Het rendement op beleggingen

  • Berichtcategorie:BeleggenICT

Als je geld spaart op een spaarrekening, dan is het rendement eenvoudig te berekenen. Bij de meeste banken krijg je elke dag 1 / 365 maal het jaarlijkse rentepercentage maal je saldo van die dag aan rente, en dat wordt dan op 1 of 2 januari van het daaropvolgende jaar op je rekening bijgeschreven. Stort je een bedrag bij of schrijf je een bedrag af, dan reken je vanaf de valutadatum van die boeking met het nieuwe saldo. Heel eenvoudig en overzichtelijk.

Met beleggingen is dat ingewikkelder. Ja, je koopt aandelen (of een ETF) tegen een bepaalde prijs. Maar daar krijg je geen vaste rente op, ze staan genoteerd tegen een koers die zeer waarschijnlijk dagelijks beweegt, naar boven of naar beneden. Misschien koop je volgende maand weer bij, tegen de dan geldende koers. Dat doe ik elke maand met mijn maandelijkse inleg. Op sommige fondsen krijg je misschien dividend, in contant geld of in aandelen. Of aandelen worden gesplitst, dat komt ook voor. En al snel is jouw deelname aan het fonds een wirwar aan transacties en handelingen. Hoe weet je dan nog wat jouw rendement is?

Rendement is onbelangrijk!

Zo. Dat is een statement. Maar wat mij betreft deels wel waar. Ik hanteer zelf een buy-and-hold strategie. Kopen en vasthouden. Het enige dat telt is de totaalstand van mijn vermogen in relatie tot het (staatsgeheime) bedrag dat we nodig hebben om te stoppen met werken en die andere levensfase in te gaan.

Maar toch wil ik af en toe kijken naar het rendement op mijn beleggingen. Op de hele portefeuille. Om te bekijken of die het wel ongeveer net zo goed doet als de wereldwijde indexen. In mijn geval kijk ik dan naar de Amerikaanse S&P500 index en de wereldwijde MSCI World Index. En per fonds. Want in sommige categorieën heb ik meerdere fondsen naast elkaar staan. Dan wil ik wel zien of er fondsen zijn die het structureel beter of slechter doen dan andere, om eventueel de verdeling over de fondsen aan te passen.

Dus rendement is meestal niet belangrijk in mijn beleggingsstrategie. Maar soms wel. En hoe bereken je die dan?

Internal Rate of Return

In de beleggingswereld wordt hiervoor gewerkt met de Internal Rate of Return. Daarmee maak je in feite een inschatting van de winstgevendheid van de investering gebaseerd op dezelfde formule die ook gebruikt wordt om de netto contante waarde te berekenen.

Volg je het nog? Nee? Ik ook niet. Dit zijn de momenten dat we heel blij mogen zijn dat er spreadsheets zijn uitgevonden. Want die hebben functies ingebouwd die deze berekeningen voor ons uitvoeren. Deze internal rate of return of XIRR-functie bestaat in Excel en ook in LibreOffice en OpenOffice. Ik maak er veelvuldig gebruik van in mijn beleggingsspreadsheet en rapporteer er ook over in mijn kwartaaloverzichten.

Hoe werk je met deze functie?

Om de XIRR te berekenen heb je een overzichtje nodig van alle handelingen die verricht zijn in een bepaald fonds. Aankopen, verkopen, dividenden, dat soort dingen. Onderstaand een (semi-)fictief voorbeeld uit mijn eigen portefeuille, met een aantal aankopen van de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF (de welbekende VWRL) sinds begin 2020. VWRL betaalt elk kwartaal dividend uit in Amerikaanse dollars, dus je zit ook met wisselkoerseffecten. Ik kies ervoor om ook mijn transactiekosten bij Binck (tegenwoordig Saxo) mee te rekenen in de netto toevoeging (onttrekking) aan mijn portefeuille, op die manier zitten die meteen verwerkt in het rendement. Ik kom voor de periode vanaf begin 2020 tot en met eind mei 2021 tot onderstaand overzicht aan handelingen. Hierbij is de tussentijdse verkooptransactie fictief en alleen bedoeld om het effect op de berekening te tonen.

In deze periode heb ik € 9.979,91 in VWRL gestoken (de regels 1 + 2 + 5 + 8 + 10 + 12) en ook weer € 1.596,24 eruit gehaald (de regels 3 + 4 + 6 + 7 + 9 + 11) door de ontvangst van dividend en één verkooptransactie van een deel van mijn portefeuille. Op 31 mei 2021 bedroeg de slotkoers van VWRL € 96,10. De totale waarde van deze positie in VWRL is op dat moment dus € 10.571,00. Maar wat is dan het rendement?

Bijna € 10.000 erin en bijna € 1.600 eruit is netto € 8.400 erin, tegen een huidige waarde van bijna € 10.600. Dat is een ‘winst’ van € 2.200 in anderhalf jaar. Maar zo mag ik niet rekenen. Want de investering is stapsgewijs opgebouwd door de tijd. En een heel groot deel van die periode is het dus niet € 8.400 geweest die voor mij aan het werk was, maar een heel ander bedrag.

Gelukkig is er de XIRR-functie. Maar daarvoor moeten we eerst de transacties een beetje bewerken. Want de XIRR werkt met geld dat je IN de belegging stopt (positieve bedragen) door te kopen en geld dat je UIT de belegging haalt (negatieve bedragen), bijvoorbeeld door verkoop of de ontvangst van dividend. En ook doe je net of je aan het eind alles verkoopt tegen de huidige koers. Je sluit je positie. De eerdere tabel ziet er voor die situatie als volgt uit.

Op die fictieve situatie kan de XIRR-functie dan uitrekenen wat het actuele rendement is. Natuurlijk verkoop ik de aandelen niet echt, maar voor de berekening van het rendement doe ik wel alsof. Want dat is eigenlijk de vraag die door de XIRR-functie beantwoord wordt: “Als ik op 31 mei 2021 alles zou verkopen tegen de actuele koers, wat heeft dit aandeel me dan over die hele periode aan rendement opgeleverd?”

De opzet voor de XIRR-functie is eenvoudig, XIRR(waarden van handelingen, datums van handelingen, [optioneel een schatting]). De optionele schatting laat ik altijd weg. Dat kun je opgeven als je een idee hebt waar het rendement ongeveer moet liggen. De functie begint dan te rekenen vanaf dat punt en is (als je een beetje goed schat) sneller klaar. Maar omdat ik (nog) niet met aantallen van duizenden transacties werk heb ik dat niet nodig.

En oh ja, als je (zoals ik) een Nederlandstalige Windows- en Excelversie gebruikt, dan heet de functie niet XIRR. Maar IR.SCHEMA. En in plaats van komma’s moeten wij puntkomma’s gebruiken. Van mij had het niet gehoeven, maar zo heeft Microsoft nu eenmaal besloten…

In mijn voorbeeldspreadsheet staan de waarden in kolom F, rij 3 tot en met 15. En de datums van handeling staan in kolom C, rij 3 tot en met 15. Als ik de XIRR-functie daarop loslaat krijg je onderstaand resultaat. Het veld heb ik ingesteld om een percentage weer te geven, standaard komt er namelijk een fractie (in dit geval 0,299036) uit. 29,90% dus. Niet slecht!

Krijg je een foutmelding? Excel doet soms moeilijk over de datumnotatie en de getalnotatie. kijk dus goed of je de kolommen goed ingesteld hebt staan op datum en getal.

Hoe werk ik ermee?

Ik bereken in mijn beleggingsspreadsheet de XIRR over verschillende periodes en met verschillende reikwijdte. Vroeger berekende ik de XIRR altijd voor het lopende jaar. Maar met een langlopende portefeuille is dat eigenlijk irrelevant. En het geeft de eerste maanden van het jaar altijd rare sprongen die niks zeggen.

Tegenwoordig bereken ik de XIRR over de afgelopen 12 maanden, en over de totale looptijd van mijn portefeuille. Zowel per fonds als voor mijn portefeuille als totaal. Daarin neem ik dus alle handelingen in alle fondsen mee. Onderstaande grafiek laat zien hoe de 12-maands XIRR van mijn portefeuille zich de afgelopen twee jaar ontwikkeld heeft. Met een stevige dip aan het einde van het eerste kwartaal 2020. Niet zo gek, de markt duikelde toen naar beneden door de start van de coronacrisis.

Lang leve de spreadsheet, handmatig is dit niet te doen! Elk kwartaal is de 12-maands XIRR over mijn hele portefeuille onderdeel van mijn kwartaalrapportage. Volgende week dus ook in de rapportage over het tweede kwartaal.

Hoe bereken jij het rendement over jouw beleggingen?

Spaargeld verhuizen

Wat te doen met spaargeld, vroeg ik me onlangs af. Zoals ik al vaker schreef heb ik nog twee spaarrekeningen. De ene is onderdeel van mijn betaalpakket bij de Rabobank. Ik noem dat de ‘kleine buffer’. Daar staat meestal minder dan € 1.000 op, geld dat gedurende de maanden overblijft en/of gebruikt wordt om het saldo van de lopende rekening tussentijds aan te vullen. Want op de lopende rekening staat zelden meer dan een paar honderd Euro. Alleen op betaaldag staat er meer, maar dat vliegt vervolgens meteen alle kanten op.

Verder heb ik nog een vrij opneembare spaarrekening bij Nationale Nederlanden. Dat noem ik de ‘grote buffer’. Ooit geopend omdat Nationale Nederlanden als prijsvechter één van de hogere rentes van Nederland gaf. Dat deden ze nog steeds, met 0,03% was de rente er drie keer zo hoog als bij de Rabobank… Mijn overweging voor het hebben van een aparte spaarrekening op een andere plek dan mijn betaalrekening is (was) om een ‘drempel’ te hebben voor het overboeken naar de lopende rekening, het geld staat dan ‘uit het zicht’. Tegenwoordig ben ik daar minder bang voor, mijn financiële leven staat zo stevig dat ik me niet meer voor kan stellen dat ik er ondoordachte dingen mee doe. Op de grote bufferrekening staat mijn contant-geld buffer, waar ik indien nodig 4 maanden uitgaven mee kan bekostigen. En ook staat daar de inhoud van mijn ‘potjes’.

Wat te doen met mijn buffer?

Tegelijkertijd overweeg ik ook weer om mijn financiële buffer terug te brengen naar 1 of 2 maanden salaris (en daarnaast de inhoud van mijn potjes), met dezelfde argumenten als Big Ern. Het is ‘thinking in progress’, iets wat waarschijnlijk pas ‘klaar’ is als NN mijn spaarrente verlaagt van de huidige 0,03% naar 0,01%, of ook aankondigt te stoppen met de spaarrekening. De buffer is weer onderwerp van discussie, ik zie het op diverse andere blogs. En het kriebelt bij mij ook. Ook al weet ik dat ik mijn buffer eerder verlaagd heb, en later toch weer verhoogd omdat de hele lage buffer niet veilig genoeg voelde.

Wees voorzichtig met wat je wenst….

Bovenstaande alinea’s schreef ik in het weekend van 12 juni in een conceptblogje. En op maandag 14 juni kreeg ik een mailtje van Nationale Nederlanden dat ze de spaarrente per 1 juli inderdaad zouden verlagen naar 0,01% (en vanaf € 100.000 een negatieve rente gingen invoeren). Eigenlijk viel me dat nog mee, want een paar dagen eerder had Aegon, een andere Nederlandse financiële ‘grootmacht’, aangekondigd om helemaal te stoppen met spaarproducten. Spaarders zijn geen fijne klanten meer, we kosten geld…

Op zoek naar een nieuwe bufferrekening

Maar 0,01% was voor mij wel een trigger. Zo ‘veel’ rente krijg ik ook bij mijn huisbank, de Rabobank. Maar toen ik er over nadacht woog het ‘uit het zicht’-argument toch wel zwaar. Dus ik besloot om mijn geld niet over te hevelen naar mijn Rabo spaarrekening, maar op zoek te gaan naar andere opties. Dus toog ik naar Van Spaarbank Veranderen om maar eens te kijken wat de opties zijn voor een spaarrekening zonder beperkende voorwaarden.

Daar word je niet vrolijk van…

Zoek je iets onder Nederlands toezicht, dan kom je uit bij Leaseplan Bank. Die bieden momenteel nog 0,10%. Maar als ik naar hun rentehistorie kijk dan zie ik een grafiek die me bekend voorkomt. Zo zag het lijntje bij de Rabobank en bij Nationale Nederlanden er ook uit.

Tijd dus om mijn adagium ‘Nederlands toezicht!’ maar eens te gaan heroverwegen. Dat kan geen kwaad, ik verwacht immers dat mijn broker ook uit het zicht van de AFM en DNB gaat verdwijnen. En ik ben een Europeaan, toch? Dat voel ik mij tenminste wel. Maar wel een Europeaan met grenzen. Eentje die het Icesave debacle heeft zien gebeuren en zag dat een landje als IJsland vervolgens niet in staat was om de tegoeden te garanderen. Dus moest er bijgesprongen worden. Ik wil best onder buitenlands toezicht vallen, maar niet zomaar in elk land.

Geldnerd gaat naar Groot-Brittannië Duitsland!

De hoogste rente op een vrij opneembare spaarrekening zonder beperkende voorwaarden is momenteel Lloyds Bank. Een van oorsprong Britse bank die (dat heeft met de BREXIT te maken) in Nederland opereert als bijkantoor van een Duitse bankvergunning en dus onder Duits toezicht valt. Dat vind ik een relatief veilige gedachte. Veiliger dan bijvoorbeeld Estland. Dat land vertoont naar mijn persoonlijke mening teveel overeenkomsten met IJsland, klein en een relatief grote financiële sector in verhouding tot het Bruto Binnenlands Product (BBP). Ik zie zelfs dat Lloyds de rente in oktober 2020 verhoogd heeft.

Inmiddels heb ik dus een spaarrekening geopend bij Lloyds Bank en mijn saldo volledig overgeboekt. Laat de rente nu maar binnen stromen druppelen…. En mijn vaste maandelijkse overboekingen naar de grote buffer (de maandelijkse inleg in mijn potjes) heb ik ook omgezet, dat geld gaat nu naar de nieuwe ‘grote buffer’ rekening.

De rekening bij Nationale Nederlanden heb ik opgeheven, ik houd niet van administratieve losse eindjes. Het einde van mijn spaarrekening bij Nationale Nederlanden. Die ik gehad heb sinds het vierde kwartaal van 2013. Waar ik de hele glijbaan van 1,95% rente naar 0,01% rente heb meegemaakt…

Bijkomend (nerd-) voordeel: Bij Lloyds kan ik een Excelbestand met mijn boekingen downloaden. Die ik dus geautomatiseerd kan importeren en verwerken in mijn administratie. Bij Nationale Nederlanden kreeg ik alleen een PDF en moest ik mijn boekingen dus handmatig verwerken in mijn administratie. Een financiële spreadsheetnerd zoals ik wordt daar blij van!

De buffer gaat weer naar beneden

En ook een Geldnerd verandert wel eens van gedachten. Ik ga mijn buffer weer verlagen. Dat betekent overigens niet dat ik extra geld ga inleggen in de beleggingen. Want we gaan later dit jaar nog redelijk omvangrijke werkzaamheden aan onze woning uitvoeren. Mijn aandeel in de kosten zal grotendeels uit de buffer komen. Maar daar schrijf ik ter zijner tijd nog wel meer over.

Vooralsnog ga ik de buffer verlagen van vier maanden leefgeld naar twee maanden leefgeld. En daarnaast houd ik ook de inhoud van mijn potjes aan op de spaarrekening. Eens zien hoe dat voelt.

Hoe is het met jouw spaarcentjes?

Lang leve de (elektronische) agenda

Iemand schreef mij laatst bewondering te hebben voor de gedisciplineerde manier waarop ik met mijn leven en mijn financiën lijk om te gaan. De werkelijkheid is misschien iets minder rooskleuriger dan het lijkt. Maar een vorm van OCD waar ik na 15 jaar hard werken een weg in heb gevonden en bij mezelf ook best wel met enige zelfspot naar kan kijken helpt ook een beetje. De meeste hulp krijg ik echter van een stukje gereedschap dat iedereen kan gebruiken. De elektronische agenda. Tijd dus voor een lofzang!

Voordelen van een elektronische agenda

Ik heb het specifiek over een elektronische agenda. Niet over een papieren exemplaar zoals je hierboven op de foto ziet. Geldnerd snapt weinig van dinosauriërs mensen die anno 2021 nog een papieren exemplaar gebruiken. Een elektronische versie is namelijk zo veel handiger.

Vrijwel iedereen heeft een elektronische agenda altijd bij zich. Wie loopt er nou niet met een mobiele telefoon op zak? In de overgrote meerderheid van de gevallen ook nog met daarop het Android besturingssysteem van Google of iOS van Apple #teamapple . In beide ommuurde tuinen is een agenda standaard beschikbaar.

Het tweede voordeel is dat een elektronische agenda eindeloos doorloopt. Je hebt dus niet elke keer in december een nieuw exemplaar nodig voor het volgende jaar. En je kunt dus ook heel eenvoudig herhalende taken inplannen. Eindeloos desnoods. En dat biedt een aantal interessante mogelijkheden.

Hoe gebruik ik de agenda?

Mijn agenda staat geïnstalleerd op al mijn apparaten. Mijn smartphone. Mijn tablet. En op mijn laptop in mijn e-mail client Thunderbird. En ik zie overal diezelfde ene agenda. Die heb ik dus vrijwel altijd bij de hand. Om er iets in te zetten, om te raadplegen, of om een signaal te krijgen voor een afspraak, taak, of herinnering.

Alles wat er voor nodig is, is een beetje discipline. Er een gewoonte van maken om als je iets bedenkt, dat ook meteen in de agenda te zetten. Er een gewoonte van maken om ’s ochtends even de agenda te checken wat er ook al weer gepland staat. Dat is bij mij ontstaan door de tijd. Als je iets maar lang genoeg doet, dan wordt het vanzelf een gewoonte.

Op het bureau van Geldnerd dus geen stapel post-its. Hoe handig ook, ik gebruik ze zelden. Elektronische vastlegging draagt voor mij bij aan rust en overzicht. Maakt dat ik minder dingen over het hoofd zie en vergeet. En daar word ik een blijer mens van.

Wat staat er in de agenda?

Je kunt beter vragen wat er niet in de agenda staat. Vrijwel alles namelijk.

Allereerst natuurlijk mijn privé-afspraken. Bezoekjes (pré-corona in elk geval), de tandarts, de diëtist, de personal trainer,  de kapper, dat soort dingen. De dingen die de meeste mensen wel in hun agenda hebben staan (hoop ik dan). En ook verjaardagen. Heel handig, met het vinkje ‘jaarlijks’ aan. Ik ben niet attent. Maar ik ben wel zorgvuldig in mijn administratie. En lijk daardoor attent, want ik vergeet nooit een verjaardag. Ik negeer ze wel eens, dat wel…

Maar vooral ook: taken en reminders. Als ik door de week bedenk dat ik op mijn vrije vrijdag naar een specifieke winkel wil, dan zet ik een reminder in mijn agenda. Moet ik eraan denken om iemand op een specifieke dag te bellen: reminder.

Dat zijn de eenmalige herinneringen en taakjes. Maar ik heb ook een heleboel herhalende taken in mijn agenda staan.

Enkele zijn gerelateerd aan Hondje. Die krijgt periodiek een tabletje ter voorkoming van vlooien en teken, en een ontwormingstabletje. Daar staan dus herhalende taken voor ingepland, met de juiste interval, eindeloos vooruit gepland. Zodat ik het nooit vergeet. Ook heb ik een dagelijkse reminder om Hondje te voeren. ik kan me niet voorstellen dat ik dat ooit zou vergeten, maar het zorgt er wel voor dat ik elke dag bewust even controleer of hij voldoende vers water en brokjes heeft.

Ook staan er reminders wanneer er hier in de buurt het groenafval en het oud papier worden opgehaald. Die kun je, heel handig, op de website van de gemeente met één druk op de knop een jaar vooruit in de agenda importeren. Verder staan er huishoudelijke taakjes als het driemaandelijks opnemen van de meterstanden, het elke drie weken wegbrengen van het glas- en plastic-afval, dat soort dingen. En periodiek het controleren of mijn servers en backups nog wel goed draaien.

Ook plan ik dingen als hardlopen, en het bijwerken van de administratie en het voorbereiden van blogjes. Dat zijn dingen die ik wellicht niet zo snel zou vergeten, maar het bewust inplannen maakt dat ik er ook bewust tijd voor maak. En dus aandachtiger bezig ben. Staat er toevallig eens wat anders ingepland op de vaste zaterdagochtend die ik hiervoor gebruik, dan kies ik bewust een ander tijdvak om deze terugkerende activiteiten uit te voeren.

En zo staat er best wel veel in mijn agenda. Daar word ik niet onrustig van. Integendeel, het geeft me rust omdat ik zelden iets vergeet. Mijn geheugen is soms een zeef, mijn agenda is dus mijn redding!

Hoe gebruik jij jouw agenda?

Keuzestress in mijn beleggingsportefeuille?

  • Berichtcategorie:Beleggen

Saaiheid is een belangrijke factor om op de langere termijn succesvol te kunnen beleggen. Geldnerd is dus ook geen voorstander van snelle veranderingen. Van wisselingen van brokers en beleggingsfondsen word ik maar onrustig. En het leidt ook tot kosten. Bestaande fondsen verkopen en er nieuwe voor terugkopen is niet overal en altijd gratis. Rustig blijven zitten dus en niet teveel bewegen. Gewoon elke maand inleggen en bijkopen, en de tijd z’n werk laten doen. Dat is de strategie die ik volg. Maar soms gebeuren er dan toch dingen. Dus is het wel een goed idee om zo af en toe eens te kijken hoe het er voor staat in mijn beleggingsportefeuille.

Let op: wat ik hierna schrijf is allemaal mijn eigen analyse en mening en gepruts met mijn eigen geld. Het is zeker geen advies. Lees ook mijn disclaimer.

Beleggingsstrategie

De opzet van mijn portefeuille is eigenlijk al drie jaar hetzelfde. Twee jaar geleden heb ik ook al eens opgeruimd. Maar sindsdien zijn er wel een aantal verhoudingen verschoven en fondsen verwijderd en nieuwe fondsen bijgekomen. En mijn denken ontwikkelt zich ook (je zou het misschien niet zeggen, maar het kan…). Een voorjaarsschoonmaak wordt dus wel weer tijd.

Mijn beleggingsportefeuille bestaat volledig uit Exchange Traded Funds (ETFs). Dagelijks verhandelbaar op de aandelenmarkten. Lage kosten, en ze volgen allemaal een index, of bestrijken een markt die ik graag in mijn portefeuille heb. Hiermee is mijn portefeuille grotendeels een afspiegeling van de wereldwijde aandelenmarkten. En dat vind ik fijn. Ik onderscheid drie categorieën in mijn portefeuille:

  1. Obligaties
  2. Dividend
  3. Vermogensopbouw

Obligaties versus Aandelen

Obligaties zijn bewijzen van een schuld van een overheid of een bedrijf aan de eigenaar van de obligatie, de (oorspronkelijke) eigenaar van de obligatie heeft een lening aan de overheid of het bedrijf gegeven. Een obligatie heeft een looptijd, aan het eind waarvan de uitgever van de obligatie de schuld terug moet betalen aan de bezitter van de obligatie. Sommige obligaties hebben een oneindige looptijd. En een obligatie heeft een rentevergoeding, de eigenaar van de obligatie ontvangt (meestal jaarlijks) een rentevergoeding.

Deze schuldbewijzen zijn veelal verhandelbaar op de beurzen. Aandelen zijn risicovoller dan obligaties. Bij een obligatie maakt niet het uit of een bedrijf winst of verlies maakt, je hebt altijd recht op de afgesproken rente en je krijgt je inleg aan het einde van de looptijd terug. Tenzij het bedrijf failliet gaat uiteraard. Bij een aandeel is er geen recht op een vaste vergoeding en de looptijd is oneindig. Tenzij het bedrijf failliet gaat uiteraard… Jouw rendement (koerswinst of dividend) is afhankelijk van hoe het bedrijf presteert, maar wordt ook beïnvloed door het sentiment op de aandelenmarkten, dat ook weer beïnvloed wordt door bijvoorbeeld een pandemie, door politieke gebeurtenissen of door ontwikkelingen elders in de economie (zoals een recessie).

Een oude beurswijsheid adviseert om meer obligaties in je beleggingsportefeuille te nemen naarmate je ouder wordt. Op die manier verlaag je het risico, wat zeker van belang is als je de inkomsten uit de beleggingsportefeuille nodig hebt om van je te leven. Je leeftijd als percentage obligaties in je portefeuille, is dan het devies. Dat volg ik niet, want ik heb een deel van mijn vermogen ook buiten de beleggingsportefeuille zitten, in onze gezamenlijke woning. Dat beschouw ik ook als minder riskant dan aandelen. Ja, de woningmarkt kan omlaag (weet ik uit ervaring), maar voorlopig heb ik een mooie overwaarde-buffer opgebouwd en kan ik een stootje hebben.

Obligaties in mijn portefeuille

Ik aarzel al een tijdje over de rol van obligaties in mijn portefeuille. Liever bekijk ik mijn totale eigen vermogen, en neem ik ook de financiële middelen buiten de beleggingsportefeuille daarin mee. Het contante geld en het vermogen dat in het huis zit. En dan heb ik die obligaties ineens niet zo heel hard meer nodig. Bovendien is met een obligatierente rond het vriespunt het rendement ook niet echt om over naar huis te schrijven. Al trekt die voorzichtig weer een klein beetje aan.

Ik heb het percentage Obligaties in mijn beleggingsportefeuille dan ook stapsgewijs verlaagd, en geen nieuwe inleg in de obligatie-ETF gedaan sinds november 2020. Momenteel is het aandeel obligaties in mijn portefeuille minder dan 10%. En misschien gooi ik ze er binnenkort wel helemaal uit. Dat is nog afhankelijk van een paar ontwikkelingen in Huize Geldnerd (cliffhanger….).

Op dit moment is de Xtrackers II Global Government Bond UCITS ETF (DBZB, ISIN LU0378818131) nog steeds de obligatie-ETF van mijn voorkeur. Het belegt wereldwijd gespreid in staatsleningen van minimaal investmentgrade kwaliteit, is ‘gehedged’ naar mijn ‘thuisvaluta’ de Euro en houdt fysiek de obligaties uit het fonds aan. De Lopende Kosten Factor is 0,25%. Je vindt meer informatie bij Morningstar of bij JustETF.

Dividend

Ik doen niet aan vastgoed en andere twijfelachtige praktijken. Ik geef minder uit dan ik verdien, en met het geld dat overblijft los ik onze hypotheek af en beleg ik. En sinds een aantal jaren horen daar ook dividend-ETFs bij. Gewoon, omdat ik het leuk vind om elk kwartaal gratis geld te ontvangen. Dan kan ik vast wennen voor de tijd na het werkzame leven, als ik leef van dividend en het interen op mijn vermogen.

Momenteel bestaat ongeveer 30% van mijn beleggingsportefeuille uit dividend-ETFs. En dat vind ik wel even genoeg. Sterker nog, misschien ben ik wel iets te hebberig geweest in mijn queeste voor meer dividend. Ik moet niet vergeten dat ik nog in de fase van vermogensopbouw zit. Daar zijn spreiding en lage kosten de hoofdzaak. En met name die spreiding is bij de dividend-ETFs meestal iets minder goed. Voorlopig mag ik van mijzelf sowieso niet verder inleggen bij de dividend-ETFs. Dan zal het aandeel van de dividend-ETFs in mijn portefeuille vanzelf verwateren.

Momenteel heb ik 4 dividend-ETFs in mijn portefeuille. Eén daarvan is een overblijfsel uit het pre-MIFID tijdperk.

ETFTickerPay
(1)
Kosten
/ jaar
Dividend
12M
Spreiding
(2)
ReplicatieM*Just
iShares Select Dividend ETF (3)DVYQ0,39%2,13%100?
SPDR S&P Euro Dividend Aristocrats ETFSPYW3/90,30%3,05%40Full**
VanEck Morningstar Dev Mkts Div Ldrs ETFTDIVQ0,38%3,84%98Full**
Vanguard FTSE All-World High Dividend Yield ETFVHYLQ0,29%3,44%1.567Sampling**
  1. Q = betaalt elk kwartaal. 3/9 = betaalt in maart en september.
  2. Aantal aandelenposities
  3. Pré-MIFID-II, niet meer aan te kopen

Met name de gebrekkige spreiding van SPYW bevalt mij maar matig. Deze ETF heeft, sinds de start van de coronacrisis, 14 maanden nodig gehad om het koersverlies weer goed te maken. Het dividendrendement is wel OK, en de jaarlijkse kosten ook, maar ik overweeg toch om deze uit mijn portefeuille te gooien. DVY is overigens genoteerd in Amerikaanse dollars, de andere fondsen in Euro’s.

VWRL betaalt ook dividend uit, maar dat reken ik niet mee in de categorie Dividend in mijn portefeuille. Want dat heb ik met een ander doel in de portefeuille: Vermogensopbouw. Verder heb ik ook VHYL, waar Kaskoe onlangs uitgebreid geschreven heeft, het past iets minder goed in zijn straatje. Maar gelukkig woon ik in een ander beleggingsstraatje…

Vermogensopbouw

De derde categorie in mijn portefeuille is Vermogensopbouw. Inleggen, vasthouden, en hopen dat het zo hard mogelijk stijgt. In deze categorie heb ik momenteel drie fondsen zitten. Allereerst het alom bekende VWRL, de Vanguard FTSE All-World UCITS ETF. In de categorie kleinere bedrijven heb ik IUSN, de iShares MSCI World Small Cap UCITS ETF. En in de categorie ‘sectoren waarvan ik verwacht dat ze de komende jaren harder zullen stijgen dan de rest van de markt’ heb ik L&G ROBO Global Robotics and Automation UCITS ETF (ROBO), een ETF die de ROBO Robotica en Automatiseringsindex volgt.

ETFTickerKosten
/ jaar
Spreiding
(1)
ReplicatieM*Just
Vanguard FTSE All-World UCITS ETFVWRL0,22%3.550Sampling**
iShares MSCI World Small Cap UCITS ETFIUSN0,35%3.325Sampling**
L&G ROBO Global Robotics and Automation UCITS ETFROBO0,80%84Full**
  1. Aantal aandelenposities

VWRL betaalt elk kwartaal dividend uit. Het afgelopen jaar was het dividendrendement ongeveer 1,3%. IUSN en ROBO betalen geen dividend uit.

De afgelopen tijd is er veel geschreven over VWRL. Een aantal mensen zijn overgestapt naar Northern Trust fondsen, die met name via de grootbanken worden aangeboden. En ook heeft Mr. FOB (wie anders?!) een analyse gemaakt van de verschillen tussen VWRL en VWCE, en vergelijkt hij de verschillende opties in 2021 (Northern Trust, Vanguard Europees of Vanguard Amerikaans via opties).

Geldnerd probeert het allemaal eenvoudig te houden. Steeds weer switchen en optimaliseren geeft een hoop kosten en gedoe. Ik blijf voorlopig dus nog even zitten waar ik zit, zowel qua broker als qua fondsen voor vermogensopbouw.

Wat betekent dit voor de portefeuille?

Op basis van de analyse heb ik de gewenste verdeling van de fondsen in mijn portefeuille een beetje aangepast. Iets minder Obligaties en Dividend. Dit betekent niet dat ik fondsen ga verkopen. Het betekent alleen maar dat ik de komende periode eigenlijk alleen maar fondsen uit de categorie Vermogensopbouw bij ga kopen. Zo kom ik stapsgewijs, zonder extra kosten van verkooptransacties, dichter bij de gewenste verdeling. Als ik nu in één keer fondsen zou verkopen en andere fondsen bij zou kopen om precies op de gewenste verdeling te komen, dan (1) zou ik een hoop extra kosten maken en (2) zou de optimale verdeling over 5 minuten alweer weg zijn. Koersen van ETFs bewegen immers….

In onderstaande tabel zie je de actuele gewenste verdeling in mijn portefeuille. Dit staat ook ingesteld in mijn beleggingsspreadsheet. Die kan me dus elke maand automatisch vertellen wat ik bij moet kopen om dichter bij de gewenste verdeling te komen.

  1. Fonds niet meer verkrijgbaar wegens MIFID-regelgeving. Nog wel in mijn portefeuille aanwezig.

En in onderstaande grafiek zie je de gewenste en werkelijke verdeling van de fondsen in mijn portefeuille.

Kijk jij regelmatig naar de samenstelling van jouw beleggingsportefeuille?

Kijken naar de Vaste Lasten

Het regent weer tariefsverhoginkjes. Ziggo verhoogde onlangs eerst de internetsnelheid van het abonnement en daarna ook de prijzen, je kunt er jaarlijks de klok op gelijk zetten (KPN is geen haar beter, overigens). Net als de verhogingen van de maandelijkse kosten voor de bankrekeningen en de nieuwe maandbedragen voor de gemeentebelastingen. En ook onze verzekeringen werden weer verlengd (maar bleven gelijk in maandbedragen), en de servicekosten van onze VVE werden (zoals afgesproken op de algemene ledenvergadering) geïndexeerd met de inflatie.

Tijd dus om weer eens te kijken hoe het gaat met onze maandelijkse vaste lasten. Dat heb ik al vaker gedaan en daar zag ik de afgelopen maanden ook meerdere bloggers in een of andere vorm mee bezig. Ik vind het een goed idee om dat zeker één keer per jaar te doen, en ook te kijken naar de meerjarige ontwikkeling. En om te kijken of overstappen ergens kan en zinvol is.

Hoe zit het bij Geldnerd?

Geldnerd en Vriendin delen een huis (50/50) en een huishouding (naar rato van onze netto inkomens). In de huishouding zitten alle lasten van het huis inclusief de hypotheekrente. In 2020 hebben we besloten om ook de verzekeringen in de gezamenlijke huishouding onder te brengen. We proberen de huishouding lean-and-mean te houden, geen overbodige frutsels.

Maandelijks maken we allebei een (aan het begin van het jaar berekend) bedrag over naar de gezamenlijke rekening voor de huishouding en de aflossing van onze hypotheek. Dit bedrag wordt aangepast als onze inkomens veranderen. Voor grotere uitgaven die niet gebudgetteerd zijn maken we apart geld over naar de rekening. Dit zijn bijvoorbeeld uitgaven voor de inrichting van het huis en voor vakanties, die betalen we ook 50/50. Dit is zo afgesproken in onze samenlevingsovereenkomst.

Alle kosten die niet onder de gezamenlijke huishouding vallen, betalen we zelf. Denk aan de zorgverzekering, mobiele telefonie, en dat soort dingen. Ook hebben we allebei één entertainment-abonnement dat we zelf betalen. Geldnerd betaalt voor Spotify, dat gebruiken we allebei.

Maandelijkse lasten

De maandelijkse vaste lasten heb ik op een rijtje staan vanaf begin 2017. We zijn immers in december 2016 verhuisd naar Geldnerd HQ. De waterschapslasten worden in 10 termijnen geïncasseerd, die heb ik omgerekend naar maandelijkse termijnen. Het verbruik van water en energie heb ik op basis van de eindafrekeningen omgerekend naar werkelijke maandelijkse lasten.

Naast de lasten in deze grafiek is er uiteraard ook nog de rente en aflossing op de hypotheek. Die heb ik eruit gelaten, want die staat een stuk hoger dan de rest. We houden dat maandbedrag constant door de aflossing met de sneeuwbal, maar feitelijk daalt dat bedrag elke maand een paar Euro doordat we elke maand minder rente betalen. Daar kom ik zo op terug. En ook de uitgaven voor Hondje staan er niet in, dat is namelijk geen last maar een genoegen.

De grafiek laat ook zien dat er misschien niet zo heel veel meer te bezuinigen valt. Gemeentebelastingen en Waterschapsbelasting zijn niet te beïnvloeden. Goed opletten als we het energiecontract weer vernieuwen, al schijnen de prijzen nogal te stijgen. Maar met het volledige thuiswerken van het afgelopen jaar in Huize Geldnerd schat ik in dat de komende afrekening voor gas en elektriciteit een dure wordt. Internet en TV hebben we al redelijk geoptimaliseerd, al houd ik de aanbiedingen voor glasvezel wel in de gaten. Verzekeringen zijn al geoptimaliseerd en een reguliere bankrekening kan ook niet heel veel goedkoper.

De grootste individuele vaste maandlast is de uitlaatservice voor Hondje. Maar die houden we. Het houdt ons Hondje fit en sociaal. Wij willen het hem niet aandoen om alleen met ons een rondje te moeten lopen op een dag, al helemaal niet als wij ooit weer naar kantoor gaan. Rondjes lopen met ons kan altijd nog als hij zo oud en versleten is dat de uitlaatservice echt niet meer lukt. De hondenbelasting (ja, die betaal je in Geldnerd City) en het Zorgplan voor Hondje vallen in de lagere regionen.

En onderstaand zie je de vaste lasten in de verschillende categorieën. Het huishouden, Hondje, de hypotheekrente, en de reguliere aflossing van de hypotheek. En hier zie je ook de baten van onze strategie om versneld af te lossen. De hoogste maandelijkse lasten, hypotheekrente en reguliere aflossing, worden gestaag lager. Het betekent dat we elke maand minder geld nodig hebben om aan onze verplichtingen te voldoen. Daar zitten de grote besparingen

In de vaste lasten valt dus op het oog niet veel meer te snijden, al zie je de blauwe lijn van vaste huishoudelijke lasten traag maar gestaag omhoog kruipen. Misschien moet ik ook weer eens gaan kijken naar de variabele lasten?

Kijk jij regelmatig naar jouw vaste lasten?

Salaris, Inflatie en CAO-vertraging

Begin dit jaar hebben de werkgever en de vakbonden bij de Rijksoverheid onderhandelingen gevoerd over een nieuwe CAO voor de Rijksambtenaren. De vorige (kortlopende) CAO liep namelijk van 1 juli  2020 tot en met 31 december 2020. Maar al snel besloten de bonden het overleg af te breken. De werkgever bood 1% loonsverhoging en had de wens om een aantal regelingen ter discussie te stellen.

En toen werd het stil.

Maar stil is nooit echt stil in Den Haag. In allerlei achterkamertjes wordt er dan druk verder overlegd, niks nieuwe bestuurscultuur. Want we hebben het in Nederland zo georganiseerd dat je elkaar nodig hebt. Dus MOET je wel met elkaar in gesprek blijven. En zo ook hier.

Ik was dus niet verrast toen ik begin vorige week op het intranet van mijn werkgever las dat de CAO-onderhandelingen opnieuw gestart waren. Maar dat was wel van korte duur. Tijdens een nieuw overleg op 10 juni hebben de bonden aangegeven dat het werkgeversbod voor hen ‘onvoldoende aanknopingspunten biedt om verder te onderhandelen’. Het overleg is dus alweer afgebroken en de bonden ‘bespreken de situatie met hun achterban’. Tijd om te gaan staken?

Inzet

Er is genoeg om over te praten. Want de CAO van het Rijk gaat uit van loonslaven die een groot deel van hun tijd in loonslaaflegbatterijen (ook bekend als ‘flexkantoren’) doorbrengen. Maar dat is vorig jaar natuurlijk veranderd. Geldnerd is sinds maart 2020 nog maar een handvol keren op kantoor geweest. Tussen september 2020 en vandaag twee keer, om precies te zijn. De meeste mensen in mijn huidige team, waar ik sinds medio 2020 mee werk, heb ik nog maar twee keer in het echt gezien. Het kantoorleven speelt zich af in dezelfde werkkamer thuis waar ik dit blogje tik, via het venster van mijn laptop, het venster van mijn tablet, en mijn telefoon. De bedoeling is dat we in één of andere vorm ‘hybride’ blijven werken (vaker thuis dan voorheen), maar hoe dat er precies uit moet gaan zien weet nog niemand.

Er wordt dus wel gesproken over een thuiswerkvergoeding en een jaarlijks budget voor de inrichting van een werkplek thuis, lees ik. Met een webshop waar je dan dingen kunt bestellen. Dat soort dingen hoeft allemaal niet van Geldnerd. Allemaal extra dingen waarvan het ook weer geld kost om ze uit te voeren. Geef mij maar contant geld, dan bepaal ik zelf wel hoe ik de zaken inricht. Maar ik begrijp dat sommige mensen daar anders over denken.

Het belangrijkste onderdeel van de CAO is wat mij betreft de ontwikkeling van het salaris. Want ik zit al een paar jaar in dezelfde (hoogste) trede van mijn schaal, dus tenzij ik er voor kies om nog een carrièrestap omhoog te maken (en dat ben ik eigenlijk niet meer van plan) komen er geen ‘salaristreden’ meer bij. Dus hoop ik vooral dat de CAO de inflatie een beetje bijhoudt.

Ik heb de brief met de inzet van de werkgever aan de bonden dan ook met interesse gelezen. De werkgever Rijk biedt een structurele loonstijging van 1% per 1 juli  2021 voor een cao met een looptijd van een jaar, lees ik daar. Met verwijzing naar de loonstijgingen uit de vorige CAO en de koopkrachtontwikkeling door fiscale maatregelen begin dit jaar. Die voor mij (en vele anderen) overigens grotendeels werd opgegeten door de stijging van de pensioenpremies. Maar dat de werkgever dat niet noemt in zo’n brief verbaast me dan ook weer niet. Ik hoop maar dat de vakbonden het wel noemen. Net als de stijgende inflatie. Overigens riep ook president Klaas Knot van De Nederlandsche Bank (DNB) afgelopen week op om de salarissen te verhogen. Wat hem betreft vooral om de inflatie verder aan te jagen.

Gegeven de verwachte impact van hybride werken wil de werkgever het ook over de reiskostenregelingen hebben. Die snap ik. Zelf heb ik mijn zakelijke OV-kaart de afgelopen 15 maanden niet gebruikt. En ook wordt er gemorreld aan de regelingen die het voor oudere medewerkers mogelijk maken om stapsgewijs minder te gaan werken. Daar worden enkele collega’s onrustig van, merk ik.

Salaris en Inflatie – de tijd dringt…

Eerder heb ik al eens gekeken of mijn salaris wel een beetje gelijke tred hield met de inflatie. Nu de komst van een nieuwe CAO steeds meer op de lange baan schuift, komt er geen Euro bovenop mijn salaris. Maar de inflatie dendert wel voort.

Ik heb de exercitie dus opnieuw gedaan, maar iets uitgebreid.

  • Begindatum is nu mei 2016, de eerste maand waarin ik na terugkeer uit het Verre Warme Land weer een Nederlands overheidssalaris opstreek. Zowel mijn salaris als de koopkracht heb ik voor die maand op 100% gezet.
  • Vanaf mei 2016 heb ik gebruik gemaakt van de maandelijkse inflatiecijfers van het CBS, de CPI.
  • Het salaris heb ik voor de periode 2016 – 2019 maandelijks omgerekend inclusief het netto vakantiegeld en de eindejaarsuitkering (EJU). Vakantiegeld loopt van juni jaar T-1 tot en met mei jaar T. EJU loopt van december jaar T-1 tot en met november jaar T (dat verklaart dat er soms ergens een dipje zit, dat komt omdat deze bijdragen dan soms tegen een hoger bijzonder tarief loonheffing worden aangeslagen).
  • Voor 2020 en 2021 heb ik mijn salaris inclusief de IKB-uitkering als uitgangspunt genomen.

Dat leidt tot onderstaande grafiek.

Het gaat nog goed. Vooral vanwege de wat grotere sprong aan het begin van 2020, die het gevolg was van een CAO-verhoging en belastingmaatregelen. Maar het gat wordt snel kleiner. Dus opschieten, bonden en werkgever….

Hoe gaat het met jouw salaris en de inflatie?