmee kon ik ook de laatste maandelijkse automatische boeking voorprogrammeren op mijn bankrekening. Mijn financiën voor 2020 verlopen weer grotendeels geautomatiseerd volgens het principe van ‘eerst mezelf betalen’.

Hoe is het met jouw salaris in januari?

Oude wijn in nieuwe zakken bij de arbeidsvoorwaarden

Toen ‘wij rijksambtenaren’ 2 jaar geleden een nieuwe CAO kregen, is er aan de onderhandelingstafel iets nieuws verzonnen. Waarschijnlijk was het laat, waren de aanwezigen niet meer helemaal helder, waren ze dronken, of een combinatie van de voornoemde factoren. Vervolgens heeft het twee jaar geduurd om alles uit te werken. Maar de afgelopen maand ben ik dan eindelijk platgespamd in mijn zakelijke mailbox door onze eigen HR-mensen. We krijgen een Individueel Keuze Budget (IKB). Het IKB bedraagt voor iedere medewerker 16,37% van het jaarsalaris. Hierin zijn de vakantie-uitkering en de eindejaarsuitkering opgenomen. Iedere maand wordt 1/12e deel van het IKB opgebouwd. We krijgen de mogelijkheid om het IKB deels om te zetten in verlofuren en andersom, of op een fiscaal voordelige manier te gebruiken voor een aantal doelen zoals een fiets (jottem), fitnessabonnement (waar mijn trainer niet onder valt), vakbondscontributie (ik ben geen dinosaurus), en dat soort overbodige dingen.

De teksten van de HR-club zijn ronkend en wervend. Maar in eerste instantie voelt het voor mij als oude wijn in nieuwe zakken. Want tot op heden hebben we in de rijks-CAO een eindejaarsuitkering van 8,3% van het salaris (die wordt in november met het salaris uitbetaald), en het vakantiegeld bedraagt 8,0% van het salaris (en wordt in mei uitbetaald). En we hébben al de mogelijkheid om het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering deels om te zetten in verlofuren en andersom, of op een fiscaal voordelige manier te gebruiken voor diezelfde doelen.

Wat verandert er dan echt? Niet veel, lijkt me. Op één ding na. Het IKB vervangt de vakantie- en eindejaarsuitkering. De vakantie- en eindejaarsuitkering worden in de oude situatie maandelijks gereserveerd en in mei en november uitbetaald. Het IKB wordt maandelijks opgebouwd, maar kan zodra het is opgebouwd ook worden uitbetaald. Kijk, nou wordt het interessant. Niet meer wachten op mei en november, maar het gewoon elke maand uit laten betalen met het salaris. Ik weet dat dit bij veel bedrijven al mogelijk was, maar bij de Rijksoverheid kon het tot op heden niet.

Wat gaat Geldnerd doen?

Mijn eerste gedachte was om alles bij het oude te laten. Gewoon in mei een deel uitbetalen (en dat in mijn hoofd ‘vakantiegeld’ noemen), en ook in november een deel uitbetalen (en dat in mijn hoofd ‘eindejaarsuitkering’ noemen). Maar dat ga ik toch maar niet doen. Al was het maar omdat we eigenlijk nooit in de ‘traditionele maanden’ op vakantie gaan… Nee, ik ga het elke maand uit laten betalen. Want dan kan ik het meteen inzetten voor mijn eigen doelen.

In de praktijk gebruik ik het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering al jaren op twee manieren. Deels is het een eenmalige extra impuls voor mijn spaar- en beleggingsdoelen. En deels gaat het naar de kleine buffer om de grote uitgaven van andere maanden (vakanties, kleding, gadgets) ‘glad te strijken’. Dat kan ik blijven doen, maar nu gewoon elke maand. Daarmee krijgt het geld meer ‘time in the market‘. En dat is goed voor het rendement. Geld zelf aan het werk zetten, in plaats van dat mijn werkgever het twaalf maanden zonder rente voor mij ‘opspaart’ en dan uitbetaalt.

Neveneffecten

Inmiddels is er ook al zicht op enkele neveneffecten. Dat versterkt bij mij het gevoel dat er aan de onderhandelingstafel misschien niet helemaal goed is nagedacht over deze maatregelen.

Zo krijgen wij ambtenaren in 2020 eenmalig ‘extra geld’. De opbouw van IKB begint namelijk per 1 januari 2020. Maar het ‘oude’ vakantiegeld voor 2020 is natuurlijk ook nog 7 maanden in 2019 opgebouwd (juni t/m december). Daarnaast wordt in december 2019 ook nog 1 maand ‘oude’ eindejaarsuitkering opgebouwd. In totaal nog 8 maanden oude uitkering uit 2019, die we met de salarisbetaling van mei 2020 uitbetaald gaan krijgen. We hebben dus eenmalig een beetje extra inkomen om de restanten van de oude regeling op te ruimen.

Netjes toch? Ja, maar wel met een addertje onder het gras voor mensen die toeslagen ontvangen (en dat schijnt de meerderheid van de Nederlanders te doen). Want het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering tellen voor de toeslagen mee bij je inkomen. Hoger inkomen? Minder toeslagen… Er wordt mensen die toeslagen ontvangen al dringend geadviseerd om, bij het aanvragen van de toeslagen voor 2020, rekening te houden met dat hogere inkomen. Dit om te voorkomen dat je als fraudeur wordt aangemerkt en verketterd wordt je eventueel te hoog vastgestelde voorschotten (gedeeltelijk) moet terugbetalen.

En voor ons boekhouders levert het soms ook een issue op. De dienst waar ik op de centjes let gebruikt het baten-lasten stelsel, zeg maar dezelfde boekhoudsystematiek als het bedrijfsleven. Daar is geen probleem. We reserveren maandelijks 1/12e deel van het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering, dat blijven we gewoon doen. En wanneer onze medewerkers dat uitbetaald willen krijgen, dat zien we wel. het geld staat er. Maar veel overheidsorganisaties gebruiken het kasstelsel. En die mogen niet reserveren. En krijgen dus te maken met een grilliger kasritme, afhankelijk van de keuzes die onze vele tienduizenden ambtenaren gaan maken over de betaalmomenten.

En er zijn ook al collega’s die zich zorgen maken. Zorgen dat veel mensen het maandelijks laten uitbetalen en consumeren. Het vakantiegeld en de eindejaarsuitkering worden door de meeste mensen al gezien als ‘normaal’ inkomen. Het gevoel is dat de ene is bedoeld om je ‘welverdiende’ vakantie te betalen, en de andere om je door de extreem dure ‘feestmaand’ december heen te helpen. En soms komen ze handig uit om een roodstand op te lossen of een schuld te betalen. Maar als het maandelijks uitbetaald wordt en meeloopt in de ‘gewone’ consumptie, dan vervalt die optie. Dat zou het risico kunnen vergroten dat deze mensen bij een volgende tegenslag in de problemen komen. We zullen zien.

Heb jij wel eens te maken met veranderingen in secundaire arbeidsvoorwaarden?

Erop achteruit gaan…

Afgelopen week is het weer gestort op mijn bankrekening. Mijn netto salaris voor januari 2019. En de verwachtingen waren uiteraard hooggespannen. Want de politiek had beloofd dat we nu echt iets zouden gaan merken van de economische groei. Iedereen zou er in koopkracht op vooruit gaan, riep de regering. En politici liegen nooit, toch? Zelf was ik al sceptisch. Want politici en de waarheid blijven toch lastige begrippen om met elkaar te combineren. Naast de BTW-verhoging en de verhoging van onze pensioenpremie regende het berichten over prijsstijgingen. Dus ik ging er al niet meer van uit dat ik er echt iets aan overhoud.

Het bedrag dat op mijn bankrekening werd gestort zei niet meteen alles, want daar zat ook een eenmalige toelage bij die afgesproken is in onze CAO. Maar op de salarisbrief zag ik het echte bedrag. Er komt netto € 0,88 (88 eurocent) minder per maand binnen ten opzichte van december 2018. Een daling van mijn nettosalaris dus.

Hoe is deze aanpassing tot stand gekomen? Mijn bruto-salaris is hetzelfde gebleven in januari. De pensioenpremie van het ABP is gestegen met € 70,55, dat is een stijging van 13,5% ten opzichte van december. En de loonheffing is gedaald met € 69,67, een daling van 2,5%. Tot zover de cadeautjes van deze regering. Het netto resultaat is dus een daling van mijn salaris met € 0,88 per maand.

Op de dag van mijn salarisbetaling kwam een aantal pensioenfondsen, waaronder het ABP, met het nieuws dat de kans op verlaging van de pensioenen in 2020 of 2021 is toegenomen. Geloof jij in toeval? Ik ook niet…

Een tijdje geleden heb ik al geschreven over de diverse koopkrachteffecten voor 2019 in mijn persoonlijke situatie. Toen sprak ik al de verwachting uit dat ik er niet zo heel veel op vooruit zou gaan. Die verwachting is dus uitgekomen, en ik ben blijkbaar niet de enige… Maar wie het kleine niet eert is het grote niet weerd, dat dan weer wel. Ik heb mijn maandelijkse spaaroverboeking niet verlaagd en haal de broekriem aan in mijn dagelijkse uitgaven, er is immers bijna 3 cent per dag minder te besteden. En verder kijk ik uit naar het salaris in juli, want per 1 juli krijgen we er volgens de CAO weer 2% bij.

Ook in 2017 en in 2018 heb ik geschreven over hoe mijn januari-salaris uitviel. Hoe is het met jouw netto maandsalaris dit jaar?

« Older posts

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑