Blog over (financieel) bewust leven

Label: balans (Page 1 of 3)

Hoe waardeer je jouw woning?

Onlangs kreeg ik een vraag van een lezer. Dat gebeurt wel vaker, en ik probeer altijd antwoord te geven. Want soms is de vraag ook interessant voor anderen (in elk geval naar mijn mening) en dan zit er ook een blogpost in. Twee keer per week een blog vullen valt niet altijd mee….

Voor deze lezer is, net als voor Geldnerd, de (over)waarde van de eigen woning  een belangrijk deel van het totale vermogen. De werkelijke waarde van een woning kan natuurlijk pas worden vastgesteld bij een verkoop. Dat roept een belangrijke vraag op. Want hoe waardeer je tussentijds de financiële waarde van je woning als je jouw eigen vermogen in de gaten wilt houden?

Waarderingsgrondslag

Geldnerd maakt gebruik van de WOZ waarde om Geldnerd HQ te waarderen. Daar waren twee vragen over:

  • Waarom niet de waardeschatting van Funda? Deze wordt maandelijks bijgewerkt en lijkt meer op de werkelijke verkoopwaarde op dit moment dan de WOZ.
  • Wanneer je de WOZ-waarde pakt, welke peildatum pak je dan? Bereken je de waarde op 1 november 2020 op basis van de WOZ waarde die op 1 januari 2019 is vastgesteld, of pak je de waarde van 1 januari 2020 (die je dus later bijwerkt)?

Uiteindelijk maakt het volgens mij niet zo heel veel uit welke waarderingsgrondslag je gebruikt. Per slot van rekening is het geen wedstrijd met anderen, maar alleen met jezelf. Dan is het vooral van belang dat je een consistente systematiek kiest zodat je jouw eigen vermogensontwikkeling door de tijd goed kunt volgen en vergelijken, en niet steeds een andere grondslag kiest.

Ik ben hier in de loop van de jaren wel voorzichtiger mee geworden. Dat heeft te maken met mijn eigen ervaringen. ‘Vroeger’ toen ik zelf begon met het bijhouden van mijn financiën gebruikte ik Funda als basis. Ik hield zelfs een hele spreadsheet bij met vergelijkbare appartementen in de buurt die te koop stonden, wat de vraagprijs was, hoe snel ze verkocht werden en voor welk bedrag. Maar toen kwam er een financiële crisis die ook leidde tot dalende huizenprijzen. En in die crisis besloten Ex en ik om te gaan scheiden. Uiteindelijk prijs ik mijzelf gelukkig dat ik, op het dieptepunt van de woningmarkt, mijn aandeel in de woning tegen hypotheekwaarde kon verkopen aan mijn Ex. En er dus zonder restschuld uit kon stappen, met mijn aandeel in het spaargeld en in de spaarhypotheek. De papieren winst op de waarde van de woning, waar ik mijzelf jarenlang rijk mee gerekend had, was helemaal verdampt. En dat voelde toch als een enorme extra teleurstelling, bovenop alle negatieve emoties die toch al bij de scheiding hoorden.

Toen Vriendin en ik in 2016 onze huidige woning kochten, besloot ik het daarom anders te gaan doen. Voorzichtiger. En sindsdien gebruik ik de WOZ-waarde als basis. Die wordt maar één keer per jaar bijgewerkt en loopt dan al een jaar achter op de echte ontwikkeling van de markt. En dat achterlopen levert mij voordeel op, zowel in een stijgende als in een dalende markt. In een stijgende markt heb ik een ‘stille reserve’ ten opzichte van de echte woningwaarde. Als ik mijn woning verkoop krijg ik waarschijnlijk meer geld dan waarvoor het huis in mijn administratie staat. Maar in een dalende markt (en dat kan ook zomaar weer eens gaan gebeuren) heb ik wat ‘buffer’ voordat ik mijzelf te rijk reken. Dat is belangrijk voor mij: liever de waarde van de woning iets te laag inschatten dan mezelf rijk rekenen.

Deze aanpak werkt overigens maar een tijdje. Als de woningprijzen langere tijd blijven dalen dan wordt het wel een probleem. In de praktijk zijn de WOZ-waardes (die een jaar achterlopen) dan hoger dan de (inmiddels verder gedaalde) huizenprijzen als je nu verkoopt. In die situatie kan ik me voorstellen dat ik mijn waarderingsgrondslag wel verander, en alsnog de in dat geval meer pessimistische maar reëlere Funda-schatting ga volgen.

Werkwijze

Ik neem per einde van elk kwartaal de stand van mijn vermogen op, en gebruik daarbij steeds de op dat moment laatst bekende WOZ-waarde van onze woning. Die ontvangen wij altijd in het eerste kwartaal van onze gemeente. Bij mijn balans van kwartaal 1, 2 en 3 van 2020 heb ik dus de WOZ-waarde uit het eerste kwartaal van 2020 gebruikt, die als waardepeildatum 1 januari 2019 heeft. Deze gebruik ik ook als basis voor mijn balans per 31 december 2020, einde Q4. Dan loopt de waardering dus eigenlijk al 2 jaar achter, maar dat vind ik niet erg. Dat is buffer voor als de markt weer eens gaat dalen, of extra feestvreugde als we het huis verkopen voor meer dan waar we al die jaren mee gerekend hebben.

In de loop van het eerste kwartaal van 2021 ontvang ik dan een nieuwe WOZ-beschikking, met waardepeildatum 1 januari 2020. Dat is dus de basis voor mijn balans per 31 maart 2021, eind Q1, en zo verder tot en met de balans van 31 december 2021.

Alternatieven

Naast de WOZ-waarde en de verwachte verkoopprijs volgens Funda zijn er nog meer manieren om de waarde van jouw woning mee te nemen in jouw financiële berekeningen. Zo zijn er ook mensen die blijven rekenen met de aankoopwaarde. In de huidige markt is dat heel voorzichtig, want als je jouw huis 7 jaar geleden gekocht hebt dan zit er waarschijnlijk wel wat overwaarde in. Maar het is wel heel zuiver als je jouw huis eerst als gebruiksgoed ziet, en niet als onderdeel van jouw vermogensopbouw.

In de onderstaande grafieken probeer ik te laten zien wat het effect van de waarderingsgrondslagen is voor jouw financiële berekeningen, aan de hand van de situatie van onze eigen woning. Allereerst een situatie waarbij je rekent met de aankoopwaarde. Er komt dan geen overwaarde (of ‘onder water’) voor. Je ziet alleen wat je afgelost hebt en wat er nog aan hypotheek resteert. In deze grafiek is de aankoopprijs gelijkgesteld aan 100%.

Dan ons huis op basis van de WOZ-waarde. Die hebben we begin 2020 ontvangen en heeft als waardepeildatum 1 januari 2019. Sinds onze aankoop eind 2016 zijn de huizenprijzen lekker door gestegen, en we hebben dus behoorlijk wat overwaarde opgebouwd. In deze grafiek is de WOZ-waarde gelijkgesteld aan 100%.

En tenslotte de meest actuele waardering, op basis van Funda. Ook in 2020 zijn de huizenprijzen blijven stijgen. Ik las dat ze in Geldnerd City inmiddels een procent of 9 hoger zijn dan een jaar geleden. Dat zie ik terug in de Funda-prijsschatting. Meer overwaarde! In deze grafiek is de Funda-schatting gelijkgesteld aan 100%.

Helemaal eerlijk is deze vergelijking natuurlijk niet. Want 100% is behoorlijk verschillend in deze drie scenario’s. Daarom heb ik ze in absolute waarde ook nog even naast elkaar gezet. De aflossingen en de resthypotheek veranderen uiteraard niet, het enige verschil zit in (het ontbreken van) een overwaarde.

Uiteindelijk zijn alle drie de voorbeelden fictief en loop je een risico in je berekeningen. Want ik zei het al aan het begin van dit stukje: de werkelijke waarde van een woning kan natuurlijk pas worden vastgesteld bij een verkoop. De centrale vraag is of je wilt (durft te) rekenen met overwaarde en (als de markt daar aanleiding toe geeft) onderwaarde (‘huis onder water’). Wat mij betreft kies je dus vooral zelf je eigen overweging, die het beste bij jouw persoonlijke situatie past, en waar je je comfortabel bij voelt!

Hoe neem jij de waarde van jouw woning (en ander vastgoed) mee bij de berekening van jouw vermogen?

WOZ door het dak!

Vorige week kwam ‘ie hier binnen. De aanslag gemeentebelastingen 2020. Onderdeel van die set is ook dat ene belangrijke getalletje, de WOZ-waarde van onze woning. Niet meer van belang voor onze hypotheek, want we zitten al lang in de laagste risicocategorie omdat onze loan-to-value ratio beneden de 65% zit. Maar de WOZ-waarde is nog wel belangrijk voor de berekening van onze gemeentelijke belastingen, en voor de berekening van ons eigenwoningforfait in onze belastingaangifte van volgend jaar. En belangrijk omdat ik de WOZ-waarde als basis neem bij de berekeningen van mijn vermogen.

Ik ging al uit van een forse stijging, gegeven de ontwikkelingen op de woningmarkt in het tijdvak dat werd bekeken. De WOZ-waarde heeft als peildatum 1 januari 2019. Ik heb uiteraard meteen het WOZ-taxatierapport bekeken op de website van onze gemeente. De woningtransacties die als basis zijn gebruikt voor onze waardering kwamen inderdaad uit de tweede helft 2018 en begin 2019. Daaruit werd mij duidelijk dat het geen enkele zin heeft om bezwaar te maken. Onze gemeente hanteert een veilige marge, ze willen vast en zeker voorkomen dat iedereen bezwaar gaat maken. Onze WOZ-waarde steeg ruim 11,5%.

Het effect vind ik verbijsterend. Ik heb een vaste grafiek die ik gebruik om te bekijken hoe de financiële verhoudingen in onze eigen woning liggen. Het uitgangspunt van die grafiek is de WOZ-waarde. Als percentage van die WOZ-waarde toont de grafiek de resterende hypotheek, het regulier afgeloste bedrag, de extra aflossing en het eigen geld dat we er bij aankoop ingestoken hebben. En de overwaarde.

In onderstaande grafiek zie je de verhoudingen in de financiën van ons huis per eind december 2019, tegen de oude WOZ-waarde.

En hieronder de verhoudingen in de financiën van ons huis per eind januari 2020, tegen de nieuwe WOZ-waarde.

De overwaarde is inmiddels 15,6% van de waarde van onze woning. Het is allemaal papieren rijkdom, ik weet het. En ik heb uit het verleden geleerd dat ik me hiermee niet rijk moet rekenen. Ik blijf dus gewoon de WOZ-waarde gebruiken als basis van mijn vermogensberekeningen, en ga me niet wagen aan schattingen van de actuele verkoopprijs. Want het zit in de stenen, en komt pas vrij wanneer we het huis verkopen. Maar wat een geld. Hier valt in de huidige markt niet tegenop te sparen. Ik heb oprecht medelijden met de mensen die nu een poging (moeten) doen om de woningmarkt op te komen.

Hoe ontwikkelt jouw WOZ-waarde zich?

WOZ, Overwaarde en Overmoed…

Onlangs plofte de jaarlijkse envelop van de gemeente op onze digitale deurmat. De Woonlastennota. Met twee belangrijke getallen voor mijn administratie. Ten eerste het bedrag dat wij in 2019 aan gemeentelijke belastingen moeten betalen. Ten tweede: de WOZ-waarde van ons huis.

Eigenlijk is die WOZ-waarde niet echt meer belangrijk. Wij zitten al een tijdje in de laagste risico-categorie voor wat betreft de loan-to-value ratio. Dus er zijn geen risico-opslagen meer die nog van onze hypotheekrente af kunnen. Daarmee is de WOZ-waarde alleen maar een indicator van de waarde van ons huis per 1 januari van vorig jaar. En dat zegt niets zolang we ons huis niet willen verkopen. De WOZ-waarde steeg met 12% ten opzichte van een jaar eerder. Dat verbaast mij niet. Ik volg het nieuws over de woningmarkt een beetje, en de werkelijke prijsstijgingen hier in Geldnerd City zijn nog wel iets hoger dan dit percentage. Gelukkig gingen de gemeentelijke belastingen maar ongeveer € 15 omhoog, dat is nog geen 2%.

WOZ

Maar ik kan de WOZ-waarde wel als maat gebruiken voor de waarde van het huis op mijn balans. En daarmee is deze waarde wel belangrijk voor mijn spreadsheets. Want we hebben ineens Overwaarde. We hebben ons huis eind 2016 gekocht, het was toen net gerenoveerd. Daardoor, en door de kosten koper (die ik meereken in de aanschafprijs), was de WOZ-waarde die we begin 2017 ontvingen nog behoorlijk lager dan de aanschafkosten (= prijs van huis plus kosten koper). En begin 2018 was de WOZ-waarde dicht in de buurt van de prijs waarvoor we het huis gekocht hadden, maar nog steeds niet hoger dan de aanschafkosten. Tot nu toe dus, want met de WOZ-waarde van begin 2019 hebben we ineens wel een behoorlijke overwaarde.

Hier in Geldnerd City zit er trouwens een behoorlijk gat tussen de WOZ-waarde (die sowieso een jaar achterloopt) en de huidige verkoopwaarde. Dat heeft van alles met de oververhitte woningmarkt te maken, en ik heb ook het idee dat de gemeente voorzichtig is met waarderen. Op basis van verkochte vergelijkbare huizen in de buurt schat ik dat we nog eens zo’n 20% meer zouden kunnen ontvangen als we het huis nu zouden willen verkopen. Maar dat willen we niet! En met dat bedrag wil ik vooral ook niet gaan rekenen.

Overmoed

Vroeger, in mijn vorige leven, ging ik anders om met de waarde van mijn huis. Ik woonde toen in een complex met ruim 80 grotendeels vergelijkbare appartementen. Daar stonden er altijd wel een paar van te koop. Ik hield al die vraagprijzen en verkoopwaardes in de gaten (met een spreadsheet, uiteraard) en probeerde zo een actueel beeld te hebben van de waarde van mijn eigen appartement. Ik hield zelfs bij hoe lang ze te koop stonden en bij welke makelaar, om te ontdekken of er nog makelaars waren die succesvoller waren dan anderen. En uiteraard gebruikte ik de meest recente, door mijzelf berekende, verwachte verkoopwaarde als basis voor mijn balans. Ons eigen vermogen, waar de waarde van het appartement ook in meetelde, spoot omhoog. Als ik daar nu op terugkijk, dan schaam ik me diep voor zoveel overmoed en onrealistisch handelen. Want toen kwam de financiële crisis, en de crisis op de Nederlandse huizenmarkt. En op het dieptepunt besloten Ex en ik uit elkaar te gaan. Van al die keurig door mij berekende overwaarde uit de spreadsheet bleef niets over. Met wat geluk ben ik eruit gekomen tegen de hypotheekwaarde, dus zonder restschuld.

Overwaarde

Maar goed, we hebben dus overwaarde ten opzichte van de aanschafkosten. Wat ga ik daarmee doen? Ik ben niet de enige die met die vraag worstelt, Groeigeld heeft er eerder ook al over geschreven. Het is papieren winst inderdaad, net als bij aandelen is het pas echt winst (of verlies) op het moment dat je verkoopt. En bovendien: aandelen kun je zo verkopen, dan is er niets aan de hand. Ook ons huis kunnen wij verkopen, maar dan hebben wij nog steeds een plek nodig om te wonen.

De vraag is welke waarde ik mee ga nemen in mijn berekeningen. Tot dit moment waren dat de aanschafkosten (= prijs van huis plus kosten koper). Ik kan ook de WOZ-waarde nemen. Ik wil in elk geval niet dezelfde methode gaan hanteren als vroeger, mijn oude Reken-Je-Rijk-methode. Feitelijk gaat het om de vraag hoe voorzichtig je wilt zijn of in welke mate je de marktwaarde wilt volgen.

De aanschafkosten voelen als waarderingsmethode het meest voorzichtig. Dat is immers de ‘oudste’ waarde, en die verandert niet. Maar in een stijgende huizenmarkt krijg je daarmee wel een ‘stille reserve’ in je eigen vermogen. En in een dalende huizenmarkt daalt de rekenwaarde van je huis dan niet mee. De WOZ-waarde voelt minder voorzichtig dan de aanschafkosten, maar is zeker voorzichtiger dan de Reken-Je-Rijk-methode. Deze waarde loopt zeker een jaar achter op de werkelijke woningwaarde als je nu zou verkopen, en de meeste gemeentes zijn bovendien redelijk voorzichtig met waarderen omdat ze geen zin hebben in honderden (of zelfs duizenden) bezwaarschriften. In tegenstelling tot de aanschafkosten kan de WOZ-waarde ook dalen, iets waar veel huiseigenaren tijdens de crisis achterkwamen.

Voorlopig ga ik de WOZ-waarde gebruiken als basis voor mijn berekeningen. En daarmee krijgt mijn bekende huizengrafiek een update. Want overwaarde wordt nu als aparte categorie zichtbaar. In blauw, symbolisch omdat ons huis ‘boven water’ staat. Deze WOZ-waarde is overigens ook een impuls voor onze loan-to-value ratio. Die bedraagt ineens nog maar 54,5%, aan het einde van 2018 was dat nog 61,4%.

Hoe is het met jouw WOZ-waarde? En reken jij die mee in jouw eigen vermogen?

De belangrijkste getalletjes aller tijden

Alle getalletjes zijn belangrijk, zegt Geldnerd als financial zijnde. Maar sommige getalletjes zijn nóg belangrijker dan andere. In mijn spreadsheets houd ik heel veel getalletjes bij. Of liever, ze worden voor mij bijgehouden. Ik voed mijn spreadsheets wekelijks met rapportjes die ik download bij mijn bank of mijn aandelenboer. Onverzadigbare monsters zijn het, die spreadsheets. Ze willen altijd maar meer voeding, meer cijfers. Maar ze geven me er ook mooie dingen voor terug. Indicatoren, die me vertellen hoe mijn financiële leven erbij staat.

Inmiddels ben ik ruim 15 jaar bezig met mijn zoektocht naar financieel bewust leven. En ik realiseer me steeds meer dat er voor mij maar twee getalletjes écht belangrijk zijn: mijn Eigen Vermogen en mijn Spaarpercentage.

Eigen Vermogen

Het eigen vermogen komt regelmatig terug op mijn blog. Het geld dat ik overhoud als ik al mijn bezittingen verkoop en al mijn schulden aflos, en dat ik in mijn zak heb zitten als ik de wijde wereld intrek, dat vind ik nog altijd de beste manier om dat te omschrijven. Bezittingen (activa) minus alle korte en langlopende schulden (vreemd vermogen van de passiva), dat is de officiële definitie.

Mijn eigen vermogen houd ik al bij sinds het begin van mijn financieel bewuste leven. Mijn eerste balans heb ik gemaakt per 31 december 2003. Tot en met 31 december 2012 beschreven ze de situatie van mijn financiële huishouding samen met Ex, en sinds 1 januari 2013 na de afronding van mijn echtscheiding mijn eigen financiële situatie. Mijn financiële dashboard bevat de situatie sinds 31 december 2012, met standen per kwartaal.

Voor iemand die financiële onafhankelijkheid nastreeft is het eigen vermogen het geld waarvan je moet leven nadat je gestopt bent met werken. In Nederland meestal gecombineerd met AOW en pensioen. Je kunt het langzaam opeten, of investeren in dingen die cash genereren, zoals beleggingen die dividend opleveren of vastgoed dat je huurinkomsten oplevert. Je kunt het ook in je eigen huis stoppen, maar dan levert het geen inkomen op. En kun je het dan ook niet opeten, tenzij je het huis verkoopt.

Spaarpercentage

Als je mijn blog, of een van de andere finance bloggers, volgt dan is het spaarpercentage geen onbekende. Het is het percentage van je inkomsten dat je overhoudt na al je uitgaven. Het geld dat je toevoegt aan je vermogen. Het is een bijna heilige indicator, mede bepalend voor je positie in de financiële bloggerswereld… Het spaarpercentage heb ik als indicator later ontdekt, ik weet niet meer precies wanneer. Ik heb deze toen wel met terugwerkende kracht berekend voor alle jaren waarin ik mijn financiën gedetailleerd heb bijgehouden. Dat betekent dat ik mijn spaarpercentage ook al in beeld heb sinds 2003 . Hoe ik het bereken heb ik ooit beschreven nadat we ons huis gekocht hebben.

Het verband tussen de twee

Je eigen vermogen groeit op twee manieren. Je spaarpercentage geeft aan hoeveel geld van jouw inkomen je toevoegt aan je eigen vermogen. En de tweede groeifactor is het rendement dat je maakt op je vermogen. Je spaarrente (toen dat nog iets voorstelde), het rendement op je aandelen, de opbrengsten van je vastgoed. Spaarpercentage en rendement maken dus samen de groei van je eigen vermogen. Maar alleen het spaarpercentage heb je grotendeels zelf in de hand.

Plaatjes zeggen meer dan woorden

In mijn (in ontwikkeling zijnde) Financiële Dashboard heb ik een nieuwe grafiek gebouwd, die focust op deze indicatoren. Per kwartaal toont deze grafiek (op de linkeras) mijn Eigen Vermogen (Net Worth, de zwarte lijn). Op de rechteras worden respectievelijk de procentuele groei van mijn eigen vermogen (Net Worth Growth, lichtblauwe kolommen) en mijn spaarpercentage (Savings Rate, lichtgroene kolommen) getoond. Er zit maar weinig correlatie tussen de twee, maar ik kan de pieken en dalen wel relateren aan gebeurtenissen in mijn leven en op de effectenbeurzen. De grafiek is van de afgelopen drie jaar (sinds de terugkeer uit het Verre Warme Land), en de aankoop van ons huis inclusief de daaropvolgende ‘koopwoede’ voor meubeltjes is eind 2016 en begin 2017 goed zichtbaar. In de tweede helft van 2018 vlakt de grafiek af, met zelfs een kleine daling aan het eind. Die is uiteraard het gevolg van de situatie op de aandelenmarkten, want met mijn spaarpercentage was in 2018 niks mis.

Over heel 2018 is mijn Eigen Vermogen met 16,5% gegroeid. Dat vind ik een mooi percentage.

Wat zijn jouw favoriete getallen om bij te houden?

Investeren, afschrijven en reserveren

Onlangs schreef ik over mijn volle buffer. Per e-mail kreeg ik hier een vraag over, omdat ik schreef dat mijn buffer alleen bestaat uit een aantal maanden leefgeld, en twee potjes voor verwachte bijzondere uitgaven. Of ik niet reserveer voor grote (vervangings)uitgaven en investeringen, en hoe ik omga met afschrijvingen?

Het antwoord is heel simpel: dat doe ik niet. In een aantal reacties zag ik dat mensen reserveren voor de vervanging van een auto. Maar wij hebben geen auto, en zijn ook echt niet van plan om er eentje te kopen (of leasen).

Al mijn andere bezittingen vind ik niet waardevol genoeg om een investering te noemen, laat staan om ervoor te reserveren. Onze hele inboedel en mijn persoonlijke bezittingen hebben voor mij dus als waarde nul Euro. Feitelijk schrijf ik ze dus al helemaal af op het moment dat ik ze koop. Op mijn jaarlijkse balans staat er ook geen enkele bezitting van mij, behalve mijn aandeel in ons huis, mijn spaargeld en mijn beleggingen.

In het verleden was dat niet zo. Vroeger was ik enorm gehecht aan mijn huis vol spullen. Terugkijkend heeft dat me zelfs best wel lang vastgehouden in mijn ‘oude leven’. Het heeft me echt wel tijd gekost om dat los te laten. Tegenwoordig denk ik soms zelfs dat ik te weinig gehecht ben. Er zijn zelfs niet veel zaken waar ik emotionele waarde aan toedicht.

Aan de ene kant is mijn werkwijze makkelijker. Ik hoef geen aparte potjes bij te houden en te ‘vullen’ om geld klaar te hebben staan voor de vervanging. En ik heb dus ook geen extra geld dat ‘niets staat te doen’ totdat ik het nodig heb voor een grote uitgave. Al besef ik terdege dat deze werkwijze vooral mogelijk gemaakt wordt door (1) mijn salaris, dat mij in staat stelt om ook iets grotere uitgaven gewoon te kunnen doen en (2) een aantal levenskeuzes: de baan bij een werkgever waar OV de norm is, en wonen in de stad waar je ook werkt.

Aan de andere kant maakt mijn werkwijze het soms wel iets moeilijker. Want ik heb wel een aantal ‘duurdere’ bezittingen: mijn smartphone, tablet, laptop, en server. Maar die zijn ook weer niet zo duur dat ik er een apart potje voor hoef aan te leggen. Ik probeer er elk jaar eentje te vervangen. In 2016 was dat de server, in 2017 mijn smartphone na bijna 4 jaar trouwe dienst. Dit jaar is mijn laptop aan de beurt (die inmiddels ook al weer 4,5 jaar meegaat). Dat is nu best wel even puzzelen, want alle vier deze apparaten heb ik in één keer vervangen toen we naar het Verre Warme Land vertrokken. Maar het lijkt te gaan lukken om de vervanging nu keurig te spreiden.

Doe jij aan afschrijvingen en reserveringen?

Portefeuille balanceren

De afgelopen weken heb ik mijn beleggingsspreadsheet weer uitgebreid met een nieuwe functie. Die functie helpt mij om te bepalen welke fondsen ik op enig moment bij moet kopen om de door mij gewenste verhouding te krijgen. Ik hanteer daarbij nog steeds een ‘buy & hold’ strategie.

In mijn beleggingsportefeuille hanteer ik drie beleggingscategorieën, en per categorie twee fondsen. Dat zie je in onderstaande figuur, met per categorie de verhoudingen. Relatief gezien beleg ik weinig in obligaties, maar dat komt omdat ik ook nog een cash reserve aanhoudt. Dat spaargeld en de obligaties tel ik samen als de laag-risico categorie.

De functie kijkt hoe groot mijn belegging in het betreffende fonds moet zijn, gegeven de actuele totaalwaarde van het fonds. Dat vergelijkt ‘ie met de actuele waarde van mijn belegging in dat fonds. Daar komt dan een bedrag uit dat ik zou meten verkopen of kopen van dat betreffende fonds. Verkopen doe ik niet, maar bijkopen wel. En iedere keer als ik wil bijkopen, geeft dit overzicht mij inzicht welk fonds ik bij moet kopen. Dit minimaliseert het aantal transacties dat ik uit moet voeren. Een portefeuille volledig in balans is toch een utopie door de koersbewegingen, op deze manier kom ik dicht genoeg in de buurt.

De functie zit nog niet in de versie van de beleggingsspreadsheet die online staat. Die zal ik binnenkort wel eens bijwerken.

Hoe zit het met de balans in jouw portefeuille?

« Older posts

© 2021 Geldnerd.nl

Theme by Anders NorenUp ↑