Blog over (financieel) bewust leven

Label: betalen (Page 1 of 4)

Side Hustles en de Belastingdienst

Een lezeres van dit blog vroeg mij om eens te schrijven over ‘side hustles’. In beter Nederlands, betaalde nevenactiviteiten. Dingen die je doet naast je reguliere baan en die geld opleveren. Daarmee kun je eerder financieel onafhankelijk zijn. Of je kunt met minder geld toe voor je financiële onafhankelijkheid, omdat je jouw inkomen uit vermogen aanvult met geld van betaalde nevenactiviteiten. ‘Barista FIRE‘ wordt dat ook wel genoemd. Of voor sommige mensen: in de zandbak spelen.

Zelf doet Geldnerd niet echt aan nevenactiviteiten. Ik heb best een drukke baan en wil daarnaast graag mijn tijd besteden aan ontspanning, persoonlijke ontwikkeling, Vriendin en Hondje. Maar deze blog is ook een vorm van betaalde nevenactiviteit, want er staat een advertentie in de zijlijn (behalve op mobieltjes) en ik krijg een paar cent van Google als je daar op klikt. Rijk wordt je daar niet van, overigens. Maar er zijn allerlei vormen van betaalde nevenactiviteiten. Sommige mensen krijgen een vergoeding voor vrijwilligerswerk. Andere mensen heb een webshopje met zelfgemaakte spulletjes. En weer anderen sparen via Euroclix met het openklikken van mails en invullen van enquetes, of verkopen spulletjes via Marktplaats. Er zijn legio nevenactiviteiten die geld op kunnen leveren .

Voor vrijwilligerswerk gelden overigens speciale regels. Want dat wil de overheid toch wel een beetje aanmoedigen, en dan helpt het niet als mensen hun hele vergoeding naar de Belastingdienst mogen overmaken.

Belasting betalen

Die extra inkomsten uit nevenactiviteiten zijn natuurlijk mooi meegenomen. Maar zoals iedereen in Nederland weet (of in elk geval hoort te weten) zijn inkomsten en belastingen onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daar lees je dan weer een stuk minder over. Een aantal jaren geleden heeft Zuinigaan wel eens geschreven over de extra belasting die ze moest betalen over haar neveninkomsten, uit haar weblog en het werk in een stembureau. Zij kwam er toen op uit dat ze in haar specifieke situatie ruim 60% van haar extra inkomsten naar de Belastingdienst mocht brengen. Maar verder ben ik er nog niet veel over tegengekomen.

Uitgangspunten

Ben je geen ondernemer voor de inkomstenbelasting, en werk je voor de betreffende werkzaamheden ook niet in loondienst, maar heb je wél inkomsten? Dan noemt de Belastingdienst dat ‘inkomsten uit overig werk’. Het uitgangspunt is dat je het geld dat je hiermee verdient moet opgeven in de belastingaangifte. Ook als het bijvoorbeeld een vergoeding is voor gemaakte reiskosten. De Nederlandse belastingregels zijn daar vrij strikt in. Alhoewel de Belastingdienst zelf ook verzucht dat er zoveel verschillende situaties kunnen zijn dat er geen uitputtende lijst te vinden is. Het gaat dan niet om incidentele inkomsten, zoals af en toe een overbodig meubelstuk verkopen via Marktplaats. Maar jaag je structureel op koopjes om ze met winst door te verkopen, dan wordt het al iets anders.

Ondernemer ben je voor de inkomstenbelasting als jouw activiteiten zich afspelen in het economisch verkeer (dus tussen jou en andere bedrijven of klanten) en als je daar financiële winst van kunt verwachten. Er is dan sprake van een bron van inkomen. Maar als de activiteiten zich afspelen binnen de hobby- of familiesfeer, bent je weer geen ondernemer voor de inkomstenbelasting.

Kortom, helemaal helder is het niet. Er zit wat interpretatieruimte voor de Belastingdienst in. Ik ben er nooit helemaal gerust op als overheidsinstanties te veel eigen ruimte hebben, daar komen maar problemen van.

Negatief financieel resultaat

Je hoeft je geen zorgen te maken als je een negatief financieel resultaat uit de werkzaamheden behaalt, en dat naar verwachting ook zo blijft. Dan noemt de Belastingdienst het geen bron van inkomen, maar activiteiten in de hobby- en familiesfeer. De inkomsten en kosten hoef je dan niet op te geven in de belastingaangifte.

Dit is overigens wel de reden dat Geldnerd keurig bijhoudt wat deze blog allemaal kost en oplevert, net als mijn andere website (die al draait sinds 2004). Ik kan keurig aantonen dat ik sinds het begin een negatief financieel resultaat heb behaald. Het is voor mij niet verplicht om een administratie bij te houden. Maar de Belastingdienst kan wel vragen om informatie, dus dan kun je het maar beter bij de hand hebben.

Wat moet je betalen?

Als je inkomsten hebt, dan staan daar soms ook kosten tegenover. Voor deze weblog heb ik bijvoorbeeld de domeinnaam ‘geldnerd.nl’ geregistreerd en een contract met een hostingprovider, een partij die serverruimte beschikbaar stelt voor mijn website en zorgt dat die met internet verbonden is. Als ik het zou willen, zou ik me ook nog te buiten kunnen gaan aan allerlei betaalde tooltjes voor marketing, e-mail nieuwsbrieven, en ‘Themes’ om de website een beter uiterlijk te geven. Ik zou ook dure poloshirts kunnen bestellen met een ‘Geldnerd.nl’ logo, om te dragen naar meet-ups en conferenties. Ik zou een deel van de kosten van mijn laptop, mijn telefoon, en mijn tablet kunnen aftrekken, omdat ik ze gebruik om deze blog te maken en te onderhouden. Dat doe ik allemaal niet. Maar het zouden wel ‘zakelijke kosten’ zijn die je (deels) mag aftrekken van de inkomsten. Inkomsten minus kosten is jouw inkomen uit de nevenactiviteit.

En dat inkomen moet je opgeven in Box 1, de box voor belastbaar inkomen uit werk en woning. Het telt dus op bij de inkomsten uit jouw gewone baan. In 2020 gelden voor Box 1, als je de AOW leeftijd nog niet bereikt hebt, de volgende tarieven.

BelastingschijfBelastbaar inkomen Box 1Tarief
1tot € 68.50837,35%
2vanaf € 68.50849,50%

Wat je dan precies moet betalen, is natuurlijk helemaal afhankelijk van jouw persoonlijke situatie. In welk belastingtarief val je? Heb je verder nog aftrekbare kosten of schulden? Maar de tarieven geven een aardige indicatie.

Onderdeel van het belastingstelsel is overigens ook een bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. Daarvoor stuurt de Belastingdienst je nog een aparte aanslag nadat je aangifte hebt gedaan. Bij jouw normale baan betaalt de werkgever dat. Maar voor jouw nevenactiviteiten heb je geen werkgever en moet je die bijdrage zelf betalen. Daar zit overigens wel een maximum aan. Voor freelance neveninkomsten bedraagt de bijdrage voor de Zorgverzekeringswet in 2020 5,45%. Die moet je dus eigenlijk optellen bij het percentage inkomstenbelasting om een goed beeld te krijgen.

Wat doet Geldnerd?

Het loont de moeite om bij te houden wat jouw hobby’s en nevenactiviteiten kosten en opleveren. Want ongemerkt kan het groeien. En dan kan het zomaar zijn dat je meer dan de helft van je inkomsten uit nevenactiviteiten mag overmaken naar de Belastingdienst. En die Belastingdienst is je beste vriend als je zelf keurig opgeeft wat je verdient. Maar als je iets verzwijgt en zij ontdekken het, dan ben je de pineut. Dan mag je alsnog betalen, waarbij ze ook tot zeven jaar terug kunnen gaan. En boetes op kunnen leggen. En jij mag met bewijzen komen.

Inkomsten uit overig werk moet je aangeven, tenzij expliciet duidelijk is dat het niet hoeft. Punt. Geldnerd is zelf een brave burger, ambtenaar en belastingbetaler, en zal jou dus nooit adviseren om iets niet op te geven. Dat geldt volgens mij dus niet voor activiteiten waarop je structureel een negatief financieel resultaat behaalt. Zoals ik op dit blog. En ook niet op dingen die in de hobbysfeer vallen. Daar reken ik dingetjes als Euroclix en incidentele Marktplaatsverkoop ook onder.

Maar wordt het groter, dan zul je erover na moeten denken. En bij twijfel navraag doen of aangifte doen. Dat is vervelend, want dat kan je een deel van je inkomsten kosten. Maar zo zijn de regels nou eenmaal. Belastingen zijn de prijs van het toegangskaartje voor het wonen in Nederland. En als je die belasting betaalt, denk er dan wel aan dat je daarmee meebetaalt aan mijn salaris als ambtenaar. Misschien voelt het dan wat minder zwaar?

Geef jij jouw neveninkomsten op bij de Belastingdienst?

Betaalstatistieken 2011 – 2020

Geldnerd houdt van alles bij. Ook hoe hij betaalt. En dat ontwikkelt zich. Er zitten een aantal langere-termijn trends in, en soms gebeuren er ook onverwachte nieuwe dingen.

Betaalstatistieken

De trend is bijvoorbeeld dat ik steeds minder contant geld gebruik. In heel 2019 was dat tweemaal. Eén keer toen ik iets in een collectebus gooide, en één keer toen ik op stap was met een groep mensen die niet wisten wat een Tikkie is, en we allemaal een tientje lapten. Dat is heel anders dan bijvoorbeeld het jaar 2013, toen ik maar liefst 226 contante betalingen deed. Maar als je kijkt naar de langere termijn dan zie je dat er af en toe ook technologieën komen die het toch niet redden. Zo hadden we vroeger de Chipknip. Logisch dat die het niet gered heeft. Je kon niet aan je bankpas zien wat het saldo op de Chipknip was, en je moest ‘m apart opladen bij een automaat. Het enige voordeel was dan nog dat je geen contant geld nodig had. Blijkbaar vond ik dat handig, want bijvoorbeeld in 2011 tot en met 2013 gebruikte ik die Chipknip jaarlijks zo’n 300 keer.

De rol van de Chipknip was, toen wij in 2016 terugkwamen uit het Verre Warme Land, overgenomen door de contactloze betaalpas. Die ik ook gretig omarmde. Niet meer apart opladen, en alles kwam automatisch in mijn administratie terecht want het waren gewone banktransacties. Ik dacht dat ik nooit meer iets anders nodig zou hebben. En eigenlijk is dat ook zo.

Maar het kan altijd makkelijker. En minimalistischer. Toen mijn huisbank Apple Pay aan ging bieden heb ik ook dat gretig omarmd. Ik hoef niet eens meer een portemonnee mee te nemen als ik van huis ga, mijn telefoon is voldoende. Nu nog afwachten tot ik ook mijn OV-kaart vanaf de telefoon kan gebruiken. In 2020 heb ik tot eind maart 8 keer contactloos met mijn pinpas betaald, en één keer met contant geld. Er zijn 10 creditcardtransacties, en 90 keer heb ik met Apple Pay betaald.

* Gegevens 2020 tot en met eind maart

Mijn eerste kasboek hield ik overigens bij in 2004, van 1 januari tot 1 april. In die periode deed ik toen 102 contante uitgaven. En ik ben vooral ook blij om te zien dat het totale aantal transacties dat ik doe een dalende trend laat zien. Dat zie ik ook terug in mijn spaarpercentage, want dat stijgt juist met de jaren.

Betaalgedrag

Mijn betaalgedrag is heel consistent. Betalingen van de gezamenlijke rekening, zoals boodschappen, doe ik met de bankpas van de gezamenlijke rekening. Daar hebben Vriendin en ik er elk eentje van. Persoonlijke betalingen van mijn eigen rekening gaan naar keuze contactloos met mijn persoonlijke bankpas of via Apple Pay.

Mijn persoonlijke creditcard gebruik ik voor uitgaven ten behoeve van vakanties, voor persoonlijke online aankopen en als het cashflowtechnisch beter uitkomt, bijvoorbeeld voor een grote kledingaankoop. Dan kan ik aan het einde van de maand het geld uit mijn kledingpotje overmaken van de bufferrekening naar mijn lopende rekening, zodat er voldoende saldo is voor de creditcardafrekening. Thuis hebben we ook een kleine noodvoorraad cash, genoeg voor enkele weken boodschappen.

De wereld verandert

Winkels accepteren nog volop cash, ondanks de opkomst van het pinnen. Al is dat nu even wat minder vanwege het corona-virus. Sinds een paar jaar betalen wij Nederlanders vaker met de pas dan contant. En het wordt allemaal wel storingsgevoeliger en ingrijpender naarmate de afhankelijkheid van technologie toeneemt. Zo was er op 10 maart een landelijke storing bij de Rabobank. Stond ik daar in het bedrijfsrestaurant met alleen mijn iPhone… En ik was niet de enige. Ik ben eigenlijk wel benieuwd hoe mijn betaalgedrag er over 5 jaar uit ziet. Als ik dan nog steeds blog, zal ik er vast en zeker over schrijven.

Is jouw betaalgedrag door de jaren heen ook veranderd?

Instant einde aan een ergernis

Het was ook niet meer van deze tijd. Geld overboeken in Europa, zelfs binnen Nederland, tussen twee banken. Soms was het er dezelfde dag, maar meestal stond het pas de volgende werkdag op de rekening van de begunstigde. En dat eigenlijk alleen van maandag tot en met vrijdag tijdens kantooruren, en niet in het weekend of op alle Europese feestdagen niet.

Soms was het nog erger. Geldnerd werkt veel met automatische boekingen, die staan voorgeprogrammeerd om uitgevoerd te worden zodra mijn salaris binnenkomt. Drie daarvan gaan naar dezelfde rekening: bijdrage aan de gezamenlijke huishouding, de reguliere aflossing op de hypotheek en de extra aflossing op de hypotheek. Dat zijn drie afzonderlijke boekingen zodat ze makkelijker automatisch verwerkt kunnen worden in mijn administratie. Ze worden in één reeks op hetzelfde moment afgeschreven van mijn privé-rekening, maar ze worden soms met uren verschil bijgeschreven op de gezamenlijke bankrekening van Geldnerd en Vriendin bij die andere grootbank. Daar kon ik me soms echt aan ergeren.

Maar het einde van deze Middeleeuwse situatie is in zicht. Tom schreef er onlangs al over, en kort daarna werd het ook bevestigd door de banken zelf. Ook Stoppen Voor Mijn Vijftigste heeft er eerder al over geschreven. Vanaf deze zomer kunnen we 24 uur per dag en 7 dagen per week direct geld overmaken tussen zeven banken. Hoera! Eindelijk maakt het Nederlandse betalingssysteem een stapje naar de 21e eeuw. We zijn verwend, we willen meteen resultaat tegenwoordig. Geldnerd is oud genoeg om vroeger zelf nog overboekingsformulieren en acceptgiro’s ingevuld te hebben, en die in de brievenbus van het bankkantoor te doen. En om alleen te weten hoe je er financieel voor stond als (twee)wekelijks het papieren bankafschrift in de brievenbus viel. We komen van ver.

Ik heb het idee dat de banken het nieuwe systeem in het weekend aan het testen zijn. Enkele weken geleden ging bij mij een boeking in het weekend van RABO naar ABN ook razendsnel, maar door de week gingen mijn reguliere boekingen weer een stuk langzamer. Maar het komt eraan, hoera! Ik verwacht dat de banken zichzelf in de media nog wel op de borst gaan kloppen als het echt ‘live’ gaat.

En binnenkort dus ‘instant’. Voor de meeste mensen wordt het nóg makkelijker om hun geld uit te geven. Maar voor mij werkt het maar gedeeltelijk. Mijn beleggingsrekening en mijn bufferspaarrekening zitten bij kleinere financiële instellingen, die (voorlopig?) nog niet aangesloten zijn op dit nieuwe, snelle betalingssysteem. Daar moet ik dus nog gewoon een aantal uren of zelfs dag(en) wachten voordat ik het geld zie bewegen.

Hoe snel maak jij geld over?

Mijn betaalgedrag van 2016 t/m 2018

Eén van de leuke aspecten van je administratie bijhouden is dat je ongemerkt heel wat gegevens verzamelt. En dat je dus goed kunt kijken naar je eigen gedrag en hoe zich dat ontwikkelt in de tijd. Zo heb ik mijn spaarpercentage in beeld sinds 2003, en elke beleggingstransactie sinds 2000. Daarmee kun je leuke dingen doen.

Onlangs heb ik een tabelletje in mijn administratie gebouwd, die automatisch bijhoudt hoe ik betaal. Die gegevens krijg je vanzelf mee als je jouw boekingen downloadt bij de meeste banken. Er staat dan een tweeletterige code bij. ‘BC’ is bijvoorbeeld ‘Betalen Contactloos’ en ‘BA’ is ‘Betalen Automaat’ (dus met PIN). Ik heb die systematiek de afgelopen jaren zelf ook overgenomen en in mijn administratie twee nieuwe codes toegevoegd. ‘KAS’ zijn transacties met contant geld, die code wordt automatisch toegevoegd als ik mijn kasboekje verwerk. En ‘CC’ staat uiteraard voor creditcard, die code wordt toegevoegd als ik mijn creditcardtransacties verwerk. Het tabelletje werkt vervolgens heel simpel met de ‘AANTAL.ALS’ functie in Excel, en telt het aantal transacties dat de betreffende code heeft. Ik heb het tabelletje meteen ook gekopieerd naar mijn administraties van de afgelopen jaren.

Onderstaande grafiek toont mijn betaalgedrag sinds de terugkeer uit het Verre Warme Land. Dat was rond 1 mei 2016, dus de cijfers van 2016 beslaan maar 8 van de 12 maanden. En het gaat alleen maar om mijn betalingen ‘buiten de deur’. Reguliere dingen die via automatische incasso worden afgeboekt (zoals mijn mobiele telefonie abonnement en de zorgpremie), en zaken waar ik een factuur voor krijg, vallen niet in deze categorieën.

Uit de grafiek blijkt duidelijk dat contant geld bij mij al marginaal was, en steeds marginaler wordt. Ik betaal alleen nog contant als het écht niet anders kan. Tegelijkertijd heb ik wel nog steeds een kleine hoeveelheid contant geld bij me, voor het geval dat. Mijn creditcard gebruik ik vooral tijdens vakanties in het buitenland, voor het betalen van huurauto’s, en voor internetaankopen. En ons Spotify-abonnement loopt ook via mijn creditcard (Netflix loopt via de creditcard van Vriendin).

Contactloos betalen is bij mij de standaard. Als het kan dan doe ik het, ik betaal alleen nog met PIN als er geen contactloze optie is, of als de terminal er (eens in de zoveel transacties) naar vraagt. Sommige mensen betalen liever contant voor het overzicht, maar bij mij is het juist andersom. Een niet-contante betaling komt automatisch, zonder extra inspanning, wekelijks in mijn administratie terecht. Dus niet-contante betalingen zorgen bij mij juist voor overzicht. Wel of niet uitgeven is en blijft een kwestie van discipline, daarbij maakt het volgens mij niet uit of je contant of elektronisch betaalt. Maar dat blijft uiteraard een kwestie van persoonlijke voorkeur.

Waar ik wel blij om ben: het totale aantal transacties vertoont een dalende lijn. Als ik de cijfers voor 2016 extrapoleer voor het hele jaar, kom ik op ongeveer 750 transacties. In 2017 waren het er iets meer dan 600, en in 2018 kwam ik uit op ongeveer 475. De beste manier van besparen is niet uitgeven…

Hoe ziet jouw betaalgedrag eruit?

Hoe denk ik nu over…. Mijn Wekelijkse Finance Moment?

Inmiddels ben ik ruim drie jaar aan het schrijven op dit blog. Meer dan 500 berichten heb ik inmiddels geplaatst. En ik heb dus ook heel veel onderwerpen aangeraakt. En regelmatig geef ik daarbij aan dat ik vooral ook blog om mijn gedachten te ordenen, en mijn denken over financiën te ontwikkelen. Drie jaar is al best wel een lange tijd. Het leek me daarom leuk om er eens wat onderwerpen ‘uit het verleden’ uit te lichten, en te bekijken hoe ik daar nu over denk. Lees je mee?

Vrij snel na de start van Geldnerd heb ik jullie meegenomen in mijn wekelijkse finance-moment. Ook de lijst van dingen die ik dan doorwerk heb ik al eens gedeeld. Elke week, meestal op zaterdagochtend, ga ik er even voor zitten. Laptop aan, kopje koffie erbij. Ik neem de financiële post van de week door. Rekeningen, mededelingen van wijzigingen, dat soort dingen. Rekeningen worden betaald of klaargezet. Indien nodig wordt er gereageerd naar partijen. Dat doe ik liefst schriftelijk, maar soms zet ik ook een reminder in mijn agenda om ergens achteraan te bellen.

En uiteraard worden de spreadsheets bijgewerkt. Ik download de boekingen bij onze banken, en de wekelijkse rapportage van mijn ‘aandelenboer’. Met een druk op de knop importeer ik ze in mijn spreadsheets. Het kost maar een paar minuten per week. Het moge duidelijk zijn: het finance moment is er nog steeds. Ik vind het enorm waardevol. In control zijn op mijn (onze) financiën, en ook in control blijven. Een vast moment werkt daarvoor in mijn geval het beste. En ik ben gelukkig niet de enige die er zo over denkt.

Het karakter van mijn finance-moment is wel wat veranderd. Het bijwerken van de spreadsheets is grotendeels geautomatiseerd, en kost dus steeds minder tijd. De tijd die vrijgekomen is besteed ik aan analyse. Ik bouw steeds meer rapportages en grafieken om de ontwikkelingen te kunnen volgen, ook meerjarig. Er is wel een behoorlijk risico op uitloop, het ‘moment’ duurt steeds langer. Het finance-moment gaat de laatste jaren naadloos over in het blog-moment, de tijd waarin ik de blogjes voor de komende week maak / afrond en klaar zet voor publicatie. En dat gaat weer over in het programmeermoment, waar ik probleempjes oplos in mijn spreadsheets en nieuwe programmeerideeën uitwerk. Die drie momenten, Finance, Bloggen en Programmeren, kunnen soms ook een hele dag duren. Een mens moet maar een hobby hebben…

Kijk jij op vaste momenten naar je financiën?

Eerder schreef ik al een terugblik op mijn kasboek.

Actief je banksaldo managen

Nog niet zo heel lang geleden schreef ik over het (financiële) hoogtepunt van de maand. En hoe er, heel snel na het ontvangen van mijn salaris, al vrijwel geen geld meer op mijn lopende rekening staat. Genoeg om gedurende de maand mijn rekeningen en lopende uitgaven te betalen.

Ook eerder heb ik daar wel eens over geschreven: het sturen op mijn liquiditeit. Daar heb ik, heel simpel, twee doelen mee. Ten eerste ervoor zorgen dat ik altijd aan mijn financiële verplichtingen kan voldoen. Zoveel mogelijk vaste lasten gaan via automatische incasso, en waar mogelijk heb ik die aangepast zodat ze plaatsvinden in de dagen nadat mijn salaris is gestort. Dat proces wordt geholpen door mijn werkgever, die altijd op de 24e van de maand het salaris uitbetaalt (en eerder als dat in een weekend of op een feestdag valt). Rekeningen worden altijd zo snel mogelijk klaargezet voor betaling in mijn internetbankieren. Vaak ook meteen betaald, maar soms plan ik een betaling bewust op een later moment als dat in de liquiditeit beter uitkomt. Maar ik betaal altijd voor de uiterste betaaldatum. Dat voorkomt incassokosten en gedoe. En als de rekening gepland staat in mijn internetbankieren, dan heb ik er geen omkijken meer naar. Dat soort dingen doe ik op mijn wekelijkse finance-moment.

Het tweede doel van het sturen op liquiditeit: Zorgen dat mijn geld maximaal voor mij aan het werk is. Het is zonde als geld niks staat te doen. Het moet bezig zijn om rekeningen te betalen. Of, nog liever, het moet bezig zijn om extra geld voor mij te verdienen. Vroeger door rente te vangen op een spaarrekening, maar tegenwoordig door belegd te zijn, recht op dividend te geven, of door mijn maandlasten te verlagen door het versneld aflossen van de hypotheek. Dat zijn allemaal dingen waar het geld niet aan toekomt als je het op je lopende rekening laat staan. Tegenwoordig stuur ik er dus bewust op dat daar zo min mogelijk geld op staat.

En eigenlijk vind ik doel 2 (geld aan het werk) veel belangrijker dan doel 1 (voldoen aan verplichtingen). Want doel 2 is ‘voor mezelf’. Vandaar ook het principe ‘betaal jezelf eerst’. Vandaar dus ook dat het geld voor mijn beleggingen, de spaarrekening en de aflossing van de hypotheek als eerste betaald worden, zodra het salaris binnengekomen is.

Toen ik de eerdere stukjes schreef kon ik dat nog niet goed illustreren met een plaatje. Maar afgelopen week zat ik weer een beetje te pielen met mijn administratie-spreadsheet. Ik merk dat, nu de basisfunctionaliteit goed op orde is, dat ik steeds meer aandacht besteed aan rapportages. Hoe sta ik ervoor? En zo had ik al een tijdje de wens om een aantal grafieken in te bouwen. Want plaatjes zeggen meer dan 1.000 woorden. Eén van de grafieken die ik ingebouwd heb toont het saldo van mijn lopende rekening door de tijd. En die grafiek laat mooi zien wat het effect is van mijn sturing op mijn banksaldo. Een korte hoge piek in de laatste week van de maand, als op de 24e mijn salaris op mijn bankrekening binnenkomt. Maar het gros van dat geld is vrijwel meteen weer weg. Wat overblijft neemt in kleine stapjes af gedurende de maand. En zo herhaalt zich dat.

Ter vergelijking heb ik diezelfde grafiek ook nog even gemaakt voor 2008 (want ik houd mijn uitgaven immers al bij sinds 2003). Daar zie je dat ik gemiddeld genomen een veel hoger en grilliger saldo op mijn bankrekening aanhield. Terugkijkend was ik toen nog best wel naïef, al hield ik alles al wel gedetailleerd bij. Maar onder controle was het nog niet echt, aan de rode pixels onderaan kun je zien dat mijn saldo soms ook nog wel ‘onder nul’ stond. Rood staan, wat een gruwel!

Hoe ziet een grafiek van jouw banksaldo er ongeveer uit?

« Older posts

© 2020 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑